Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Resume

VOLLEDIG BONDIGE SAMENVATTING FUNCTIELEER - PSYCHOLOGIE

Note
-
Vendu
-
Pages
35
Publié le
10-10-2024
Écrit en
2024/2025

Alle informatie dat je moet kennen voor het tentamen Functieleer van de opleiding Psychologie. Heb altijd mijn eigen samenvattingen gemaakt en geleerd en mijn vorige opleiding zonder herkansingen afgerond. Betrouwbare samenvatting. Als je dit kent haal je het tentamen gegarandeerd.

Montrer plus Lire moins
Établissement
Cours











Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
10 octobre 2024
Nombre de pages
35
Écrit en
2024/2025
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Functieleer tentamen
H1
Psychologie: wetenschap waarbij het gedrag bestudeerd wordt en waarbij de gedragsevidentie
gebruikt wordt om de interne processen te begrijpen die aan dat gedrag ten grondslag liggen.

Eerste invloedrijke geschriften: Plato en Aristoteles.
Plato → verschil tussen ware, onzichtbare wereld van ideale vormen en de zichtbare
veranderlijke wereld die een onvolmaakte afspiegeling is van de ware wereld. Mens kon toegang
krijgen tot kennis van de ideale wereld door rede.

Aristoteles → hecht meer belang aan observaties maar ook voor hen kon ware kennis niet op
observatie gebaseerd worden. Voor beide rede belangrijker dan observatie.

Na val Romeinse Rijk de Rooms-Katholieke Kerk de belangrijkste van kennis. Vertaalden
geschriften van Plato en Aristoteles.

Ontstaan psychologie

Helmoltz (1821-1894): het meten van snelheid van zenuwimpulsen in zenuwvezels bij kikkers.
Bepaalt de snelheid van informatieoverdracht. Had belangrijke inzichten op gebied van zien en
horen.

Donders (1818-1889): ontwikkelt apparaat om tijd te meten bij mensen tussen het aanbieden
van stimulus en het reageren hierop. Begin van de mentale chronometrie
➔ Techniek waarbij psychologische processen in informatieverwerking
wordt achterhaald door het kijken naar reactietijd om taak uit te
voeren.

Darwin (1809-1882): Evolutietheorie. Aanpassingsproces van veranderende omstandigheden.
Juiste eigenschappen zorgen voor veel nakomelingen, slechte voor minder. Sterven uit, survival
of the fittest. Proces staat nu bekend als natuurlijke selectie.
→ Menselijk gedrag kan hetzelfde worden bestudeerd als dierlijk gedrag

Ontwikkeling filosofie

Descartes (1596-1650): dualisme, rationalisme, nativisme en een mechanische kijk op wereld

Dualisme = mensen bestaan uit twee onafhankelijke elementen, lichaam en geest. Geest heeft
een vrije wil, lichaam is omhulsel en heeft geen invloed op geest. Sluit aan bij Plato en
Katholieke Kerk.

Rationalisme = ware kennis is gebaseerd op rede

Nativisme = mens heeft aangeboren kennis. Sluit aan bij invloeden Plato, Aristoteles en
Katholieke Kerk.

Mechanistische kijk op wereld = universum is een machine en het menselijk lichaam is hier een
onderdeel van. Vormt inspiratiebron voor Newton voor natuurwetten.

,Empirisme ontstaat door onvrede nativisme en rationalisme.
→inhoud geest wordt niet gevormd door aangeboren ideeën maar via zintuigelijke ervaringen die
met elkaar geassocieerd worden.

John Locke: Grondlegger empirisme. Associaties van ideeën; hogere-orde kennis komt tot stand
door combinaties van eenvoudigere ideeën. 2 dingen tegelijk ervaren = mentaal geassocieerd.

Psychologie als nieuwe wetenschap

Wundt (1832-1920): assistent Helmholtz. Richt eerste psychologische laboratorium op → wordt
beschouwd als startpunt wetenschappelijke psychologie.
Introspectie = kijken naar het eigen bewustzijn van binnenuit.
Wundt is behorende tot structuralisme. Een stroming in de psychologie die op basis van
introspectie de structuur van het bewustzijn probeert te ontdekken.

Titchener (1867-1927): heeft gestudeerd bij Wundt. Sensaties (geur, smaak), beelden
(herinneringen) en gevoelens (liefde, geluk) worden door en associatieproces gecombineerd tot
normale, bewuste ervaring.

Geboorte toegepaste psychologie

Binet & Simon 1907): intelligentietest. Vader toegepaste psychologie.

James (1842-1910): functionalisme. Het oplossen van praktische problemen. Functionalisme
sterk beïnvloed door evolutieleer van Darwin.
Stream of consciousness = mentale processen zijn als een voortdurend veranderende stroom
van gedachten en gevoelens.

Watson (1878-1958): behaviorisme. Psychologie moet wetenschap van gedrag worden, niet van
bewustzijn of andere introspectieve methoden (cognities). Gaat tegen functionalisme in.
Behaviorisme wordt beschreven als S-R-psychologie, stimulus lokt respons uit. Wordt weerlegt
door Tolman. Onderzoek naar ratten in doolhof waaruit bewijs voor bestaan van cognities kwam.

Behavioristen namen drie ideeën over van positivisten (natuurwetenschappen zijn beste manier
om wereld te begrijpen en kennis te genereren):
1. Theorie baseren op directe observaties die herhaald kunnen worden. Operationele
definitie.
2. Onderscheid maken onafhankelijke en afhankelijke variabelen.
3. Wetenschappelijke theorie bestaat uit beschrijven relatie onafhankelijke en afhankelijke
variabelen in vorm van wiskundige wet.


Freud (1856-1939): psychoanalyse. Bewustzijn gedrag zeer oppervlakkige fenomenen. De ware
oorsprong van ontstaan persoonlijkheidsverschillen en mentale stoornissen liggen bij
onbewuste krachten. Begrijpen van het verleden (hermeneutiek).


Gestalt psychologie: Wertheimer, Köhler, Koffka
Ziet alles als één geheel. Verzetten zich tegen structuralisme en behaviorisme.
Bij gestalt psychologie wordt gebruik gemaakt van apparente bewegingen. Het snel knipperen
van lampjes wat lijkt op beweging. Kan ook met figuren en geluid.
➔ Perceptie is een constructie, geen passieve reflectie van sensatie.

,Onderzoeksmethoden:
• Beschrijvend onderzoek. Correcte informatie verzamelen over onderwerp.
Observatie, gestandaardiseerde psychologische test (IQ, persoonlijkheid, stoornissen),
gevalsstudie (onderzoek over één persoon/gebeurtenis), kwalitatief onderzoek (gesprek)
• Correlatie onderzoek. Beschrijven verband tussen gegevens.
Probleem → oorzaak-gevolg niet te onderscheiden. IJs vs verdrinkingen. Mogelijke
confound.

• Experimenteel onderzoek. Manipuleren van één of meer variabelen om te kijken of dit
effect heeft op de andere. Hypothese.
Kritiek → interne validiteit (wordt verschil veroorzaakt door afhankelijke variabele?)
Externe validiteit (is resultaat generaliseerbaar naar andere personen?)

Als predictie uitkomt → confirmatie. Onderzoek kan gepubliceerd worden.
Niet uitkomt → falsificatie. Niet goed geoperationaliseerd? Publicatiebias, kan weg.

Onafhankelijke variabele: datgene wat wordt gevarieerd (wel/geen gewelddadige tv)
Afhankelijke variabele: wat gemeten wordt (agressie)
Controle variabelen: aspecten die gelijk zijn voor groepen (lengte film)
Persoonsvariabelen: manier waarop groepen zijn samengesteld (leeftijd, geslacht)


Biologie speelt op vier manieren rol bij psychologie:
1. Zenuwstelsel (CZS)
2. Invloed van lichaam op geest (honger, pijn)
3. Erfelijkheid (IQ, ADHD)
4. Evolutiegeschiedenis (partnerkeuze)


Cognitieve psychologie: menselijk gedrag begrijpen door onderzoek informatie verwerkende
processen in hersenen.

Nature-nurture debat
Aangeboren – omgevingsinvloeden voor verklaren gedrag

Biopsychosociale model = biologische, psychologische en sociale factoren spelen een rol bij
elke menselijke activiteit.

, H3
Gewaarwording = sensatie. Stimulatie wordt vertaald door neurale signalen naar hersenen.
Waarneming = perceptie. Interpreteren en begrijpen van gewaarwordingen.

Ward (2008): tien zintuigen. Elke zintuig moet een eigen reeks van receptoren hebben en in
aparte delen in de hersenen verwerkt worden.
- Gezichtsvermogen
- Gehoor
- Geur
- Smaak
- Tastzin
- Pijngewaarwording
- Temperatuurgewaarwording
- Evenwichtsgevoel
- Kinesthesie (positie en beweging gewrichten en spieren)
- Interoceptie (interne sensaties zoals honger, blaas)

Licht
Licht bestaat uit elektromagnetische stralingen wat voort komt uit snelle trillingen van elektrisch
geladen deeltjes. Beweegt in golven.
Lichtintensiteit → aantal fotonen (energiepakketjes) die per tijdseenheid een oppervlakte
bereiken. Hoe sterker de lichtbron, hoe meer fotonen. Wanneer foton oppervlakte bereikt
kunnen 3 dingen gebeuren:
- Foton wordt teruggekaatst (gereflecteerd)
- Foton gaat door oppervlakte heen (transparant voorwerp)
- Foton wordt geabsorbeerd (energie geabsorbeerd → chemische reacties zoals warmte)

Meeste licht komt niet van rechtstreekse bronnen maar van reflecties.

Oog
Beeld moet scherp op netvlies (retina) vallen.
Van stimulus naar retina:
1. Lichtgolf gaat door hoornvlies (cornea).
2. Kamervocht
3. Pupil (omheen zit iris. Spier voor lichtregeling)
4. Lens (omheen zit ciliaire spier. Zorgt voor accommodatie, dichtbij-veraf)
5. Glasachtige lichaam
6. Netvlies
7. Fovea

Hierna zetten kegeltjes en staafjes in en rond fovea het licht om in zenuwimpulsen die via de
oogzenuw naar de primaire cortex gaan.

Waar oogzenuw oog verlaat = blinde vlek

Retina bevat lichtgevoelige receptoren die lichtenergie omzetten in elektrochemische signalen
van zenuwstelsel. Reactie in receptoren leidt tot neuronale signalen die naar de hersenen
gestuurd worden. Transductie = het proces waarbij een receptorcel fysische energie omzet in
elektrische signalen.
€11,46
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
Michelle02

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Michelle02 Tilburg University
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
2
Membre depuis
1 année
Nombre de followers
0
Documents
6
Dernière vente
6 mois de cela

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions