Groepsnummer: 2
Leesverslag & aantekeningen: Hedendaagse Sociologische Theorie
Bibliografische informatie
Auteur: Uwe Schimank Jaar: 2015
Titel: Modernity as a functionally differentiated capitalist society: A general theoretical model
Gepubliceerd in / door: European Journal of Social Theory
Abstract met citaat
Schrijf zelf een beknopte samenvatting waarin je de belangrijkste ideeën & kernbegrippen van de tekst
weergeeft (in circa 350-400 woorden). Wees selectief, maar zorg dat de je de belangrijkste elementen
vermeldt: de rode draad of centrale boodschap van de tekst moet duidelijk worden uit je abstract.
Verwerk in je eigen samenvatting twee kerncitaten die de centrale boodschap in de tekst vatten. Zorg voor
voldoende toelichting zodat duidelijk is waarom je deze als kerncitaten beschouwt. Let op, de citaten
behoren ook tot de woordenlimiet van het abstract.
Schimank vertrekt van de ideeën van Parsons, Marx en Weber over functionele differentiatie en
kapitalisme, waar hij meteen duidelijk maakt dat hoewel zij deze termen apart bekijken in het kader van
moderniteit, hij er anders over denkt. Het volgende citaat vervat de kerngedachte van Schimank: “In this
article, I argue that it is not only possible but also advisable to conceive of modernity as a functionally
differentiated capitalist society, that is, to build into the concept of functional differentiation the idea of a
society-wide predominance of economic concerns”. Kapitalisme is dus het gevolg van functionele
differentiatie, wat uitgewerkt wordt in vier stappen.
De eerste stap betreft de functionele differentiatie die in de moderne maatschappij bestaat uit een aantal
subsystemen met elk hun eigen waarde. Daarnaast zijn er twee soorten systeemgebruikers waarbij de
eindgebruikers individuen zijn of dienstverleners van andere subsystemen. Dit wil zeggen dat
subsystemen elkaar occasioneel nodig hebben om hun eigen dienstverlening te kunnen vervolledigen wat
contradictorisch is met het idee dat subsystemen op zichzelf zijn.
De tweede stap behandelt de kapitalistische economie als een van de subsystemen. De focus ligt op
winstmaximalisatie waarbij er een oneerlijke machtsverhouding bestaat tussen werkgever en werknemer.
De werknemer is afhankelijk van de werkgever en blijft zelfs bij exploitatie loyaal, waar innovatie een
belangrijke rol speelt, terwijl een werkgever makkelijker zijn werknemers kan vervangen.
Een derde stap is de kapitalistische samenleving die de negatieve externe effecten van de kapitalistische
economie bespreekt. Wanneer een bepaald subsysteem ophoudt met bestaan, kan geen enkel ander
subsysteem deze compenseren. Enkel het subsysteem van de economie kan kosten volledig dekken door
zijn diensten te verkopen, waardoor het ook het belangrijkste systeem is. Opnieuw keren we terug naar de
werknemers hun productiviteit die winstbepalend is en waar het loon afhangt van de welvaart van de
economie. Door het hard werken worden de werknemers zwak terwijl de economie versterkt. Het volgend
citaat beschrijft dit laatste perfect: “This paradoxical strength from weakness is the essence of the
capitalist economy’s societal dominance”.
De laatste stap is de welvaartstaat die bestaat uit een combinatie van sociaal beleid en kapitalisme waarbij
eenieder via maatregelen het destructief karakter van de ander tegengaat. Vele subsystemen behoren
tegenwoordig tot de publieke sector of worden gefinancierd door publiek geld, wat ons leidt tot het