parietaal cel maag HCL: activeert pepsine, dood bacterien
Intrinsic factor: voor opname vit B12
goblet cell darm mucus
brush border cell dunne darm enzymen, mucus, HCO3- voor vertering en neutralisatie
maagzuur
pancreas cel pancreas enzymen, HCO3- voor pH
D cel pancreas somatostatine. Negatieve feedback maagzuursecretie.
(langerhans) Inhibeert gastrine, histamine en pepsinogeen.
ECL cel maag histamine stimuleert maagzuursecretie
Chief cell maag pepsinogeen → vertering eiwit
Gastric lipase = vertering vet. Vetten worden echter maar
voor ⅓ in maag verteerd.
G cell maag gastrine
Indirect: histamine afgifte
Direct: Pariëtale cellen → scheid maagzuur HCl in maag
Type A distale tubulus scheiden H+ uit en absorberen HCO3- en K+.
intercalated cell
Type B distale tubulus scheiden HCO3- uit en absorberen K+.
intercalated cell
M cel Dunne darm afweercel
Interstitiële cellen darm slow wave potentials die deze contracties reguleren.
van Cajal
Peyer's patch dunne darm immuuncellen
Principal cel distale nefron regelt aldosteron
granulair cel juxtaglomerulair secretie renine
apparaat
Mesangial cel tussen capillair trekken samen om bloed te laten stromen
Kupffer cel lever macrofaag
Muller cel oog gliacel
1
,(Para)Sympaticus
Centraal: CO2 in herstenstam reageert op verhoogde PCO2 en verlaagde H van CSF →
toename ademhalignsfrequentie
Perifeer: Carotid en aortic chemoreceptoren meten CO2, O2 en H+
(Nor)adrenalinerge receptoren - sympathicus
α1-receptor → Vasoconstrictie → hogere BP
● Vasopressine
● Angiotensine
α2-receptor → Remt de afgifte van noradrenaline (negatieve terugkoppeling).
β1-receptor → Verhoogt hartslag en contractiekracht van het hart.
β2-receptor → Bronchodilatatie (verwijding van luchtwegen), vasodilatatie (verwijding
bloedvaten in spieren).
● hoge CO2, H+ en K+
● lage O2
● NO
Acetylcholine receptor - parasympathicus
Muscarine → bronchoconstrictie + vasodilatatie
● histamine
2
,Ziektes
Primaire preventie = voorkomen dat een ziekte ontstaat.
Secundaire preventie = ziekte in vroeg stadium opsporen en verder voorkomen
Tertiaire preventie = schade beperken
Autoimmuniteit
Graves disease (hyperthyroïdisme) = Antilichamen tegen TSH receptor op thyroid cellen
Type 1 diabetes = Antilichamen tegen: pancreas b cellen
Multiple sclerosis = Antilichamen tegen: myeline van CZS
Myasthenia gravis = Antilichamen tegen: acetylcholine receptor van motor eindplaat.
Acetylcholine kan niet meer binden → spierverzwakking /verlamming. Spieren die het meest
gebruikt worden zijn eerst aangedaan: oog, kauwe en slik.
Rheumatoid arthritis = Antilichamen tegen: collageen
Systemic lupus erythematosus = Antilichamen tegen: intracellulaire nucleus acid protein
complex)
Guillain-Barré syndroom (acute inflammatory demyelinating polyneuropathy) =
Antilichamen tegen: myeline van perifere zenuwen
Ontwikkeling
Pseudohermafroditisme = je groeit op als meisje maar tijdens de puberteit krijg je
mannelijke genitalen
Cryptorchisme = teelballen dalen in tijdens ontwikkeling in de balzak, als dit faalt heet dat .
Metabool
Malignant hyperthermie = mutatie in gen dat codeert voor ryanoide receptor (RyR) van
skeletspier. De kanalen blijven langer open dan normaal waardoor overtollig Ca2+ wordt
vrijgelaten van het sarcoplasmatisch reticulum. Dat geeft continu contractie met meer
behoefte aan ATP. O2 consumptie en CO2 productie stijgen. Daardoor gaat het lichaam als
ATP op is over op anaerobe verbranding waardoor lactaat en acidosis plaatsvinden. Het
zorgt ook voor een afbraak van spieren. Na intensief sporten of extreme hitte kunnen
klachten optreden als koorts, gebalde kaak, spierkramp en donkere urine. Dit komt doordat
er veel warmte vrij komt bij de verbranding.
Hyperparathyroidisme = botafbraak en afgifte calciumfosfaat in het bloed (hypercalciëmie).
Dat heeft invloed op het exciteerbaar weefsel (spier/neuron).
broken bones, kidney stones, abdominal groans and physic moans
Hyperparathyroidisme = hypocalcemie en hyperfosfatemie. Geeft naast myocard disfunctie
ook disfunctie van skeletspier (tetanus, verstijving).
Hypercortisolisme (Cushing Syndrome) = bijnier scheidt teveel cortisol uit. hyperglycemie,
spierafbraak en lipolyse. Meer vet in het gezicht en de buik. Moon face (rode wangen) en
3
, abdominal fat with striations. Mood stijging en daarna depressie en moeite met leren en
geheugen. 3 oorzaken
1. bijnier tumor die autonoom cortisol uitscheid (primair hypercortisolisme)
2. hypofyse tumor die autonoom ACTH uitscheid (secondair hypercortisolisme - cushing
disease)
3. Iatrogeen
Hypocortisolisme (addisons Disease) = bijnier maakt te weinig cortisol en aldosteron.
Uitdroging, zwakte, hypoglykemie, hyponatriëmie, hyperkaliëmie (want RAAS is normaal
kaliumlozend).
Hypothyroidism = schildklier scheidt te veel hormonen uit. Effect op metabolisme,
zenuwstelsel, hart.
1. zuurstof gebruik en metabolische warmte neemt toe → snel warm/zweterig
2. spier eiwitkatabolisme → spierzwakte en gewichtsverlies
3. hyperexicatbele reflexen en psychologische verstoringen
4. upregulatie b1 myocardium: hardere en snellere hartslag
Graves disease = hypertheryoidie, thyroid hormone levels zijn te hoog doordat thyroid
stimulating immunoglobulins (TSI) eiwit TSH mimicry en aan de schildklier bind. . De
schildklier gebruikt jodium voor de synthese van thyroïdhormonen. Radioactief jodium kan
zich concentreren in de schildklier en daarmee cellen doden. Vaak ook Exophthalmos =
ophoping van mucopolysaccharides in de oogkas zorgt voor uitpuilen van de oogbal.
Samenvattend: Verhoging T4 en T3 maar verlaging TSH en TRH.
Hypothyroidisme =
1. Afgenomen zuurstof gebruik en metabolische warmte → vatbaar voor kou
2. vertraagd eiwitsynthese → broze nagels, haaruitval, droge dunne huid.
a. Myxedema = mucopolysaccharide hoopt op onder de huid van de ogen
(soort wallen)
3. trage reflexen, langzame spaak, processen en vermoeidheid.
4. trage hartslag (bradycardie)
Hypocalcemie = neurale permeabiliteit voor Na neemt toe, neuronen depolariseren en het
systeem wordt hyper exciteerbaar.
Hypercalcemie = hyperpolarisatie membraanpotentiaal, AP wordt lastiger. Daardoor wordt
neuromusculaire excitatie lager.
Primary hypothyroidism vaak door gebrek aan jodium in het dieet, kan de thyroid
hormonen dan niet maken.
Osteoporose = metabolic disorder waarbij botresorptie bot depositie overschrijdt→ fragile,
verzwakte botten die snel breken.
Vergrote schildklier (Goiter) = vergrote schildklier door excessieve stimulatie van de
schildklier door TSH
4