Leerdoelen Burgerlijkprocesrecht Week 1
Onderscheid maken tussen het materiële en het formele privaatrecht:
Materieel procesrecht: omvat inhoudelijke rechten en plichten: rechtsregels om situaties rechtsverhoudingen en
handelingen juridisch te definiëren en te kwalificeren.
Formeelrecht: geeft antwoord op de vraag volgens welke procedureregels deze rechten en plichten kunnen worden
geeffectueerd. (Hoe kunnen de materiele rechtsregels worden afgedwongen bij de rechter? Aan welke regels moeten de
betrokken partijen zich houden?)
Burgerlijkprocesrecht: synoniem: formeel recht
Omvat vormvoorschriften en procedureregels waarmee een persoon in een civiele procedure zijn materiele rechten en
plichten kan effectueren, vast laten stellen tot stand brengen, wijzigen of beëindigen.
De rol en functie van het burgerlijk procesrecht uitleggen en beschrijven:
Functies:
- Het handhaven en beïnvloeden van materiele burgerlijke rechten en plichten
- Het voorkomen van gerechtelijke procedure
- Het voorkomen van eigenrichting
Handhaven en beïnvloeden van materiele burgerlijke rechten en plichten:
Burgerlijk procesrecht verschaft een persoon bepaalde middelen om zijn burgerlijke rechten en plichten te handhaven en te
beïnvloeden. (vb. Art. 3:296 BW. Iemand levert niet kan je levering eisen)
Voorkomen van een gerechtelijk procedure (preventiefunctie):
De middelen die het burgerlijk procesrecht biedt, zoals het instellen van een vordering, kunnen een preventieve werking
hebben.
Voorkomen van eigenrichting:
Houdt in dat een persoon zelf en met eigen middelen zijn recht gaat halen zonder hulp van de overheid en zonder dat hem
daartoe een wettelijke bevoegdheid is gegeven.
De beginselen van en begrippen uit het burgerlijk procesrecht benoemen, uitleggen en verklaren:
Recht op rechtspraak en rechtsbijstand: Door iedereen een geschil moet kunnen worden voorgelegd aan een
overheidsrechter en dat eenieder recht heeft op juridische bijstand in een procedure.
Onafhankelijk en onpartijdige rechter
Hoor en wederhoor (gelijkheidsbeginsel): Betekent dat beide partijen in de gelegenheid gesteld moet worden om
hun standpunten in een zaak naar voren te brengen.
Redelijke termijn
Openbaarheid (zitting en uitspraak)
Motiveringsbeginsel (hoe hij tot zijn beslissing)
Geen rechtsweigering en volledige beslissing: De rechter dient in alle gevallen een beslissing te geven over het
geschil dat aan hem is voorgelegd: hij mag niet weigeren om een uitspraak te doen. Bovendien moet de eindbeslissing
van de rechter volledig zijn:
Partijautonomie (rechter kan niet meer of andere dingen toepassen): Wilt zeggen dat de grondslag voor de
beslissing van de rechter wordt gevormd door de stellingen van de procespartijen. (anders gezegd: partijen bepalen de
omvang van de gerechtelijke procedure. De burgerlijke rechter is ‘lijdelijk’ hij oordeelt alleen over vorderingen,
verzoeken, verweren, stellingen en argumenten die partijen aan hem voorleggen.
Ambtshalve aanvulling van rechtsgronden (hij mag een partij helpen)
Van het lijdelijkheidsbeginsel moet worden onderscheiden de verplichtingen van de rechter om op eigen initiatief de
rechtsgronden aan te vullen.
Aangeven hoe het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Wet op de Rechterlijke Organisatie is
opgebouwd:
Opbouw Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Boek 1: wijze van procederen
Boek 2: tenuitvoerlegging en akten
Boek 3: rechtsplegingen van onderscheiden aard
Boek 4: arbitrage
De betrokken spelers en instanties binnen het burgerlijk procesrecht benoemen en hun rol en taak beschrijven:
Natuurlijke personen: mensen van vlees en bloed
Rechtspersonen
Vertegenwoordiging van de natuurlijke persoon:
Wanneer een natuurlijk persoon niet handelingsbekwaam is moet hij worden vertegenwoordigd door een
handelingsbekwaam persoon die optreedt als zijn wettelijke vertegenwoordiger.
Vb. Je bent minderjarig en je broer vertegenwoordigt je
Vb. Je bent 20 en staat onder curatele dan heb je een curator.
1
, Vertegenwoordiging van de rechtspersonen:
Rechtspersonen kunnen ‘zelf’ niet procederen. Een rechtspersoon kan zelf immers geen feitelijke handeling verrichten,
zoals verschijnen ter zitting. Een rechtspersoon moet zichzelf laten vertegenwoordiging door een natuurlijke persoon.
(bedrijf door haar bestuurder, gemeente door burgemeester.
Rechtsbijstandverlener:
- Advocaat
Aangeven welke kosten er komen kijken bij het voeren van een gerechtelijke procedure:
Proceskosten:
Rechtsbijstandverlener: honorarium, kantoorkosten verschotten (rechtsbijstandverlener).
