STRAFVORDERING
TITEL 3: alg beginselen
DEFINITIE
̶ Begrip
̶ Geheel van rechtsregels betreffende de opsporing, vervolging en berechting van
personen die ervan verdacht worden een misdrijf te hebben gepleegd
hoe inhoudelijke (=materiele) strafrechtelijke regels in praktijk omzetten
materieel strafrecht kan niet zonder formeel en omgekeerd)
̶ Synoniemen: formeel strafrecht, strafprocesrecht, strafvordering
̶ Onderscheid tussen materieel en formeel strafrecht:
̶ Personen tot wie de regels gericht zijn:
‒ Materieel strafrecht: gericht tot iedereen (natuurlijke + rechtspersonen)
weinig verandering mogelijk
misdrijven zijn zoals ze zijn
soms toch materieel vb. opiniedelicten
‒ Formeel strafrecht: in de eerste plaats gericht tot de overheid (politie,
staande en zittende magistratuur) (nauwelijks tot burger gericht)
ovh mag geen onbeperkte macht hebben + scheiding der machten
Ovh moet zijn eigen regels ook navolgen
Verhouding burger-ovh
vb voorlopige hechtenis: ong 36% in gevangenis onder voorlopige
hechtenis (dus nog niet veroordeeld)
Vb. telefoontap: belangrijke bron van info in criminaliteit
telecomoperatoren hebben deze info, maar hoelang mogen ze deze info
hebben?
̶ Inhoud van deze regels:
‒ Materieel strafrecht: vanzelfsprekende inhoud, bescherming van
fundamentele waarden
inhoud: strafbare gedragingen
fund waarden: eigendomsrecht, recht op fysieke integriteit
1
, ‒ Formeel strafrecht: minder vanzelfsprekend (bv. verjaring), beschermde
waarden liggen op een ander vlak en zijn meer aan evolutie onderhevig
vb. verjaring: elk misdrijf verjaringstermijn hierna geen vervolging
mogelijk verjaring afschaffen onmogelijk: onverantwoord om zovele jaren
na de feiten nog te vervolgen hoe langer misdrijf hoe langer verjaring
* in NL: levensdelicten verjaren niet (want zwaarste misdrijf)
vb. sanctie op procedurele voorschriften (in materieel evident in SWB) vb
onrechtmatig verkregen bewijs vroeger in RS: bewijs moet uit het dossier
want ovh moet regels volgen, nu: niet altijd uit dossier maar enkel onder bep
omstandigheden (recht op eerlijk proces is geschonden)
̶ Sanctionering van schending van deze regels:
‒ Materieel strafrecht: bestraffing
‒ Formeel strafrecht: niet steeds een sanctie; sanctie staat ook niet vast (soms
verval van de strafvordering, soms bewijsuitsluiting, soms strafvermindering).
̶ Doelstellingen van het strafproces:
̶ Waarheidsvinding en bescherming van individuele grondrechten
‒ Waarheidsvinding, publiek recht, openbaar belang (bv. houding van het
slachtoffer irrelevant)
‒ Bescherming individuele grondrechten: privacy, briefgeheim,
eigendomsrecht: ruimer dan enkel de rechten van verdediging
̶ Onderlinge afweging
‒ Aanvankelijk waarheidsvinding centraal
hier dwangmiddelen nodig, een vooronderzoek
‒ Individuele grondrechten: vooral sedert de tweede helft 20 e eeuw
WOII: reactie indiv grondrechten: oprichting van vele internat
instellingen
Einde ‘80: sterke nadruk op indiv grondrechten in voordeel vd
verdediging zware periode qua criminaliteit vb. Dutroux, bende van Nijvel,
extreemlinkse groeperingen
Jaren ‘90: omgekeerd gewijzigde criminaliteit (grootschaliger, meer
georganiseerd) noodzaak strafproces meer repressief karakter:
dwangmiddelen, federaal parket
‒ Legaliteitsbeginsel (art. 12 Gw.), privacy (art. 22 Gw.) edm.
