MAATSCHAPPELIJKE CLUSTER
Inhoud
Situering lesinhoud .............................................................................................................................3
Introductie ..........................................................................................................................................3
Quiz ................................................................................................................................................4
Lesinhoud .......................................................................................................................................4
1. Conceptuele afbakening..................................................................................................................5
Rollen/functies (Van Mil & Van Mierlo) ...........................................................................................9
Rollen/functies non-profitorganisaties in Vlaanderen ................................................................... 10
Maatschappelijke middenveld Vl: kenmerken ............................................................................... 10
Perspectieven ............................................................................................................................... 11
Andere benadering: analyseniveau (Dierickx, 1996) ...................................................................... 11
2. Beleidsbeïnvloeding ...................................................................................................................... 11
Beleidsbeïnvloeding (Van Mil & Van Mierlo, 1988) ........................................................................ 12
A) Strategieën: wat? .............................................................................................................. 12
B) Verzuiling .......................................................................................................................... 19
C) Invloed .............................................................................................................................. 29
3. Consultatie en overleg .................................................................................................................. 31
Overleg en advies in België & Vlaanderen ..................................................................................... 32
A) Sociaal overleg................................................................................................................... 33
4. State-society-netwerk ................................................................................................................... 44
Dimensies aan de state-society relatie (netwerk-literatuur) .......................................................... 44
Netwerkdimensies/dimensies van de state-society verhouding ..................................................... 45
Drie ideaaltypes ............................................................................................................................ 46
Pluralisme ................................................................................................................................. 46
Neocorporatisme ...................................................................................................................... 46
Cliëntelisme .............................................................................................................................. 47
Interest-intermediation onderzoek ............................................................................................... 47
5. Beleidsuitvoering door het middenveld ......................................................................................... 48
Voorbeelden ................................................................................................................................. 48
Overheidssteun............................................................................................................................. 48
Voor- en nadelen .......................................................................................................................... 49
Medebeheer ................................................................................................................................. 49
Samenstelling OISZ: voorbeeld ...................................................................................................... 50
1
,Bevoegdheden OISZ: voorbeeld .................................................................................................... 50
Medebeheer Vlaanderen .............................................................................................................. 50
2
,Situering lesinhoud
Maatschappelijk cluster: de georganiseerde samenleving, de belangengroepen. Nagaan hoe die
belangengroepen een rol kunnen spelen in de beleidsvoering, hoe zij zich verhouden tot het
parlement, hoe hun relatie is met politieke partijen (verzuiling) en hoe de uitvoerende macht het
middenveld gaat raadplegen, maar ook omgekeerd: hoe het middenveld gaat proberen die
beslissingen in te voeren.
Introductie
“De vakbonden stippelen het beleid uit inzake arbeid, de mutualiteiten inzake gezondheidszorg, de
Boerenbond bepaalt het landbouwbeleid en het patronaat de overheidssteun. En de politieke klasse
mag het uitvoeren.”
Citaat van Guy Verhofstadt, toenmalig leider/voorzitter van de PVV (liberale partij) en later nog
premier geworden is van ons land. Hij suggereert dat het niet de regering is, niet de partijen zijn die
het beleid bepalen, maar dat de middenveldorganisatie dat doen. Het citaat is uit begin jaren ’90,
waardoor je zou kunnen verwachten dat de invloed van het middenveld minder sterk zou zijn. Maar
de doorslaggevende rol van het middenveld is nog niet helemaal verdwenen.
3
, Interview met Robert Verteneuil, voorzitter van ABVV. Het is een grote socialistische vakbond met
1,5 miljoen leden. Kop van het interview: hij wil zeggen dat hij het verdient om een belangrijke rol te
spelen in de besluitvorming.
Essentie les: in welke mate belangengroepen het beleid in ons land mee vorm geven en wat daar de
knelpunten bij zijn en bijhorende redenen.
Quiz
• Hoeveel leden telt de Groep van 10? 11 (zie volgende week)
• Van welke zuil is BBTK een onderdeel?
Christelijke – Socialistische – Liberale – Onafhankelijke
BBTK: Bond van Bedienden, Technici en Kaders: is ene onderdeel van de socialistische zuil
• Belangrijkste kanaal van beïnvloeding door drukkingsgroeperingen?
Kabinetten – Adviesraden – Media – Parlement
Lesinhoud
1) Conceptuele afbakening → het middenveld, belangenorganisaties, georganiseerde samenleving →
2) Beleidsbeïnvloeding
- Strategieën → om beleid te beïnvloeden
- Verzuiling → over de verstrengeldheid van belangengroepen en partijen
- Invloed → wat maakt dat sommige belangengroepen meer invloed hebben
en andere minder?
3) Consultatie en overleg
- Overleg
- Consultatie
4) State-society-netwerk → is het feit dat regering, administratie vaak ook vragende partij om ideeën
af te toetsen bij dat middenveld of expertise van dat middenveld te
gebruiken
5) Beleidsuitvoering door het middenveld → heel het netwerk bekijken, niet vanuit één invalshoek.
De overheid delegeert een aantal taken naar het middenveld (bv. uitbetaling
werkloosheidsuitkering
4