Voorbereiding tentamen strafrecht
Week Hoorcollege. Werkgroep. W
. G
Week Inleiding Controle vs. Opsporing:
1 Literatuur Kennisclip (2)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie (3)
Week Invloed EVRM Verhoor:
2 Literatuur Kennisclip (3)
Jurisprudentie Literatuur
(2) Jurisprudentie (4)
Hoorcollege
Week Opsporing Opsporing (deel 2)
3 Literatuur Kennisclip (3)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (3)
(1)
Week RC & dossier Verdieping: Mr. Big
4 Literatuur
Hoorcollege
Week Vervolging Vervolging (deel 2)
5 Literatuur Kennisclip (1)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie (1)
Week Onderzoek ter Getuigenbewijs
6 terechtzitting Kennisclip (1)
Literatuur Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (2)
(1)
Hoorcollege
Week Alternatieve Verdieping: kroongetuige
7 conflictoplossing
Literatuur
Jurisprudentie
(1)
Hoorcollege
Week Vormverzuimen
8
, Literatuur Kennisclip
Jurisprudentie Literatuur
(1) Jurisprudentie (2)
Hoorcollege
Week Bewijsrecht
9 Literatuur
Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (3)
(2)
Hoorcollege
Week Motiveringsplicht
10 Kennisclip (1)
Literatuur
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (3)
(1)
Week Primaire rechtshulp Secundaire rechtshulp
11 Literatuur Kennisclip (2)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (1)
(1)
Week Rechtsmiddelen Verdieping: disp. Politiegeweld.
12 Literatuur
Jurisprudentie
(2)
Kennisclip (1)
Hoorcollege
,Onderwerp 1a: Inleiding
Strafrecht is een sanctierecht (= Treedt op tegen wederechtelijke
gedragingen).
Een belangrijk onderscheid is het onderscheid tussen inquisitoir en
accusatoir proces:
Inquisitoir = Rechter actief opzoek naar de waarheid, verdachte
een object van onderzoek.
Accusatoir = twee gelijkwaardige partijen strijden en de rechter is
meer een scheidsrechter.
1. Nederland heeft een gematigd accusatoir.
Het strafvorderlijke legaliteitsbeginsel komt terug in art. 1 Sv. Het
strafrechtelijke legaliteitsbeginsel staat in art. 1 Sr.
Naast het hoofddoel heeft het strafrecht ook enkele nevendoelen. Het
hoofddoel heeft echter altijd prioriteit.
1. Nevendoelen strafrecht
a. Speciale preventie
b. Generale preventie
c. Voorkomen eigenrichting
d. Orde scheppen
e. Genoegdoening slachtoffer
2. “crime control” vs. “due process model”
a. Efficiënte vs. betrouwbare/eerlijke strafrechtspleging.
Of iemand een verdachte is volgt uit art. 27 Sv. Hierbij ontstaan 3
bestanddelen:
1. “Redelijk vermoeden van schuld” = Individualiseerbaarheid
2. Aan “Strafbaar feit” = Concretiseerbaarheid
3. Uit “feiten en omstandigheden” = Objectiveerbaarheid
, Onderwerp 1b: Controle en opsporing
Opsporing is het begin van strafvordering en het voorbereidend
onderzoek. Definitie van opsporing staat in art. 132a Sv. Er zijn 3 vormen
van opsporing:
1. Klassieke opsporing (126g Sv en verder) = redelijk vermoeden dat
strafbaar feit is gepleegd.
2. Vroegsporing (art. 126o ev) = redelijk vermoeden van schuld aan
het beramen van collectieve misdrijven.
3. Terroristische aanwijzingen (Art. 126za ev.) = Bij een aanwijzing
van een terroristisch misdrijf.
Het verkennend onderzoek (126gg Sv) is de voorbereiding van
opsporing. “groepen mensen” zijn hier niet persee georganiseerde
misdaad groepen.
Art. 141 Sv benoemt de gewone opsporingsambtenaren. Art. 142 Sv
benoemt de buitengewone opsporingsambtenaren.
Voortgezette toepassing = Bestuursrechtelijke
controlebevoegdheid gaat over in een opsporingsbevoegdheid uit
een andere wet.
1. HR Geweerarrest, toegestaan mits:
Bevoegd voor beide bevoegdheden.
Geen misbruik van de bevoegdheid de
opsporingsbevoegdheid wordt slechts “per toeval”
gebruikt.
Zuivere Sfeerovergang = controle (bestuursrechtelijke
bevoegdheid) gaat over in opsporing op basis van dezelfde wet
1. Gewoon toegestaan, indien bevoegd voor beiden.
Sfeercumulatie = Je zet een bestuursrechtelijke
controlebevoegdheid is om op te sporen.
1. HR Controle vs opsporing, toegestaan mits:
Bevoegd voor beide bevoegdheden
Controlebevoegdheid mag niet uitsluitend worden
ingezet voor de opsporing.
Waarborgen van verdachte in acht genomen.
HR Geweer:
Voortgezette toepassing is toegestaan
HR Controle vs opsporing:
(ro. 3.5.2) Voor sfeercumulatie is de eis dat de controlebevoegdheid
niet uitsluitend is gebruikt voor de opsporing.
HR dynamische verkeerscontrole:
Zolang een controlebevoegdheid niet uitsluitend is ingezet als
opsporingsbevoegdheid (vragen om rijbewijs is hiervoor al
voldoende), mag sfeercumulatie.
Week Hoorcollege. Werkgroep. W
. G
Week Inleiding Controle vs. Opsporing:
1 Literatuur Kennisclip (2)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie (3)
Week Invloed EVRM Verhoor:
2 Literatuur Kennisclip (3)
Jurisprudentie Literatuur
(2) Jurisprudentie (4)
Hoorcollege
Week Opsporing Opsporing (deel 2)
3 Literatuur Kennisclip (3)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (3)
(1)
Week RC & dossier Verdieping: Mr. Big
4 Literatuur
Hoorcollege
Week Vervolging Vervolging (deel 2)
5 Literatuur Kennisclip (1)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie (1)
Week Onderzoek ter Getuigenbewijs
6 terechtzitting Kennisclip (1)
Literatuur Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (2)
(1)
Hoorcollege
Week Alternatieve Verdieping: kroongetuige
7 conflictoplossing
Literatuur
Jurisprudentie
(1)
Hoorcollege
Week Vormverzuimen
8
, Literatuur Kennisclip
Jurisprudentie Literatuur
(1) Jurisprudentie (2)
Hoorcollege
Week Bewijsrecht
9 Literatuur
Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (3)
(2)
Hoorcollege
Week Motiveringsplicht
10 Kennisclip (1)
Literatuur
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (3)
(1)
Week Primaire rechtshulp Secundaire rechtshulp
11 Literatuur Kennisclip (2)
Hoorcollege Literatuur
Jurisprudentie Jurisprudentie (1)
(1)
Week Rechtsmiddelen Verdieping: disp. Politiegeweld.
12 Literatuur
Jurisprudentie
(2)
Kennisclip (1)
Hoorcollege
,Onderwerp 1a: Inleiding
Strafrecht is een sanctierecht (= Treedt op tegen wederechtelijke
gedragingen).
Een belangrijk onderscheid is het onderscheid tussen inquisitoir en
accusatoir proces:
Inquisitoir = Rechter actief opzoek naar de waarheid, verdachte
een object van onderzoek.
Accusatoir = twee gelijkwaardige partijen strijden en de rechter is
meer een scheidsrechter.
1. Nederland heeft een gematigd accusatoir.
Het strafvorderlijke legaliteitsbeginsel komt terug in art. 1 Sv. Het
strafrechtelijke legaliteitsbeginsel staat in art. 1 Sr.
Naast het hoofddoel heeft het strafrecht ook enkele nevendoelen. Het
hoofddoel heeft echter altijd prioriteit.
1. Nevendoelen strafrecht
a. Speciale preventie
b. Generale preventie
c. Voorkomen eigenrichting
d. Orde scheppen
e. Genoegdoening slachtoffer
2. “crime control” vs. “due process model”
a. Efficiënte vs. betrouwbare/eerlijke strafrechtspleging.
Of iemand een verdachte is volgt uit art. 27 Sv. Hierbij ontstaan 3
bestanddelen:
1. “Redelijk vermoeden van schuld” = Individualiseerbaarheid
2. Aan “Strafbaar feit” = Concretiseerbaarheid
3. Uit “feiten en omstandigheden” = Objectiveerbaarheid
, Onderwerp 1b: Controle en opsporing
Opsporing is het begin van strafvordering en het voorbereidend
onderzoek. Definitie van opsporing staat in art. 132a Sv. Er zijn 3 vormen
van opsporing:
1. Klassieke opsporing (126g Sv en verder) = redelijk vermoeden dat
strafbaar feit is gepleegd.
2. Vroegsporing (art. 126o ev) = redelijk vermoeden van schuld aan
het beramen van collectieve misdrijven.
3. Terroristische aanwijzingen (Art. 126za ev.) = Bij een aanwijzing
van een terroristisch misdrijf.
Het verkennend onderzoek (126gg Sv) is de voorbereiding van
opsporing. “groepen mensen” zijn hier niet persee georganiseerde
misdaad groepen.
Art. 141 Sv benoemt de gewone opsporingsambtenaren. Art. 142 Sv
benoemt de buitengewone opsporingsambtenaren.
Voortgezette toepassing = Bestuursrechtelijke
controlebevoegdheid gaat over in een opsporingsbevoegdheid uit
een andere wet.
1. HR Geweerarrest, toegestaan mits:
Bevoegd voor beide bevoegdheden.
Geen misbruik van de bevoegdheid de
opsporingsbevoegdheid wordt slechts “per toeval”
gebruikt.
Zuivere Sfeerovergang = controle (bestuursrechtelijke
bevoegdheid) gaat over in opsporing op basis van dezelfde wet
1. Gewoon toegestaan, indien bevoegd voor beiden.
Sfeercumulatie = Je zet een bestuursrechtelijke
controlebevoegdheid is om op te sporen.
1. HR Controle vs opsporing, toegestaan mits:
Bevoegd voor beide bevoegdheden
Controlebevoegdheid mag niet uitsluitend worden
ingezet voor de opsporing.
Waarborgen van verdachte in acht genomen.
HR Geweer:
Voortgezette toepassing is toegestaan
HR Controle vs opsporing:
(ro. 3.5.2) Voor sfeercumulatie is de eis dat de controlebevoegdheid
niet uitsluitend is gebruikt voor de opsporing.
HR dynamische verkeerscontrole:
Zolang een controlebevoegdheid niet uitsluitend is ingezet als
opsporingsbevoegdheid (vragen om rijbewijs is hiervoor al
voldoende), mag sfeercumulatie.