P-LIJN: METHODOLOGIE II
Waarom klinisch wetenschappelijk onderzoek? evidence-based
medicine
Bewijzen dat behandeling werkt en veilig is
LES I: ONDERZOEKSVRAAG: ANATOMIE EN FYSIOLOGIE KLINISCHE
STUDIES
OZ start steeds met een probleem
omschrijven en diagnose stellen
Bv: global waarming oorzaken?
Broeikasgassen & gebruik fossiele
brandstof
o Eens je oorzaken weet, kan
je hierop inspelen
Therapie = ingrijpen nadat het probleem zich heeft voorgedaan
Preventie = ingrijpen voor het probleem plaatsvindt voorkomen
Vaccinaties, screenings
Prognose = verloop van de ziekte; hoe lang zal men leven
Etiologie = oorzaak van de ziekte
Diagnose steeds zo vroeg en accuraat mogelijk proberen stellen
Ziekteverloop is zeer verschillend bij ≠ personen
THERAPIE
Farmacotherapie Immunotherapie
Fysiotherapie Kinesitherapie
Chemotherapie Ergotherapie = actief bezig zijn
Heelkunde Radiotherapie
INDELING ONDERZOEKSTYPEN
Explorerend = verzamelen van informatie
Beschrijvend: uitspraken over de mate waarin en de manier waarop
zich een verschijnsel voordoet
Verklarend: welke variabelen hebben de meeste invloed?
Toetsend = toetsen van hypothese
, P-LIJN: METHODOLOGIE II
Beschrijvend: kennis over verschijnsel binnen een bepaalde
populatie of een ander tijdstip
Verklarend: toetsen van specifieke hypothesen
NIVEAUS VAN EVIDENTIE
A: Randomized clinical trials
Veel studies
Veel ptn: toewijzen aan behandeling of placebo (double blind)
B: randomized clinical trials
Minder ptn kleinschaliger dan A
C: observational studies
Niet gerandomiseerd/blind
Puur observeren
D: expert panel judgement consensus
Geen studies
Vragen aan experten hoe zij ziekte zouden diagnosticeren
Subjectief
DEEL I: ANATOMIE VAN KLINISCH WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK
1 ONDERZOEKSVRAAG
FINER
Feasible: haalbaar
Interesting
Novel
Ethical
Relevant: verandert het iets voor de maatschappij?
Goede onderzoeksvraag is + op deze 5 onderdelen
2 BETEKENIS VAN DE STUDIE
Wat is gekend? Literatuuronderzoek
Eenzelfde probleem niet herhalen, tenzij controversieel
Welke vraag zal geplande OZ beantwoorden?
Wat is de betekenis van dit antwoord voor de klinische wetenschap en
gezondheidszorg?
BESTUDEREN RELEVANTE LITERATUUR
Wat is reeds gekend over het te onderzoeken probleem?
, P-LIJN: METHODOLOGIE II
Voorkomen duplicatie
Leren uit fouten vorige onderzoekers
1) Zijn er richtljinen?
2)
3) Systematisch reviews bekijken
4) Oorspronkelijke studies bekijken
en zelf papers beoordelen
3 DESIGN VAN STUDIE
Observatie
Cross-sectionele studie: men kijkt op 1 tijdstip
Cohorte studie: mensen volgen over bepaalde tijd
o Prospectief
o retrospectief
Case-control studie: mensen met ziekte vs mensen zonder ziekte
Bevindingen kunnen puur toeval zijn!
Interventie (causaliteit aantonen)
RCT: ptn randomiseren en 1 groep nieuwe gm, andere groep oud
gm/placebo
o Zeker zijn dat gm het + effect veroorzaakt
Pragmatic trial: kijken of interventie werkt in de dagelijkse klinische
praktijk
HIERARCHIE VAN EPIDEMIOLOGISCHE STUDIE DESIGN
Hoger: meer hypothetisch
Lager: men kan meer spreken van
oorzaak – gevolg (= causaliteit)
Waarom klinisch wetenschappelijk onderzoek? evidence-based
medicine
Bewijzen dat behandeling werkt en veilig is
LES I: ONDERZOEKSVRAAG: ANATOMIE EN FYSIOLOGIE KLINISCHE
STUDIES
OZ start steeds met een probleem
omschrijven en diagnose stellen
Bv: global waarming oorzaken?
Broeikasgassen & gebruik fossiele
brandstof
o Eens je oorzaken weet, kan
je hierop inspelen
Therapie = ingrijpen nadat het probleem zich heeft voorgedaan
Preventie = ingrijpen voor het probleem plaatsvindt voorkomen
Vaccinaties, screenings
Prognose = verloop van de ziekte; hoe lang zal men leven
Etiologie = oorzaak van de ziekte
Diagnose steeds zo vroeg en accuraat mogelijk proberen stellen
Ziekteverloop is zeer verschillend bij ≠ personen
THERAPIE
Farmacotherapie Immunotherapie
Fysiotherapie Kinesitherapie
Chemotherapie Ergotherapie = actief bezig zijn
Heelkunde Radiotherapie
INDELING ONDERZOEKSTYPEN
Explorerend = verzamelen van informatie
Beschrijvend: uitspraken over de mate waarin en de manier waarop
zich een verschijnsel voordoet
Verklarend: welke variabelen hebben de meeste invloed?
Toetsend = toetsen van hypothese
, P-LIJN: METHODOLOGIE II
Beschrijvend: kennis over verschijnsel binnen een bepaalde
populatie of een ander tijdstip
Verklarend: toetsen van specifieke hypothesen
NIVEAUS VAN EVIDENTIE
A: Randomized clinical trials
Veel studies
Veel ptn: toewijzen aan behandeling of placebo (double blind)
B: randomized clinical trials
Minder ptn kleinschaliger dan A
C: observational studies
Niet gerandomiseerd/blind
Puur observeren
D: expert panel judgement consensus
Geen studies
Vragen aan experten hoe zij ziekte zouden diagnosticeren
Subjectief
DEEL I: ANATOMIE VAN KLINISCH WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK
1 ONDERZOEKSVRAAG
FINER
Feasible: haalbaar
Interesting
Novel
Ethical
Relevant: verandert het iets voor de maatschappij?
Goede onderzoeksvraag is + op deze 5 onderdelen
2 BETEKENIS VAN DE STUDIE
Wat is gekend? Literatuuronderzoek
Eenzelfde probleem niet herhalen, tenzij controversieel
Welke vraag zal geplande OZ beantwoorden?
Wat is de betekenis van dit antwoord voor de klinische wetenschap en
gezondheidszorg?
BESTUDEREN RELEVANTE LITERATUUR
Wat is reeds gekend over het te onderzoeken probleem?
, P-LIJN: METHODOLOGIE II
Voorkomen duplicatie
Leren uit fouten vorige onderzoekers
1) Zijn er richtljinen?
2)
3) Systematisch reviews bekijken
4) Oorspronkelijke studies bekijken
en zelf papers beoordelen
3 DESIGN VAN STUDIE
Observatie
Cross-sectionele studie: men kijkt op 1 tijdstip
Cohorte studie: mensen volgen over bepaalde tijd
o Prospectief
o retrospectief
Case-control studie: mensen met ziekte vs mensen zonder ziekte
Bevindingen kunnen puur toeval zijn!
Interventie (causaliteit aantonen)
RCT: ptn randomiseren en 1 groep nieuwe gm, andere groep oud
gm/placebo
o Zeker zijn dat gm het + effect veroorzaakt
Pragmatic trial: kijken of interventie werkt in de dagelijkse klinische
praktijk
HIERARCHIE VAN EPIDEMIOLOGISCHE STUDIE DESIGN
Hoger: meer hypothetisch
Lager: men kan meer spreken van
oorzaak – gevolg (= causaliteit)