oplossingen inhoud
H0 Algemene inleiding
Het naoorlogse samenlevingsmodel
DEEL 1: De samenleving als gemeenschap
H1 Primaire relaties
1.1 Primaire relaties in cijfers
Huishoudens en gezinnen
Huwelijkssluitingen
Echtscheidingen
Ongehuwd samenwonen
Vruchtbaarheid
1.2 Een sociaalwetenschappelijke duiding
Veruitwendiging van macrosociologische veranderingen op het vlak van de primaire relaties.
Een interpretatiekader
1.3 Besluit: van een ‘burgerlijk’ relatietype naar een ‘partnerschaps’-relatietype
H2 Leven in een ouder wordende samenleving
2.1 Inleiding
2.2 De (toekomstige) vergrijsde samenleving
Een demografisch portret
Oorzaken van de bevolkingsveroudering
2.3 De uitdagingen van een vergrijsde samenleving
De uitdagingen in cijfers
Een aantrekkelijke oude dag
2.4 Toekomstige betaalbaarheid van de pensioenen
Het Belgische pensioenlandschap
De eerste pijler
De nulde pijler: Het vangnet van de sociale bijstand
Stijgende pensioenuitgaven
Een zoektocht naar oplossingen
2.5 Ouderen en zorg
Zelfzorg
Mantelzorg
Professionele zorg
Intramurale of extramurale zorg
Ouderen als zorgverleners
Vergrijzing (ook) een probleem voor zorg?
H3 Over mannen en vrouwen
, 3.1 Vrouwen en mannen in de hedendaagse maatschappij
De arbeidsmarkt
De taakverdeling in het gezin
Politieke besluitvorming
Onderwijs
Geweld tegen vrouwen en mannen
3.2 Op zoek naar een verklaring
De nature-benadering
De nurture-benadering
3.3 Besluit
H4 Over Belgen en vreemdelingen
4.1 Enkele terminologische verduidelijkingen
4.2 Racisme als vooroordeel
Houdingen : stereotype, vooroordeel, discriminatie, etnocentrisme
Houdingen t.a.v. de migranten
Enkele verklaringen
4.3 Racisme als discriminatie
4.4 Racisme als ideologie
Biologie en cultureel racisme
Racisme en de ideologie van extreem rechts
De strategie van extreem rechts
4.5 Besluit
DEEL 2: Het arbeidsbestel
H5 Arbeid in het bedrijf
5.1 Hoe het begon…
Taylorisme, de wetenschappelijke bedrijfsvoering
Fordisme, de assemblagelijn en massaproductie
De grenzen van de klassieke bedrijfsorganisatie
5.2 Macro-economische veranderingen
Economische aspect
Organisatorische aspect
Technologische aspect
5.3 Gevolgen van de economische veranderingen
Internationale aanbodketens
Impact op de professionele biografie
5.4 Besluit
H6 De arbeidsmarkt
6.1 Evoluties op de arbeidsmarkt
, Het einde van het sociaal compromis
Evolutie van werkloosheid
Oorzaken van werkloosheid
Aanbod van arbeid: omvang beroepsbevolking
Aanbod van arbeid: evolutie van activiteitsgraad
Aanbod van arbeid: segmentering
Evolutie naar een postindustriële samenleving
6.2 Antwoorden vanuit de theorie en vanuit het beleid
Het antwoord van Europa: de Europese werkgelegenheidsstrategie
Het antwoord van Schmid: de transitionele arbeidsmarkt
Een actief arbeidsmarktbeleid als antwoord
Een voorbeeld van activering: de kloof tussen beleid en uitvoering
6.3 Besluit
H7 De collectieve arbeidsverhouding
7.1 Overlegstructuur van de arbeidsmarkt
Inleiding
De sociale partners
De overheid
7.2 Overlegorganen
Overleg op nationaal interprofessioneel niveau
Overleg op professioneel niveau
Overleg op regionaal niveau
Overleg op ondernemingsniveau
Overleg op internationaal niveau
7.3 Uitdagingen
7.4 Besluit
, H0: Algemene inleiding
Cursus: p. xv-xxi
Het naoorlogse samenlevingsmodel
Verzorgingsstaat (sinds ’60) = maatschappelijke organisatie gebaseerd
op kapitalistisch productiesysteem, overheid als beschermer van welvaart,
welzijn
Kenmerken vd ontwikkelingen = gemeenschappelijke noemers
1. Economische groei: welvaartstoename, sociale voorzieningen
emancipatie van vrouwen, jongeren door materiële
onafhankelijkheid van man/vader
Oorzaak: industrialisering kapitalistisch systeem
differentiatie = ontstaan v gespecialiseerde instituties
bureaucratisering = efficiënte beheersing vd organisaties
urbanisering / verstedelijking suburbanisering =
verstedelijking vh platteland anonimiteit, lokale, rurale
gemeenschappen afgenomen, normen en waardenpatronen
doorbroken
massamedia normen en waardepatronen doorbroken
pluriformering
verwetenschappelijking & technologisering: rationele
houding tov plannen, beheersen
secularisering: invloed v kerk, religie op handelingspatronen
afgenomen
democratisering: gezag niet obv traditie, wel rechtvaardig
machtsverschillen tss gezagsdragers en ondergeschikten verkleint
2. Individualisering: meer onafhankelijkheid tov familie, kerk,…
(traditioneel: reguleerden gedrag vh individu)
vanzelfsprekendheden ter discussie stellen, persoonlijkheid zelf
bepalen, vrijheid tot rollen bekleden
3. Pluriformering: niet meer 1 aanvaard systeem aan normen en
waarden, verliest vanzelfsprekendheid
vervaging van bestaande normenstelsel, meerdere stelsels als
optie ervoor: minder sociale controle, economische, materiële
zekerheid, verschuiving v gezagsverhoudingen
Opmerkingen bij individualisering & pluriformering:
geen verdwijning van normen, wel algemenere normen,
minder specifiek
afhankelijk v economische situatie, materiële mogelijkheden
als randvoorwaarde