Begrippenlijst
Term Auteur Uitleg
Hoofdstuk 2: wat is literatuur?
Fictioneel Rene Wellek, Fictie is de verzameling teksten waarin het beschrevene gezien wordt
Austin Warren als het product van de verbeelding van de auteur, als door hem
verzonnen stof.
In fictionele teksten blijkt echter niet alles wat erin beschreven wordt
fictie te zijn.
Desautomatisering Viktor Vervreemding; literatuur leert ons de dingen zien zoals we ze nog niet
Sjklovski zagen, omdat onze waarneming 'automatisch' (zonder bewust
nadenken) verliep.
(Dubbele) Jan Het op de voorgrond schuiven, het benadrukken van taal zelf, terwijl de
foregrounding Mukařovsky referentiële functie van taal (de inhoud, datgene waar het naar verwijst)
meer naar de achtergrond verschuift.
Literariteit Roman Bij literaire taal is de literaire code zelf, het formele aspect en de
(literaturnost) Jakobson afwijkende organisatie belangrijk: wat literaire teksten tot literaire
teksten maakt, is de manier waarop teksten zijn geschreven.
Emotieve - Roman De literatuur leidt ons (taalkundig) af van de werkelijkheid en brengt ons
poëtische – Jakobson bij een wereld die niet echt is.
referentiële functie - Emotief: focus op zender
- Poëtisch: focus op het bericht
- Referentiëel: focus op context/werkelijkheid
Autotelisch / Desautomatiserend taalgebruik, taalgebruik dat naar zichzelf verwijst
taalgebruik (taalgebruik als belangrijk onderdeel van literatuur)
Texte lisible – texte Roland Klassieke/passieve tekst – moderne tekst open voor interpretaties die de
scriptible Barthes lezer als het ware moet herschrijven om te kunnen interpreteren
(taalgebruik is dus belangrijk onderdeel van literatuur).
Mimesis Aristoteles Imitatie of representatie van menselijk handelen in taal.
De mimesis staat centraal in de mimetische poëtica (Abrams).
1
,Catharsis Aristoteles Zuiverend effect op toeschouwers door angst of medelijden (literatuur is
dus referentieel)
Concrete universals Hegel Referentialiteit; informeert over het algemene door middel van
particuliere zaken; het brengt normen over en heeft een educatieve
functie
Functionele (Neo) Geen epifenomenalisme meer maar een samenleving waarin iedereen
differentiëring marxisme een specifieke rol krijgt en autonome disciplines zich afsplitsen > alle
aparte domeinen houden samen economische realiteit in stand
Hoofdstuk 3: Wat is kunst?
Intentionaliteit John Searle Uit elke handeling spreekt een bewustzijn
< speech act
theory
Metateksten Literatuur over zichzelf, fictionele teksten waarin vaak impliciet
informatie wordt versterkt over eigenheid en functie literatuur als
kunstvorm
Poëtica M. H. Abrams Samenhangend geheel van verwachtingen die schrijvers dan wel lezers
hebben over het wezen (vorm en inhoud) en functie van literatuur.
Mimetische poëtica M. H. Abrams Poëtica waar de duidelijk herkenbare relatie tussen de tekst en de
werkelijkheid centraal staat.
Impassibilité G. Flaubert, Auteur moet persoonlijkheid in kunstwerk wegschrijven
realisme = de verteller mag geen blijk geven van persoonlijke voorkeur ten
aanzien van bepaalde gegevens
Pragmatische M. H. Abrams Poëtica waar de relatie tussen de tekst en het publiek centraal staat.
poëtica
Imitatio / Nabootsing van klassieke voorbeelden
Expressieve poëtica M. H. Abrams Poëtica waarbij de literaire tekst vooral een uitdrukking van de
gevoelens en gedachten van het schrijvend subject is.
Autonomistische M. H. Abrams Poëtica waarbij de literaire tekst een autonoom object als formele
/objectieve poëtica structuur is.
Media studies, / Studie over hoe literatuur zich verhoudt tot media als radio, fotografie
mediatheorie en de grammofoon.
2
, Vergelijkende / Studie over hoe literatuur zich verhoudt tot andere kunstvormen.
literatuur-
wetenschap
Letterlijke Bijbel Wat er staat.
(historische) lezing <
Hermeneutiek
Allegorische lezing Bijbel Symbolische betekenis onder de oppervlakte.
<
Hermeneutiek
Tropologische/ Bijbel Zoektocht naar hoe men een deugdzaam leven moet leiden.
morele lezing <
Hermeneutiek
Anagogische/ Bijbel Leven na de dood
eschatologische <
lezing Hermeneutiek
Emendaties < Filologie Terugkeren naar oorspronkelijke (editio ad fontem) tekst door
verbeteringen
Tekstgenese < Filologie Tekstgeschiedenis of tekstoverlevering; zoeken naar het ontstaan van
teksten.
Tekstedities zoals die van Lachmann over Lessing leiden tot de latere
ontwikkeling van de tekstgenese
Race – milieu – Hippolyte Alle schrijvers worden bepaald door de natie/cultuur waartoe ze
moment Taine behoren, de sociale klasse en het tijdperk waarin ze geboren zijn.
< Positivisme > Determinisme
Explication de texte Gustave Soort close reading waarmee hij de eigenheid van een tekst (als
Lanson kunstvorm) bestudeert.
+/-
positivisme
Das Ererbte, das Wilhelm Het geërfde, aangeleerde en beleefde
Erlernte, das Schreher > Determinisme
Erlebte < Positivisme Literatuur is de afspiegeling van het hele leven van de auteur op het
werk.
3
Term Auteur Uitleg
Hoofdstuk 2: wat is literatuur?
Fictioneel Rene Wellek, Fictie is de verzameling teksten waarin het beschrevene gezien wordt
Austin Warren als het product van de verbeelding van de auteur, als door hem
verzonnen stof.
In fictionele teksten blijkt echter niet alles wat erin beschreven wordt
fictie te zijn.
Desautomatisering Viktor Vervreemding; literatuur leert ons de dingen zien zoals we ze nog niet
Sjklovski zagen, omdat onze waarneming 'automatisch' (zonder bewust
nadenken) verliep.
(Dubbele) Jan Het op de voorgrond schuiven, het benadrukken van taal zelf, terwijl de
foregrounding Mukařovsky referentiële functie van taal (de inhoud, datgene waar het naar verwijst)
meer naar de achtergrond verschuift.
Literariteit Roman Bij literaire taal is de literaire code zelf, het formele aspect en de
(literaturnost) Jakobson afwijkende organisatie belangrijk: wat literaire teksten tot literaire
teksten maakt, is de manier waarop teksten zijn geschreven.
Emotieve - Roman De literatuur leidt ons (taalkundig) af van de werkelijkheid en brengt ons
poëtische – Jakobson bij een wereld die niet echt is.
referentiële functie - Emotief: focus op zender
- Poëtisch: focus op het bericht
- Referentiëel: focus op context/werkelijkheid
Autotelisch / Desautomatiserend taalgebruik, taalgebruik dat naar zichzelf verwijst
taalgebruik (taalgebruik als belangrijk onderdeel van literatuur)
Texte lisible – texte Roland Klassieke/passieve tekst – moderne tekst open voor interpretaties die de
scriptible Barthes lezer als het ware moet herschrijven om te kunnen interpreteren
(taalgebruik is dus belangrijk onderdeel van literatuur).
Mimesis Aristoteles Imitatie of representatie van menselijk handelen in taal.
De mimesis staat centraal in de mimetische poëtica (Abrams).
1
,Catharsis Aristoteles Zuiverend effect op toeschouwers door angst of medelijden (literatuur is
dus referentieel)
Concrete universals Hegel Referentialiteit; informeert over het algemene door middel van
particuliere zaken; het brengt normen over en heeft een educatieve
functie
Functionele (Neo) Geen epifenomenalisme meer maar een samenleving waarin iedereen
differentiëring marxisme een specifieke rol krijgt en autonome disciplines zich afsplitsen > alle
aparte domeinen houden samen economische realiteit in stand
Hoofdstuk 3: Wat is kunst?
Intentionaliteit John Searle Uit elke handeling spreekt een bewustzijn
< speech act
theory
Metateksten Literatuur over zichzelf, fictionele teksten waarin vaak impliciet
informatie wordt versterkt over eigenheid en functie literatuur als
kunstvorm
Poëtica M. H. Abrams Samenhangend geheel van verwachtingen die schrijvers dan wel lezers
hebben over het wezen (vorm en inhoud) en functie van literatuur.
Mimetische poëtica M. H. Abrams Poëtica waar de duidelijk herkenbare relatie tussen de tekst en de
werkelijkheid centraal staat.
Impassibilité G. Flaubert, Auteur moet persoonlijkheid in kunstwerk wegschrijven
realisme = de verteller mag geen blijk geven van persoonlijke voorkeur ten
aanzien van bepaalde gegevens
Pragmatische M. H. Abrams Poëtica waar de relatie tussen de tekst en het publiek centraal staat.
poëtica
Imitatio / Nabootsing van klassieke voorbeelden
Expressieve poëtica M. H. Abrams Poëtica waarbij de literaire tekst vooral een uitdrukking van de
gevoelens en gedachten van het schrijvend subject is.
Autonomistische M. H. Abrams Poëtica waarbij de literaire tekst een autonoom object als formele
/objectieve poëtica structuur is.
Media studies, / Studie over hoe literatuur zich verhoudt tot media als radio, fotografie
mediatheorie en de grammofoon.
2
, Vergelijkende / Studie over hoe literatuur zich verhoudt tot andere kunstvormen.
literatuur-
wetenschap
Letterlijke Bijbel Wat er staat.
(historische) lezing <
Hermeneutiek
Allegorische lezing Bijbel Symbolische betekenis onder de oppervlakte.
<
Hermeneutiek
Tropologische/ Bijbel Zoektocht naar hoe men een deugdzaam leven moet leiden.
morele lezing <
Hermeneutiek
Anagogische/ Bijbel Leven na de dood
eschatologische <
lezing Hermeneutiek
Emendaties < Filologie Terugkeren naar oorspronkelijke (editio ad fontem) tekst door
verbeteringen
Tekstgenese < Filologie Tekstgeschiedenis of tekstoverlevering; zoeken naar het ontstaan van
teksten.
Tekstedities zoals die van Lachmann over Lessing leiden tot de latere
ontwikkeling van de tekstgenese
Race – milieu – Hippolyte Alle schrijvers worden bepaald door de natie/cultuur waartoe ze
moment Taine behoren, de sociale klasse en het tijdperk waarin ze geboren zijn.
< Positivisme > Determinisme
Explication de texte Gustave Soort close reading waarmee hij de eigenheid van een tekst (als
Lanson kunstvorm) bestudeert.
+/-
positivisme
Das Ererbte, das Wilhelm Het geërfde, aangeleerde en beleefde
Erlernte, das Schreher > Determinisme
Erlebte < Positivisme Literatuur is de afspiegeling van het hele leven van de auteur op het
werk.
3