Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Ontwikkelingsbiologie (BMLOWB34)

Note
-
Vendu
-
Pages
61
Publié le
26-06-2025
Écrit en
2024/2025

Samenvatting van complete lesstof van ontwikkelingsbiologie (BMLOWB34).

Établissement
Cours











Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
H46.1, h9.5, h46.2, h49.2, h18.4, h46.3, h20.6, h41.3, h19.3
Publié le
26 juin 2025
Fichier mis à jour le
28 juin 2025
Nombre de pages
61
Écrit en
2024/2025
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Samenvatting Ontwikkelingsbiologie
Inhoudsopgave
Week 1-6: Algemene informatie .........................................................................................................2

Week 1-2: Organismen .....................................................................................................................5

Week 1: Bevruchting ....................................................................................................................... 14

Week 1: Model organisme, Bevruchting en Celklieving ...................................................................... 19

Week 2: Gastrulatie en Organogenese ............................................................................................. 28

Week 3: Cell-fate, determinatie-differentiatie en patroonvorming ...................................................... 37

Week 4: Evo-Devo .......................................................................................................................... 46

Week 5: Klonen, stamcellen en transgenese .................................................................................... 52




Pagina 1

,Week 1-6: Algemene informatie
• Ontwikkelingsbiologie: onderzoekt hoe organismen zich ontwikkelen van één enkele
cel tot een volledig functionerend individu, met aandacht voor normale én abnormale
(patho)fysiologie.
o Preformatie: theorie die ervan uitgaat dat organismen zich ontwikkelen uit een
miniatuurversie van zichzelf.
o Epigenese (Neoformatie): theorie die ervan uitgaat dat een organisme zich
ontwikkelt uit een ongedifferentieerde celmassa gedurende een serie van
stappen/stadia waarin nieuwe onderdelen worden gevormd.
• Stadia bij de embryonale ontwikkeling.
▪ Bevruchting: fusie van spermacel en eicel, leidt tot diploïde zygote.
▪ Celklieving: ontwikkeling tot meercellig embryo.
▪ Gastrulatie: ontwikkeling tot meerlagig embryo.
▪ Organogenese: aanleg van rudimentaire organen.
▪ Patroonvorming: het proces waarbij cellen zich ruimtelijk organiseren
om structuren in een organisme te vormen.
▪ Determinatie: het vastleggen van de toekomstige functie van een cel,
zonder dat deze al veranderd is.
▪ Differentiatie: het proces waarbij een cel zich ontwikkelt tot een
gespecialiseerde cel met een specifieke functie.
• Verschil in embryonale ontwikkeling tussen organismen.
o Overeenkomsten in vroege ontwikkeling.
▪ Embryo’s van verschillende gewervelde dieren lijken sterk op elkaar in de
vroege stadia.
▪ Dit wijst op een gedeelde evolutionaire oorsprong.
o Belang voor de ontwikkelingsbiologie.
▪ Ondersteunt het idee van gemeenschappelijke afstamming.
▪ Laat zien hoe vergelijkbare ontwikkelingsprocessen leiden tot
verschillende eindvormen.
▪ Embryologie helpt bij het begrijpen van evolutionaire relaties.
o Wetenschappelijke discussie.
▪ De oorspronkelijke tekeningen van Haeckel zijn bekritiseerd vanwege
overdrijving.
▪ Moderne technieken tonen zowel overeenkomsten als verschillen.
▪ De discussie benadrukt het belang van nauwkeurigheid en interpretatie
in de wetenschap.
• Modelorganisme: organismen die gebruikt worden als model voor het medisch- en
biologisch onderzoek.
o Belangrijke criteria.
▪ Homologie met de mens.
▪ Korte generatie- of levenscyclus.
▪ Gemakkelijk te kweken en onderhouden.
▪ Goedkoop.
▪ Makkelijk genetisch te manipuleren.

Pagina 2

, ▪ Transparant embryo en duidelijke ontwikkeling.
▪ Veel bestaande kennis en hulpmiddelen.
▪ Ethiek en regelgeving.
o Veelgebruikte modelorganismen.
▪ Zee-egel (stekelhuidigen).
▪ C. elegans (nematoden).
▪ Fruitvlieg (insecten).
▪ Kikker (amfibieën).
▪ Kip (vogels).
▪ Muis (zoogdieren).
• Mitose vs. meiose.
o Mitose: 2n → 2n.
o Meiose: 2n → 1n.
• Activatie eicel: cruciale rol voor toename Ca2+ in cytosol.
o Toename celademhaling (respiratie) en eiwitsynthese.
o Snelle verandering in metabolisme.
o Eiwitten en mRNA nodig voor activatie (al aanwezig in eicel).
o Fusie sperma- en eicelkern, leidt tot celdeling.
• Gastrulatie (algemeen)
o Blastula → gastrula: reorganisatie tot drielagens structuur.
o Diploblast (bv. Cnidaria): alleen ectoderm en endoderm, één opening
(blastopore) → simpel lichaamsschema.
o Triploblast (bv. alle hier beschreven soorten): extra mesodermlaag → complexere
weefsels/orgaanontwikkeling.
o Protostomen (insecten, nematoden, mollusken): blastopore → mond, anus
ontstaat later.
o Deuterostomen (stekelhuidigen, chordaten): blastopore → anus, mond ontstaat
later.
• Extra-embryonale membranen (amnioten)
o Amnion: vloeibare omgeving beschermt embryo tegen deshydratatie.
o Chorion: buitenste membraan, gasuitwisseling (vb. placenta bij zoogdieren).
o Allantoïs: afvalopslag, later transport tubule naar placenta.
o Dooierzak: voeding (bij reptielen/vogels), bron hematopoëse (bij zoogdieren
laatst).
• Vorming neurale buis en somieten.
o Neurale buis (neurulatie): neurale plaat (ectoderm) rolt op tot buis → centrale
zenuwstelsel.
o Neurale lijst: cellen aan zijkanten neurale plaat migreren later → PNS,
melanocyten, craniofaciale structuren.
o Somieten: paraxiale mesoderm segmentatie → wervels, skeletspieren, dermis;
dorsale aan tangentiale migratie.
• Cytoskelet en celmigratie.
o Cytoskelet: microtubuli en microfilamenten (actine) herorganiseren om cellen
van vorm te doen veranderen en te migreren.


Pagina 3

, o Convergente extensie: cellen worden langer en smaller, strekken in richting van
embryonale as (bijv. kip, kikker epi- en mesoderm).
o Celmigratie: gebruik van celadhesiemoleculen (cadherines, integrines) en ECM
(fibronectine, laminine) om door embryonale matrix te bewegen.
• Apoptose (geprogrammeerde celdood).
o Essentieel voor embryonale vormgeving (bijv. vingers vrijmaken, weefsels
remodelleren).
o Passages: activatie van caspases (CED-3/4/9 in C. elegans, caspase-9/3 in
zoogdieren).
o Uitgelokt door signaal (‘death-receptor’-pathway) of intracellulaire stress
(mitochondriale cytochroom C-release).
o Voorbeeld: interdigitale apoptose vormt losse vingers en tenen.




Pagina 4
€6,50
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
stijnkasteren

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
stijnkasteren Hogeschool Rotterdam
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
0
Membre depuis
5 année
Nombre de followers
0
Documents
1
Dernière vente
-

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions