Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Notes de cours

Uitgebreide hoorcollege aantekeningen van hoorcollege 4 + stof uit het boek (zelf een 9 gehaald voor het tentamen)

Note
-
Vendu
-
Pages
21
Publié le
25-06-2025
Écrit en
2024/2025

College nagenoeg woord voor woord overgenomen en aangevuld met stof uit het boek + secundair voorgeschreven literatuur

Établissement
Cours










Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
25 juin 2025
Nombre de pages
21
Écrit en
2024/2025
Type
Notes de cours
Professeur(s)
Prof. mr. dr. c.m.d.s. (charlotte) pavillon
Contient
Hoorcollege 4

Sujets

Aperçu du contenu

Hoorcollege 4: Kwalitatieve aansprakelijkheid voor personen

1 Inleiding
Het college wordt gestart met een krantenartikel. In het krantenartikel is een stuk geschreven over een schilderij dat een
waarde heeft van 40 tot 50 miljoen en is bekrast door een peuter (een kind van twee tot drie jaar). Vragen die worden
opgeworpen door de docent zijn:
Wie is aansprakelijk voor de geleden schade en wie gaat de restauratiekosten betalen van het schilderij? Kan je de peuter zelf
aanspreken?
Dan moeten we ons afvragen (als de vraag überhaupt positief wordt beantwoord) of dit wel handig is. Een peuter heeft immers
geen loon, geen spaargeld of ander vermogen (zoals een woning) waar je beslag op kan leggen . Er is dus eigenlijk niks te
halen. Wat is de rol van een verzekering?

De docent geeft ten aanzien van de verzekering een voorbeeld:
Je gaat stappen in Groningen en je wordt tijdens het uitgaan mishandeld. Deze mishandeling heeft hersenletsel tot gevolg. Vaststaat dat
je niet meer verder kan studeren en ook niet meer kan werken. Je wilde advocaat worden, maar dit is niet meer mogelijk. Je zit thuis met
een uitkering. Dan mis je nogal wat inkomsten de rest van je leven. Je zou zonder dat incident een prachtige carrière hebben gehad bij
een advocatenkantoor op de Zuidas met tonnen aan salaris en nu zit je in de bijstand.

Dan heb je wel een aansprakelijke partij, want degene die je heeft mishandeld heeft een OD gepleegd. Wat als de aansprakelijke geen
vermogen heeft waarop je je kan verhalen? Met andere woorden, de aansprakelijke partij is een ‘kale kip’ en zoals we weten kan je van
een kale kip niet plukken. Wat dan? Je hebt wel schade (en er staat vast dat de dader aansprakelijk is), maar er is niemand die je de
schade kan vergoeden. Dan draag je nog steeds je eigen schade...

Daarom zien we in de wereld van de letselschade de rol van de verzekeraars. Indien de aansprakelijke partij verzekerd is,
dan moet de verzekeraar de geleden schade aan de benadeelde vergoeden.

De heer Kolder merkt op dat hij als advocaat ook erg blij is indien er een aansprakelijke partij is die ook
is verzekerd. De verzekering beschermt namelijk niet alleen de dader (hij immers verzekert en hoeft de schade niet uit eigen zak te
betalen), maar ook de benadeelde partij wordt door de verzekeraar beschermd (de verzekeraar keert immers aan het slachtoffer
uit).

Dan gaan we weer terug naar het krantenartikel over het schilderij. De heer Kolder merkt op dat je mag hopen de ouders
verzekerd zijn, omdat de restauratie tonnen kan kosten. Zo niet, dan moet je uit eigen zak de schade betalen.
 In deze zaak gaat het dan om zaakschade, maar het kan net zo goed gaan om personenschade (letselschade).
 Denk aan kinderen die aan het knikkeren zijn op het schoolplein en er rollen wat knikkers in een put. Het ene kind
tilt de putdeksel omhoog en het andere kind probeert de knikkers uit de put te halen. Op dat moment laat het ene
kind de putdeksel vallen met letsel tot gevolg. Wie is hiervoor aansprakelijk?

2 Kwalitatieve aansprakelijkheid
Waar we in de vorige colleges stilstonden bij aansprakelijkheid voor eigen foutief gedrag, behelst kwalitatieve
aansprakelijkheid de aansprakelijkheid in hoedanigheid (kwaliteit), zonder dat de aansprakelijkheid hoeft te worden
herleid tot eigen ‘foutief’ gedrag van degene op wie de aansprakelijkheid rust.

Het verschil, zoals net al is aangestipt, zit hem in het verschil dat bij kwalitatieve aansprakelijkheid je aansprakelijk wordt
gesteld, terwijl je NIET zelf het schade brengende feit hebt gepleegd. Je staat in een bepaalde kwaliteit tot een persoon of
zaak en door die kwaliteit kan je aansprakelijk worden gesteld.
 Vanwege die kwaliteit loop je het risico om aansprakelijk gesteld te worden; vandaar dat kwalitatieve
aansprakelijkheid ook wel risicoaansprakelijkheid wordt genoemd.
 De kwalitatieve aansprakelijkheden zijn limitatief bij wet geregeld. Dit houdt in dat je ze NIET zelf kan
verzinnen.

Je kan binnen de kwalitatieve aansprakelijkheid onderscheid maken tussen:
a. kwalitatieve aansprakelijkheid voor personen (art. 6:169 tot en met art. 6:172 BW); en
b. kwalitatieve aansprakelijkheid voor zaken (art. 6:173 tot en met art. 6:184 BW).

We kennen de volgende kwalitatieve aansprakelijkheden voor personen:
 de kwalitatieve aansprakelijkheid voor schadeveroorzakende kinderen (art. 6:169 BW);
 de kwalitatieve aansprakelijkheid voor schadeveroorzakende ondergeschikten (art. 6:170 BW);
 de kwalitatieve aansprakelijkheid voor schadeveroorzakende zelfstandige opdrachtnemers (art. 6:171 BW); en
 de kwalitatieve aansprakelijkheid voor schadeveroorzakende vertegenwoordigers (art. 6:172 BW).

Voordat we ingaan op de kwalitatieve aansprakelijkheden voor personen, kijken we eerst even naar de algemene
achtergrond van de kwalitatieve aansprakelijkheden. Want waarom hebben we ze nu eigenlijk?

1

, Je kan bij jezelf denken, we hebben art. 6:162 BW, is dat niet voldoende?
Toen de wetgever de kwalitatieve aansprakelijkheden in het leven heeft geroepen, was de gedachte om de benadeelde (het
slachtoffer) een handje te helpen. Als je namelijk alleen maar de mogelijkheid zou hebben om iemand aansprakelijk te
stellen op grond van fout van iemand, dan zou je er als benadeelde er nog wel eens bekaaid van af kunnen komen.

Denk bijvoorbeeld aan een gebouw dat instort en een voorbijganger schade oploopt, dan moet dit slachtoffer via de weg van de
OD van art. 6:162 BW uitzoeken wie een verwijt wordt getroffen.
Is dit de aannemer die een fundering niet goed heeft gebouwd of de elektricien die een leiding niet goed heeft aangelegd? Dit is
dus niet te doen voor de benadeelde en daarom heeft de wetgever de kwalitatieve aansprakelijkheid in het leven geroepen; in casu
zou de bezitter van de opstal moeten betalen.

Met andere woorden, het enkele afwentelingsmechanisme om iemand aansprakelijk te stellen op grond van
art. 6:162 BW werkt NIET altijd bevredigend. Het zijn extra aansprakelijkheden boven op de aansprakelijkheid van de
OD.

De heer Kolder bespreekt allemaal gronden die de wetgever heeft genoemd voor de rechtvaardiging van het creëren van de
kwalitatieve aansprakelijkheid (denk o.a. aan de opspoorbaarheid, de profijttheorie en mogelijkheid tot verzekeren).

Er wordt ook stil gestaan bij de preventieve werking, waarbij de lijn wort getrokken met de kwalitatieve
aansprakelijkheid voor gevaarlijke stoffen (art. 6:175 BW). Hierbij wordt een voorbeeld gegeven van een
benzinepompstation dat opeens ontploft en voorbijgangers ernstige brandwonden oploopt. In zo’n geval kijken we naar art.
6:175 BW, omdat benzine/diesel een gevaarlijke stof is.

