Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Overheidsbeleid, ISBN: 9789013125184 Beleidsproject 1.1

Vendu
5
Pages
54
Publié le
26-01-2021
Écrit en
2020/2021

Het is een uitgebreide samenvatting van het boek Overheidsbeleid. Bij het maken van deze samenvatting heb ik ondertussen gekeken naar andere samenvattingen gekeken en die erin verwerkt zodat allerlei informatie in de samenvatting staat. Mede door deze samenvatting was ik beter voorbereid op mijn tentamen en heb ik het tentamen ook gehaald. Geloof me als het mij lukt, kan het jou ook lukken. Succes!

Montrer plus Lire moins
Établissement
Cours











Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Livre entier ?
Oui
Publié le
26 janvier 2021
Nombre de pages
54
Écrit en
2020/2021
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Hoofdstuk 1
Beleid, processen en effecten

1.1 Beleid en beleidswetenschap
Beleid:
- het behandelen of de wijze van behandelen van een zaak
- gevolgde beginselen of gedragslijn en de gewenste richting
- overleg, bedachtzaamheid en omzichtigheid
- het besef van wenselijkheden en besef van mogelijkheden en onmogelijkheden.
Beleid is willens en wetens handelen.

Kennis uit de maatschappelijke, bestuurlijke en ook de wetenschappelijke praktijk wordt
gebruikt. Deze kennis wordt tot stand gebracht door allerlei disciplines, zoals economie.

De beleidswetenschap: bestudeert de inhoud, processen en effecten van beleid in hun
politieke en maatschappelijke omgeving.

Het boek is empirisch-analytisch: het is de bedoeling een systematische inzicht in de
werkelijkheid van het beleid te krijgen.
Hierin verschillende theoretische invalshoeken:
1. Microbenadering: het beleid van individuen en kleine groepen centraal stelt.
2. Mesobenadering: het beleid van grote groepen en organisaties.
3. Macrobenadering: het beleid van de overheid voor een samenleving als geheel in
relatie tot het politieke stelsel beschouwt.

Beleidsverschijnselen: enkele centrale kenmerken van actoren; deelnemers aan het
beleidsproces. Tot die kenmerken behoren de doeleinden, informatie en macht van de
betrokken personen en groepen.

1.2 De beleidsinhoud
● Vraag: Is beleid een plan of een handelen?
Beleid is streven (doelgericht handelen) en daartoe behoren zowel activiteiten (het
handelen) als denkbeelden over wat haalbaar en wenselijk is.
Van een beleidsvoerder verwacht je niet alleen een visie op problemen en oplossingen,
maar ook daden om de visie in een praktisch handelen om te zetten.

● Vraag: Is beleid een samenstel van doeleinden en middelen?
Doeleinden en middelen vormen de grondstructuur van een beleid.
Beleidsdenken is denken in doeleinden en middelen → finaal denken.

Misverstand is dat een beleid altijd (doel)rationeel is.



1

,Rationeel: iets wat redelijk is, wat op houdbare argumenten berust.
Doelrationeel: doelgericht, doeltreffend en doelmatig.




● Vraag: Moeten in de definitie ook tijdskeuzen worden opgenomen?
Ja, omdat de formuleringen van doeleinden en middelen veelal impliciet of expliciet naar een
bepaald tijdstip/periode/tijdsvolgorde verwijzen. Zonder tijdstip kan een beleid onvolledig
zijn.

Beleid twee gezichten:
- Samenstel van doeleinden, middelen en tijdskeuzen
- Antwoord op een probleem; een poging om een probleem op een bepaalde manier,
dmv doelgericht denken en handelen, op te lossen, te verminderen of te voorkomen.
→ Probleem: een verschil tussen een maatstaf (beginsel of norm) en een
voorstelling van een bestaande of verwachte situatie. Probleem hangt dus af van
de maatstaven en waarnemingen vd situatie.

Het beleidsveld: de relatie tussen een beleid en het deel van de maatschappij waarop het
zich richt.
Je moet goed kijken naar beleidsmiddelen wil je een grote afstand tussen het beleid en
het beleidsveld tegengaan. Dit is van betekenis voor de beleidsvoerder én voor de
doelgroepen in het beleidsveld (zie hoofdstuk 10)
Beleidsinstrument of middel: alles wat een actor gebruikt of kan gebruiken om het
bereiken van één of meer doeleinden te bevorderen
Bestuursinstrumenten: zij zijn gericht op de coördinatie tussen beleidsbepalende en
beleidsuitvoerende organisaties

Beleidstheorie uit de beleidspraktijk: het geheel van veronderstellingen waarop een
bepaald beleid berust
Die veronderstellingen kunnen 3 verschillende relaties betreffen:
- Finale relatie: relaties tussen doeleinden en middelen (finale relaties)
- Causale relatie: relaties tussen oorzaken en gevolgen (causale relaties)
- Normatieve relatie: relaties tussen waarden en normen (normatieve relaties)
Als de veronderstellingen waarop een beleid berust niet houdbaar zijn, is de kans
groot dat het beleid niet doeltreffend, niet doelmatig en niet aanvaardbaar is

1.3 Het beleidsproces
Beleid is het resultaat van allerlei maatschappelijke krachten en het brengt zelf ook
maatschappelijke krachten op gang. Tot die krachten behoren processen.

Een proces: ontwikkelingsgang of verloop of wisselwerking tussen de factoren die tot het
proces behoren.
Een samenhangende reeks van handelingen en gebeurtenissen tussen twee tijdstippen.
Een beleidsproces: verloop van de gebeurtenissen rond een beleid; Het dynamische
verloop van handelingen, argumenten en interacties met betrekking tot een beleid.
Kenmerken: - dynamisch, veel beweging in


2

, - wederzijdse beïnvloeding of wisselwerking (interactie) tussen de factoren
die tot het proces behoren.
- multi-actor-proces; actoren als ministers, ambtenaren en media.
- het herkenbare verloop is op te delen in deelprocessen.

obleem

Deelprocessen binnen een beleidsproces (hoeft niet in deze volgorde te gaan):
- Agendavorming: bepalen welke problemen aandacht krijgen.
- Beleidsvoorbereiding: het verzamelen en analyseren van informatie en het
formuleren van adviezen met het oog op het te voeren beleid →
ontwerpen van beleid en planning.
- Beleidsbepaling: het nemen van beslissingen over de inhoud van een beleid.
- Invoering en uitvoering (implementatie): het toepassen van de gekozen middelen
voor de gekozen doeleinden.
- De naleving van het beleid en de handhaving: zorg dat de door het beleid
vastgestelde gedragsnormen worden nageleefd.
- Beleidsevaluatie: het beoordelen vd inhoud, proces en effecten vh beleid.
→ Elk van de deelprocessen van het beleidsproces ontvangt in de praktijk een eigen kleur
door de kenmerken van de actoren: de handelende personen en groepen in dat
deelproces

Het politieke systeem is het geheel van opvattingen, gedragingen en posities die tot doel
hebben de inhoud, processen en effecten van overheidsbeleid te beïnvloeden. Tussen het
politieke systeem en zijn maatschappelijke omgeving speelt zich een politieke kringloop af
(blz. 22). Deze kringloop heeft betrekking op een beleidsproces van een overheidsbeleid. De
maatschappelijke omgeving bestaat uit de nationale en internationale samenleving en de
natuur. De maatschappelijke omgeving vormt de input (aanvoer), bestaande uit steun en
eisen, van het politieke systeem. Die worden in het politieke systeem omgezet tot
overheidsbeleid. Dit is het beleidsproces. Veldprocessen zijn de processen in het
beleidsveld. De overheid stuurt met behulp van overheidsbeleid deze veldprocessen in de
gewenste richting. De genomen beleidsmaatregelen zijn dan te beschouwen als de
beleidsprestaties, de output, van het politieke systeem.

1.4 De beleidseffecten
Beleidsprocessen: elke deel van de samenleving waarop een beleid zich richt.
Veldprocessen: productieprocessen, consumptieprocessen, onderwijsprocessen en
migratieprocessen
Overheidsbeleid is veelal een poging om het beleid van actoren in een beleidsveld in een
bepaalde richting te duwen of te trekken. Proberen de doeleinden, informatie of
macht van burgers en hun organisaties te beïnvloeden → voorlichting,
voorschriften, subsidies of heffingen.

Deelvragen over de effecten en gevolgen van een beleid
➢ Doelbereiking: orden de doeleinden van het beleid bereikt?
➢ Doeltreffendheid/effectiviteit: in hoeverre is het bereiken van de doeleinden
veroorzaakt door het toepassen van de gekozen beleidsinstrumenten?
➢ Bijwerkingen: elke zijn de niet-beoogde effecten – neveneffecten – van het beleid?


3

, ➢ Doelmatigheid/efficiëntie van het beleid: Hoe is de verhouding tussen de kosten van
de ingezette middelen en de baten van de bereikte doelen?
➢ Relatieve profijt van het overheidsbeleid: Hoe gelijk of ongelijk verdelen de kosten en
baten van het beleid zich over bepaalde groeperingen van de bevolking en diverse
overheidsinstanties?


Uit welke bestuurlijke en andere factoren valt het een en ander te verklaren?
➢ (conformiteit): Zijn de instrumenten van het beleid met het oog op de gekozen
doeleinden op een correct manier toegepast?
➢ (legitimiteit van het beleid): In hoeverre wordt het beleid door de betrokkenen als juist
beschouwd en gesteund?

Wie kan het beste (meest doeltreffend, doelmatig en aanvaardbaar) het probleem oplossen?
- Overheid
- Markt
- Particulier initiatief: niet op winst gerichte privaatrechtelijke instellingen

1.5 Het beheer van de beleidsorganisatie
Extern: naar buiten gericht, overheidsbeleid richt zich op burgers en hun organisaties in
eigen land of op een andere overheid.
Intern gericht beleid: vaak beheer of management genoemd, zorg voor de financiën, het
personeel, de informatie (ICT) en meer in het algemeen het functioneren van de eigen
organisatie

Primaire processen: essentiële taken, die rechtstreeks bijdragen aan de centrale
doeleinden van de organisatie, zoals de zorg voor onderwijs, werkgelegenheid etc.
Secundaire processen: zorg voor de personele, financiële en andere middelen die de
organisatie nodig heeft om te kunnen functioneren.

Evenwichtig beleid toont aandacht voor zowel het externe als het interne beleid en
voor zowel primaire als secundaire processen → streven naar vermindering van
maatschappelijke problemen (zowel doelmatig, doeltreffend en aanvaardbaar).

1.6 Verandering van beleid op lange termijn
Om een scherp beeld van een beleid te krijgen, moet er naar de ontwikkelingen gekeken
worden. (niet momentopnames)

Vier mogelijke vormen van ontwikkelingen in een beleid:
1. Rationalisering: redelijkheid, de houdbaarheid van de argumentatie, zowel normatief
als empirisch. Een belangrijke vorm daarvan is de toeneming van de doelrationaliteit
dwz. toeneming van doelgerichtheid, doeltreffendheid en doelmatigheid vh beleid.
2. Democratisering: de mogelijkheid voor alle betrokkenen om het beleid direct of
indirect te beïnvloeden.
3. Differentiatie: toenemen verscheidenheid van doeleinden en middelen in het beleid
en een toenemende taakverdeling en toename specialisatie in beleidsorganisatie.
4. Integratie: toenemende afstemming en bundeling van onderdelen van het begeleiden
van de organisatie tot een samenhangend geheel.



4
€4,09
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
sposthumus6
4,0
(2)

Reviews from verified buyers

Affichage de tous les avis
4 année de cela

4,0

1 revues

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Avis fiables sur Stuvia

Tous les avis sont réalisés par de vrais utilisateurs de Stuvia après des achats vérifiés.

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
sposthumus6 Radboud Universiteit Nijmegen
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
8
Membre depuis
5 année
Nombre de followers
8
Documents
4
Dernière vente
1 année de cela

4,0

2 revues

5
0
4
2
3
0
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions