Samenvatting PR technologie en veiligheid
AEC;
De bucky is een onderdeel van een rontgeninstallatie, hierin kan een
strooistralenrooster een detectorlade en belichtingsautomaat zijn
gecombineerd.
In de bucky bevindt zich de AUTOMATIC EXPOSURE CONTROL (AEC) of
automatische belichting. Deze dient om de gemiddelde detector dosis
constant te houden om zo een constante beeldkwaliteit te kunnen houden.
Doel van de AEC
Doel is het aantal opname van onvoldoende kwaliteit (snr) te hernemen,
het is de instelparameter die de buislading regelt ook wel AEC genoemd in
functie van
- De samenstelling van het object
- De focus receptor afstand
- Detector
- Roosterfactor van het strooistralenrooster
Doordat de hoeveelheid signaal moeilijk in te schatten is van al deze
factoren is het mogelijk om de buislading te regelen met de AEC, dit wordt
ook wel de 1 punts techniek genoemd
Bepalen van de EI
Om de EI te kunnen berekenen moet de detector eerst blootgesteld
worden aan rontgenstraling, de EI kan berekend worden door de volgende
2 methodes
1. De region of interest, ROI methode: deze segmenteert de
anatomie van een bepaalde foto, waarbij een gemiddelde waarde
wordt genomen van de verschillende pixelwaardes.
2. De histogram methode: hier wordt de gemiddelde pixelwaarde
genomen van het relevante bereik van het histogram en deze wordt
dan gebruikt om de EI te bepalen
De gestandaardiseerde EI
, EI = de getal dat aangeeft hoeveel straling gebruikt is tijdens het
maken van een beeld.
Om een goede gestandaardiseerd EI als maatstaf te bekomen, moeten er
3 zaken worden voldaan.
1. De EI moet in relatie staan ten opzichte van de detectorblootstelling
en deze wordt verkregen aan de hand van de pixelwaarde in een ROI
2. De EI schaal zou lineair proportioneel zijn ten opzichte van de
detectordosis. BV: als de detectordosis verdubbeld dan zou de EI ook
moeten verdubbelen.
3. Deze zou ook afhankelijk moeten zijn van de kwaliteit van de bundel,
dit wil zeggen dat de EI ook afhankelijk zou moeten zijn van de
buisspanning (kv), de hoeveelheid gebruikte filtratie enz...
De referentiewaarde of de EIt (target) moet worden vastgesteld per
onderzoek of opname, doel hiervan is dat de EIt verder geoptimaliseerd
kan worden zodat de dosis voor de patient zo laag mogelijk wordt
gehouden zonder verlies van beeldkwaliteit.
De gestandaardiseerde EI en EIt kan gebruikt worden om de deviatie index
te kunnen berekenen. (DI)
De DI geeft feedback aan de technoloog of de juiste dosis werd gegeven
voor dat specifieke onderzoek.
Het is aangeraden om met enkele stappen te werken voor een
gestandaardiseerde EI te bekomen:
1. het is belangrijk om met een gekalibreeede detector te werken, dis
is wanneer de detectorblootstelling verdubbeld is, en ook de EI
waarde zou verdubbelen
2. De gebruiker moet bewust zijn ervan zijn dat de EI-
waardeafhankelijk is van menselijke en technische factoren, tot de
menselijke factoren behoort ook de invloed van collimatie,
positionering van het object ten opzichte van de detector,cropping
van het beeld.
De DI is een essentiele tool om te bepalen of de detectorblootstelling
correct is ten opzichte van het beeld
AEC;
De bucky is een onderdeel van een rontgeninstallatie, hierin kan een
strooistralenrooster een detectorlade en belichtingsautomaat zijn
gecombineerd.
In de bucky bevindt zich de AUTOMATIC EXPOSURE CONTROL (AEC) of
automatische belichting. Deze dient om de gemiddelde detector dosis
constant te houden om zo een constante beeldkwaliteit te kunnen houden.
Doel van de AEC
Doel is het aantal opname van onvoldoende kwaliteit (snr) te hernemen,
het is de instelparameter die de buislading regelt ook wel AEC genoemd in
functie van
- De samenstelling van het object
- De focus receptor afstand
- Detector
- Roosterfactor van het strooistralenrooster
Doordat de hoeveelheid signaal moeilijk in te schatten is van al deze
factoren is het mogelijk om de buislading te regelen met de AEC, dit wordt
ook wel de 1 punts techniek genoemd
Bepalen van de EI
Om de EI te kunnen berekenen moet de detector eerst blootgesteld
worden aan rontgenstraling, de EI kan berekend worden door de volgende
2 methodes
1. De region of interest, ROI methode: deze segmenteert de
anatomie van een bepaalde foto, waarbij een gemiddelde waarde
wordt genomen van de verschillende pixelwaardes.
2. De histogram methode: hier wordt de gemiddelde pixelwaarde
genomen van het relevante bereik van het histogram en deze wordt
dan gebruikt om de EI te bepalen
De gestandaardiseerde EI
, EI = de getal dat aangeeft hoeveel straling gebruikt is tijdens het
maken van een beeld.
Om een goede gestandaardiseerd EI als maatstaf te bekomen, moeten er
3 zaken worden voldaan.
1. De EI moet in relatie staan ten opzichte van de detectorblootstelling
en deze wordt verkregen aan de hand van de pixelwaarde in een ROI
2. De EI schaal zou lineair proportioneel zijn ten opzichte van de
detectordosis. BV: als de detectordosis verdubbeld dan zou de EI ook
moeten verdubbelen.
3. Deze zou ook afhankelijk moeten zijn van de kwaliteit van de bundel,
dit wil zeggen dat de EI ook afhankelijk zou moeten zijn van de
buisspanning (kv), de hoeveelheid gebruikte filtratie enz...
De referentiewaarde of de EIt (target) moet worden vastgesteld per
onderzoek of opname, doel hiervan is dat de EIt verder geoptimaliseerd
kan worden zodat de dosis voor de patient zo laag mogelijk wordt
gehouden zonder verlies van beeldkwaliteit.
De gestandaardiseerde EI en EIt kan gebruikt worden om de deviatie index
te kunnen berekenen. (DI)
De DI geeft feedback aan de technoloog of de juiste dosis werd gegeven
voor dat specifieke onderzoek.
Het is aangeraden om met enkele stappen te werken voor een
gestandaardiseerde EI te bekomen:
1. het is belangrijk om met een gekalibreeede detector te werken, dis
is wanneer de detectorblootstelling verdubbeld is, en ook de EI
waarde zou verdubbelen
2. De gebruiker moet bewust zijn ervan zijn dat de EI-
waardeafhankelijk is van menselijke en technische factoren, tot de
menselijke factoren behoort ook de invloed van collimatie,
positionering van het object ten opzichte van de detector,cropping
van het beeld.
De DI is een essentiele tool om te bepalen of de detectorblootstelling
correct is ten opzichte van het beeld