2
, ‒ Wet op zich is niet voldoende, de wet moet ook aan bepaalde inhoudelijke
eisen beantwoorden (bv. art. 8 EVRM)
‒ Concrete afweging in de rechtspraak: slingerbeweging
̶ Tot WOII: grootste belang aan de waarheidsvinding
̶ sinds jaren 60: meer belang aan grondrechten
̶ Nu: sinds jaren 90 meer belang aan zware delicten (9/11, Dutroux)
̶ veel nadruk op rechtshandhaving (o.a. als gevolg van het
terrorisme)
̶ bv. recente discussie in 2017 over de verlenging van de
arrestatietermijn (48/72 uur)
̶ Artikel 32 VTSV: onrechtmatig verkregen bewijs
Accusatoire en inquisitoire strafrechtspleging
̶ Accusatoir:
̶ Horizontale processtructuur (zoals bv. in een burgerlijk geding)
OM op gelijk voet met verdediging
̶ Passieve rol van de rechter
aanhoort procureur en beklaagde
doet NIET actief aan waarheidsvinding
Rechter als arbiter: ziet toe dat regels gevolgd worden, maar inhoudelijk geen rol
̶ Volledige openbaarheid: tav partijen en publiek
̶ Inquisitoir:
̶ Verticale processtructuur: OM bevoorrechte positie qua bevoegdheden, strafproces
(tot zelfs zittingszaal)
̶ Actieve rol van de rechter: leiding proces + rol in de waarheidsvinding: stelt vragen
aan beklaagde
̶ Eerder geheim karakter vb. vooronderzoek geheim
̶ Zuivere types komen bijna nergens meer voor
̶ Common law landen: hoofdzakelijk accusatoir (grotere rol voor politie, veel
juryrechtspraak)
3
, ̶ Continentale landen: hoofdzakelijk inquisitoir (vooronderzoek onder leiding van OM,
bestaan van onderzoeksmagistraat) doch onderzoek ter terechtzitting hoofdzakelijk
accusatoir MAAR op basis van tijdens het vooronderzoek samengesteld strafdossier
gemengd systeem: : vooronderzoek is inquisitoir (geheim), onderzoek ter zitting is
accusatoir (openbaar)
Verloop van het strafproces: vooronderzoek
̶ Doel van het vooronderzoek: eventueel bestaan van voldoende bezwaren
kwaliteit is essentieel voor strafproces
obv dossier vooronderzoek verloopt de zitting ten gronde
̶ Twee types:
̶ Opsporingsonderzoek
‒ Procureur des Konings (ondergeschikt aan MvJ), zonder onderzoeksrechter
‒ Wordt ook afgesloten door PdK (vervolging, sepot of buitengerechtelijke
afhandeling)
‒ Meer dan 95 % van de strafzaken op deze manier behandeld
̶ Gerechtelijk onderzoek
‒ Door de onderzoeksrechter
‒ Afgesloten door regeling van de rechtspleging
‒ Meestal wanneer dwangmaatregelen vereist zijn (bv. huiszoeking,
telefoontap, aanhoudingsbevel edm.)
enkel rechter kan dwangmaatregelen nemen
wanneer opsporingsonderzoek te beperkt is
̶ Kenmerken van het vooronderzoek
̶ Geheim, niet-tegensprekelijk en schriftelijk
Geheim karakter: nagaan of er uberhaupt reden is om zaak voor de rechter te
brengen vermijden ongegronde aangiften
vooronderzoek hangt samen met vermoeden van onschuld
̶ Geheim
‒ Art. 28 quinquies Sv. (OO) en 57 §1 Sv. (GO)
4
, ‒ Zowel tav partijen vb. kopie vd klacht NIET meegedeeld als derden vb. pers,
familie
‒ Tav verdachte en slachtoffer: worden niet betrokken bij het onderzoek en in
principe geen inzage. Maar:
– Kopie van ondervraging
– Inzage art. 21bis (algemeen en in OO: vragen aan PdK) en art. 61ter
Sv. (GO: vragen aan onderzoeksrechter), met weigeringsgronden
maar met recht van hoger beroep bij KI
niet meteen recht op inzage, maar recht om inzage te vragen
– Inzage betekent in principe ook recht op kopiename
‒ Tav publiek: achter gesloten deuren. Maar:
– Persmededelingen mogelijk door PdK en door advocaat maar onder
voorwaarden (art. 28quinquies Sv. en 57 Sv.)
zekere terughoudendheid bij mededelingen
advocaat gebonden aan deontologische regels
̶ Niet-tegensprekelijk karakter
‒ Aangezien geheim: geen tegenspraak mogelijk
‒ Opsporingsonderzoek: vrijwel volledig, met enkele uitzonderingen
‒ Gerechtelijk onderzoek: meer participatie (bijkomende onderzoeksdaden en
soms recht op tegenexpertise bv. DNA)
̶ Schriftelijk: proces-verbaal
- noodzakelijk voor rechten van onderzoek
- ook verband met geheim karakter: aangezien geheim noodzakelijk om onderzoek
op schrift te stellen
Verloop van het strafproces/Onderzoek ten gronde
̶ Kenmerken onderzoek ten gronde: procedure zoals bij een rechter
̶ Openbaarheid van zitting en uitspraak (>< vooronderzoek geheim)
‒ Art. 148 (terechtzitting) en 149 (uitspraak) Gw. : publiek mag aanwezig zijn
essentieel want burger toezicht op wat in zittingen gebeurt
sanctie: op straffe van nietigheid achter gesloten deuren: volledige
procedure nietig
openbaarheid uitspraak: moet altijd geen uitz
‒ Uitzonderingen (op de openbaarheid vd zitting)
5
, – Openbare orde en goede zeden (art. 148 Gw.)
beklaagde, procureur kan dit vragen (om privacy betrokkenen te
respecteren)
– Bescherming privéleven van de partijen (art. 6 EVRM)
zelden toegepast
enkel rechtstreeks betrokken bij procedure aanwezig
– Geen uitzonderingen wat de uitspraak betreft
‒ Interne en externe openbaarheid
intern: openbaarheid procedure en dossier voor PARTIJEN zelf vb.
inzagerecht dossier essentieel voor recht op verdediging ALTIJD voor
vonnisgerechten
extern: openbaarheid procedure en dossier voor PARTIJEN zelf vb.
inzagerecht dossier essentieel voor recht op verdediging ALTIJD voor
vonnisgerechten
̶ Tegensprekelijk karakter: vanaf dan tegenspreken alles wat over je gezegd wordt
‒ Hangt samen met interne openbaarheid: om dossier tegen te spreken
essentieel om dossier te kunnen inkijken
‒ Recht op debat (verstek is nochtans mogelijk)
verstek: procedure gaat verder ook recht om zich niet te verdedigen
‒ Wapengelijkheid tussen beklaagde en OM (‘equality of arms’)
zelfde dossier inkijken (geen stukken achterhouden), andere stukken vb.
PV kunnen toegevoegd worden mits het in het dossier komt
‒ Strafdossier zeer belangrijk: rechter is in grote mate een ‘verificatierechter’
geworden
vooronderzoek zou eigenlijk opnieuw gedaan moeten worden om
zitting gebeurt zelden
- ideaal gezien: getuigen opnieuw horen etc gebeurt zelden, behalve
in HvA getuigen opnieuw gehoord wanneer uiterst belangrijk
- rechter verificatierechter geworden: vonnis geveld obv debatten en het
dossier
̶ Mondeling karakter
‒ Mondeling verweer over de feiten belangrijk maar niet het enige
‒ Pleidooien doch ook schriftelijk verweer (conclusies= juridische
uiteenzetting) vb. over de constitutieve bestanddelen vh misdrijf
6
, ‒ Proces-verbaal van de terechtzitting: schriftelijk verslag van de zitting
‒ Volledig mondelinge procedure voor het hof van assisen
pleidooi nog een grotere rol (juryleden zijn geen juristen, dus oordeel vd
jury obv verslagen, de pleidooien)
Actoren in het strafproces: de verdachte
̶ Persoon die ervan verdacht wordt een strafbaar feit te hebben gepleegd
̶ Verschillende statuten:
̶ Verdachte: algemeen
belangrijkste algemeen: geen juridische toestand, in feitelijke toestand verdacht
een misdrijf te hebben gepleegd
̶ Inverdenkinggestelde (art. 61bis Sv.) : ofwel automatisch ofwel ingevolge
inverdenkingstelling door de onderzoeksrechter (art. 61bis Sv., zie later)
Rechter van oordeel van voldoende aanwijzingen van schuld
Vanaf dan aantal rechter vb. inzagerecht
̶ Inbeschuldigingstelling: hof van assisen
̶ Beklaagde: tijdens onderzoek ter terechtzitting
wordt aangeklaagd met bep misdrijf (al verder in de procedure)
̶ Beschuldigde: hof van assisen
zelfde als beklaagde maar dan HvA
̶ Veroordeelde
̶ Ook rechtspersonen (sedert 1999)
Theoretisch gezien rechtspersoon inbeschuldigingstelling maar nog niet gebeurd
Voornamelijk milieumisdrijven, bouwmisdrijven, economische misdrijven
Rechtspersoon en natuurlijke personen gelijktijdig vervolgd
̶ Lasthebber ad hoc (art. 2bis VTSV; vertegenwoordiger van de rechtspersoon bij
gelijktijdige vervolging met de natuurlijke persoon)
belangen rechtspersoon te behartigen
Vermijden natuurlijke persoon strafrechtelijke verantw doorschuiven naar
rechtspersoon
7
, Vermijden natuurlijke persoon en rechtspersoon zelfde advocaat want
tegenstrijdige belangen
̶ De advocaat
̶ Dubbele taak:
info aan verdachte over arrestatie, procedure
verdediging: obv wet (procedurele regels) en obv deontologie (ongeschreven
gedragsregels voor de advocaat)
̶ De verdediging : verdachte en advocaat
̶ Wet en deontologie
̶ Rechten van verdediging
‒ Contact met de advocaat
‒ Bijstand van de advocaat bij het verhoor (Salduz)
‒ Strafrechtelijk kortgeding
‒ Bijkomend onderzoek edm.
kan bijkomende onderzoeksdaden vragen
Actoren in het strafproces: het slachtoffer
̶ Aandacht sedert meer dan 20 jaar sterk toegenomen (zaak Dutroux en parl.
onderzoekscommissie)
ernstige hervormingen justitie (politiediensten, OM, justitieraad) hangt samen met
aandacht slachtoffer
̶ Algemeen:
̶ Correcte bejegening (art. 3bis VTSV): op correcte manier behandeld
bijstand, info in de procedure
contact met andere diensten vb. dienst slachtofferonthaal
automatische oproeping wanneer verdachte vervolgd
minderjarigen en kwetsbare meerderjarigen: recht op vertrouwenspersoon
financ tegemoetkoming slachtoffer wanneer slachtoffer vonnis niet kan uitvoeren
vb. veroordeelde geen geld
strafuitvoering: slachtoffer opgeroepen en gehoord (geen partij) bij
voorwaardelijke invrijheidsstelling
̶ Rechten voor benadeelden (art. 5bis VTSV)
8
TITEL 3: alg beginselen
DEFINITIE
̶ Begrip
̶ Geheel van rechtsregels betreffende de opsporing, vervolging en berechting van
personen die ervan verdacht worden een misdrijf te hebben gepleegd
hoe inhoudelijke (=materiele) strafrechtelijke regels in praktijk omzetten
materieel strafrecht kan niet zonder formeel en omgekeerd)
̶ Synoniemen: formeel strafrecht, strafprocesrecht, strafvordering
̶ Onderscheid tussen materieel en formeel strafrecht:
̶ Personen tot wie de regels gericht zijn:
‒ Materieel strafrecht: gericht tot iedereen (natuurlijke + rechtspersonen)
weinig verandering mogelijk
misdrijven zijn zoals ze zijn
soms toch materieel vb. opiniedelicten
‒ Formeel strafrecht: in de eerste plaats gericht tot de overheid (politie,
staande en zittende magistratuur) (nauwelijks tot burger gericht)
ovh mag geen onbeperkte macht hebben + scheiding der machten
Ovh moet zijn eigen regels ook navolgen
Verhouding burger-ovh
vb voorlopige hechtenis: ong 36% in gevangenis onder voorlopige
hechtenis (dus nog niet veroordeeld)
Vb. telefoontap: belangrijke bron van info in criminaliteit
telecomoperatoren hebben deze info, maar hoelang mogen ze deze info
hebben?
̶ Inhoud van deze regels:
‒ Materieel strafrecht: vanzelfsprekende inhoud, bescherming van
fundamentele waarden
inhoud: strafbare gedragingen
fund waarden: eigendomsrecht, recht op fysieke integriteit
1
, ‒ Formeel strafrecht: minder vanzelfsprekend (bv. verjaring), beschermde
waarden liggen op een ander vlak en zijn meer aan evolutie onderhevig
vb. verjaring: elk misdrijf verjaringstermijn hierna geen vervolging
mogelijk verjaring afschaffen onmogelijk: onverantwoord om zovele jaren
na de feiten nog te vervolgen hoe langer misdrijf hoe langer verjaring
* in NL: levensdelicten verjaren niet (want zwaarste misdrijf)
vb. sanctie op procedurele voorschriften (in materieel evident in SWB) vb
onrechtmatig verkregen bewijs vroeger in RS: bewijs moet uit het dossier
want ovh moet regels volgen, nu: niet altijd uit dossier maar enkel onder bep
omstandigheden (recht op eerlijk proces is geschonden)
̶ Sanctionering van schending van deze regels:
‒ Materieel strafrecht: bestraffing
‒ Formeel strafrecht: niet steeds een sanctie; sanctie staat ook niet vast (soms
verval van de strafvordering, soms bewijsuitsluiting, soms strafvermindering).
̶ Doelstellingen van het strafproces:
̶ Waarheidsvinding en bescherming van individuele grondrechten
‒ Waarheidsvinding, publiek recht, openbaar belang (bv. houding van het
slachtoffer irrelevant)
‒ Bescherming individuele grondrechten: privacy, briefgeheim,
eigendomsrecht: ruimer dan enkel de rechten van verdediging
̶ Onderlinge afweging
‒ Aanvankelijk waarheidsvinding centraal
hier dwangmiddelen nodig, een vooronderzoek
‒ Individuele grondrechten: vooral sedert de tweede helft 20 e eeuw
WOII: reactie indiv grondrechten: oprichting van vele internat
instellingen
Einde ‘80: sterke nadruk op indiv grondrechten in voordeel vd
verdediging zware periode qua criminaliteit vb. Dutroux, bende van Nijvel,
extreemlinkse groeperingen
Jaren ‘90: omgekeerd gewijzigde criminaliteit (grootschaliger, meer
georganiseerd) noodzaak strafproces meer repressief karakter:
dwangmiddelen, federaal parket
‒ Legaliteitsbeginsel (art. 12 Gw.), privacy (art. 22 Gw.) edm.
2
, ‒ Wet op zich is niet voldoende, de wet moet ook aan bepaalde inhoudelijke
eisen beantwoorden (bv. art. 8 EVRM)
‒ Concrete afweging in de rechtspraak: slingerbeweging
̶ Tot WOII: grootste belang aan de waarheidsvinding
̶ sinds jaren 60: meer belang aan grondrechten
̶ Nu: sinds jaren 90 meer belang aan zware delicten (9/11, Dutroux)
̶ veel nadruk op rechtshandhaving (o.a. als gevolg van het
terrorisme)
̶ bv. recente discussie in 2017 over de verlenging van de
arrestatietermijn (48/72 uur)
̶ Artikel 32 VTSV: onrechtmatig verkregen bewijs
Accusatoire en inquisitoire strafrechtspleging
̶ Accusatoir:
̶ Horizontale processtructuur (zoals bv. in een burgerlijk geding)
OM op gelijk voet met verdediging
̶ Passieve rol van de rechter
aanhoort procureur en beklaagde
doet NIET actief aan waarheidsvinding
Rechter als arbiter: ziet toe dat regels gevolgd worden, maar inhoudelijk geen rol
̶ Volledige openbaarheid: tav partijen en publiek
̶ Inquisitoir:
̶ Verticale processtructuur: OM bevoorrechte positie qua bevoegdheden, strafproces
(tot zelfs zittingszaal)
̶ Actieve rol van de rechter: leiding proces + rol in de waarheidsvinding: stelt vragen
aan beklaagde
̶ Eerder geheim karakter vb. vooronderzoek geheim
̶ Zuivere types komen bijna nergens meer voor
̶ Common law landen: hoofdzakelijk accusatoir (grotere rol voor politie, veel
juryrechtspraak)
3
, ̶ Continentale landen: hoofdzakelijk inquisitoir (vooronderzoek onder leiding van OM,
bestaan van onderzoeksmagistraat) doch onderzoek ter terechtzitting hoofdzakelijk
accusatoir MAAR op basis van tijdens het vooronderzoek samengesteld strafdossier
gemengd systeem: : vooronderzoek is inquisitoir (geheim), onderzoek ter zitting is
accusatoir (openbaar)
Verloop van het strafproces: vooronderzoek
̶ Doel van het vooronderzoek: eventueel bestaan van voldoende bezwaren
kwaliteit is essentieel voor strafproces
obv dossier vooronderzoek verloopt de zitting ten gronde
̶ Twee types:
̶ Opsporingsonderzoek
‒ Procureur des Konings (ondergeschikt aan MvJ), zonder onderzoeksrechter
‒ Wordt ook afgesloten door PdK (vervolging, sepot of buitengerechtelijke
afhandeling)
‒ Meer dan 95 % van de strafzaken op deze manier behandeld
̶ Gerechtelijk onderzoek
‒ Door de onderzoeksrechter
‒ Afgesloten door regeling van de rechtspleging
‒ Meestal wanneer dwangmaatregelen vereist zijn (bv. huiszoeking,
telefoontap, aanhoudingsbevel edm.)
enkel rechter kan dwangmaatregelen nemen
wanneer opsporingsonderzoek te beperkt is
̶ Kenmerken van het vooronderzoek
̶ Geheim, niet-tegensprekelijk en schriftelijk
Geheim karakter: nagaan of er uberhaupt reden is om zaak voor de rechter te
brengen vermijden ongegronde aangiften
vooronderzoek hangt samen met vermoeden van onschuld
̶ Geheim
‒ Art. 28 quinquies Sv. (OO) en 57 §1 Sv. (GO)
4
, ‒ Zowel tav partijen vb. kopie vd klacht NIET meegedeeld als derden vb. pers,
familie
‒ Tav verdachte en slachtoffer: worden niet betrokken bij het onderzoek en in
principe geen inzage. Maar:
– Kopie van ondervraging
– Inzage art. 21bis (algemeen en in OO: vragen aan PdK) en art. 61ter
Sv. (GO: vragen aan onderzoeksrechter), met weigeringsgronden
maar met recht van hoger beroep bij KI
niet meteen recht op inzage, maar recht om inzage te vragen
– Inzage betekent in principe ook recht op kopiename
‒ Tav publiek: achter gesloten deuren. Maar:
– Persmededelingen mogelijk door PdK en door advocaat maar onder
voorwaarden (art. 28quinquies Sv. en 57 Sv.)
zekere terughoudendheid bij mededelingen
advocaat gebonden aan deontologische regels
̶ Niet-tegensprekelijk karakter
‒ Aangezien geheim: geen tegenspraak mogelijk
‒ Opsporingsonderzoek: vrijwel volledig, met enkele uitzonderingen
‒ Gerechtelijk onderzoek: meer participatie (bijkomende onderzoeksdaden en
soms recht op tegenexpertise bv. DNA)
̶ Schriftelijk: proces-verbaal
- noodzakelijk voor rechten van onderzoek
- ook verband met geheim karakter: aangezien geheim noodzakelijk om onderzoek
op schrift te stellen
Verloop van het strafproces/Onderzoek ten gronde
̶ Kenmerken onderzoek ten gronde: procedure zoals bij een rechter
̶ Openbaarheid van zitting en uitspraak (>< vooronderzoek geheim)
‒ Art. 148 (terechtzitting) en 149 (uitspraak) Gw. : publiek mag aanwezig zijn
essentieel want burger toezicht op wat in zittingen gebeurt
sanctie: op straffe van nietigheid achter gesloten deuren: volledige
procedure nietig
openbaarheid uitspraak: moet altijd geen uitz
‒ Uitzonderingen (op de openbaarheid vd zitting)
5
, – Openbare orde en goede zeden (art. 148 Gw.)
beklaagde, procureur kan dit vragen (om privacy betrokkenen te
respecteren)
– Bescherming privéleven van de partijen (art. 6 EVRM)
zelden toegepast
enkel rechtstreeks betrokken bij procedure aanwezig
– Geen uitzonderingen wat de uitspraak betreft
‒ Interne en externe openbaarheid
intern: openbaarheid procedure en dossier voor PARTIJEN zelf vb.
inzagerecht dossier essentieel voor recht op verdediging ALTIJD voor
vonnisgerechten
extern: openbaarheid procedure en dossier voor PARTIJEN zelf vb.
inzagerecht dossier essentieel voor recht op verdediging ALTIJD voor
vonnisgerechten
̶ Tegensprekelijk karakter: vanaf dan tegenspreken alles wat over je gezegd wordt
‒ Hangt samen met interne openbaarheid: om dossier tegen te spreken
essentieel om dossier te kunnen inkijken
‒ Recht op debat (verstek is nochtans mogelijk)
verstek: procedure gaat verder ook recht om zich niet te verdedigen
‒ Wapengelijkheid tussen beklaagde en OM (‘equality of arms’)
zelfde dossier inkijken (geen stukken achterhouden), andere stukken vb.
PV kunnen toegevoegd worden mits het in het dossier komt
‒ Strafdossier zeer belangrijk: rechter is in grote mate een ‘verificatierechter’
geworden
vooronderzoek zou eigenlijk opnieuw gedaan moeten worden om
zitting gebeurt zelden
- ideaal gezien: getuigen opnieuw horen etc gebeurt zelden, behalve
in HvA getuigen opnieuw gehoord wanneer uiterst belangrijk
- rechter verificatierechter geworden: vonnis geveld obv debatten en het
dossier
̶ Mondeling karakter
‒ Mondeling verweer over de feiten belangrijk maar niet het enige
‒ Pleidooien doch ook schriftelijk verweer (conclusies= juridische
uiteenzetting) vb. over de constitutieve bestanddelen vh misdrijf
6
, ‒ Proces-verbaal van de terechtzitting: schriftelijk verslag van de zitting
‒ Volledig mondelinge procedure voor het hof van assisen
pleidooi nog een grotere rol (juryleden zijn geen juristen, dus oordeel vd
jury obv verslagen, de pleidooien)
Actoren in het strafproces: de verdachte
̶ Persoon die ervan verdacht wordt een strafbaar feit te hebben gepleegd
̶ Verschillende statuten:
̶ Verdachte: algemeen
belangrijkste algemeen: geen juridische toestand, in feitelijke toestand verdacht
een misdrijf te hebben gepleegd
̶ Inverdenkinggestelde (art. 61bis Sv.) : ofwel automatisch ofwel ingevolge
inverdenkingstelling door de onderzoeksrechter (art. 61bis Sv., zie later)
Rechter van oordeel van voldoende aanwijzingen van schuld
Vanaf dan aantal rechter vb. inzagerecht
̶ Inbeschuldigingstelling: hof van assisen
̶ Beklaagde: tijdens onderzoek ter terechtzitting
wordt aangeklaagd met bep misdrijf (al verder in de procedure)
̶ Beschuldigde: hof van assisen
zelfde als beklaagde maar dan HvA
̶ Veroordeelde
̶ Ook rechtspersonen (sedert 1999)
Theoretisch gezien rechtspersoon inbeschuldigingstelling maar nog niet gebeurd
Voornamelijk milieumisdrijven, bouwmisdrijven, economische misdrijven
Rechtspersoon en natuurlijke personen gelijktijdig vervolgd
̶ Lasthebber ad hoc (art. 2bis VTSV; vertegenwoordiger van de rechtspersoon bij
gelijktijdige vervolging met de natuurlijke persoon)
belangen rechtspersoon te behartigen
Vermijden natuurlijke persoon strafrechtelijke verantw doorschuiven naar
rechtspersoon
7
, Vermijden natuurlijke persoon en rechtspersoon zelfde advocaat want
tegenstrijdige belangen
̶ De advocaat
̶ Dubbele taak:
info aan verdachte over arrestatie, procedure
verdediging: obv wet (procedurele regels) en obv deontologie (ongeschreven
gedragsregels voor de advocaat)
̶ De verdediging : verdachte en advocaat
̶ Wet en deontologie
̶ Rechten van verdediging
‒ Contact met de advocaat
‒ Bijstand van de advocaat bij het verhoor (Salduz)
‒ Strafrechtelijk kortgeding
‒ Bijkomend onderzoek edm.
kan bijkomende onderzoeksdaden vragen
Actoren in het strafproces: het slachtoffer
̶ Aandacht sedert meer dan 20 jaar sterk toegenomen (zaak Dutroux en parl.
onderzoekscommissie)
ernstige hervormingen justitie (politiediensten, OM, justitieraad) hangt samen met
aandacht slachtoffer
̶ Algemeen:
̶ Correcte bejegening (art. 3bis VTSV): op correcte manier behandeld
bijstand, info in de procedure
contact met andere diensten vb. dienst slachtofferonthaal
automatische oproeping wanneer verdachte vervolgd
minderjarigen en kwetsbare meerderjarigen: recht op vertrouwenspersoon
financ tegemoetkoming slachtoffer wanneer slachtoffer vonnis niet kan uitvoeren
vb. veroordeelde geen geld
strafuitvoering: slachtoffer opgeroepen en gehoord (geen partij) bij
voorwaardelijke invrijheidsstelling
̶ Rechten voor benadeelden (art. 5bis VTSV)
8