RECHT – SAMENVATTING
1. ALGEMEEN; OBJECTIEF >< SUBJECTIEF RECHT
1.1 WAT IS HET VERSCHIL
Objectief recht Subjectief recht
Het recht Mijn recht
= Het geheel van algemene gedragsregels opgelegd = De individualisering van de rechtsregel. Het is de
door een daartoe bevoegde overheid, die de aanspraak die een persoon ten aanzien van andere
ordening van het maatschappelijk leven beogen en personen aan het objectief recht ontleent.
waarvan de naleving afdwingbaar is.
- Bevoegde OH nodig: komt uit een parlement of - Individualisering van de rechtsregels
van bij een minister met mandaat door - ‘waar je recht op hebt’
parlement Keuze (bv. om abonnement bij Basic Fit op te
- Doel: ordenen zeggen dan ben je verlost van alle rechtsregels)
- Algemene gedragsregels
- Afdwingbaar (bij niet naleven)
Geen keuze, je kiest niet of je eronder valt of
niet
Administratieve rechtscolleges Gewone hoven & rechtbanken
- Objectief contentieux - Subjectief contentieux
- Jij versus de overheid - Jij versus andere burgers
→ want het is de OH die het recht maakt - Jij versus de overheid
→ wanneer de OH het recht niet goed heeft
toegepast heb je een geschil met OH maar dan
subjectief
voorbeelden voorbeelden
- gemeente volgt regels niet bij benoemen - je werkgever betaalt je niet
ambtenaar - je aannemer verdwijnt met de noorderzon
- gemeente stelt parkeerregelement op dat in - je krijgt je pensioen niet
strijd is met de wet - je bent mishandeld & wilt een schadevergoeding
- gemeente legt niet uit waarom mijn
bouwaanvraag geweigerd wordt
Relatie tot de OH: in welke mate heeft de OH beslissingsmacht
Gebonden bevoegdheid Discretionaire bevoegdheid
Wat: het recht zegt wat de OH moet doen wanneer Wat: het recht geeft de OH wanneer aan alle
alle voorwaarden vervuld zijn voorwaarden voldaan is nog 1 beleidsvrijheid
subjectief recht geen subjectief recht
OH-optreden kan marginaal getoetst worden
bv. gehandicaptenkaart: OH moet je die kaart geven bv. bouwvergunning: de OH moet het je niet persé
dus je hebt er recht op geven
1.2 OBJECTIEF RECHT
6 kenmerken
1. Algemeen
2. Gedragsregels
3. Opgelegd door een bevoegde overheid
4. Gedrag
5. Bevoegde overheid
6. Afdwingbaar
,1.2.1 ALGEMEEN
• Recht is algemeen en onpersoonlijk
• Logisch want anders zou het geen regel zijn
• Waarborg tegen willekeur
1.2.2 GEDRAGSREGELS
• Recht beoordeelt (uitwendig) gedrag van rechtssubjecten
• Recht regelt wat mensen doen niet wat mensen denken
• Gedachten zijn vrij tot ze zich veruitwendigen
Rechtssubjecten Rechtsobjecten
- Mensen: natuurlijke personen - Dieren, goederen etc.
- Door mensen gecreëerde juridische entiteiten - Geen juridische verantwoordelijkheid
= rechtspersonen - Geen procespartij
- Eigen vermogen
- Zelf aansprakelijk
1.2.3 OPGELEGD DOOR EEN BEVOEGDE OH
• Normatief: het verplicht je om dingen te doen of juist niet te doen
• Geboden = dingen die je moet doen (bv. ingrijpen anders schuldig verzuim)
• Verboden = dingen die je niet mag doen
• Maar wat verplicht het recht jou om te doen of te laten
o Inspanningsverbintenis
o Resultaatsverbintenis
Inspanningsverbintenis Resultaatsverbintenis
Recht gaat ervan uit dat beide partijen hun best Er wordt een fout begaan vanaf moment dat hij het
doen bij overeenkomst resultaat niet nagaat (je best doen is niet genoeg)
Hoe beoordelen Hoe beoordelen
- Meestal: hoe zou een voorzichtige & redelijke - obv. het resultaat
persoon gehandeld in gelijkaardige → is het resultaat er niet (of is het er niet) dan
omstandigheden bega je een fout
→ culpa levis in abstracto - tenzij overmacht
- Soms: hoe zou je met je eigen goed zijn → je kan er niet aan doen
omgegaan? Hoe resultaatsverbintenis herkennen
→ culpa levis in concreto 1. het is een duidelijk gebod / verbod
2. gebrek aan ‘aleatoir karakter’
→ gebrek aan onzekerheid
3. overeenkomst tussen partijen
bv. chirurg zegt ‘ik heb er alles aan gedaan’ bv. chirurg geen materiaal vergeten in de patiënt
1.2.4 AFDWINGBAAR
• iedereen geacht de wet te kennen, onwetendheid is geen excuus voor het overtreden van een rechtsregel
• recht trekt recht wat krom is: afdwingingsnormen geven de voorkeur aan rechtsherstel
o bij onrechtmatige daad
o bij overeenkomst
o bij relatie met de overheid
• soms is er ook schadeherstel nodig
o fout → rechtsherstel oorzakelijk verband
o schade → schadeherstel
,beteugende sancties: publieke straffen
• soms nodig
• straf 1: repressieve vrijheidsberoving
o niet elke vrijheidsberoving is een straf
o de OH is de enige instantie die mag straffen, burgers mogen elkaar niet straffen
o bv. gesloten terugkeercentra, gedwongen opname, internering…
• straf 2: vermogensrechtelijke straffen (bv. boete)
beteugende sancties: private straffen: kan niet in principe
1.3 SUBJECTIEF RECHT
Subjectief recht = rechtsfeit + objectief recht
1.4 OPDELING VAN HET RECHT
• Nationaal – internationaal – supranationaal
• Publiekrecht – privaatrecht
1.4.1 NATIONAAL – INTERNATIONAAL – SUPRANATIONAAL
Nationaal recht = recht dat gemaakt wordt in Belgische parlementen
• de regel
• internationaal werkt niet als de nationale actor niet wilt meewerken
Internationaal recht = recht dat gemaakt wordt op het internationale toneel
• eerder uitzonderingen
• bv. om te vermijden dat mensen 2x belast worden
• bv. mensenrechtenverdragen = verdragen waarin lidstaten afspreken dat ze de rechten van hun burgers
respecteren
• wat is het verschil tussen internationaal & supranationaal recht?
o Supranationaal (bv. EU)
o Organen die eigen wetten (recht) kunnen maken
o Overtreffende trap van internationaal recht
1.4.2 PRIVAAT – PUBLIEK
Summa divisio = hoofdindeling van het recht; privaat >< publiek
Privaatrecht Publiekrecht
= omvat de normen die de particuliere belangen = normen die het algemeen belang nastreven
betreffen en relaties tussen personen regelen
- Horizontale relatie - relatie tussen burger & (organisatie) van de OH
- bv. relatie tussen mijn en mijn bakker - bv. contract met FOD justitie als
- vooral dwingend recht overheidsopdrachtenwet
- Burgerlijk recht - strafrecht
Kenmerk: verhouding van ondergeschiktheid tussen Kenmerk: verhouding van gelijkheid tussen personen
OH – personen (burgers)
Bij overtreding zal de OH zelf het initiatief nemen om Bij overtreding zal persoon waarvan subjectieve
overtreding te sanctioneren (dwang) rechten zijn geschonden initiatief moeten nemen
, Belang van onderscheid
1. dwingend karakter publiekrecht
2. eenzijdige karakter publiekrecht
3. zwaardere verplichtingen in publiekrecht
4. OH neemt zelf initiatief om normenschending af te dwingen
E Nationaal Internationaal
U Publiek - Grondwettelijk recht - Internationaal publiekrecht
R - Administratief recht / bestuursrecht - Volkerenrecht
O - Strafrecht
P - Fiscaal recht
E Privaat - Burgerlijk recht - Internationaal privaatrecht
E - Ondernemingsrecht
S - Goederenrecht
- Verbintenissenrecht bijzondere
R overeenkomsten
E - Familiaal vermogensrecht
C - Personen- & familierecht
H Gemengd - Sociaal recht
T - Economisch recht
1. ALGEMEEN; OBJECTIEF >< SUBJECTIEF RECHT
1.1 WAT IS HET VERSCHIL
Objectief recht Subjectief recht
Het recht Mijn recht
= Het geheel van algemene gedragsregels opgelegd = De individualisering van de rechtsregel. Het is de
door een daartoe bevoegde overheid, die de aanspraak die een persoon ten aanzien van andere
ordening van het maatschappelijk leven beogen en personen aan het objectief recht ontleent.
waarvan de naleving afdwingbaar is.
