Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Goederenrecht naslagwerk

Note
-
Vendu
1
Pages
126
Publié le
29-08-2025
Écrit en
2025/2026

Een samenvatting van de leereenheden 1 tot en met 9 van de oude cursus Goederenrecht 2025. Deze is herzien maar kan wellicht nog als naslagwerk dienen om bepaalde zaken beter te begrijpen.

Établissement
Cours











Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
Leereenheden 1 tot en met 9 van de cursus
Publié le
29 août 2025
Nombre de pages
126
Écrit en
2025/2026
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Samenvatting Goederenrecht

Leereenheid 1: Goederenrecht

Inleiding
In de eerste leereenheid van Goederenrecht maakt u kennis met de kernbegrippen: goed, zaak en
vermogensrecht. Het onderscheid tussen goederenrecht en verbintenissenrecht wordt uitgelegd via absolute en
relatieve rechten. Ook komen bestanddeelvorming, natrekking, eigendom van zaken en beperkte rechten aan
bod.

1.1 Kernbegrippen goederenrecht
Het goederenrecht regelt de rechten van personen op goederen, zoals gedefinieerd in:
art. 3:1 BW: Goederenrecht bestaat uit zaken en vermogensrechten.
art. 3:2 BW omschrijft zaken
art. 3:6 BW omschrijft vermogensrechten.

De begrippen goed, zaak en vermogensrecht vormen de kern van het goederenrecht en verdienen daarom extra
aandacht.

Goederen, zaken en vermogensrechten

1. Titel van het boek
Wat vóór 1992 het zakenrecht werd genoemd, heet sinds de invoering van het nieuwe vermogensrecht in 1992
het goederenrecht. Het goederenrecht omvat echter méér dan alleen het zakenrecht: het regelt niet alleen
rechten op zaken, maar ook op vermogensrechten (zoals vorderingen), zoals blijkt uit art. 3:1 BW.

2. Opzet van dit boek
De opbouw van Pitlo Goederenrecht volgt twee hoofdonderdelen:

1. Algemeen deel van het vermogensrecht (Boek 3 BW), met name titels 1, 4 t/m 10 en gedeelten van
titel 11. Dit deel behandelt de algemene regels die gelden voor alle vermogensrechten, dus zowel voor
rechten op zaken als op andere goederen.

2. Zakelijke rechten (Boek 5 BW), oftewel de absolute rechten op zaken. Hierin komen onder andere de
begrippen eigendom, beperkte rechten (zoals erfdienstbaarheden en pand/hypotheek), en de wijzen van
verkrijging en verlies van goederen aan bod.

3. Vermogen
Het vermogensrecht omvat verschillende rechtsgebieden, zoals het goederenrecht, verbintenissenrecht,
erfrecht en huwelijksvermogensrecht.

Goederen bestaan uit zaken en vermogensrechten. Vermogensrechten zijn rechten die een economische
waarde vertegenwoordigen, bijvoorbeeld vorderingen.

Het eigendomsrecht is een vermogensrecht dat rust op een goed (een zaak of vermogensrecht).
Goodwill is geen vermogensrecht omdat het niet om een afgebakend recht gaat.

Zaken zijn stoffelijke, voor menselijke beheersing vatbare objecten. Dit omvat ook zaken die nog geen eigenaar
hebben (res nullius), maar niet lucht of zee.

Zaken worden onderscheiden in hoofdzaken en bestanddelen. Bestanddelen maken onderdeel uit van een
hoofdzaak door het rechtsfiguur natrekking.

Er is een juridisch onderscheid tussen roerende en onroerende zaken:

 Onroerende zaken zijn duurzaam verbonden met de grond en worden als registergoederen
ingeschreven (bijv. een huis). Bij onroerende zaken kan natrekking soms niet tot eigendom leiden, zoals
bij erfpacht.
 Roerende zaken zijn niet duurzaam verbonden aan de grond en worden niet als registergoederen
beschouwd.

4. Goederen (artikel 3:1 BW)
Goederen zijn alle zaken én vermogensrechten die de actieve bestanddelen van iemands vermogen vormen.
Zij zijn de objecten waarop vermogensrechten kunnen rusten en waarover rechten kunnen worden uitgeoefend.

5. Zaken (artikel 3:2 BW)

,Zaken zijn de voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten. Ook zaken die aan niemand toebehoren,
res nullis, zijn zaken. Niet tot zaken behoren onder meer lucht en het zeeoppervlak, je kunt de zee of lucht
namelijk niet beheersen of vastpakken.

6. Grenzen van het begrip ‘zaak’
Een zaak is een stoffelijk, concreet object dat vatbaar is voor menselijke beheersing.
Voor menselijke beheersing vatbaar betekent dat men feitelijke macht over het object kan uitoefenen
(bijvoorbeeld over zuurstof, maar niet over lucht als geheel of de zee).
Stoffelijk wil zeggen dat het object tastbaar is en fysiek kan worden vastgehouden of verplaatst.
Object duidt op iets concreets en waarneembaars, geen abstract begrip.

