Inhoudsopgave
1 Wat is retailing .................................................................................................................... 2
1.1 Retailing ................................................................................................................................. 2
1.2 Supply chain........................................................................................................................... 2
2 Tijdlijn ................................................................................................................................. 3
2.1 Some years ago...................................................................................................................... 3
2.1.1 Nieuwe handel, bedrijfsmodellen: Verandering in transacties .................................... 3
2.1.2 Nieuwe communicatie- en informatiemogelijkheden: Verandering in communicatie 4
2.1.3 Nieuwe technologische mogelijkheden: Verandering in interacties ............................ 4
2.2 Covid 19 ................................................................................................................................. 4
2.3 Vandaag ................................................................................................................................. 4
2.4 Antwoorden ........................................................................................................................... 5
3 Meerwaarde van fysieke winkels.......................................................................................... 6
MODULE 8: RETAILING & E-COMMERCE 1 van 6
, MODULE 8: Retailing & e-commerce
1 Wat is retailing
1.1 Retailing
- Retailing verwijst naar het proces van het verkopen van goederen en diensten aan de
eindconsumenten
Het omvat alle activiteiten die betrokken zijn bij de verkoop van producten rechtstreeks aan
individuele consumenten, zowel in fysieke winkels als online
- Verschillende soorten kanaalstructuren:
• Direct (zonder retailer) is meer geschikt voor producten die op maat gemaakt moeten worden
• Indirect (met retailer)
- De functies van een retailer:
• ‘Breaking the bulk’
• Kwalitatief assortimentsfunctie: Aanbod van verschillende producten
• Plaats en tijdsnut: Bereikbaarheid (fabrieken liggen vaak buiten de stad)
• Voorraadsfunctie: Op het juiste moment worden de juiste producten aangeboden
• Reparatie en herstel
• Communicatiefunctie met de klant
‘Het samenstellen en aanbieden van op de consumentenbehoefte afgestemde, vraagverwante,
assortimenten in een daartoe passende aanbodomgeving.’
(Koornstra, Marketing voor Retailers, 2005)
‘Retailers (detaillisten) zijn bedrijven waarvan de omzet hoofdzakelijk afkomstig is van verkoop van
relatief kleine hoeveelheden aan consumenten’
(Kotler, p.818)
‘Distributie eenheid voor het te koop aanbieden (+ wederverkoop) van goederen aan consumenten,
zonder goederen te behandelen’
(Vlaams decreet)
1.2 Supply chain
- Supply chain of aanbodketen verwijst naar het netwerk van bedrijven, leveranciers, fabrikanten,
distributeurs, retailers en andere entiteiten die samenwerken om grondstoffen om te zetten in
afgewerkte producten en deze producten uiteindelijk aan consumenten te leveren
Meest voorkomende leden van supply chain
• Leverancier (supplier)
• Producent (manufacturer)
• Groothandelaar (wholesaler)
• Kleinhandelaar (retailer)
• Tussenpersonen transport
• Distributie centra
MODULE 8: RETAILING & E-COMMERCE 2 van 6
1 Wat is retailing .................................................................................................................... 2
1.1 Retailing ................................................................................................................................. 2
1.2 Supply chain........................................................................................................................... 2
2 Tijdlijn ................................................................................................................................. 3
2.1 Some years ago...................................................................................................................... 3
2.1.1 Nieuwe handel, bedrijfsmodellen: Verandering in transacties .................................... 3
2.1.2 Nieuwe communicatie- en informatiemogelijkheden: Verandering in communicatie 4
2.1.3 Nieuwe technologische mogelijkheden: Verandering in interacties ............................ 4
2.2 Covid 19 ................................................................................................................................. 4
2.3 Vandaag ................................................................................................................................. 4
2.4 Antwoorden ........................................................................................................................... 5
3 Meerwaarde van fysieke winkels.......................................................................................... 6
MODULE 8: RETAILING & E-COMMERCE 1 van 6
, MODULE 8: Retailing & e-commerce
1 Wat is retailing
1.1 Retailing
- Retailing verwijst naar het proces van het verkopen van goederen en diensten aan de
eindconsumenten
Het omvat alle activiteiten die betrokken zijn bij de verkoop van producten rechtstreeks aan
individuele consumenten, zowel in fysieke winkels als online
- Verschillende soorten kanaalstructuren:
• Direct (zonder retailer) is meer geschikt voor producten die op maat gemaakt moeten worden
• Indirect (met retailer)
- De functies van een retailer:
• ‘Breaking the bulk’
• Kwalitatief assortimentsfunctie: Aanbod van verschillende producten
• Plaats en tijdsnut: Bereikbaarheid (fabrieken liggen vaak buiten de stad)
• Voorraadsfunctie: Op het juiste moment worden de juiste producten aangeboden
• Reparatie en herstel
• Communicatiefunctie met de klant
‘Het samenstellen en aanbieden van op de consumentenbehoefte afgestemde, vraagverwante,
assortimenten in een daartoe passende aanbodomgeving.’
(Koornstra, Marketing voor Retailers, 2005)
‘Retailers (detaillisten) zijn bedrijven waarvan de omzet hoofdzakelijk afkomstig is van verkoop van
relatief kleine hoeveelheden aan consumenten’
(Kotler, p.818)
‘Distributie eenheid voor het te koop aanbieden (+ wederverkoop) van goederen aan consumenten,
zonder goederen te behandelen’
(Vlaams decreet)
1.2 Supply chain
- Supply chain of aanbodketen verwijst naar het netwerk van bedrijven, leveranciers, fabrikanten,
distributeurs, retailers en andere entiteiten die samenwerken om grondstoffen om te zetten in
afgewerkte producten en deze producten uiteindelijk aan consumenten te leveren
Meest voorkomende leden van supply chain
• Leverancier (supplier)
• Producent (manufacturer)
• Groothandelaar (wholesaler)
• Kleinhandelaar (retailer)
• Tussenpersonen transport
• Distributie centra
MODULE 8: RETAILING & E-COMMERCE 2 van 6