H5: Welvaart
5.1 Welvaartseconomie
Welvaartseconomie onderzoekt of de marktallocatie (=verdeling) overeenstemt met
de maatschappelijk wenselijke allocatie van de middelen
- De onzichtbare hand = in een concurrentiële macht zorgt het streven vd individuen
naar individuele maximale welvaart voor een maatschappelijk maximale welvaart
Kopen G&D op de markt
Adam
Doel: Smith
nutsmaximalisatie
De
Onzichtbare
Vraag
Hand
Max
Marktevenwicht welvaart?
Aanbod
Doel: winstmaximalisatie
Verkopen G&D op de markt
De onzichtbare hand vd markt zorgt (bij perfecte concurrentie) voor (markt)evenwicht en
harmonie die leiden tot maximale welvaart voor de economie in haar geheel
o Basisidee v Adam Smith (1776)
Op markt komen V en A samen en er ontstaat een P
Hoe meer V, hoe hoger P en hoe sneller A zal groeien
Vice versa: als geen V, zal A verdwijnen
Door dit samenspel v V en A, met P als
communicatiemechanisme (marktmechanisme), w
producten gemaakt waaraan behoefte is
De onzichtbare hand zorgt vr juiste evenwicht
o Voorwaarden: voldaan aan vw perfecte concurrentie,
waaronder:
Perfecte symmetrische info (alle partijen beschikken over alle nodige info)
Geen marktmacht (bedrijven knn nt afwijken v marktprijs markt bepaalt
de prijs)
o Finaal resultaat: evenwicht leidt tot maximale totale welvaart voor zowel
Consument consumentensurplus
Producent producentensurplus
, DEEL 2: WELVAART, HANDEL & OVERHEIDSINGRIJPEN ECONOMIE
5.2 Welvaart vd consument
- Vraagfunctie:
o Def: de vraag geeft relatie weer tss Qv en P v G&D
(ceteris paribus)
o Wanneer ↗V? als marginaal (geld)nut ≥ P
Marginaal (geld) nut = bereidheid tot betalen voor een
additionele eenheid
= marginale betalingsbereidheid = geldelijke waardering
vh goed dr koper
= gebruikswaarde
- Bijdrage aan de welvaart? = marginaal (geld)nut – prijs =
consumentensurplus
Consumentensurplus = de welvaart
vd consument/voordeel vr koper dr
deelname aan de markt
= gebruikswaarde – prijs (= opp
onder vraagcurve en boven P)
- Door deelname aan markt vergroten
de consumenten hun welvaart
Impact prijswijziging op
consumentensurplus (CS)
CS = opp onder vraagcurve en boven de prijs
Stel: P1 = CS = BB – P = ABC
BB = betalingsbereidheid
Stel: P2 = CS = BB – P =
ADF