7. Vermogensrechten (artikel 3:6 BW).
Vermogensrechten zijn rechten die:

1. afzonderlijk of samen met andere rechten overdraagbaar zijn;
2. gericht zijn op het verkrijgen van stoffelijk voordeel, direct of indirect;
3. verkregen kunnen zijn in ruil voor stoffelijk voordeel of het vooruitzicht daarop.

Vermogensrechten zijn immaterieel, in tegenstelling tot zaken, maar vertegenwoordigen wel economische
waarde.

8. Eigendomsrecht vereenzelvigd met zaak
Het eigendomsrecht is een vermogensrecht, zoals bepaald in artikel 5:1 BW. Het is het meest omvattende recht
en is direct verbonden met de zaak waarop het rust: eigendom houdt in dat je het volledige recht op dat goed
hebt.

9. Goodwill
Goodwill, zoals de klantenkring of de gunstige ligging van een onderneming, is geen vermogensrecht. Dit komt
doordat het niet voldoet aan de criteria van artikel 3:6 BW: het is niet zelfstandig overdraagbaar en verschaft
geen direct stoffelijk voordeel, maar slechts een potentieel economisch voordeel.

Algemeenheid van goederen

16. Goederenrechtelijke status
Sommige zaken vormen samen één eenheid, ook wel een inboedel genoemd. Volgens artikel 6:227 BW is
daarvoor voldoende dat partijen bepalen waartoe zij zich verbinden en dat deze zaken als een samenhangende
eenheid worden beschouwd, zoals een kudde schapen, een bibliotheek of een verzameling goederen en
schulden.

17. Gemeenschappen
Voorbeelden van bepaalde gemeenschappen van goederen zijn de maatschap, de vennootschap en de
huwelijkse goederengemeenschap.

Afdeling 3.7.2 BW regelt de positie van de deelgenoten, oftewel hoe zij aanspraak kunnen maken op hun aandeel
in de gemeenschap. Bij vennootschappen gaat het bijvoorbeeld om de rechten verbonden aan aandelen.

,18. Rechtspersonen
Rechtspersonen hebben een zelfstandige juridische identiteit en zijn economisch gerechtigd tot hun vermogen,
bijvoorbeeld de goederen die tot de rechtspersoon behoren.

De overdracht van goodwill valt onder het verbintenissenrecht, omdat het een rechtshandeling tussen personen
betreft en geen zaak of vermogensrecht op zich is.

19. Inboedel
De definitie van inboedel staat in artikel 3:5 BW. Volgens de verkeersopvatting behoort huisraad niet tot de
onroerende zaak en wordt het beschouwd als roerende zaak. Hierdoor moet inboedel als individuele zaak
worden geleverd bij overdracht.

Verschillende soorten vorderingen

28 Vorderingen op naam
Vorderingen op naam zijn een belangrijke categorie vermogensrechten. Het zijn relatieve rechten die kunnen
worden vervreemd en bezwaard, en maken deel uit van het vermogensbestanddeel van een persoon.

Deze vorderingen zijn persoonlijk gebonden aan een bepaalde schuldeiser en kunnen alleen worden
overgedragen via een akte van cessie en mededeling aan de debiteur. De vordering kan dus niet los van de
persoon worden overgedragen.

 Artikel 3:82 BW stelt dat vorderingen op naam niet gescheiden kunnen worden van het recht waaraan
ze zijn verbonden.
 Afdeling 3.4.2 BW bevat de wettelijke regels over de vervreemding en bezwaring van vorderingen.

29. Order- en toondervorderingen
Order- en toondervorderingen zijn vorderingen die eenvoudiger overdraagbaar zijn dan gewone vorderingen op
naam.

 Ordervorderingen worden overgedragen door endossement (ondertekening op het document) en de
levering van het document aan de nieuwe houder, zoals bij wissels en cheques.
 Toondervorderingen worden overgedragen door enkel de overhandiging van het document, waarmee
de nieuwe houder automatisch gerechtigd is.

Deze vorderingen worden ook wel rechtspapieren genoemd, omdat het bezit van het papier zelf de
rechtmatigheid van de houder bepaalt.

 Artikel 3:93 BW regelt dat de overdracht van order- en toondervorderingen plaatsvindt door de levering
van het betreffende document aan de verkrijger.
 Artikel 3:94 BW bepaalt dat gewone vorderingen op naam slechts kunnen worden overgedragen door
een akte van cessie en mededeling aan de schuldenaar.

30. Zakenrechtelijke papieren
Zakelijke papieren vertegenwoordigen meer dan alleen vorderingen; zij geven ook eigendom of rechten over
zaken weer. Dit betreft rechten op naam, aan order en aan toonder.

Voorbeelden zijn:

 Cognossement (artikel 8:399 BW): een document van de vervoerder dat bevestigt dat goederen zijn
overgedragen aan een afzender en op verzoek worden afgeleverd.
 Ceel (artikel 7:607 BW): een document van een opslaghouder als bewijs van het in bewaring nemen van
goederen.

De levering van deze papieren, en daarmee van de onderliggende zaken, geschiedt door overdracht van het
document aan de verkrijger.

31. Aandelen
Aandelen van een NV of BV zijn waardepapieren en kunnen op naam of aan toonder zijn gesteld.

Voor de levering van aandelen op naam gelden de specifieke regels uit Boek 2 BW: Artikel 2:194 BW voor
aandelen op naam in een BV. Artikel 2:82 BW voor aandelen op naam en aan toonder in een NV.
Aandelen aan toonder worden geleverd volgens de algemene bepalingen voor rechten aan toonder uit Boek 3
BW.

, Verschil tussen zaken en vermogensrechten
Zaken zijn voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten waarvan iemand het bezit kan hebben en de
overdracht van kan bewerkstelligen, zoals een huis, een auto of een boek.
Vermogensrechten zijn juridische rechten die onderdeel uitmaken van iemands vermogen, zoals vorderingen,
eigendomsrechten, of het recht op huurbetaling.
Het verschil is dat zaken fysieke objecten zijn, terwijl vermogensrechten immateriële rechten zijn die een
geldwaarde vertegenwoordigen.

Absolute en relatieve rechten

21. Absolute en zakelijke rechten
Er zijn in totaal acht absolute vermogensrechten. Drie daarvan – pand, hypotheek en vruchtgebruik – staan in
Boek 3 BW en kunnen worden gevestigd op alle goederen, dus zowel op zaken als op vermogensrechten. Dit
maakt ze meer algemeen toepasbaar.

De overige vijf absolute rechten – eigendom, erfdienstbaarheid, erfpacht, opstal en appartementsrecht –
staan in Boek 5 BW en kunnen uitsluitend op zaken worden gevestigd.
Deze rechten worden daarom ook wel specifiek zakelijke rechten genoemd.

22. Absoluut versus relatief
Absolute rechten werken tegenover iedereen: ze moeten door eenieder worden gerespecteerd. De houder van
een absoluut recht kan dan ook tegen iedere inbreukmaker optreden. Een voorbeeld is het eigendomsrecht:
wie eigenaar is van een auto, kan optreden tegen iedereen die die auto zonder toestemming gebruikt.

Relatieve rechten gelden alleen tussen bepaalde personen, meestal op basis van een overeenkomst. Zo heeft
een koper van een auto een relatief recht tegenover de verkoper. Als de verkoper de auto aan iemand anders
verkoopt, kan de eerste koper slechts optreden tegen die verkoper wegens contractbreuk.

Soms komt er een derdenbeschermingsregel in beeld. Die kan ertoe leiden dat een tweede koper, die te
goeder trouw is, alsnog eigenaar wordt, ondanks het recht van de eerste koper. In dat geval kan de eerste koper
mogelijk nog wel schadevergoeding eisen, maar niet meer de auto terugvorderen.

23. Onderscheid nader verduidelijkt
Het verschil tussen absolute en relatieve rechten blijkt duidelijk wanneer men rechten met vergelijkbare inhoud
vergelijkt. Zo geeft zowel vruchtgebruik als bruikleen de houder het recht om een auto te gebruiken.

Echter, vruchtgebruik is een absoluut recht: het werkt tegenover iedereen en blijft bestaan ongeacht wie
eigenaar wordt van de auto. Bij afloop van de periode hoeft de vruchtgebruiker de auto in principe niet terug te
geven, tenzij het recht is geëindigd.

Daarentegen is bruikleen een relatief recht, dat slechts geldt tussen de bruiklener en de uitlener. De bruiklener
is verplicht de auto terug te geven na afloop van de afgesproken termijn, omdat zijn recht slechts voortvloeit uit de
onderlinge overeenkomst.

Kwalitatieve rechten zijn een bijzondere vorm van rechten met absolute werking. Zij blijven bestaan ook
wanneer het goed waarop zij rusten van eigenaar verandert. Denk bijvoorbeeld aan zakelijke zekerheidsrechten
zoals hypotheek of pandrecht. Deze rechten behouden hun geldigheid tegenover iedere derde, ook als die
derde te goeder trouw het goed verkrijgt. Hierdoor hebben kwalitatieve rechten, net als andere absolute rechten,
een sterke bescherming tegen derden.

24. Onderscheid in faillissement
Het onderscheid tussen absolute en relatieve rechten is cruciaal bij faillissement.

Absolute rechten (zoals eigendom, pand en hypotheek) blijven ook tijdens faillissement in stand. De
rechthebbende kan zijn recht uitoefenen alsof er geen faillissement is – dit wordt ook wel separatistpositie
genoemd.
Relatieve rechten (zoals vorderingen op een geldsom) moeten worden ingediend bij de curator en worden
doorgaans slechts gedeeltelijk voldaan via de uitdeling in het faillissement.

Hierdoor verkeren schuldeisers met absolute rechten in een aanzienlijk sterkere positie dan concurrente
schuldeisers.

25. Vordering kan voorwerp van absoluut recht zijn
€7,06
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
benniekooij ROC Horizon College
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
82
Membre depuis
8 année
Nombre de followers
46
Documents
8
Dernière vente
1 mois de cela

3,8

5 revues

5
1
4
3
3
0
2
1
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions