10e editie
- Leer door begrippen!
Een volledige samenvatting van Psychiatrie een inleiding 10e editie. Bevat
samenvattingen van alle hoofdstukken behalve H10.
Zie ook het document, oefenvragen door: Studiebegrip, Leer door
begrippen.
Introductie
Begrippen en Definities
Psychopathologie:
De studie van afwijkende emoties, gedachten en gedrag; het
onderzoekt de oorzaken, ontwikkeling en behandelmogelijkheden
van psychische stoornissen.
Psychiatrie:
Het medische specialisme dat zich richt op de diagnose, behandeling
en preventie van psychische stoornissen. Psychiatrie maakt gebruik
van zowel medicamenteuze als niet-medicamenteuze
(psychotherapeutische) interventies.
Klinische psychologie:
Een tak van de psychologie die zich richt op de beschrijving,
oorzaken en behandeling van psychische stoornissen, met als doel
het bevorderen van geestelijk welzijn.
1
, Psychische stoornis:
Een patroon van afwijkende emoties, gedachten of gedragingen dat
leidt tot een verstoring van het functioneren en/of aanzienlijk
persoonlijk lijden.
Hulpverleners in de Geestelijke Gezondheidszorg
Psycholoog:
Iemand die de universitaire opleiding psychologie heeft afgerond.
Kan diagnostiek en behandeling uitvoeren, maar mag geen
medicatie voorschrijven.
(GZ-)Psycholoog:
Een psycholoog met aanvullende opleiding en bevoegdheid om
psychische stoornissen te diagnosticeren en behandelen;
ingeschreven in het BIG-register.
Psychotherapeut:
Een professional die na de basisopleiding een aanvullende,
gespecialiseerde opleiding heeft gevolgd en daarmee bevoegd is tot
psychotherapeutische behandelingen (ook geregistreerd in het BIG-
register).
Psychiater:
Een arts die na de studie geneeskunde een specialisatie in
psychiatrie heeft voltooid en daardoor in staat is medicatie voor te
schrijven.
Symptoom:
Een concreet kenmerk of signaal (zoals hallucinaties of een
stemmingsverandering) dat kenmerkend is voor een bepaalde
psychische
stoornis.
Criteria voor Afwijkend Gedrag
Uitzonderlijkheid:
Gedrag dat significant afwijkt van wat als normaal wordt ervaren,
maar op zichzelf nog niet pathologisch is.
Sociaal afwijkend:
Gedrag dat niet overeenkomt met de normen en waarden van een
samenleving of cultuur.
2
, Verstoorde realiteitsperceptie:
Onnauwkeurige of foutieve interpretaties van de werkelijkheid, zoals
bij hallucinaties of wanen.
Aanzienlijk emotioneel lijden:
Het ervaren van langdurige, intense negatieve emoties (bijvoorbeeld
angst of depressie) die leiden tot dysfunctioneren in het dagelijks
leven.
Contraproductief gedrag:
Handelingen die het vermogen belemmeren om sociale rollen te
vervullen of tot persoonlijke groei leiden.
Gevaar:
Gedrag dat een risico vormt voor de persoon zelf of voor de
omgeving (bijvoorbeeld agressief of zelfdestructief gedrag).
Historische Ontwikkeling
Hippocrates:
De oude Griekse arts die stelde dat de gezondheid van lichaam en
geest afhankelijk was van een evenwicht in de lichaamssappen
(humores).
Arabische psychiatrie (8e–16e eeuw):
Kenmerkend door een mensgerichte benadering, waarbij psychische
stoornissen als praktische problemen werden gezien.
Middeleeuwen:
Een periode waarin afwijkend gedrag vaak werd toegeschreven aan
bovennatuurlijke oorzaken (bezit door boze geesten) en behandeld
met exorcisme.
Ontwikkeling van de ‘gekkenhuizen’ rond 1600:
De bouw van instellingen voor mensen met psychische stoornissen,
vaak met slechte leefomstandigheden.
Moderne tijd (ca. 1800):
Met de introductie van morele therapie door Pussin en Pinel kwam er
meer aandacht voor humane behandeling en het belang van een
respectvolle omgeving.
3