Werken met netwerken
Inleiding
1. Actuele context
Tot ongeveer 1900 situeert de zorg voor zorgbehoevenden zich in de
maatschappij
o Hee wat probleemsituaties
Vanaf 20ste eeuw: medisch paradigma
o Ontstaan van institutionalisering en professionalisering van de
zorg
o = Zorg is gezinsvervangend
Effect: kijk op familie en vrienden werd als negatief
(ondeskundig) gezien
Cliënten hadden veel eenzaamheid en heimwee (werden
verwijderd van hen familie en vrienden)
1970: ontwikkelingsparadigma
o Basis actuele visie op zorg = contextbegeleiding
Uitgangspunt zijn de mogelijkheden van de persoon
Bieden van maximale ontwikkelingskansen
2000: burgerschapsparadigma
o Iedereen is deel van de samenleving
o = Netwerkbegeleiding
Ontstaan van kleine wooneenheden in de maatschappij
De context wordt betrokken
Ambulante werkvormen aanwezig
o Vermaatschappelijking van de zorg
Ouders, buren, mantelzorgers,… zijn de hulpverleners
van de toekomst
‘Van zorgen’ voor… naar ‘zorgen dat’
Invloed op …
o Het netwerk
Responsabiliseren
Engagement
o De hulpverlening
Niet langer expert, maar betrokkene
Context van een cliënt
o = De omgeving van een systeem voor zover dit van invloed is
op het systeem
Dit kan gaan over mensen, situaties of gebeurtenissen
2. Het begrip netwerk
Een sociaal netwerk: een groep mensen met wie één persoon min
of meer duurzame banden onderhoudt voor de vervulling van
noodzakelijke levensbehoeften
o Voorbeeld: praktische hulp, emotionele steun, ontspannende
activiteiten, … (QoL)
Het hebben en behouden van een netwerk is één van de
belangrijkste pijlers voor de begeleiding van personen met een
beperking of personen die in een moeilijke situatie verkeren
, o Men komt los van het kerngezin en kijkt wie allemaal in het
leven van een cliënt een bepaalde rol opneemt of zou kunnen
op nemen
Vertrekken vanuit de systeemtheoretische benadering
o Gedrag begrijpen vanuit een andere bril (vaak de eclectische
bril)
= Verschillende achtergronden, focus en
betekenisgeving
Aandacht hebben voor
Verbreden/verdiepen
o Samenwerken met de context en handelen
in partnerschap (vb: eetstoornis)
Invloed/effect
o Door oorzaak – gevolg verband om te buigen
naar een circulair verband (vb: depressie
binnen gezin)
Inzet
2.1. Netwerk… en ‘ik als opvoeder’
Het in kaart brengen en visualiseren van het netwerk is de eerste
stap als je het netwerk wilt betrekken
o Vb: ecogram, sociogram, genogram, netwerkcirkels, …
Na netwerkanalyse aan de slag om het netwerk te versterken
Strategieën om dit aan te pakken: RADIO
o Reanimeren van het netwerk
= Vervaagd contact nieuw leven inblazen, een
bestaand contact een nieuwe impuls geven
o Activeren van het netwerk
= Kwaliteiten inzetten van netwerk lid en cliënt –
betrokkenheid vergroten tussen beide
o Deblokkeren van het netwerk
= Verstoringen in het netwerk bespreken en
bemiddelen – praktische blokkades opheffen
o Intensiveren van het netwerk
= Contacten verdiepen, intieme relatie aangaan met
iemand
o Onderhouden van het netwerk
Energie besteden aan de relatie tussen netwerk lid en
cliënt, het netwerk op een fijne manier blijven
functioneren
o Uitbreiden van het netwerk
= Vaak een noodzakelijke stap
,Basishouding bij het werken met netwerken
1. Empowerment
Empowerment: een proces waarin individuen en groepen meer
invloed krijgen over gebeurtenissen en situaties die voor hen
belangrijk zijn
o Nadruk ligt op de krachten die de mensen hebben, niet hun
tekortkomingen
o Empowerment van cliënten betekent het ontwikkelen van
vaardigheden die leiden tot een toename van zelfbewustzijn
en zelfbepaling bij cliënten zelf
Constructieve manier van werken die invloedsbesef
vergroot waardigheid behouden + meer greep en
controle op hun eigen leven
o Netwerken: gezinnen of families versterken in hun kunnen en
hun besef van kunnen (niet uit handen nemen maar zelf tot
oplossingen komen met ondersteuning)
Cliënt en cliëntensysteem zijn ervaringsdeskundig en volwaardige
partner in de hulpverlening
o Hulpverlening houdt rekening met wat de cliënt vraagt, en
beperkt hen tot was hij vraagt
Strookt niet altijd met de hulpvaardige houding
gevaar voor betutteling
Valkuil om de lasten over te nemen
Hulpverlening is een proces om mensen te helpen hun eigen
hulpbronnen te mobiliseren, om op hun manier hun problemen op te
lossen.
EmPOWERment
o Power from within: zelfvertrouwen, zelfzekerheid, kritische
bewustwording in het netwerk
o Power with: door de sociale steun van de omgeving, de
context van de context
o Power to: om invloed uit te oefenen op samenlevingsniveau
(vb. groep van mensen in armoede)
Empowerment bij netwerken is niet evident
o Bij kwetsbare groepen (vb: mensen met een beperking,
mensen in armoede, psychiatrische patiënten,
zorgbehoevende ouderen, risicojongeren, …)
Het druist in tegen alles wat ze ervaren en te horen
krijgen: ‘niet goed bezig’, ‘hulp nodig’, ‘jullie kunnen het
niet (alleen)’, …
2. Klant is koning?
Rekening houden met wat de cliënt vraagt betekent niet dat alles
klakkeloos nagestreefd wordt
o = Veel onduidelijke of onrealistische doelstellingen binnen de
hulpverleningsrelatie
o Belangrijk
, Tijd nemen om met de cliënt te onderhandelen vanuit
een respectvolle houding
Luisteren naar de ‘vraag achter de vraag’ om samen tot
een duidelijk, omlijnd en realistisch doel komen
De cliënt geeft de hulpverlening meer (onderhandeld)
mandaat
De kunst van het vragen stellen
o Toekomstgerichte vragen
o De wondervraag
Doel: cliënt vormt zich een beeld van zijn toekomst
Stel dat er vannacht een wonder gebeurt waardoor je
probleem is opgelost. Omdat je sliep weet je niet dat er
een wonder is gebeurd, maar alles is wel anders als je
wakker wordt. Wat zal er dan anders zijn? Waaraan kan
jij zien dat je probleem is opgelost? Wat doe je anders?
Als je partner of kinderen dit zien, merken, wat zullen zij
dan anders doen? Hoe zullen zij op jou reageren?, …
o Open vragen
o Activerende vragen (de hoe – vraag)
Basishouding hulpverlening = het vergroten en versterken van de
cliënt en het netwerk
o Empowerment in werken met cliënten
Ouders zien als de cliënt (hulpbron)
Ouders versterken als persoon zodat ze ook versterken
in hun ouderschap
Mensen uit het netwerk bewust maken van hun belang
voor de cliënt
Mensen uit het netwerk versterken in hun rol als deel
van het netwerk
Inleiding
1. Actuele context
Tot ongeveer 1900 situeert de zorg voor zorgbehoevenden zich in de
maatschappij
o Hee wat probleemsituaties
Vanaf 20ste eeuw: medisch paradigma
o Ontstaan van institutionalisering en professionalisering van de
zorg
o = Zorg is gezinsvervangend
Effect: kijk op familie en vrienden werd als negatief
(ondeskundig) gezien
Cliënten hadden veel eenzaamheid en heimwee (werden
verwijderd van hen familie en vrienden)
1970: ontwikkelingsparadigma
o Basis actuele visie op zorg = contextbegeleiding
Uitgangspunt zijn de mogelijkheden van de persoon
Bieden van maximale ontwikkelingskansen
2000: burgerschapsparadigma
o Iedereen is deel van de samenleving
o = Netwerkbegeleiding
Ontstaan van kleine wooneenheden in de maatschappij
De context wordt betrokken
Ambulante werkvormen aanwezig
o Vermaatschappelijking van de zorg
Ouders, buren, mantelzorgers,… zijn de hulpverleners
van de toekomst
‘Van zorgen’ voor… naar ‘zorgen dat’
Invloed op …
o Het netwerk
Responsabiliseren
Engagement
o De hulpverlening
Niet langer expert, maar betrokkene
Context van een cliënt
o = De omgeving van een systeem voor zover dit van invloed is
op het systeem
Dit kan gaan over mensen, situaties of gebeurtenissen
2. Het begrip netwerk
Een sociaal netwerk: een groep mensen met wie één persoon min
of meer duurzame banden onderhoudt voor de vervulling van
noodzakelijke levensbehoeften
o Voorbeeld: praktische hulp, emotionele steun, ontspannende
activiteiten, … (QoL)
Het hebben en behouden van een netwerk is één van de
belangrijkste pijlers voor de begeleiding van personen met een
beperking of personen die in een moeilijke situatie verkeren
, o Men komt los van het kerngezin en kijkt wie allemaal in het
leven van een cliënt een bepaalde rol opneemt of zou kunnen
op nemen
Vertrekken vanuit de systeemtheoretische benadering
o Gedrag begrijpen vanuit een andere bril (vaak de eclectische
bril)
= Verschillende achtergronden, focus en
betekenisgeving
Aandacht hebben voor
Verbreden/verdiepen
o Samenwerken met de context en handelen
in partnerschap (vb: eetstoornis)
Invloed/effect
o Door oorzaak – gevolg verband om te buigen
naar een circulair verband (vb: depressie
binnen gezin)
Inzet
2.1. Netwerk… en ‘ik als opvoeder’
Het in kaart brengen en visualiseren van het netwerk is de eerste
stap als je het netwerk wilt betrekken
o Vb: ecogram, sociogram, genogram, netwerkcirkels, …
Na netwerkanalyse aan de slag om het netwerk te versterken
Strategieën om dit aan te pakken: RADIO
o Reanimeren van het netwerk
= Vervaagd contact nieuw leven inblazen, een
bestaand contact een nieuwe impuls geven
o Activeren van het netwerk
= Kwaliteiten inzetten van netwerk lid en cliënt –
betrokkenheid vergroten tussen beide
o Deblokkeren van het netwerk
= Verstoringen in het netwerk bespreken en
bemiddelen – praktische blokkades opheffen
o Intensiveren van het netwerk
= Contacten verdiepen, intieme relatie aangaan met
iemand
o Onderhouden van het netwerk
Energie besteden aan de relatie tussen netwerk lid en
cliënt, het netwerk op een fijne manier blijven
functioneren
o Uitbreiden van het netwerk
= Vaak een noodzakelijke stap
,Basishouding bij het werken met netwerken
1. Empowerment
Empowerment: een proces waarin individuen en groepen meer
invloed krijgen over gebeurtenissen en situaties die voor hen
belangrijk zijn
o Nadruk ligt op de krachten die de mensen hebben, niet hun
tekortkomingen
o Empowerment van cliënten betekent het ontwikkelen van
vaardigheden die leiden tot een toename van zelfbewustzijn
en zelfbepaling bij cliënten zelf
Constructieve manier van werken die invloedsbesef
vergroot waardigheid behouden + meer greep en
controle op hun eigen leven
o Netwerken: gezinnen of families versterken in hun kunnen en
hun besef van kunnen (niet uit handen nemen maar zelf tot
oplossingen komen met ondersteuning)
Cliënt en cliëntensysteem zijn ervaringsdeskundig en volwaardige
partner in de hulpverlening
o Hulpverlening houdt rekening met wat de cliënt vraagt, en
beperkt hen tot was hij vraagt
Strookt niet altijd met de hulpvaardige houding
gevaar voor betutteling
Valkuil om de lasten over te nemen
Hulpverlening is een proces om mensen te helpen hun eigen
hulpbronnen te mobiliseren, om op hun manier hun problemen op te
lossen.
EmPOWERment
o Power from within: zelfvertrouwen, zelfzekerheid, kritische
bewustwording in het netwerk
o Power with: door de sociale steun van de omgeving, de
context van de context
o Power to: om invloed uit te oefenen op samenlevingsniveau
(vb. groep van mensen in armoede)
Empowerment bij netwerken is niet evident
o Bij kwetsbare groepen (vb: mensen met een beperking,
mensen in armoede, psychiatrische patiënten,
zorgbehoevende ouderen, risicojongeren, …)
Het druist in tegen alles wat ze ervaren en te horen
krijgen: ‘niet goed bezig’, ‘hulp nodig’, ‘jullie kunnen het
niet (alleen)’, …
2. Klant is koning?
Rekening houden met wat de cliënt vraagt betekent niet dat alles
klakkeloos nagestreefd wordt
o = Veel onduidelijke of onrealistische doelstellingen binnen de
hulpverleningsrelatie
o Belangrijk
, Tijd nemen om met de cliënt te onderhandelen vanuit
een respectvolle houding
Luisteren naar de ‘vraag achter de vraag’ om samen tot
een duidelijk, omlijnd en realistisch doel komen
De cliënt geeft de hulpverlening meer (onderhandeld)
mandaat
De kunst van het vragen stellen
o Toekomstgerichte vragen
o De wondervraag
Doel: cliënt vormt zich een beeld van zijn toekomst
Stel dat er vannacht een wonder gebeurt waardoor je
probleem is opgelost. Omdat je sliep weet je niet dat er
een wonder is gebeurd, maar alles is wel anders als je
wakker wordt. Wat zal er dan anders zijn? Waaraan kan
jij zien dat je probleem is opgelost? Wat doe je anders?
Als je partner of kinderen dit zien, merken, wat zullen zij
dan anders doen? Hoe zullen zij op jou reageren?, …
o Open vragen
o Activerende vragen (de hoe – vraag)
Basishouding hulpverlening = het vergroten en versterken van de
cliënt en het netwerk
o Empowerment in werken met cliënten
Ouders zien als de cliënt (hulpbron)
Ouders versterken als persoon zodat ze ook versterken
in hun ouderschap
Mensen uit het netwerk bewust maken van hun belang
voor de cliënt
Mensen uit het netwerk versterken in hun rol als deel
van het netwerk