DIGI-taal: excel
Inhoud
Eerste kennismaking:................................................................................................ 2
Basisopmaak en formules doorvoeren: ...................................................................... 2
Som functie: ............................................................................................................ 3
Celopmaak: ............................................................................................................. 3
Formules en absolute celadressering: ....................................................................... 4
Basisfuncties en procentueel aandeel berekenen: ...................................................... 4
Als functie: .............................................................................................................. 5
Voorwaardelijke opmaak basis: ................................................................................. 5
Voorwaardelijke opmaak, eigen opmaak regels: ......................................................... 5
Werken met datums: ................................................................................................ 6
Sorteren, filteren tabellen: ........................................................................................ 6
Grafieken: ................................................................................................................ 6
Verticaal zoeken: ...................................................................................................... 7
Horizontaal zoeken: .................................................................................................. 7
X zoeken vs verticaal zoeken:..................................................................................... 7
, Eerste kennismaking:
- Als je excel opent start je in een nieuwe werkmap.
- Een werkmap bestaat uit 1 of meer werkbladen, die worden opgedeeld in
kolommen (letters) en rijen (getallen).
- Er zijn heel veel cellen, zij bestaan uit een combinatie van een kolomletter en een
rijgetal.
- Sta je in een cel dan en druk je op enter dan ga je naar de cel onder de cel dat je
staat, druk je op tab dan ga je naar de cel naast de cel waar je staat.
- Je kan kolommen verbreden door bovenaan tussen twee kolommen te staan en
te dubbelklikken, dan neemt de kolom de breedte aan die nodig is om alle
woorden volledig in de kolom zichtbaar te zien.
- Ook kan je naar opmaak gaan en de kolombreedte zelf ingeven
- Werkblad een naam geven: onderaan op tablad drukken, je kan het ook
verplaatsen, verwijderen, …
- Je kan verplaatsen door zoekfunctie (ctrl+f)
- Kolom invoegen door bovenaan rechtermuisknop en dan invoegen
Basisopmaak en formules doorvoeren:
- Titel maken: 2 rijen selecteren, rechtermuisknop, invoegen
Indien titel in verschillende kolommen staat kan je deze bijvoorbeeld selecteren
en bovenaan in het lint samenvoegen en centreren aanduiden.
- Opmaak: werken vanuit de celstijlen, (meestal standaard), je kan deze selecteren
en wijzigen (zoals in word)
- Rekenformules:
Bij formules geef je geen cijfers in maar verwijs je naar het celadres, bijvoorbeeld
B1, A3, D8, …
• Optellen: =B4+B5+B6 →niet de meest correcte manier, zie verder (functies)
➔ Indien je deze formule in de kolom ernaast ook nodig hebt, hoef je deze
niet opnieuw in te tikken. Je staat met je muis in het vakje van de formule,
rechts onderaan zie je een plusje en die sleep je door naar de cel ernaast.
Dit noemt doorvoeren, de kolomletters in de formules zijn aangepast naar
de kolom ernaast. (controleer dit nog eens). Je kan ook verticaal
doorvoeren, dan veranderen de rijgetallen.
- Doorvoeren van bijvoorbeeld een klasnummerlijst: je geeft de eerste 2 nummers
in, je selecteert die 2 cellen, hierna kan je dit doorvoeren door op de vulgreep te
klikken en door te voeren tot waar jij wil, dit kan ook met maanden, dagen, …
- Indien titels te lang zijn bij cijfergegeven kan je ze verticaal draaien: : tekst
omhoog draaien
Inhoud
Eerste kennismaking:................................................................................................ 2
Basisopmaak en formules doorvoeren: ...................................................................... 2
Som functie: ............................................................................................................ 3
Celopmaak: ............................................................................................................. 3
Formules en absolute celadressering: ....................................................................... 4
Basisfuncties en procentueel aandeel berekenen: ...................................................... 4
Als functie: .............................................................................................................. 5
Voorwaardelijke opmaak basis: ................................................................................. 5
Voorwaardelijke opmaak, eigen opmaak regels: ......................................................... 5
Werken met datums: ................................................................................................ 6
Sorteren, filteren tabellen: ........................................................................................ 6
Grafieken: ................................................................................................................ 6
Verticaal zoeken: ...................................................................................................... 7
Horizontaal zoeken: .................................................................................................. 7
X zoeken vs verticaal zoeken:..................................................................................... 7
, Eerste kennismaking:
- Als je excel opent start je in een nieuwe werkmap.
- Een werkmap bestaat uit 1 of meer werkbladen, die worden opgedeeld in
kolommen (letters) en rijen (getallen).
- Er zijn heel veel cellen, zij bestaan uit een combinatie van een kolomletter en een
rijgetal.
- Sta je in een cel dan en druk je op enter dan ga je naar de cel onder de cel dat je
staat, druk je op tab dan ga je naar de cel naast de cel waar je staat.
- Je kan kolommen verbreden door bovenaan tussen twee kolommen te staan en
te dubbelklikken, dan neemt de kolom de breedte aan die nodig is om alle
woorden volledig in de kolom zichtbaar te zien.
- Ook kan je naar opmaak gaan en de kolombreedte zelf ingeven
- Werkblad een naam geven: onderaan op tablad drukken, je kan het ook
verplaatsen, verwijderen, …
- Je kan verplaatsen door zoekfunctie (ctrl+f)
- Kolom invoegen door bovenaan rechtermuisknop en dan invoegen
Basisopmaak en formules doorvoeren:
- Titel maken: 2 rijen selecteren, rechtermuisknop, invoegen
Indien titel in verschillende kolommen staat kan je deze bijvoorbeeld selecteren
en bovenaan in het lint samenvoegen en centreren aanduiden.
- Opmaak: werken vanuit de celstijlen, (meestal standaard), je kan deze selecteren
en wijzigen (zoals in word)
- Rekenformules:
Bij formules geef je geen cijfers in maar verwijs je naar het celadres, bijvoorbeeld
B1, A3, D8, …
• Optellen: =B4+B5+B6 →niet de meest correcte manier, zie verder (functies)
➔ Indien je deze formule in de kolom ernaast ook nodig hebt, hoef je deze
niet opnieuw in te tikken. Je staat met je muis in het vakje van de formule,
rechts onderaan zie je een plusje en die sleep je door naar de cel ernaast.
Dit noemt doorvoeren, de kolomletters in de formules zijn aangepast naar
de kolom ernaast. (controleer dit nog eens). Je kan ook verticaal
doorvoeren, dan veranderen de rijgetallen.
- Doorvoeren van bijvoorbeeld een klasnummerlijst: je geeft de eerste 2 nummers
in, je selecteert die 2 cellen, hierna kan je dit doorvoeren door op de vulgreep te
klikken en door te voeren tot waar jij wil, dit kan ook met maanden, dagen, …
- Indien titels te lang zijn bij cijfergegeven kan je ze verticaal draaien: : tekst
omhoog draaien