- Bevoegde OH nodig: komt uit een parlement of - Individualisering van de rechtsregels
van bij een minister met mandaat door - ‘waar je recht op hebt’
parlement Keuze (bv. om abonnement bij Basic Fit op te
- Doel: ordenen zeggen dan ben je verlost van alle rechtsregels)
- Algemene gedragsregels
- Afdwingbaar (bij niet naleven)
Geen keuze, je kiest niet of je eronder valt of
niet
Administratieve rechtscolleges Gewone hoven & rechtbanken
- Objectief contentieux - Subjectief contentieux
- Jij versus de overheid - Jij versus andere burgers
→ want het is de OH die het recht maakt - Jij versus de overheid
→ wanneer de OH het recht niet goed heeft
toegepast heb je een geschil met OH maar dan
subjectief
voorbeelden voorbeelden
- gemeente volgt regels niet bij benoemen - je werkgever betaalt je niet
ambtenaar - je aannemer verdwijnt met de noorderzon
- gemeente stelt parkeerregelement op dat in - je krijgt je pensioen niet
strijd is met de wet - je bent mishandeld & wilt een schadevergoeding
- gemeente legt niet uit waarom mijn
bouwaanvraag geweigerd wordt
Relatie tot de OH: in welke mate heeft de OH beslissingsmacht
Gebonden bevoegdheid Discretionaire bevoegdheid
Wat: het recht zegt wat de OH moet doen wanneer Wat: het recht geeft de OH wanneer aan alle
alle voorwaarden vervuld zijn voorwaarden voldaan is nog 1 beleidsvrijheid
subjectief recht geen subjectief recht
OH-optreden kan marginaal getoetst worden
bv. gehandicaptenkaart: OH moet je die kaart geven bv. bouwvergunning: de OH moet het je niet persé
dus je hebt er recht op geven
1.2 OBJECTIEF RECHT
6 kenmerken
1. Algemeen
2. Gedragsregels
3. Opgelegd door een bevoegde overheid
4. Gedrag
5. Bevoegde overheid
6. Afdwingbaar
,1.2.1 ALGEMEEN
• Recht is algemeen en onpersoonlijk
• Logisch want anders zou het geen regel zijn
• Waarborg tegen willekeur
1.2.2 GEDRAGSREGELS
• Recht beoordeelt (uitwendig) gedrag van rechtssubjecten
• Recht regelt wat mensen doen niet wat mensen denken
• Gedachten zijn vrij tot ze zich veruitwendigen
Rechtssubjecten Rechtsobjecten
- Mensen: natuurlijke personen - Dieren, goederen etc.
- Door mensen gecreëerde juridische entiteiten - Geen juridische verantwoordelijkheid
= rechtspersonen - Geen procespartij
- Eigen vermogen
- Zelf aansprakelijk
1.2.3 OPGELEGD DOOR EEN BEVOEGDE OH
• Normatief: het verplicht je om dingen te doen of juist niet te doen
• Geboden = dingen die je moet doen (bv. ingrijpen anders schuldig verzuim)
• Verboden = dingen die je niet mag doen
• Maar wat verplicht het recht jou om te doen of te laten
o Inspanningsverbintenis
o Resultaatsverbintenis
Inspanningsverbintenis Resultaatsverbintenis
Recht gaat ervan uit dat beide partijen hun best Er wordt een fout begaan vanaf moment dat hij het
doen bij overeenkomst resultaat niet nagaat (je best doen is niet genoeg)
Hoe beoordelen Hoe beoordelen
- Meestal: hoe zou een voorzichtige & redelijke - obv. het resultaat
persoon gehandeld in gelijkaardige → is het resultaat er niet (of is het er niet) dan
omstandigheden bega je een fout
→ culpa levis in abstracto - tenzij overmacht
- Soms: hoe zou je met je eigen goed zijn → je kan er niet aan doen
omgegaan? Hoe resultaatsverbintenis herkennen
→ culpa levis in concreto 1. het is een duidelijk gebod / verbod
2. gebrek aan ‘aleatoir karakter’
→ gebrek aan onzekerheid
3. overeenkomst tussen partijen
bv. chirurg zegt ‘ik heb er alles aan gedaan’ bv. chirurg geen materiaal vergeten in de patiënt
1.2.4 AFDWINGBAAR
• iedereen geacht de wet te kennen, onwetendheid is geen excuus voor het overtreden van een rechtsregel
• recht trekt recht wat krom is: afdwingingsnormen geven de voorkeur aan rechtsherstel
o bij onrechtmatige daad
o bij overeenkomst
o bij relatie met de overheid
• soms is er ook schadeherstel nodig
o fout → rechtsherstel oorzakelijk verband
o schade → schadeherstel
,beteugende sancties: publieke straffen
• soms nodig
• straf 1: repressieve vrijheidsberoving
o niet elke vrijheidsberoving is een straf
o de OH is de enige instantie die mag straffen, burgers mogen elkaar niet straffen
o bv. gesloten terugkeercentra, gedwongen opname, internering…
• straf 2: vermogensrechtelijke straffen (bv. boete)
beteugende sancties: private straffen: kan niet in principe
1.3 SUBJECTIEF RECHT
Subjectief recht = rechtsfeit + objectief recht
1.4 OPDELING VAN HET RECHT
• Nationaal – internationaal – supranationaal
• Publiekrecht – privaatrecht
1.4.1 NATIONAAL – INTERNATIONAAL – SUPRANATIONAAL
Nationaal recht = recht dat gemaakt wordt in Belgische parlementen
• de regel
• internationaal werkt niet als de nationale actor niet wilt meewerken
Internationaal recht = recht dat gemaakt wordt op het internationale toneel
• eerder uitzonderingen
• bv. om te vermijden dat mensen 2x belast worden
• bv. mensenrechtenverdragen = verdragen waarin lidstaten afspreken dat ze de rechten van hun burgers
respecteren
• wat is het verschil tussen internationaal & supranationaal recht?
o Supranationaal (bv. EU)
o Organen die eigen wetten (recht) kunnen maken
o Overtreffende trap van internationaal recht
1.4.2 PRIVAAT – PUBLIEK
Summa divisio = hoofdindeling van het recht; privaat >< publiek
Privaatrecht Publiekrecht
= omvat de normen die de particuliere belangen = normen die het algemeen belang nastreven
betreffen en relaties tussen personen regelen
- Horizontale relatie - relatie tussen burger & (organisatie) van de OH
- bv. relatie tussen mijn en mijn bakker - bv. contract met FOD justitie als
- vooral dwingend recht overheidsopdrachtenwet
- Burgerlijk recht - strafrecht
Kenmerk: verhouding van ondergeschiktheid tussen Kenmerk: verhouding van gelijkheid tussen personen
OH – personen (burgers)
Bij overtreding zal de OH zelf het initiatief nemen om Bij overtreding zal persoon waarvan subjectieve
overtreding te sanctioneren (dwang) rechten zijn geschonden initiatief moeten nemen
, Belang van onderscheid
1. dwingend karakter publiekrecht
2. eenzijdige karakter publiekrecht
3. zwaardere verplichtingen in publiekrecht
4. OH neemt zelf initiatief om normenschending af te dwingen
E Nationaal Internationaal
U Publiek - Grondwettelijk recht - Internationaal publiekrecht
R - Administratief recht / bestuursrecht - Volkerenrecht
O - Strafrecht
P - Fiscaal recht
E Privaat - Burgerlijk recht - Internationaal privaatrecht
E - Ondernemingsrecht
S - Goederenrecht
- Verbintenissenrecht bijzondere
R overeenkomsten
E - Familiaal vermogensrecht
C - Personen- & familierecht
H Gemengd - Sociaal recht
T - Economisch recht