Grondslagen van het recht
Inhoudsopgave
Hoorcollege 1 week 1...........................................................................................................................................................................1
Werkgroep 1 week 1.........................................................................................................................................................................5
Samenvatting week 1...........................................................................................................................................................................7
Hoorcollege 2 week 2...........................................................................................................................................................................8
De rechters...................................................................................................................................................................................11
Werkgroep 2 week 2 de zaak van de grotverkenners.....................................................................................................................12
Samenvatting week 2.........................................................................................................................................................................16
Hoorcollege 3 week 3 Foster en het natuurrecht (Radbruch) (recht en moraal)........................................................................17
Werkgroep 3 week 3.......................................................................................................................................................................21
Quotes minus Kunnen tentamenvragen zijn:.............................................................................................................................24
Samenvatting Week 3.......................................................................................................................................................................24
Hoorcollege 4 week 4 Rechtspositivisme rechter Keen en Truepenny, rechtsgeleerde Hart en Soeharno (recht en politiek)
.............................................................................................................................................................................................................26
Werkgroep 4 week 4.......................................................................................................................................................................31
Week 4 samenvatting........................................................................................................................................................................34
Hoorcollege 5 week 5 Handy en Rechtsrealisme (Holmes en Vranken) (recht en samenleving)...............................................35
Studentwiki: samenvatting........................................................................................................................................................39
Minicollege kennisclip rechtsrealisme......................................................................................................................................41
Werkgroep 5 week 5.......................................................................................................................................................................42
Schema rechtstheorieën.............................................................................................................................................................44
Week 5 samenvatting........................................................................................................................................................................44
Hoorcollege 6 week 6 vrijheid en gelijkheid (recht en economie).................................................................................................46
Quotes minus one kunnen tentamenvragen zijn........................................................................................................................51
Hbo-uitwerkingen......................................................................................................................................................................51
Werkgroep 6 week 6 in werkgroep praktisch behandeld...............................................................................................................54
Week 6 samenvatting........................................................................................................................................................................54
Hoorcollege 7 week 7 (recht en macht) Kennedy, Schowebel- Patel, Bartel, Tushnet................................................................57
Werkgroep 7 week 7.......................................................................................................................................................................60
Week 7 samenvatting........................................................................................................................................................................63
Korte herhaling van de Kern van grondslagen van het recht.......................................................................................................66
Hoorcollege 1 week 1
, 1. Wat is recht?
Transouderbeschikking
2. Hoe vindt de rechter recht?
Toeslagenaffaire
Wat is recht? Antwoord 3 aanvliegroutes:
1) Kernbegrippen van het Nederlandse Positieve recht
2) Casuïstiek oplossen van het recht , Casuïstiek is niet voldoende om de vraag wat is recht op te
lossen, omdat er veel dilemma’s zijn in het recht. De rechter trekt daarom de grens tussen burgers,
maatschappij etc.
3) Theorie en reflectie
Transouderbeschikking< juridische vaderschap< privaatrecht
3.
Privaatrecht (transouderbeschikking)
Regelt relatie tussen burgers onderling
Maakt relaties tussen mensen mogelijk, zoals arbeidsrecht maakt mogelijk dat er een werknemer of
werkgever mogelijk wordt gemaakt. Of een huwelijksrelatie
Partijen zijn gelijkwaardig, er is geen hiërarchische relatie
Partijen mogen zelfstandig hun relatie regelen binnen de grenzen van het recht
Aanvullend recht, art 1:94 lid 1 bw tenzij regel
Art 1:41a bw= dwingend recht (oude tentamenvraag)
Uitgangspunt is de individuele vrijheid
Partijen gebruiken het recht om hun eigen belang te behartigen
Aanvliegroute 2 Casuïstiek behandeling: Art 1:199 bw vader van een kind is de man…
< Art 1:207 bw belangrijke artikel
Transouderbeschikking Rechtsvraag: kan een transvrouw, die met behulp van ingevroren sperma na haar
geslacht veranderende operatie een kind heeft verwerkt bij een andere vrouw, als vader van het kind
worden aangemerkt?
Art 1:28 bw : sterilisatie eis: juridische geslachtsverandering vereist dat de persoon niet meer in staat zou
zijn om kinderen te verwekken.
Hoe oordeelt het hof?
Volgens de letter van de wet kan een transvrouw geen vader zijn
Bedoeling van de wetgever was te voorkomen dat kinderen een ouder hebben met een juridisch
geslacht dat tegengesteld is aan biologische geslacht
Er is sprake van medische ontwikkelingen die de wetgever niet kon verzinnen. Wetgever heeft
kennelijk niet stilgestaan bij de mogelijkheid van invriezen zaad waarvan appellanten gebruik
hebben gemaakt
In de samenleving wordt gelijke behandeling van verschillende samenlevingsvormen steeds
belangrijker
Uitspraak:
De transvrouw is niet de vader maar wel de ouder van het kind, hiermee wordt de biologische band tussen
de transvrouw en het kind geëerbiedigd.
Aanvliegroute 3 Theorie en reflectie:
1. Wat is de verhouding tussen recht en rechtvaardigheid?
2. Wat is de verhouding tussen recht en politiek?
, 3. Wat is de verhouding tussen recht en samenleving?
Publiekrecht (De toeslagenaffaire)
Regelt de relatie tussen de burger en overheidsorganen en tussen overheidsorganen onderling
Hiërarchie relatie waarbij de burger ondergeschikt is aan de overheid
Staat treedt op als behartiger van algemeen belang
Uitgangspunt is de rechtsstatelijkheid
Veelal dwingend recht
Materieel recht en formeel recht
Materieel is de inhoud en formeel is hoe je de regels hoort te handhaven.
Art 26 lid 1 algemene wet inkomensafhankelijke regelingen awir: in dit artikel staat dat de toeslagenaffaire
belanghebbende hun bedrag teruggevorderd krijgen.
Hoe vindt de rechter recht?
Waar vindt de rechter het recht?
Wat zijn de bronnen van recht?
Interpretatiemethodes van de rechter?
Rechtvaardigheid van de rechter?
Gevolgen van zijn uitspraak in rekening brengen
Objectief en subjectief recht
Objectief< law
Diefstal mag niet, dat is gewoon objectief recht je mag niet stelen van anderen
Subjectief< right
Recht op zwijgrecht, als je bijvoorbeeld wordt gepakt door een agent tijdens poging tot
diefstal.
Dwingend en aanvullend recht:
Dwingend houdt in dat je ervan mag afwijken voorbeeld is artikel 1:33 bw, art 237 sr staat dat
bigamie een strafbaar feit is.
Aanvullend houdt in dat je er wel van mag afwijken zoals bij een overeenkomst sluiten, daar kan je
ook aanvullend recht toepassen. Art 4:13 lid 1 bw
Formeel en materieel recht:
Materieel geeft aan welke rechten en plichten je hebt inhoudelijk, wat je wel en niet mag
Formeel geeft aan hoe je aan die rechten en plichten moet voldaan, hoe je de materiele recht
handhaaft.
Internationaal en nationaal recht:
Internationaal recht zijn rechtsregels die staten of internationale organisaties hebben vastgelegd of
die internationaal zijne erkend en aangegeven hoe deze zich ten opzichte van elkaar of tegenover
hun onderdanen hebben gedragen. Dat wordt onderscheiden in deze twee rechten:
Volkenrecht: het recht tussen staten. Deze rechtsregels worden neergelegd in internationale
ovk’s verdragen. In deze verdragen staat bijvoorbeeld dat ze samen drugs gaan bestrijden of
mensen rechten respecteren.
Recht met betrekken tot internationale organisaties: zoals neergelegd in de verdragen en
oprichting van de Verenigde Naties of de Europese unie. Deze organisaties zijn door staten
in het leven geroepen met een bepaald doel. VN is opgericht voor wereldvrede en meer.
Nationaal recht is recht dat binnen staten tot stand komt en gelding heeft. Men spreekt van
nationale staat als er sprake is van een grondgebied, een volk en een overheid die gezag uitoefent.
, Internationaal en nationaal recht zijn geen geheel van elkaar afgesloten gebieden.
Internationaal en nationaal recht vloeien vaak in elkaar over.
Klassieke grondrechten en sociale grondrechten
Klassieke grondrechten zijn bijvoorbeeld vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, het
recht op privacy, de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam en het gelijkheidsbeginsel.
Burgers kunnen beroep doen op schending van klassieke grondrechten
Sociale grondrechten zijn bijvoorbeeld recht op gezondheidszorg art 22 lid 1 gw en
werkgelegenheid art 19 lid 1 gw. Sociale grondrechten zijn niet tegen te beroepen bij de rechter.
Grondrechten staan niet alleen in de grondwet, maar kunnen ook gevonden worden in
internationale verdragen.
De 3 rechtstheorieën
1) Rechtspositivisme = rechtszekerheid
- Regels zijn regels, je waarborgt de rechtszekerheid van de wet en voorkomt discussies omtrent de
betekenis van de wet.
- Scheiding tussen recht en moraal
- Scheiding tussen recht en politiek
2) Natuurrecht = hogere beginselen van rechtvaardigheid
- Hoger recht/ gerechtigheid
- Door menselijke reden, de mens grotendeels overeenstemt met elkaar
- Band tussen recht en moraal
3) Rechtsrealisme = maatschappelijke doelen
- Is een sociale praktijk om de problemen in de samenleving op te lossen
- Geen doel op zichzelf maar een ander doel zoals maatschappelijke belangen
- Band tussen recht en politiek
Positief recht en wenselijk recht
Positief recht:
= het geldende recht
Dit recht wordt in een bepaalde gemeenschap vastgesteld en erkend door bevoegde autoriteiten
Het geldt of je het er nou mee eens bent of niet
Wenselijk recht:
= ideëel recht
Dit recht wenst men of vindt men nastrevenswaardiger
Positief recht en wenselijk recht kunnen elkaar wel overlappen zoals:
Inhoudsopgave
Hoorcollege 1 week 1...........................................................................................................................................................................1
Werkgroep 1 week 1.........................................................................................................................................................................5
Samenvatting week 1...........................................................................................................................................................................7
Hoorcollege 2 week 2...........................................................................................................................................................................8
De rechters...................................................................................................................................................................................11
Werkgroep 2 week 2 de zaak van de grotverkenners.....................................................................................................................12
Samenvatting week 2.........................................................................................................................................................................16
Hoorcollege 3 week 3 Foster en het natuurrecht (Radbruch) (recht en moraal)........................................................................17
Werkgroep 3 week 3.......................................................................................................................................................................21
Quotes minus Kunnen tentamenvragen zijn:.............................................................................................................................24
Samenvatting Week 3.......................................................................................................................................................................24
Hoorcollege 4 week 4 Rechtspositivisme rechter Keen en Truepenny, rechtsgeleerde Hart en Soeharno (recht en politiek)
.............................................................................................................................................................................................................26
Werkgroep 4 week 4.......................................................................................................................................................................31
Week 4 samenvatting........................................................................................................................................................................34
Hoorcollege 5 week 5 Handy en Rechtsrealisme (Holmes en Vranken) (recht en samenleving)...............................................35
Studentwiki: samenvatting........................................................................................................................................................39
Minicollege kennisclip rechtsrealisme......................................................................................................................................41
Werkgroep 5 week 5.......................................................................................................................................................................42
Schema rechtstheorieën.............................................................................................................................................................44
Week 5 samenvatting........................................................................................................................................................................44
Hoorcollege 6 week 6 vrijheid en gelijkheid (recht en economie).................................................................................................46
Quotes minus one kunnen tentamenvragen zijn........................................................................................................................51
Hbo-uitwerkingen......................................................................................................................................................................51
Werkgroep 6 week 6 in werkgroep praktisch behandeld...............................................................................................................54
Week 6 samenvatting........................................................................................................................................................................54
Hoorcollege 7 week 7 (recht en macht) Kennedy, Schowebel- Patel, Bartel, Tushnet................................................................57
Werkgroep 7 week 7.......................................................................................................................................................................60
Week 7 samenvatting........................................................................................................................................................................63
Korte herhaling van de Kern van grondslagen van het recht.......................................................................................................66
Hoorcollege 1 week 1
, 1. Wat is recht?
Transouderbeschikking
2. Hoe vindt de rechter recht?
Toeslagenaffaire
Wat is recht? Antwoord 3 aanvliegroutes:
1) Kernbegrippen van het Nederlandse Positieve recht
2) Casuïstiek oplossen van het recht , Casuïstiek is niet voldoende om de vraag wat is recht op te
lossen, omdat er veel dilemma’s zijn in het recht. De rechter trekt daarom de grens tussen burgers,
maatschappij etc.
3) Theorie en reflectie
Transouderbeschikking< juridische vaderschap< privaatrecht
3.
Privaatrecht (transouderbeschikking)
Regelt relatie tussen burgers onderling
Maakt relaties tussen mensen mogelijk, zoals arbeidsrecht maakt mogelijk dat er een werknemer of
werkgever mogelijk wordt gemaakt. Of een huwelijksrelatie
Partijen zijn gelijkwaardig, er is geen hiërarchische relatie
Partijen mogen zelfstandig hun relatie regelen binnen de grenzen van het recht
Aanvullend recht, art 1:94 lid 1 bw tenzij regel
Art 1:41a bw= dwingend recht (oude tentamenvraag)
Uitgangspunt is de individuele vrijheid
Partijen gebruiken het recht om hun eigen belang te behartigen
Aanvliegroute 2 Casuïstiek behandeling: Art 1:199 bw vader van een kind is de man…
< Art 1:207 bw belangrijke artikel
Transouderbeschikking Rechtsvraag: kan een transvrouw, die met behulp van ingevroren sperma na haar
geslacht veranderende operatie een kind heeft verwerkt bij een andere vrouw, als vader van het kind
worden aangemerkt?
Art 1:28 bw : sterilisatie eis: juridische geslachtsverandering vereist dat de persoon niet meer in staat zou
zijn om kinderen te verwekken.
Hoe oordeelt het hof?
Volgens de letter van de wet kan een transvrouw geen vader zijn
Bedoeling van de wetgever was te voorkomen dat kinderen een ouder hebben met een juridisch
geslacht dat tegengesteld is aan biologische geslacht
Er is sprake van medische ontwikkelingen die de wetgever niet kon verzinnen. Wetgever heeft
kennelijk niet stilgestaan bij de mogelijkheid van invriezen zaad waarvan appellanten gebruik
hebben gemaakt
In de samenleving wordt gelijke behandeling van verschillende samenlevingsvormen steeds
belangrijker
Uitspraak:
De transvrouw is niet de vader maar wel de ouder van het kind, hiermee wordt de biologische band tussen
de transvrouw en het kind geëerbiedigd.
Aanvliegroute 3 Theorie en reflectie:
1. Wat is de verhouding tussen recht en rechtvaardigheid?
2. Wat is de verhouding tussen recht en politiek?
, 3. Wat is de verhouding tussen recht en samenleving?
Publiekrecht (De toeslagenaffaire)
Regelt de relatie tussen de burger en overheidsorganen en tussen overheidsorganen onderling
Hiërarchie relatie waarbij de burger ondergeschikt is aan de overheid
Staat treedt op als behartiger van algemeen belang
Uitgangspunt is de rechtsstatelijkheid
Veelal dwingend recht
Materieel recht en formeel recht
Materieel is de inhoud en formeel is hoe je de regels hoort te handhaven.
Art 26 lid 1 algemene wet inkomensafhankelijke regelingen awir: in dit artikel staat dat de toeslagenaffaire
belanghebbende hun bedrag teruggevorderd krijgen.
Hoe vindt de rechter recht?
Waar vindt de rechter het recht?
Wat zijn de bronnen van recht?
Interpretatiemethodes van de rechter?
Rechtvaardigheid van de rechter?
Gevolgen van zijn uitspraak in rekening brengen
Objectief en subjectief recht
Objectief< law
Diefstal mag niet, dat is gewoon objectief recht je mag niet stelen van anderen
Subjectief< right
Recht op zwijgrecht, als je bijvoorbeeld wordt gepakt door een agent tijdens poging tot
diefstal.
Dwingend en aanvullend recht:
Dwingend houdt in dat je ervan mag afwijken voorbeeld is artikel 1:33 bw, art 237 sr staat dat
bigamie een strafbaar feit is.
Aanvullend houdt in dat je er wel van mag afwijken zoals bij een overeenkomst sluiten, daar kan je
ook aanvullend recht toepassen. Art 4:13 lid 1 bw
Formeel en materieel recht:
Materieel geeft aan welke rechten en plichten je hebt inhoudelijk, wat je wel en niet mag
Formeel geeft aan hoe je aan die rechten en plichten moet voldaan, hoe je de materiele recht
handhaaft.
Internationaal en nationaal recht:
Internationaal recht zijn rechtsregels die staten of internationale organisaties hebben vastgelegd of
die internationaal zijne erkend en aangegeven hoe deze zich ten opzichte van elkaar of tegenover
hun onderdanen hebben gedragen. Dat wordt onderscheiden in deze twee rechten:
Volkenrecht: het recht tussen staten. Deze rechtsregels worden neergelegd in internationale
ovk’s verdragen. In deze verdragen staat bijvoorbeeld dat ze samen drugs gaan bestrijden of
mensen rechten respecteren.
Recht met betrekken tot internationale organisaties: zoals neergelegd in de verdragen en
oprichting van de Verenigde Naties of de Europese unie. Deze organisaties zijn door staten
in het leven geroepen met een bepaald doel. VN is opgericht voor wereldvrede en meer.
Nationaal recht is recht dat binnen staten tot stand komt en gelding heeft. Men spreekt van
nationale staat als er sprake is van een grondgebied, een volk en een overheid die gezag uitoefent.
, Internationaal en nationaal recht zijn geen geheel van elkaar afgesloten gebieden.
Internationaal en nationaal recht vloeien vaak in elkaar over.
Klassieke grondrechten en sociale grondrechten
Klassieke grondrechten zijn bijvoorbeeld vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, het
recht op privacy, de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam en het gelijkheidsbeginsel.
Burgers kunnen beroep doen op schending van klassieke grondrechten
Sociale grondrechten zijn bijvoorbeeld recht op gezondheidszorg art 22 lid 1 gw en
werkgelegenheid art 19 lid 1 gw. Sociale grondrechten zijn niet tegen te beroepen bij de rechter.
Grondrechten staan niet alleen in de grondwet, maar kunnen ook gevonden worden in
internationale verdragen.
De 3 rechtstheorieën
1) Rechtspositivisme = rechtszekerheid
- Regels zijn regels, je waarborgt de rechtszekerheid van de wet en voorkomt discussies omtrent de
betekenis van de wet.
- Scheiding tussen recht en moraal
- Scheiding tussen recht en politiek
2) Natuurrecht = hogere beginselen van rechtvaardigheid
- Hoger recht/ gerechtigheid
- Door menselijke reden, de mens grotendeels overeenstemt met elkaar
- Band tussen recht en moraal
3) Rechtsrealisme = maatschappelijke doelen
- Is een sociale praktijk om de problemen in de samenleving op te lossen
- Geen doel op zichzelf maar een ander doel zoals maatschappelijke belangen
- Band tussen recht en politiek
Positief recht en wenselijk recht
Positief recht:
= het geldende recht
Dit recht wordt in een bepaalde gemeenschap vastgesteld en erkend door bevoegde autoriteiten
Het geldt of je het er nou mee eens bent of niet
Wenselijk recht:
= ideëel recht
Dit recht wenst men of vindt men nastrevenswaardiger
Positief recht en wenselijk recht kunnen elkaar wel overlappen zoals: