Hoorcollege 1 Introductie
1. “Every child needs at least one adult who is irrationally crazy about him or her.”
Wie heeft deze uitspraak gedaan?
a. M. Langeveld
b. U. Bronfenbrenner
c. S. Freud
d. J. B. Watson
2. Wat bedoelt Bronfenbrenner met het mesosysteem in zijn ecologisch model?
a. Het mesosysteem heeft betrekking op de directe leefomgeving van een kind,
bijvoorbeeld ouders, vrienden en school.
b. Het mesosysteem heeft betrekking op de invloed van de maatschappij op het
kind, bijvoorbeeld wetgeving, normen en waarden.
c. Het mesosysteem heeft betrekking op het grotere sociale systeem waarin het
kind niet direct functioneert, maar wel indirect, bijvoorbeeld het werkschema
van zijn of haar ouders.
d. Het mesosysteem heeft betrekking op de connectie tussen de directe
leefomgeving van een kind, bijvoorbeeld de connectie tussen ouders en
leerkracht.
3. Wat houdt helicopter parenting in?
a. De ouders zijn weinig aanwezig.
b. De ouders laten veel toe.
c. De ouders hebben hoge eisen voor het kind.
d. De ouders zijn teveel betrokken.
4. De familie Jansen zit aan tafel tijdens het avondeten. Op het menu staan
aardappelen, hamburgers, broccoli en wortels. Mathijs, de jongste zoon van vader
Hein heeft een grote hekel aan broccoli en wortels en smeekt zijn vader om de
broccoli en wortels niet op te hoeven eten. Zijn vader is het hier niet mee eens en
zegt dat wanneer Mathijs zijn broccoli wel op eet, hij daarna zijn wortels mag laten
staan. Welke vorm van straf/bekrachtiging (reinforcement) is hier sprake?
a. Positieve bekrachtiging
b. Negatieve bekrachtiging
c. Positieve straf
d. Negatieve straf
5. Welke karaktertrekken van kinderen passen bij permissieve opvoeding?
a. Meer sociaal competent.
b. Meer angstig en humeurig.
c. Meer impulsief en agressief.
d. Meer impulsief, agressief, provocerend en humeurig.