Inleiding
Fysiologie
= kennis van de natuur
= studie v/h normaal functioneren van levende organismen (= mensen)
➔ Leggen accenten naar de fysiologie v/d mens
➔ Leggen accenten naar de bewegende mens en naar alles dat voornaam is voor
lichaamsbeweging te doen
Anatomie VS fysiologie
- Geen fysiologie zonder anatomie
o Fysiologie bouwt verder op de anatomie
- Anatomie = gaat vooral beschrijven
- Fysiologie = gaat ‘verhaaltjes’ vertellen en beschrijven hoe alles als 1
geheel functioneert
Immunologie
Immunologie = een tak v/d fysiologie die de werking v/h afweersysteem gaat beschrijven
- De leer v/h afweersysteem
- Gaat bestuderen hoe ons lichaam reageert op vreemde indringers
Afweersysteem
= het verdedigings systeem v/h menselijke lichaam
1
,De rol v/h afweersysteem :
- Beschermen tegen indringers van buitenaf (virussen, bacteriën, gif)
o Gif = voorbeeld tattoo inkt : ontsteking in de 1e fase v/h herstel
- Bescherming tegen ziekteprocessen in ons lichaam (vb kanker)
- Signaalfunctie / communicatie
o Overbrengen van signalen
- Zendt boodschappen uit
- Herstel mogelijk maken
Bindweefselfysiologie
= bestuderen v/d samenstellende elementen van bindweefsel en de relatie tot elkaar
Vb : ligamenten, botweefsel, kraakbeen aan de ribben, hyalien kraakbeen, meniscus, bloed,
voorste kruisbanden, …
Niveaus van organisatie
Overzicht hoofdstukken
1. Introductie / homeostasis
2. Hematologie (= leer v/h bloed)
3. Immunologie en levensstijl
4. Bindweefselfysiologie :
a. Bot
b. Kraakbeen : hyalien – fibreus
c. Pees – ligamenten – kapsel
d. Zenuw
2
,Hoofdstuk 1 : Homeostasis
Integratie lichaams systemen
Vereenvoudigd model v/h menselijk lichaam met een aantal
orgaansystemen die met elkaar samenwerken
- Zien allerlei systemen : musculoskeletaal stelsel,
voortplantingsorganen, spijsverteringsorgaan, … (werken allemaal
samen)
- Het afweersysteem :
o Niet aanwezig figuur
o Is aanwezig in het circulatoire systeem, in de lever, …
➔ Zit overal verspreid in ons lichaam
Homeostasis
(Vergelijking cockpit vliegtuig)
= Het constant houden van de interne omgeving ondanks de externe variabiliteit
= evenwicht
- Constant houden v/d interne omgeving is relatief want moet variëren tussen een
maximum en een minimum
- Alles tussen de maximum en de minimum is goed -> is er sprake van homeostasis
- Buiten de maximum en de minimum :
o Kort durend = geen probleem
o Lang durend = gaat het lichaam daarop reageren
▪ Vb : zweten, drinken, …
- Externe variabiliteit = de externe omgeving die continue veranderd
o Vb doorheen de dag veranderd de temperatuur, het weer, de luchtdruk,
omgevingen die veranderen, …
- Cellen op zich zijn weinig adaptief
o Kunnen heel weinig / slecht omgaan met veranderingen in die externe
omgeving
3
, - Organismen hebben een hoog adaptatie vermogen
o Een hele hoop cellen te samen die gestructureerd zijn in een organismen
hebben een hoog adaptief vermogen
De term homeostasis :
- Homeo = gelijkaardig
- Stasis = conditie eerder dan status, constante situatie
➔ Term homeostasis = verkeerd
➔ Homeodynamica (betere naamgeving / term)
Vereenvoudigde weergave intracellulair en extracellulaire vocht in het lichaam
- Het lichaam heeft bepaalde hoeveelheid lichaams vocht
o Zit verspreid :
▪ In de cellen = intracellulair vocht
• Vb in het bloed zitten cellen en het vocht in die cellen zelf is
intracellulair vocht
▪ Buiten de cellen = extracellulaire vocht
• Vb het bloed, lymphen vocht
o Al het vocht optellen : intracellulair + extracellulaire = totale hoeveelheid
vloeibare massa in het lichaam
o Al het vocht in alle cellen v/h lichaam optelt = intracellulair vocht (centrale
cirkel)
o Al het vocht in u lichaam buiten de cellen = extracellulaire vocht (buitenste
cirkel)
4