Gerechtelijke instantie: griffiegeld.
Gerechtsdeurwaarder: honorarium en verschotten
Leerdoelen week 2
Uitleggen en toepassen wanneer de vorderingsprocedure en wanneer de verzoekprocedure moet worden gevolgd:
2 varianten, ieder met zijn eigen regels:
1. Vorderingsprocedure of
2. Verzoek procedure
Hoofdregel: in beginsel wordt vorderingsprocedure gevolgd, tenzij de wet aangeeft dat de verzoekprocedure gevold moet
worden art. 78 JO. 261 Rv.
De materiele wet geeft dit aan met van ‘verzoeken’ afgeleiden woorden.
De start van de procedure beschrijven:
Thema: opstarten civielrechtelijke procedure:
1. Baisprocedure:
- 2 varianten: vorderingsprocedure en verzoekprocedure
2. aanvang basisprocedure met een procesinleiding:
- inhoud wettelijke vereisten
Alle zaken in eerste aanleg art. 42 wet RO
Hoger beroep gerechtshof art. 60 Wet RO
Cassatie HR art. 78 wet RO
Basisprocedure in eerste aanleg
Vier stappen:
1. procesinleiding art. 30a Rv
2. Verweerschrift art. 30i Rv
3. Mondelinge behandeling art. 30j-k Rv
4. Uitspraak art. 30 p-q en 230 Rv
Aangeven welke eisen de wet stelt aan de procesinleiding:
Procesinleiding:
Is standaard de eerste stap in de basisprocedure: art. 30a Rv
Functies:
- Het oproepen van verweerder om in de procedure te ‘verschijnen’
- Het mededelen aan verweerder van de vordering of het verzoek
Opbouw en inhoud (vereisten):
- Formaliteiten en administratieve gegevens
- Inhoudelijk middenstuk
- De vordering of het verzoek
Procesinleiding: wijze van indienen
Art. 30c Rv
Elektronisch, bij de rechter
Art. 30d Rv
Tijdstip van indienen:
Moment waarop het bericht het digitale systeem voor gegevensverwerking van de gerechten heeft bereikt.
Aangeven waar de formele vereisten (de eisen die de wet stelt) zijn terug te vinden in een procesinleiding:
Art 30a. Oproep tot verweerder verschijnen – verzoek/vordering melden aan verweerder – formaliteiten en administratieve
vermelden – enz.
De regels van de absolute en relatieve competentie toepassen in een vorderingsprocedure:
Bevoegde gerecht/rechter
2
Onderscheid maken tussen het materiële en het formele privaatrecht:
Materieel procesrecht: omvat inhoudelijke rechten en plichten: rechtsregels om situaties rechtsverhoudingen en
handelingen juridisch te definiëren en te kwalificeren.
Formeelrecht: geeft antwoord op de vraag volgens welke procedureregels deze rechten en plichten kunnen worden
geeffectueerd. (Hoe kunnen de materiele rechtsregels worden afgedwongen bij de rechter? Aan welke regels moeten de
betrokken partijen zich houden?)
Burgerlijkprocesrecht: synoniem: formeel recht
Omvat vormvoorschriften en procedureregels waarmee een persoon in een civiele procedure zijn materiele rechten en
plichten kan effectueren, vast laten stellen tot stand brengen, wijzigen of beëindigen.
De rol en functie van het burgerlijk procesrecht uitleggen en beschrijven:
Functies:
- Het handhaven en beïnvloeden van materiele burgerlijke rechten en plichten
- Het voorkomen van gerechtelijke procedure
- Het voorkomen van eigenrichting
Handhaven en beïnvloeden van materiele burgerlijke rechten en plichten:
Burgerlijk procesrecht verschaft een persoon bepaalde middelen om zijn burgerlijke rechten en plichten te handhaven en te
beïnvloeden. (vb. Art. 3:296 BW. Iemand levert niet kan je levering eisen)
Voorkomen van een gerechtelijk procedure (preventiefunctie):
De middelen die het burgerlijk procesrecht biedt, zoals het instellen van een vordering, kunnen een preventieve werking
hebben.
Voorkomen van eigenrichting:
Houdt in dat een persoon zelf en met eigen middelen zijn recht gaat halen zonder hulp van de overheid en zonder dat hem
daartoe een wettelijke bevoegdheid is gegeven.
De beginselen van en begrippen uit het burgerlijk procesrecht benoemen, uitleggen en verklaren:
Recht op rechtspraak en rechtsbijstand: Door iedereen een geschil moet kunnen worden voorgelegd aan een
overheidsrechter en dat eenieder recht heeft op juridische bijstand in een procedure.
Onafhankelijk en onpartijdige rechter
Hoor en wederhoor (gelijkheidsbeginsel): Betekent dat beide partijen in de gelegenheid gesteld moet worden om
hun standpunten in een zaak naar voren te brengen.
Redelijke termijn
Openbaarheid (zitting en uitspraak)
Motiveringsbeginsel (hoe hij tot zijn beslissing)
Geen rechtsweigering en volledige beslissing: De rechter dient in alle gevallen een beslissing te geven over het
geschil dat aan hem is voorgelegd: hij mag niet weigeren om een uitspraak te doen. Bovendien moet de eindbeslissing
van de rechter volledig zijn:
Partijautonomie (rechter kan niet meer of andere dingen toepassen): Wilt zeggen dat de grondslag voor de
beslissing van de rechter wordt gevormd door de stellingen van de procespartijen. (anders gezegd: partijen bepalen de
omvang van de gerechtelijke procedure. De burgerlijke rechter is ‘lijdelijk’ hij oordeelt alleen over vorderingen,
verzoeken, verweren, stellingen en argumenten die partijen aan hem voorleggen.
Ambtshalve aanvulling van rechtsgronden (hij mag een partij helpen)
Van het lijdelijkheidsbeginsel moet worden onderscheiden de verplichtingen van de rechter om op eigen initiatief de
rechtsgronden aan te vullen.
Aangeven hoe het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Wet op de Rechterlijke Organisatie is
opgebouwd:
Opbouw Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Boek 1: wijze van procederen
Boek 2: tenuitvoerlegging en akten
Boek 3: rechtsplegingen van onderscheiden aard
Boek 4: arbitrage
De betrokken spelers en instanties binnen het burgerlijk procesrecht benoemen en hun rol en taak beschrijven:
Natuurlijke personen: mensen van vlees en bloed
Rechtspersonen
Vertegenwoordiging van de natuurlijke persoon:
Wanneer een natuurlijk persoon niet handelingsbekwaam is moet hij worden vertegenwoordigd door een
handelingsbekwaam persoon die optreedt als zijn wettelijke vertegenwoordiger.
Vb. Je bent minderjarig en je broer vertegenwoordigt je
Vb. Je bent 20 en staat onder curatele dan heb je een curator.
1
, Vertegenwoordiging van de rechtspersonen:
Rechtspersonen kunnen ‘zelf’ niet procederen. Een rechtspersoon kan zelf immers geen feitelijke handeling verrichten,
zoals verschijnen ter zitting. Een rechtspersoon moet zichzelf laten vertegenwoordiging door een natuurlijke persoon.
(bedrijf door haar bestuurder, gemeente door burgemeester.
Rechtsbijstandverlener:
- Advocaat
Aangeven welke kosten er komen kijken bij het voeren van een gerechtelijke procedure:
Proceskosten:
Rechtsbijstandverlener: honorarium, kantoorkosten verschotten (rechtsbijstandverlener).
Gerechtelijke instantie: griffiegeld.
Gerechtsdeurwaarder: honorarium en verschotten
Leerdoelen week 2
Uitleggen en toepassen wanneer de vorderingsprocedure en wanneer de verzoekprocedure moet worden gevolgd:
2 varianten, ieder met zijn eigen regels:
1. Vorderingsprocedure of
2. Verzoek procedure
Hoofdregel: in beginsel wordt vorderingsprocedure gevolgd, tenzij de wet aangeeft dat de verzoekprocedure gevold moet
worden art. 78 JO. 261 Rv.
De materiele wet geeft dit aan met van ‘verzoeken’ afgeleiden woorden.
De start van de procedure beschrijven:
Thema: opstarten civielrechtelijke procedure:
1. Baisprocedure:
- 2 varianten: vorderingsprocedure en verzoekprocedure
2. aanvang basisprocedure met een procesinleiding:
- inhoud wettelijke vereisten
Alle zaken in eerste aanleg art. 42 wet RO
Hoger beroep gerechtshof art. 60 Wet RO
Cassatie HR art. 78 wet RO
Basisprocedure in eerste aanleg
Vier stappen:
1. procesinleiding art. 30a Rv
2. Verweerschrift art. 30i Rv
3. Mondelinge behandeling art. 30j-k Rv
4. Uitspraak art. 30 p-q en 230 Rv
Aangeven welke eisen de wet stelt aan de procesinleiding:
Procesinleiding:
Is standaard de eerste stap in de basisprocedure: art. 30a Rv
Functies:
- Het oproepen van verweerder om in de procedure te ‘verschijnen’
- Het mededelen aan verweerder van de vordering of het verzoek
Opbouw en inhoud (vereisten):
- Formaliteiten en administratieve gegevens
- Inhoudelijk middenstuk
- De vordering of het verzoek
Procesinleiding: wijze van indienen
Art. 30c Rv
Elektronisch, bij de rechter
Art. 30d Rv
Tijdstip van indienen:
Moment waarop het bericht het digitale systeem voor gegevensverwerking van de gerechten heeft bereikt.
Aangeven waar de formele vereisten (de eisen die de wet stelt) zijn terug te vinden in een procesinleiding:
Art 30a. Oproep tot verweerder verschijnen – verzoek/vordering melden aan verweerder – formaliteiten en administratieve
vermelden – enz.
De regels van de absolute en relatieve competentie toepassen in een vorderingsprocedure:
Bevoegde gerecht/rechter
2