Rijke teksten
Als je kinderen iets gaat vertellen of voorlezen moet je veel dingen gaan benoemen en niet
verwijzen. Ze hebben de taalinput kan voor boekentaal en spreektaal zijn. Ze hebben dit
nodig voor hun taal verder te kunnen ontwikkelen. (Taalontwikkeling).
Verrijken van de taalontwikkeling
Kranten gaan aanbieden.
Kranten gaan vergelijken.
Terugkomen op de voorgelezen stukken, zoals ‘s avonds terug komen op het artikel
van ‘s morgens.
Nieuwe woorden gaan aanreiken, vergelijken van de verschillende betekenissen van
woorden. (sluierwolken).
Kranten: Je kan via kranten verschillende taalkansen gaan aanbieden.
Weerbericht laten uittekenen.
Zonnen of verschillende symbolen gaan tellen.
Boekentaal
Formeler en grammaticaal correcter
Complexere zinsconstructies
Minder afkortingen en stopwoorden
Rijkere woordenschat
Vaak objectiever en doordachter
Boekentaal in de kleuterklas
- Teloefeningen (+ vergelijken: meer zon, minder wolken)
- Weerberichten uit 2 kranten van dezelfde dag vergelijken
- ’s Ochtend het weerbericht lezen en in de namiddag er op terug komen en kijken of
het klopt
- Zelf een weerbericht laten tekenen en schrijven
- Weerberichten uit verschillende landen vergelijken
Spreektaal
Informeler en spontaner
Kortere en simpelere zinnen
Veel afkortingen, stopwoorden en tussenzinnen
Gebruik van dialect, straattaal of jongerentaal
Meer emotie en interactie
Spreektaal in de kleuterklas
- Kind als weervrouw/man, gaat aan het raam kijken en zegt wat voor weer het is
- Begeleid met muziekje
- Wat moet je aandoen als het zo’n weer is? + mannetje aankleden volgens het weer
1
,Welke mogelijkheden heb je met geluidsboekjes in een kleuterklas
1. Taalontwikkeling
Woordenschat uitbreiden: Geluidsboekjes helpen kleuters nieuwe woorden en
klanken te leren.
Luistervaardigheid oefenen: Kinderen leren aandachtig luisteren naar woorden,
zinnen en geluiden.
Verhaallijn begrijpen: Door te luisteren naar een verhaal en de bijbehorende plaatjes
te bekijken, ontwikkelen ze hun begrijpend luisteren.
2. Spelenderwijs leren
Interactief lezen: Kleuters kunnen op knoppen drukken om geluiden of woorden te
horen, wat het lezen leuker en aantrekkelijker maakt.
Auditieve discriminatie: Geluiden vergelijken en herkennen (bijv. dierengeluiden,
voertuigen of natuurgeluiden).
3. Thematisch werken
Aansluiten bij thema’s: Geluidsboekjes over seizoenen, dieren, voertuigen of
sprookjes passen goed bij de thema’s in de klas.
Koppeling met muziek: Sommige geluidsboekjes bevatten liedjes of rijmpjes, wat
helpt bij muzikale en ritmische ontwikkeling.
Waarom zijn flapjesboekjes ook geschikt voor oudere kleuters
1. Stimuleren van nieuwsgierigheid en ontdekkend leren
Oudere kleuters vinden het nog steeds leuk om flapjes open te doen en te ontdekken
wat eronder zit.
Dit bevordert hun cognitieve ontwikkeling en probleemoplossend denken.
2. Taal- en leesontwikkeling
Flapjes kunnen vragen of korte tekstjes bevatten, waardoor kinderen worden
uitgedaagd om actief mee te denken.
Ze kunnen helpen bij het oefenen van letters, rijmwoorden of beginnende
leesvaardigheden.
3. Begrijpend lezen en logisch redeneren
Sommige flapjesboekjes hebben raadsels of zoekopdrachten die kinderen uitdagen
om na te denken.
Dit helpt bij het trainen van logisch denken en het maken van voorspellingen.
2
, 4. Thema’s en verdieping
Voor oudere kleuters zijn er flapjesboekjes die dieper ingaan op onderwerpen zoals
het menselijk lichaam, de ruimte of natuurverschijnselen.
Ze leren op een speelse manier nieuwe kennis opdoen.
Didactiek poëzie
Met poëzie aan de slag in de kleuterklas
Het eerste doel mag nooit zijn dat het helemaal vanbuiten geleerd wordt. Het 1 ste doel is
kleuters in contact brengen met het muzische aspect van onze taal en hen via allerlei
speelse, muzische werkvormen plezier laten beleven aan poëzie.
Maar het auditief geheugen is ook wel belangrijk, alleen zullen ze dat
Niet via de blokkendoosmethode doen
Wel via
begrip
herhaling
visuele ondersteuning
spel
Poëzie: to-taal-ontwikkeling van kleuters
Talige ontwikkeling
- Kls moeten gedichten in eerste instantie begrijpen
- Kls leren al spelen uit het hoofd goede zinsconstructie wordt onbewust aangeleerd
(syntaxis doordat ze gdicht op den duur uit het hoofd kennen)
- Kls moeten goed articuleren (uitspraak wordt geoefend)
- Kls leren woorden, uitdrukkingen bij
- Kls worden zich bewsut en spelen met ’t klankrijke van onze taal
- Speelse elementen van taal
Muzische ontwikkeling
- Beweging: groot- en klein motorisch wanneer het gedicht uitgebeeld wordt of
wanneer er gebaren en bewegingen bij verzonnen worden
- Het uitbeelden (drama): mimiek, intonatie, houding zijn van belang wanneer het
gedicht uitgebeeld wordt
- Muziek: veel gedichten zijn ritmisch en melodisch en nodigen uit tot muzikaal spel
met instrumenten, lichaamsgeluiden
3
, - Het muzikaal verrijken (met stem en lichaamsgeluiden, met instrumenten)
- Beeld: het laten illustreren
- Beeld: juf biedt meestal zelf prenten aan ter ondersteuning van het gedicht of
wanneer de kls zelf een gedicht illustreren
Altijd belangrijk!
Het werken met poëzie vraagt een grondige voorbereiding je moet de ritmiek, de
accentuering, de specifieke sfeer die het uitstraalt en de inhoud van het gedicht op de juiste
manier aan de kleuters overbrengen en je moet goed weten welke stappen je wanneer dient
te zetten gedurende de activiteit
Een goed, kwaliteitsvol gedicht kiezen is altijd belangrijk. Niet zo maar een willekeurig
gedicht nemen van het internet. Vermelding van de juiste termen (gedicht, rijmpje, versje,
dichter, poëet, illustrator, poëziebundel…). Zo vaak mogelijk de poëziebundel van waaruit het
gedicht komt erbij nemen. Denk aan het vergroten van de boekenliefde van de kleuters
Het gedicht staat centraal ook al gebruik je het bv; tijdens de inleiding van een andere
activiteit de kleuters moeten de kans krijgen het een aantal keren te horen. Als leerkracht
moet je ten allen tijde vermijden in de typische “kleuterkadans” te vervallen tijdens het
voordragen/voorlezen/ samen opzeggen van een gedicht. Je kan een gedicht langzaam
opzeggen met pit en energie en de jusite intonatie. Dat vraagt oefening.
Zoals voor het voorlezen van een verhalend prentenboek geldt, ook hier herhaling troef
Interactief voorlezen van een gedicht
Dit gaat verder dan expressief voorlezen of voordragen van een gedicht kleuters worden
actief betrokken. De wisselwerking tussen leerkracht en kinderen stimuleert taalbegrip,
kritisch denken en verbeeldingskracht. Dit dynamische samenspel verdiept het tekstbegrip
en vergroot de betrokkenheid, waardoor het voorlezen een rijke, betekenisvolle ervaring
wordt, waarin betekenisvolle gesprekken, reflectie en creativiteit centraal staat
Je hoeft het gedicht als leerkracht niet van buiten, maar wel door en door te kennen. Er zijn
ontelbaar veel mogelijkheden waarbij steeds het basisprincipe geldt het gedicht is het
middelpunt van de activiteit. Dat betekent dat je het gedicht voldoende vaak herhaalt
gedurende de activiteit. Herhaal het gedicht minstens 1 keer in de volgende dagen met
andere doe- en denkimpulsen
Belangrijke stappen bij de voorbereiding
Je kiest steeds voor een kwaliteitsvol gedicht
4
Als je kinderen iets gaat vertellen of voorlezen moet je veel dingen gaan benoemen en niet
verwijzen. Ze hebben de taalinput kan voor boekentaal en spreektaal zijn. Ze hebben dit
nodig voor hun taal verder te kunnen ontwikkelen. (Taalontwikkeling).
Verrijken van de taalontwikkeling
Kranten gaan aanbieden.
Kranten gaan vergelijken.
Terugkomen op de voorgelezen stukken, zoals ‘s avonds terug komen op het artikel
van ‘s morgens.
Nieuwe woorden gaan aanreiken, vergelijken van de verschillende betekenissen van
woorden. (sluierwolken).
Kranten: Je kan via kranten verschillende taalkansen gaan aanbieden.
Weerbericht laten uittekenen.
Zonnen of verschillende symbolen gaan tellen.
Boekentaal
Formeler en grammaticaal correcter
Complexere zinsconstructies
Minder afkortingen en stopwoorden
Rijkere woordenschat
Vaak objectiever en doordachter
Boekentaal in de kleuterklas
- Teloefeningen (+ vergelijken: meer zon, minder wolken)
- Weerberichten uit 2 kranten van dezelfde dag vergelijken
- ’s Ochtend het weerbericht lezen en in de namiddag er op terug komen en kijken of
het klopt
- Zelf een weerbericht laten tekenen en schrijven
- Weerberichten uit verschillende landen vergelijken
Spreektaal
Informeler en spontaner
Kortere en simpelere zinnen
Veel afkortingen, stopwoorden en tussenzinnen
Gebruik van dialect, straattaal of jongerentaal
Meer emotie en interactie
Spreektaal in de kleuterklas
- Kind als weervrouw/man, gaat aan het raam kijken en zegt wat voor weer het is
- Begeleid met muziekje
- Wat moet je aandoen als het zo’n weer is? + mannetje aankleden volgens het weer
1
,Welke mogelijkheden heb je met geluidsboekjes in een kleuterklas
1. Taalontwikkeling
Woordenschat uitbreiden: Geluidsboekjes helpen kleuters nieuwe woorden en
klanken te leren.
Luistervaardigheid oefenen: Kinderen leren aandachtig luisteren naar woorden,
zinnen en geluiden.
Verhaallijn begrijpen: Door te luisteren naar een verhaal en de bijbehorende plaatjes
te bekijken, ontwikkelen ze hun begrijpend luisteren.
2. Spelenderwijs leren
Interactief lezen: Kleuters kunnen op knoppen drukken om geluiden of woorden te
horen, wat het lezen leuker en aantrekkelijker maakt.
Auditieve discriminatie: Geluiden vergelijken en herkennen (bijv. dierengeluiden,
voertuigen of natuurgeluiden).
3. Thematisch werken
Aansluiten bij thema’s: Geluidsboekjes over seizoenen, dieren, voertuigen of
sprookjes passen goed bij de thema’s in de klas.
Koppeling met muziek: Sommige geluidsboekjes bevatten liedjes of rijmpjes, wat
helpt bij muzikale en ritmische ontwikkeling.
Waarom zijn flapjesboekjes ook geschikt voor oudere kleuters
1. Stimuleren van nieuwsgierigheid en ontdekkend leren
Oudere kleuters vinden het nog steeds leuk om flapjes open te doen en te ontdekken
wat eronder zit.
Dit bevordert hun cognitieve ontwikkeling en probleemoplossend denken.
2. Taal- en leesontwikkeling
Flapjes kunnen vragen of korte tekstjes bevatten, waardoor kinderen worden
uitgedaagd om actief mee te denken.
Ze kunnen helpen bij het oefenen van letters, rijmwoorden of beginnende
leesvaardigheden.
3. Begrijpend lezen en logisch redeneren
Sommige flapjesboekjes hebben raadsels of zoekopdrachten die kinderen uitdagen
om na te denken.
Dit helpt bij het trainen van logisch denken en het maken van voorspellingen.
2
, 4. Thema’s en verdieping
Voor oudere kleuters zijn er flapjesboekjes die dieper ingaan op onderwerpen zoals
het menselijk lichaam, de ruimte of natuurverschijnselen.
Ze leren op een speelse manier nieuwe kennis opdoen.
Didactiek poëzie
Met poëzie aan de slag in de kleuterklas
Het eerste doel mag nooit zijn dat het helemaal vanbuiten geleerd wordt. Het 1 ste doel is
kleuters in contact brengen met het muzische aspect van onze taal en hen via allerlei
speelse, muzische werkvormen plezier laten beleven aan poëzie.
Maar het auditief geheugen is ook wel belangrijk, alleen zullen ze dat
Niet via de blokkendoosmethode doen
Wel via
begrip
herhaling
visuele ondersteuning
spel
Poëzie: to-taal-ontwikkeling van kleuters
Talige ontwikkeling
- Kls moeten gedichten in eerste instantie begrijpen
- Kls leren al spelen uit het hoofd goede zinsconstructie wordt onbewust aangeleerd
(syntaxis doordat ze gdicht op den duur uit het hoofd kennen)
- Kls moeten goed articuleren (uitspraak wordt geoefend)
- Kls leren woorden, uitdrukkingen bij
- Kls worden zich bewsut en spelen met ’t klankrijke van onze taal
- Speelse elementen van taal
Muzische ontwikkeling
- Beweging: groot- en klein motorisch wanneer het gedicht uitgebeeld wordt of
wanneer er gebaren en bewegingen bij verzonnen worden
- Het uitbeelden (drama): mimiek, intonatie, houding zijn van belang wanneer het
gedicht uitgebeeld wordt
- Muziek: veel gedichten zijn ritmisch en melodisch en nodigen uit tot muzikaal spel
met instrumenten, lichaamsgeluiden
3
, - Het muzikaal verrijken (met stem en lichaamsgeluiden, met instrumenten)
- Beeld: het laten illustreren
- Beeld: juf biedt meestal zelf prenten aan ter ondersteuning van het gedicht of
wanneer de kls zelf een gedicht illustreren
Altijd belangrijk!
Het werken met poëzie vraagt een grondige voorbereiding je moet de ritmiek, de
accentuering, de specifieke sfeer die het uitstraalt en de inhoud van het gedicht op de juiste
manier aan de kleuters overbrengen en je moet goed weten welke stappen je wanneer dient
te zetten gedurende de activiteit
Een goed, kwaliteitsvol gedicht kiezen is altijd belangrijk. Niet zo maar een willekeurig
gedicht nemen van het internet. Vermelding van de juiste termen (gedicht, rijmpje, versje,
dichter, poëet, illustrator, poëziebundel…). Zo vaak mogelijk de poëziebundel van waaruit het
gedicht komt erbij nemen. Denk aan het vergroten van de boekenliefde van de kleuters
Het gedicht staat centraal ook al gebruik je het bv; tijdens de inleiding van een andere
activiteit de kleuters moeten de kans krijgen het een aantal keren te horen. Als leerkracht
moet je ten allen tijde vermijden in de typische “kleuterkadans” te vervallen tijdens het
voordragen/voorlezen/ samen opzeggen van een gedicht. Je kan een gedicht langzaam
opzeggen met pit en energie en de jusite intonatie. Dat vraagt oefening.
Zoals voor het voorlezen van een verhalend prentenboek geldt, ook hier herhaling troef
Interactief voorlezen van een gedicht
Dit gaat verder dan expressief voorlezen of voordragen van een gedicht kleuters worden
actief betrokken. De wisselwerking tussen leerkracht en kinderen stimuleert taalbegrip,
kritisch denken en verbeeldingskracht. Dit dynamische samenspel verdiept het tekstbegrip
en vergroot de betrokkenheid, waardoor het voorlezen een rijke, betekenisvolle ervaring
wordt, waarin betekenisvolle gesprekken, reflectie en creativiteit centraal staat
Je hoeft het gedicht als leerkracht niet van buiten, maar wel door en door te kennen. Er zijn
ontelbaar veel mogelijkheden waarbij steeds het basisprincipe geldt het gedicht is het
middelpunt van de activiteit. Dat betekent dat je het gedicht voldoende vaak herhaalt
gedurende de activiteit. Herhaal het gedicht minstens 1 keer in de volgende dagen met
andere doe- en denkimpulsen
Belangrijke stappen bij de voorbereiding
Je kiest steeds voor een kwaliteitsvol gedicht
4