Hoorcollege 1
1 Inleiding
We gaan het binnen dit vak hebben over de meerdere gronden waarop je iemand aansprakelijk kan stellen. Tevens gaan we
kijken naar het begrip ‘schade’ en hoe je schade vast stelt en begroot.
Zoals we weten beslaat het privaatrecht onder andere het goederenrecht en het verbintenissenrecht. Het verbintenissenrecht
heeft twee belangrijke sub gebieden, te weten:
1. het contractenrecht (waarover we hebben geleerd tijdens Burgerlijk Recht 2); en
2. het aansprakelijkheidsrecht (de onrechtmatige daad).
Bij dit vak gaan we kijken naar het tweede sub gebied. Hierbij is het belangrijk dat naast het volgen van de colleges, ook
de stof in het boek wordt gelezen.
2 Welkom bij Burgerlijk recht 3
Op de dia zien we een foto van de kinderen van de docent die bij een bord staan, dat is geplaatst op het terrein van de
Mekkemaborg. Op dit terrein staan allemaal bomen, zoals de informatie op het bord doet vermoeden, in slechte staat zijn
en een potentieel gevaar vormen op het moment dat het slecht weer is.
NB De vraag is nu, hoe moeten we dit bord juridisch duiden?
Is dit als het ware een waarschuwingsbord of een voorzorgsmaatregel? Mogelijk gaat er bij de
term voorzorgsmaatregel een lampje branden t.a.v. het Kelderluik arrest: ‘Welke
voorzorgsmaatregelen konden er genomen worden?’
Voor vandaag hebben we het Jetblast arrest moeten bestuderen. We komen nog uitgebreid
terug op de inhoud van dit arrest, maar het volgende is alvast belangrijk om te onthouden.
Als er een gevaar is, dan moet de waarschuwing effectief zijn.
Met andere woorden, de waarschuwing moet men zich aantrekken. Bij het Jetblast arrest zagen we juist dat de borden die
waren geplaatst bij het vliegveld niet de boodschap konden overbrengen.
De vraag is dan ook of dit bord de waarschuwing wel goed overbrengt.
Waarschuwt dit bord wel voldoende?
Stel dat je daar wandelt, het is windkracht 4/5 (dus niet heel hard, maar wel hard). Tijdens het lopen valt er een tak op je
met ernstig letsel tot gevolg. Zou je dat in deze situatie de Mekkemaborg aansprakelijk kunnen stellen? Dat is de vraag die
wij tijdens dit vak onder andere gaan beantwoorden.
Een ander voorbeeld in het dagelijkse leven waar aansprakelijkheidsrecht een rol speelt, is de casus van de blauwe bessen
van de Albert Heijn. Men werd na het consumeren van de blauwe bessen ziek. Sommige belanden zelfs in het ziekenhuis.
Er is in de gegeven casus dus schade geleden.
Toen dit was gebeurd waren er een aantal advocatenkantoren die een collectieve actie tegen de Albert Heijn wilden starten.
Sinds 2020 kunnen we in Nederland collectief schade vorderen; dit was tot 2020 niet het geval.
Nog steeds heeft Nederland een unieke positie binnen het proces van collectief schade vorderen. De wet die hierover gaat
heet WAMCA, ofwel de Wet afwikkeling massaschade in een collectieve actie.
Over deze wet is heel veel discussie, omdat men bang was dat er allemaal Amerikaanse praktijken zouden ontstaan. Denk
aan de zogenoemde ‘ambulance chasers’ die als er een ongeval is er als de kippen bij zijn.
Aan de andere kant gaat er veel geld naar advocatenkantoren die dit soort processen voeren. Niet alle schadevergoeding
komt uiteindelijk bij de gedupeerde terecht (immers doet een advocaat niet gratis zijn werk). Het vorderen van collectieve
schade is dus een verdienmodel.
Daarom zijn er hele zware ontvankelijkheidsgronden aan de WAMCA gekoppeld. Hierdoor zien we eigenlijk
dat het jaren kan duren voordat je voorbij het eerste gedeelte van de procedure komt.
Zoals we weten bestaat de WAMCA nu vijf jaar en is er dus nul euro uitgekeerd op grond van de WAMCA. Er komen
binnenkort dan ook meerdere publicaties waaruit blijkt dat de WAMCA eigenlijk niet zo goed werkt.
Er zitten veel te veel waarborgen in die voorkomen dat er opportunisme bestaat aan de kant van de claimende partij. De
WAMCA schiet zijn doel dus eigenlijk voorbij. We gaan zien of de wetgever hier iets tegen gaat doen.
1
, Een ander recent voorbeeld in het nieuws heeft te maken met het programma Spoorloos. Wat was er nu aan de hand? Er
waren geadopteerde kinderen gekoppeld aan het verkeerde gezin. Daar was dus ook sprake van potentieel
aansprakelijkheid van het programma c.q. van de omroep die het programma uitzendt.
De vraag hierbij is: Welke schade is dan geleden?
Zoals aan het begin van het college is verteld, gaan we tijdens dit vak ook uitgebreid stil staan bij de verschillende vormen
van schade.
Is hier vermogensschade geleden? Misschien wel als er families kosten hebben gemaakt om te reizen naar de
familie waar ze geen banden mee hebben.
In deze casus zal het voornamelijk gaan om emotionele schade. Dit is een vorm van immateriële schade.
Hier zien we mooi een verschil ten aanzien van de casus van de blauwe bessen. Daar zijn echt ziektekosten/
behandelingskosten (vermogensschade) gemaakt. Er zal wellicht sprake zijn van een vorm van immateriële schade, maar
het gaat met name om vermogensschade.
NB De docent wil duidelijk maken dat je maar de krant hoeft open te slaan of de NOS op je telefoon opent en
je komt aansprakelijkheidsrecht tegen.
We gaan bij dit vak dan ook na dat als schade verhaalt kan worden, op wie we dan die schade kunnen/moeten verhalen?
Eén van de uitgangspunten binnen het aansprakelijkheidsrecht is dat iedereen zijn eigen schade draagt, TENZIJ er een
afwentelingsmechanisme is.
Dus als het aansprakelijkheidsrecht zegt dat de schade verplaatst moet worden, dan draag je NIET je eigen
schade, maar moet iemand anders de schade vergoeden.
Een voorbeeld wat ieder jaar wordt aangehaald is het keukentrapje: je wilt iets van de bovenste plank pakken, stapt op het
keukentrapje en dan val je eraf met rugletsel tot gevolg. Kunnen we dan de trapfabrikant of je huisgenoot die het kopje zo
hoog in de kast heeft gezet aansprakelijk stellen?
Nee, dit is een voorbeeld waarvan het aansprakelijkheidsrecht zegt dat je de gelede schade niet afwentelen op
iemand anders. Met andere woorden, je moet je eigen schade dragen.
Als we het dan hebben over schadeveroorzakers, maken we dan ook onderscheid tussen particulieren en professionele
partijen. Maakt het uit in welke context schade is veroorzaakt? Moet een bedrijf altijd verwijtbaar handelen om
aansprakelijk te zijn of is daar sprake van een grotere risico factor (dus dat er niet per se sprake hoeft te zijn van schuld).
Ook gaan we kijken naar de aansprakelijkheid van overheidsorganisaties. Hoe zit het daarmee en heeft de overheid ook
een bepaalde zorgplicht? Geldt er een bepaalde aansprakelijkheidsdrempel? Heeft de overheid een verhoogde zorgplicht
ten opzichte van particulieren en/of bedrijven of is deze maatstaf hetzelfde?
Verder gaan we kijken naar de rol van veiligheidsmaatregelen en waarschuwingsborden. Zoals we aan het begin van het
college al hebben besproken, speelt het Jetblast
arrest hierin een belangrijke rol.
We gaan ook in op de situatie waarbij iemand zichzelf
blootstelt aan een bepaald risico. Sommige mensen
zoeken het gevaar zelf op. Te denken valt aan iemand
die gaat bungeejumpen.
Stel dat het touw niet goed vastzit, dan is het wel vrij
duidelijk. Hoe zit het als bij het bungeejumpen heel
veel uitleg is gegeven over wat iemand wel/niet mag doen en iemand zich alsnog niet aan de regels houdt.
Met andere woorden, wat zijn de gevolgen van een eigen bijdrage aan een schadeveroorzakende gebeurtenis?
Waar wordt de schade dan verdisconteerd? Wordt dat bij de aansprakelijkheidsstelling gedaan of halen we een
stukje van de schadevergoeding af?
Ook staan we stil bij de vraag of een bijstander die een OD ziet gebeuren recht heeft op schadevergoeding. Stel dat een
kind aan het spelen is op de weg en een auto dat kind helemaal aan diggelen rijdt. De moeder van het kind ziet gebeuren
hoe haar kind uit elkaar spat. Ook valt te denken aan de bijstander van een misdrijf die door het hele feit slecht slaapt.
Heeft de dader dan onrechtmatig gehandeld jegens de bijstander? Kan de bijstander schadevergoeding vorderen? De
mensen die al een beetje in het aansprakelijkheidsrecht zitten, zullen gelijkenissen zien met het Taxibus arrest.
2
1 Inleiding
We gaan het binnen dit vak hebben over de meerdere gronden waarop je iemand aansprakelijk kan stellen. Tevens gaan we
kijken naar het begrip ‘schade’ en hoe je schade vast stelt en begroot.
Zoals we weten beslaat het privaatrecht onder andere het goederenrecht en het verbintenissenrecht. Het verbintenissenrecht
heeft twee belangrijke sub gebieden, te weten:
1. het contractenrecht (waarover we hebben geleerd tijdens Burgerlijk Recht 2); en
2. het aansprakelijkheidsrecht (de onrechtmatige daad).
Bij dit vak gaan we kijken naar het tweede sub gebied. Hierbij is het belangrijk dat naast het volgen van de colleges, ook
de stof in het boek wordt gelezen.
2 Welkom bij Burgerlijk recht 3
Op de dia zien we een foto van de kinderen van de docent die bij een bord staan, dat is geplaatst op het terrein van de
Mekkemaborg. Op dit terrein staan allemaal bomen, zoals de informatie op het bord doet vermoeden, in slechte staat zijn
en een potentieel gevaar vormen op het moment dat het slecht weer is.
NB De vraag is nu, hoe moeten we dit bord juridisch duiden?
Is dit als het ware een waarschuwingsbord of een voorzorgsmaatregel? Mogelijk gaat er bij de
term voorzorgsmaatregel een lampje branden t.a.v. het Kelderluik arrest: ‘Welke
voorzorgsmaatregelen konden er genomen worden?’
Voor vandaag hebben we het Jetblast arrest moeten bestuderen. We komen nog uitgebreid
terug op de inhoud van dit arrest, maar het volgende is alvast belangrijk om te onthouden.
Als er een gevaar is, dan moet de waarschuwing effectief zijn.
Met andere woorden, de waarschuwing moet men zich aantrekken. Bij het Jetblast arrest zagen we juist dat de borden die
waren geplaatst bij het vliegveld niet de boodschap konden overbrengen.
De vraag is dan ook of dit bord de waarschuwing wel goed overbrengt.
Waarschuwt dit bord wel voldoende?
Stel dat je daar wandelt, het is windkracht 4/5 (dus niet heel hard, maar wel hard). Tijdens het lopen valt er een tak op je
met ernstig letsel tot gevolg. Zou je dat in deze situatie de Mekkemaborg aansprakelijk kunnen stellen? Dat is de vraag die
wij tijdens dit vak onder andere gaan beantwoorden.
Een ander voorbeeld in het dagelijkse leven waar aansprakelijkheidsrecht een rol speelt, is de casus van de blauwe bessen
van de Albert Heijn. Men werd na het consumeren van de blauwe bessen ziek. Sommige belanden zelfs in het ziekenhuis.
Er is in de gegeven casus dus schade geleden.
Toen dit was gebeurd waren er een aantal advocatenkantoren die een collectieve actie tegen de Albert Heijn wilden starten.
Sinds 2020 kunnen we in Nederland collectief schade vorderen; dit was tot 2020 niet het geval.
Nog steeds heeft Nederland een unieke positie binnen het proces van collectief schade vorderen. De wet die hierover gaat
heet WAMCA, ofwel de Wet afwikkeling massaschade in een collectieve actie.
Over deze wet is heel veel discussie, omdat men bang was dat er allemaal Amerikaanse praktijken zouden ontstaan. Denk
aan de zogenoemde ‘ambulance chasers’ die als er een ongeval is er als de kippen bij zijn.
Aan de andere kant gaat er veel geld naar advocatenkantoren die dit soort processen voeren. Niet alle schadevergoeding
komt uiteindelijk bij de gedupeerde terecht (immers doet een advocaat niet gratis zijn werk). Het vorderen van collectieve
schade is dus een verdienmodel.
Daarom zijn er hele zware ontvankelijkheidsgronden aan de WAMCA gekoppeld. Hierdoor zien we eigenlijk
dat het jaren kan duren voordat je voorbij het eerste gedeelte van de procedure komt.
Zoals we weten bestaat de WAMCA nu vijf jaar en is er dus nul euro uitgekeerd op grond van de WAMCA. Er komen
binnenkort dan ook meerdere publicaties waaruit blijkt dat de WAMCA eigenlijk niet zo goed werkt.
Er zitten veel te veel waarborgen in die voorkomen dat er opportunisme bestaat aan de kant van de claimende partij. De
WAMCA schiet zijn doel dus eigenlijk voorbij. We gaan zien of de wetgever hier iets tegen gaat doen.
1
, Een ander recent voorbeeld in het nieuws heeft te maken met het programma Spoorloos. Wat was er nu aan de hand? Er
waren geadopteerde kinderen gekoppeld aan het verkeerde gezin. Daar was dus ook sprake van potentieel
aansprakelijkheid van het programma c.q. van de omroep die het programma uitzendt.
De vraag hierbij is: Welke schade is dan geleden?
Zoals aan het begin van het college is verteld, gaan we tijdens dit vak ook uitgebreid stil staan bij de verschillende vormen
van schade.
Is hier vermogensschade geleden? Misschien wel als er families kosten hebben gemaakt om te reizen naar de
familie waar ze geen banden mee hebben.
In deze casus zal het voornamelijk gaan om emotionele schade. Dit is een vorm van immateriële schade.
Hier zien we mooi een verschil ten aanzien van de casus van de blauwe bessen. Daar zijn echt ziektekosten/
behandelingskosten (vermogensschade) gemaakt. Er zal wellicht sprake zijn van een vorm van immateriële schade, maar
het gaat met name om vermogensschade.
NB De docent wil duidelijk maken dat je maar de krant hoeft open te slaan of de NOS op je telefoon opent en
je komt aansprakelijkheidsrecht tegen.
We gaan bij dit vak dan ook na dat als schade verhaalt kan worden, op wie we dan die schade kunnen/moeten verhalen?
Eén van de uitgangspunten binnen het aansprakelijkheidsrecht is dat iedereen zijn eigen schade draagt, TENZIJ er een
afwentelingsmechanisme is.
Dus als het aansprakelijkheidsrecht zegt dat de schade verplaatst moet worden, dan draag je NIET je eigen
schade, maar moet iemand anders de schade vergoeden.
Een voorbeeld wat ieder jaar wordt aangehaald is het keukentrapje: je wilt iets van de bovenste plank pakken, stapt op het
keukentrapje en dan val je eraf met rugletsel tot gevolg. Kunnen we dan de trapfabrikant of je huisgenoot die het kopje zo
hoog in de kast heeft gezet aansprakelijk stellen?
Nee, dit is een voorbeeld waarvan het aansprakelijkheidsrecht zegt dat je de gelede schade niet afwentelen op
iemand anders. Met andere woorden, je moet je eigen schade dragen.
Als we het dan hebben over schadeveroorzakers, maken we dan ook onderscheid tussen particulieren en professionele
partijen. Maakt het uit in welke context schade is veroorzaakt? Moet een bedrijf altijd verwijtbaar handelen om
aansprakelijk te zijn of is daar sprake van een grotere risico factor (dus dat er niet per se sprake hoeft te zijn van schuld).
Ook gaan we kijken naar de aansprakelijkheid van overheidsorganisaties. Hoe zit het daarmee en heeft de overheid ook
een bepaalde zorgplicht? Geldt er een bepaalde aansprakelijkheidsdrempel? Heeft de overheid een verhoogde zorgplicht
ten opzichte van particulieren en/of bedrijven of is deze maatstaf hetzelfde?
Verder gaan we kijken naar de rol van veiligheidsmaatregelen en waarschuwingsborden. Zoals we aan het begin van het
college al hebben besproken, speelt het Jetblast
arrest hierin een belangrijke rol.
We gaan ook in op de situatie waarbij iemand zichzelf
blootstelt aan een bepaald risico. Sommige mensen
zoeken het gevaar zelf op. Te denken valt aan iemand
die gaat bungeejumpen.
Stel dat het touw niet goed vastzit, dan is het wel vrij
duidelijk. Hoe zit het als bij het bungeejumpen heel
veel uitleg is gegeven over wat iemand wel/niet mag doen en iemand zich alsnog niet aan de regels houdt.
Met andere woorden, wat zijn de gevolgen van een eigen bijdrage aan een schadeveroorzakende gebeurtenis?
Waar wordt de schade dan verdisconteerd? Wordt dat bij de aansprakelijkheidsstelling gedaan of halen we een
stukje van de schadevergoeding af?
Ook staan we stil bij de vraag of een bijstander die een OD ziet gebeuren recht heeft op schadevergoeding. Stel dat een
kind aan het spelen is op de weg en een auto dat kind helemaal aan diggelen rijdt. De moeder van het kind ziet gebeuren
hoe haar kind uit elkaar spat. Ook valt te denken aan de bijstander van een misdrijf die door het hele feit slecht slaapt.
Heeft de dader dan onrechtmatig gehandeld jegens de bijstander? Kan de bijstander schadevergoeding vorderen? De
mensen die al een beetje in het aansprakelijkheidsrecht zitten, zullen gelijkenissen zien met het Taxibus arrest.
2