EX VRAAG: Bespreek de invloed vh geleerde recht op de ontwikkeling vh late middeleeuwse straf-en
staatsrecht
Besluiten: door de uitvoerende macht // decreten: door gewesten/gemeenschappen
Hoofdstuk 5:( Her) geboorte van de rechtswetenschap
1. De renaissance van de 12de E
- Scharnierpunt vd ontwikkeling vh recht > Er is nood aan nieuwe rechtswetenschap
GEEN juridische revolutie, maar juridische evolutie (geleidelijk aan veranderen vh recht)
- Nieuwe denkwijzen de oude wegduwen (maar heel geleidelijk aan; zeker op het platteland,
steden iets sneller)
- Wij studeren recht door renaissance/receptie van geleerde recht
- Bij ons feodaliteit achteruit gaan => romeinse/ canonieke recht nemen de bovenhand
A. Wedergeboorte van rechtswetenschap + haar invloed op het publiekrecht
- Recht wordt bestudeerd => 11de- Bologna - er ontstaan universiteiten die ideeën van romeins en
canoniek recht in praktijk uitdiepen
- Vanaf 12e E: culturele breuklijn: politiek, religieus, wetenschappelijk, artiestiek = culturele brede
vernieuwingen = renaissance
- Juridisch:
Wetenschap:
Herontdekking corpus iuris civilis door Irnerius (Bologna) => rechtswetenschap ontstaat zo +
irnerius vat justiniaanse codificaties aan
Canonistiek corpus iuris civilis : canoniek recht voor privaatrecht belangrijkste => DECRETUM
GRATIANI: verzameling van alle kerkelijke regels
Met eerste scholen van glossatoren: tekst van corpus iuris civilis werd bestudeerd en die
tekst werd geglosseerd = moeilijke woorden uitleggen, extra verwijzingen, tekst
interpreteren en uitleggen aan anderen door iedere keer woordjes nader te belichten) –
glossen = noten met extra uitleg
Prof las corpus iuris civilis voor en glossen baseerden zich op die oorspronkelijke tekst en
maken aantekening errond
Later met scholen van commentatoren : tekst C.I.C wordt becommentarieerd en die tekst
beschouwen ze als ideale recht dat overal en altijd kan worden toegepast
- Die 2 samen (= tekst geglosseerd en becommentarieerd ) = ius commune = geleerd recht = ius
scriptum (geleerd, gemeen, geschreven)
!! Essentieel aan beide scholen: Men stelt corpus iuris civilis niet in vraag en neemt aan dat dat het
ideale recht is
Opnemen van denkcategorieën, woordjes en regels van romeins recht ih vigerend = positief recht =
receptie
, - Praktijk:
Aparte denkcategorie ontstaat die afwijkt van het algemeen geldende gewoonterecht
- 1425: universiteit in Leuven gesticht => bestuderen van Romeins/canoniek recht => juristen
zorgen voor specialisering en worden raadspensionarissen; kennis van juristen omzetten in
praktijk => maar in praktijk : gewoonterecht
o Publiekrecht ondergaat ook invloed van receptie van RR:
Gevolgen van receptie van RR (= indirect legal transplant) : we inspireren ons op canoniek
en romeins recht
Instellingen: juristen specialiseren zich; nieuwe beroepen ontstaan => consilium (=raad geven
wordt belangrijker => raadsheren ontstaan)
Wetgeving: wetten worden afgekondigd door de wil van de vorst => juristen beamen dit =>
geen gewoonterecht meer
Invloed op STRAFRECHT: ontstaan vh PUBLIEK strafrecht => idee dat functionaris in naam van
overheid openbare orde gaat handhaven
B. (Her)Geboorte van de wetgeving zoals we die vandaag kennen
- Men maakt gebruik van legisten, hun nieuw jargon en manier om keizerlijke wetten uit te
vaardigen
o Eerste ME:
- Beperkte rol van capitularia van Karolingers (= schriftelijke koninklijke verordeningen)
- Privileges als ad hoc ‘wetten’: bv abdij krijgt privilege om op eigen grondgebied eigen recht te
maken => koning nog niet de bron van wetten
- Vele ‘wetgevers’
o Late ME
- Wet als middel van soevereiniteitsstreven => vorsten willen macht vastleggen in publiekrecht
- Punctuele interventie (geen wetboeken)
- Ontstaan vorstelijke kanselarij en ambtenarij => bieden vorst bijstand
- Rol canonisten en romanisten:
‘Wil van de vorst is wet’ wordt bevestigd door romanisten en canonisten
Romeinse en canonieke terminologie en inspiratie
Optekening gewoontes door coutumiers => schrift in handen van wereldlijke overheden;
coutumier = rechtsgeleerde die gewoonterecht van bepaalde streek optekent => gebruik van
romeinse en canonieke woorden
C. Begin van bureaucratisering
Ontwikkeling wetenschap gaat gepaard met ontwikkeling universiteiten
Steeds meer geschreven teksten vh recht > bureaucratisering begint => ongeschreven
gewoonterecht wordt opgetekend
- Ontwikkeling universiteiten: 2 RECHTSFACULTEITEN
Romanisten, legisten, civilisten (ius romanum, ius civile)
Canonisten (ius ecclesiasticum)
➔studeerden men beide = men was licentiatus/doctor utriusque iuris
staatsrecht
Besluiten: door de uitvoerende macht // decreten: door gewesten/gemeenschappen
Hoofdstuk 5:( Her) geboorte van de rechtswetenschap
1. De renaissance van de 12de E
- Scharnierpunt vd ontwikkeling vh recht > Er is nood aan nieuwe rechtswetenschap
GEEN juridische revolutie, maar juridische evolutie (geleidelijk aan veranderen vh recht)
- Nieuwe denkwijzen de oude wegduwen (maar heel geleidelijk aan; zeker op het platteland,
steden iets sneller)
- Wij studeren recht door renaissance/receptie van geleerde recht
- Bij ons feodaliteit achteruit gaan => romeinse/ canonieke recht nemen de bovenhand
A. Wedergeboorte van rechtswetenschap + haar invloed op het publiekrecht
- Recht wordt bestudeerd => 11de- Bologna - er ontstaan universiteiten die ideeën van romeins en
canoniek recht in praktijk uitdiepen
- Vanaf 12e E: culturele breuklijn: politiek, religieus, wetenschappelijk, artiestiek = culturele brede
vernieuwingen = renaissance
- Juridisch:
Wetenschap:
Herontdekking corpus iuris civilis door Irnerius (Bologna) => rechtswetenschap ontstaat zo +
irnerius vat justiniaanse codificaties aan
Canonistiek corpus iuris civilis : canoniek recht voor privaatrecht belangrijkste => DECRETUM
GRATIANI: verzameling van alle kerkelijke regels
Met eerste scholen van glossatoren: tekst van corpus iuris civilis werd bestudeerd en die
tekst werd geglosseerd = moeilijke woorden uitleggen, extra verwijzingen, tekst
interpreteren en uitleggen aan anderen door iedere keer woordjes nader te belichten) –
glossen = noten met extra uitleg
Prof las corpus iuris civilis voor en glossen baseerden zich op die oorspronkelijke tekst en
maken aantekening errond
Later met scholen van commentatoren : tekst C.I.C wordt becommentarieerd en die tekst
beschouwen ze als ideale recht dat overal en altijd kan worden toegepast
- Die 2 samen (= tekst geglosseerd en becommentarieerd ) = ius commune = geleerd recht = ius
scriptum (geleerd, gemeen, geschreven)
!! Essentieel aan beide scholen: Men stelt corpus iuris civilis niet in vraag en neemt aan dat dat het
ideale recht is
Opnemen van denkcategorieën, woordjes en regels van romeins recht ih vigerend = positief recht =
receptie
, - Praktijk:
Aparte denkcategorie ontstaat die afwijkt van het algemeen geldende gewoonterecht
- 1425: universiteit in Leuven gesticht => bestuderen van Romeins/canoniek recht => juristen
zorgen voor specialisering en worden raadspensionarissen; kennis van juristen omzetten in
praktijk => maar in praktijk : gewoonterecht
o Publiekrecht ondergaat ook invloed van receptie van RR:
Gevolgen van receptie van RR (= indirect legal transplant) : we inspireren ons op canoniek
en romeins recht
Instellingen: juristen specialiseren zich; nieuwe beroepen ontstaan => consilium (=raad geven
wordt belangrijker => raadsheren ontstaan)
Wetgeving: wetten worden afgekondigd door de wil van de vorst => juristen beamen dit =>
geen gewoonterecht meer
Invloed op STRAFRECHT: ontstaan vh PUBLIEK strafrecht => idee dat functionaris in naam van
overheid openbare orde gaat handhaven
B. (Her)Geboorte van de wetgeving zoals we die vandaag kennen
- Men maakt gebruik van legisten, hun nieuw jargon en manier om keizerlijke wetten uit te
vaardigen
o Eerste ME:
- Beperkte rol van capitularia van Karolingers (= schriftelijke koninklijke verordeningen)
- Privileges als ad hoc ‘wetten’: bv abdij krijgt privilege om op eigen grondgebied eigen recht te
maken => koning nog niet de bron van wetten
- Vele ‘wetgevers’
o Late ME
- Wet als middel van soevereiniteitsstreven => vorsten willen macht vastleggen in publiekrecht
- Punctuele interventie (geen wetboeken)
- Ontstaan vorstelijke kanselarij en ambtenarij => bieden vorst bijstand
- Rol canonisten en romanisten:
‘Wil van de vorst is wet’ wordt bevestigd door romanisten en canonisten
Romeinse en canonieke terminologie en inspiratie
Optekening gewoontes door coutumiers => schrift in handen van wereldlijke overheden;
coutumier = rechtsgeleerde die gewoonterecht van bepaalde streek optekent => gebruik van
romeinse en canonieke woorden
C. Begin van bureaucratisering
Ontwikkeling wetenschap gaat gepaard met ontwikkeling universiteiten
Steeds meer geschreven teksten vh recht > bureaucratisering begint => ongeschreven
gewoonterecht wordt opgetekend
- Ontwikkeling universiteiten: 2 RECHTSFACULTEITEN
Romanisten, legisten, civilisten (ius romanum, ius civile)
Canonisten (ius ecclesiasticum)
➔studeerden men beide = men was licentiatus/doctor utriusque iuris