populaire cultuur
Films geven vaak een “ideale” representatie van een bepaalde levensstijl,
een job, een hobby, etc. Dit geldt ook wat betreft journalistiek. Journalistiek
wordt vaak gepresenteerd in films of series, denk maar aan ‘Spiderman’. Deze
beelden over journalisten en journalistiek, geven vorm aan het beeld van de
samenleving op het fenomeen, of dit nu een goede of een slechte representatie
is.
De beeldvorming van journalistiek in populaire cultuur is dus ook een
gevestigd onderzoeksveld.
Weinigen onder ons hebben al ooit eens de binnenkant van een
nieuwsredactie gezien, en toch hebben we een beeld van hoe een
nieuwsredactie eruitziet en hoe alles daar in zijn werking gaat. Dit beeld is
gevormd door de populaire cultuur. Nieuwsmedia speelt nu eenmaal een grote
rol in veel films of series.
Positieve beeldvorming (voorbeeld/ ideaalbeeld)
Een journalist kan zowel op een negatieve als op een positieve manier
worden afgebeeld in de populaire cultuur. Eerst focussen we op de positieve
beeldvorming. In dit geval is de journalist in dienst van de waarheid en het
publieke belang. Met andere woorden, de journalist geeft zichzelf op om de
waarheid te ontdekken. Hierdoor wordt de journalist afgebeeld als een held. Hij
moet moedig zijn, integer, volhardend. De journalist is de waakhond van de
maatschappij en zorgt ervoor dat de juiste boodschap tot aan het publiek
geraakt, kost wat kost. Daarom kiezen veel films en series voor
onderzoeksjournalisten en oorlogsjournalisten. Zij geven hun leven voor hun job
en voor de publieke functie die ze uitoefenen.
Uiteraard schept dit beeld ook mythevorming. Mensen zien de journalist als
een “ideaal”, een geromantiseerd figuur. Die visie komt helaas niet altijd
overeen met de werkelijkheid.
Voorbeeld: Watergate & All the President’s Men
All the President’s Men is een film over het watergate-schandaal. Carl
Bernstein & Bob Woodward zijn twee journalisten voor the Washington Post
wanneer ze erachter komen dat president Nixon afluisterapparatuur in het
Watergategebouw, het hoofdkantoor van de democratische partij, heeft
geplaats. Ze publiceren het verhaal en Nixon moet uiteindelijk aftreden vanwege
dit schandaal. Carl Bernstein en Bob Woodward worden als helden afgebeeld. De
film All The President’s Men is bijna een soort detectiveverhaal. De twee
journalisten zijn een ideaalbeeld, omdat ze er ook effectief in slagen om de
waarheid te achterhalen. Tot op de dag van vandaag zijn Bernstein en Woodward
een grote inspiratie voor nieuwe journalisten.
, Deze journalistiek noemt men “adversarial journalism”. Het doel van
“adversarial journalism” is om de boosdoeners in de maatschappij te onthullen
aan de hand van een eigen onderzoek. De journalist neemt hierin het eigen
initiatief om misdaad te bestrijden. Volgens “adversarial journalism” is het de
morele plicht van een journalist om de waarheid te achterhalen en te onthullen,
kost wat kost.
Het Watergate-schandaal creëerde ook een boost voor
onderzoeksjournalistiek. Een journalist leidt in onderzoeksjournalistiek zelf een
onderzoek en rapporteert nadien zijn bevindingen. Wat zeer belangrijk ik is de
verificatie van informatie. Een heilige regel binnen de journalistiek is dat je voor
het publiceren altijd driemaal checkt bij drie verschillende (betrouwbare)
bronnen.
Het Watergate-schandaal is ondertussen een echte legende geworden en is
het onderwerp van vele films en series, evenals de droom van elke journalist.
Tegenwoordig wordt het suffix “-gate” wel vaker gebruikt voor de benamingen
van schandalen. Ook andere intertekstuele referenties van het Watergate-
schandaal komen we wel vaker via taal en populaire cultuur tegen. Zo is er de
quote: “follow the money”, die tegenwoordig in vele contexten gebruikt kan
worden. Initieel was dit de instructie die de klokkenluider aan Woodward en
Bernstein gaf. Als je het geld volgt, dan kom je uiteindelijk wel bij het schandaal
terecht.
Natuurlijk is zelfs het Watergate-schandaal niet één en al mythe… De rol van
journalistiek werd zodanig vergroot, maar er zijn ook andere factoren die in dit
verhaal meespeelden (niet enkel twee journalisten die alles op hun eentje
regelden). Woodwork en Bernstein zijn weldegelijk de grote helden, maar er
waren ook institutionele actoren die meewerkten aan de onthulling van het
schandaal. De pers speelde uiteindelijk slechts een indirecte rol: de rapportering
van de feiten.
Daarnaast gingen Woodward en Bernsteen niet altijd ethisch te werk. Ze hielden
geen rekening met privacy en gebruikten vaak anonieme bronnen en secret
testimony. “Het doel heiligt de middelen” is hier dus zeker van toepassing.
Negatieve beeldvorming
De journalist wordt ook niet altijd positief afgebeeld in populaire cultuur. Ze
worden maar al te vaak als “schurk” gerepresenteerd. In dit geval is de journalist
een bedrieger die handelt uit eigenbelang, een manipulator van de feiten,
iemand die gewetenloos en narcistisch is.
De journalist schendt de waarden en idealen van de maatschappij, vooral
vanuit eigenbelang (voornamelijk voor zijn carrière) of commerciële
overwegingen (geld!).
Toch wordt de waarheid en het publieke belang vaak uiteindelijk bekrachtigd
omdat de journalist vaak voor zijn overtredingen bestraft wordt. In dit geval
wordt de journalist verstoten uit de maatschappij wiens waarden en idealen hij
heeft geschonden.
M Elrich benadrukt dat “de journalist” uiteraard niet representatief is voor “de
journalistiek”, al worden de twee wel vaker gekoppeld door het publiek. Wanneer