Van benzine/diesel is bekend dat het een licht ontvlambare/explosieve stof is kan dus een bijzonder gevaar van ernstige aard voor
personen of zaken opleveren.
Als dat gevaar zich verwezenlijkt, dan is de bedrijfsmatige gebruiker aansprakelijk. Deze aansprakelijkheid gaat heel ver; het
gevaar hoeft zich maar te verwezenlijken en er moet betaald worden. Er is eigenlijk geen escape voor die benzinepomphouder. De
gedachte van de werkgever hierachter is dat als we die aansprakelijkheid zo strikt maken, dan doe je er wel alles aan om te
voorkomen dat er een ontploffing ontstaat. Je gaat dan enorm je best doen om hiervoor preventieve maatregelen te nemen.

1 Kwalitatieve aansprakelijkheid voor schadeveroorzakende kinderen (art. 6:169 BW)
De kwalitatieve aansprakelijkheid voor ouders is geregeld in art. 6:169 BW. De reden waarom de mogelijkheid bestaat
om ouders exclusief aansprakelijk te stellen (lid 1), dan wel medeaansprakelijk te stellen (lid 2), ligt gelegen in de
gedachte dat jij een kind wilt en een kind verricht nu eenmaal risicovolle en ondoordachte handelingen.
 Als ouders zijnde moet je dan ook het risico dragen voor eventuele schade die door jouw kind is veroorzaakt.

Kinderen tot en met 13 jaar kunnen NIET zelf aansprakelijk worden gesteld ex art. 6:164 BW. Een kind tot en met 13 jaar
kan wel een onrechtmatige gedraging verrichte, maar deze kan NIET aan hem of haar worden toegerekend.

We zien dan ook in art. 6:169 BW een tweedeling, te weten:
a. kinderen tot 14 jaar (ofwel kinderen van 0 jaar tot en met 13 jaar), wat is geregeld in lid 1; en
b. kinderen van 14 jaar tot 16 jaar (ofwel kinderen van 14 jaar en 15 jaar), wat is geregeld in lid 2.

Lid 1 – schade aangebracht door kinderen tussen de nul jaar en dertien jaar
De wettekst van art. 6:169 lid 1 BW luidt als volgt:
Voor schade aan een derde toegebracht door een als een doen te beschouwen gedraging van een kind dat nog niet de leeftijd van
veertien jaren heeft bereikt en aan wie deze gedraging als een onrechtmatige daad zou kunnen worden toegerekend als zijn leeftijd
daaraan niet in de weg zou staan, is degene die het ouderlijk gezag of de voogdij over het kind uitoefent, aansprakelijk.

We zien hier allemaal belangrijke bestanddelen terugkomen die je moet langslopen om vast te stellen of sprake is van
kwalitatieve aansprakelijkheid op grond van art. 6:169 lid 1 BW.

De leeftijd
Om te beginnen altijd eerst op het tentamen eerst goed kijken wat de leeftijd van het kind is. De docent gaf aan dat het
moment waarop het schadeveroorzakende feit zich voordoet, bepalend is:

Dus ook al duurt een proces meer dan tien jaar en is het kind bij het einde van het proces 23 jaar (maar ten tijde van het
schadebrengende feit 13 jaar), dan kan de benadeelde de ouders kwalitatief aansprakelijk stellen. Wel dient altijd, ongeacht of het
een kwalitatieve aansprakelijkheid is, rekening gehouden te worden met verval- en verjaringstermijnen.

Is het kind 14 jaar of 15 jaar, dan zitten we in lid 2 waarover zo meer. In dat geval zijn de ouders ook NIET exclusief
aansprakelijk, maar kunnen zij medeaansprakelijk worden gesteld.


2

, 3
€6,49
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
rutgergvo

Document également disponible en groupe

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
rutgergvo Rijksuniversiteit Groningen
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
0
Membre depuis
5 année
Nombre de followers
0
Documents
7
Dernière vente
-

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions