Uitval n. III:
1. Ptose door paralyse van de m. levator palpebrae.
2. Strabismus met diplopie in bijna alle blikrichtingen. Het oog in rust staat naar beneden en
temporaal (overheersing m. rectus lateralis (n. VI) en m. obliquus superior (n. IV).
3. Mydriase met totale pupilstijfheid en accomodatieverlamming als gevolg van de uitval van de
parasympatische vezels (m. constrictor pupillae en m. ciliaris)
Uitval n. IV:
Strabismus met diplopie bij kijken naar beneden. Het oog in rust wijkt af naar boven en temporaal en het
hoofd word compensatoir scheef gehouden naar gezonde kant (oculaire torticollis).
Uitval n. VI:
Strabismus met diplopie bij kijken naar lateraal. Het oog in rust wijkt af naar nasaal en het
hoofd wordt compensatoir lichtjes gedraaid naar aangetaste kant
Uitval n VII
Bovenste gezichthelft: bilateraal bezenuwt (n facialis superior)
Onderste gezichthelf: unilateraal (contralateraal) bezenuwt (n facialis inferior)
Centraal letsel - > enkel onderste spieren gezicht
Perifeer letsel - > volledige helft gezicht aangetast (= bells palsy)
Uitval n VIII
- Conductieverlies: Negatieve Rinne, lateralisatie Weber naar het slechte oor, Swabach gestoord.
Door oorzaken buiten- of middenoor: vreemd lichaam, oorstop, otitis media, geperforeerd
trommelvlies, otosclerosis, letsels gehoorbeentjes.
- Neurosensoriëel verlies: Positieve Rinne, lateralisatie Weber naar het goede oor.
Door pathologie binnenoor: cochleaire zenuw en transmissie impulsen naar hersenen.
Uitval n IX en X
Heesheid (n. X) kan wijzen op een stembandparalyse (naast bv. laryngitis), een nasale stem op een
verlamming van het verhemelte (n. IX).
Bij unilaterale verlamming zal één verhemelteboog niet optrekken en samen met de uvula naar
de normale zijde verplaatst worden (is gordijnteken). Dit wijst op een laesie van de motorische
vezels van de n. IX aan de andere zijde.
Uitval N XII
bij unilaterale tongzwakte draait de tong naar de aangetaste kant.
1. Ptose door paralyse van de m. levator palpebrae.
2. Strabismus met diplopie in bijna alle blikrichtingen. Het oog in rust staat naar beneden en
temporaal (overheersing m. rectus lateralis (n. VI) en m. obliquus superior (n. IV).
3. Mydriase met totale pupilstijfheid en accomodatieverlamming als gevolg van de uitval van de
parasympatische vezels (m. constrictor pupillae en m. ciliaris)
Uitval n. IV:
Strabismus met diplopie bij kijken naar beneden. Het oog in rust wijkt af naar boven en temporaal en het
hoofd word compensatoir scheef gehouden naar gezonde kant (oculaire torticollis).
Uitval n. VI:
Strabismus met diplopie bij kijken naar lateraal. Het oog in rust wijkt af naar nasaal en het
hoofd wordt compensatoir lichtjes gedraaid naar aangetaste kant
Uitval n VII
Bovenste gezichthelft: bilateraal bezenuwt (n facialis superior)
Onderste gezichthelf: unilateraal (contralateraal) bezenuwt (n facialis inferior)
Centraal letsel - > enkel onderste spieren gezicht
Perifeer letsel - > volledige helft gezicht aangetast (= bells palsy)
Uitval n VIII
- Conductieverlies: Negatieve Rinne, lateralisatie Weber naar het slechte oor, Swabach gestoord.
Door oorzaken buiten- of middenoor: vreemd lichaam, oorstop, otitis media, geperforeerd
trommelvlies, otosclerosis, letsels gehoorbeentjes.
- Neurosensoriëel verlies: Positieve Rinne, lateralisatie Weber naar het goede oor.
Door pathologie binnenoor: cochleaire zenuw en transmissie impulsen naar hersenen.
Uitval n IX en X
Heesheid (n. X) kan wijzen op een stembandparalyse (naast bv. laryngitis), een nasale stem op een
verlamming van het verhemelte (n. IX).
Bij unilaterale verlamming zal één verhemelteboog niet optrekken en samen met de uvula naar
de normale zijde verplaatst worden (is gordijnteken). Dit wijst op een laesie van de motorische
vezels van de n. IX aan de andere zijde.
Uitval N XII
bij unilaterale tongzwakte draait de tong naar de aangetaste kant.