Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Jugements

Inleiding Bestuursrecht jurisprudentie

Note
-
Vendu
-
Pages
10
Publié le
18-03-2024
Écrit en
2023/2024

Een samenvatting van alle jurisprudentie die naast de lesstof opgegeven zijn van week 1 t/m 4 Vak: Inleiding Bestuursrecht Universiteit Leiden

Établissement
Cours









Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
18 mars 2024
Fichier mis à jour le
18 mars 2024
Nombre de pages
10
Écrit en
2023/2024
Type
Jugements

Sujets

Aperçu du contenu

Inleiding Bestuursrecht jurisprudentie week 1
Uitspraak Stichting bevordering kwaliteit leefomgeving Schiphol
De Stichting bevordering kwaliteit leefomgeving Schiphol is opgericht door de provincie
Noord-Holland en NV Luchthaven Schiphol. In de statuten van de stichting is bepaald dat het
bestuur van de stichting in schijnende gevallen een uitkering in natura kan verstrekken voor
ervaren hinder van vliegverkeer. De persoon in deze zaak vraagt een uitkering aan, maar het
bestuur wijst dit af. De persoon procedeert en komt bij de bestuursrechter terecht.

De centrale vraag van de Raad van State is of hier sprake is van een bestuursorgaan. Om bij
de bestuursrechter te komen moet er namelijk sprake zijn van een bestuursorgaan die een
besluit neemt.
 De Raad van State zegt dat er sprake is van een stichting en dat dat een
privaatrechtelijke rechtspersoon is (art. 2:3 BW)
 Soms kunnen dit soort geldverstrekkingen van overheidsstichtingen kwalificeren als
een besluit van een bestuursorgaan, ook als geen wettelijk voorschrift voorhanden is
= buitenwettelijk openbaar gezag  hiervoor moet aan twee cumulatieve criteria
worden voldaan (rechtsoverweging 5.1)
1. Inhoudelijke vereiste = de inhoudelijke criteria voor het verstrekken van geldelijke
uitkeringen of voorzieningen in beslissende mate worden bepaald door een of meer
bestuursorganen als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, aanhef en onder a van de Awb
 Dat bestuursorgaan of die bestuursorganen hoeven geen zeggenschap te hebben
over een beslissing over een verstrekking in een individueel geval
2. Financiële vereiste = de verstrekking van deze uitkeringen of voorzieningen wordt in
overwegende mate, dat wil zeggen in beginsel voor twee derden of meer,
gefinancierd door een of meer bestuursorganen als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid,
aanhef en onder a van de Awb

Aan de inhoudelijke vereiste wordt niet voldaan, want het bestuur van de stichting had zelf
een lijst opgesteld waarin stond wanneer uitkering voor schrijnende gevallen wordt
verstrekt. A-organen stonden hier los van, de stichting deed dit dus helemaal zelf.
Ook aan de financiële vereiste wordt niet voldaan. De provincie Noord-Holland is een
publiekrechtelijke rechtspersoon en de NV Luchthaven Schiphol is een privaatrechtelijke
rechtspersoon. Hierbij bleek dat niet twee derde of meer van het geld van de provincie
vandaan kwam en dat moest nu wel het geval zijn  de stichting kon dus niet als
bestuursorgaan worden aangemerkt.
 Bestuursorgaanbegrip is met deze uitspraak verruimd, naast wettelijk openbaar gezag
is er ook buitenwettelijk openbaar gezag.




Inleiding Bestuursrecht jurisprudentie week 2

, Uitspraak LTO-Noord
In deze zaak gaat het om de vraag of LTO Noord belanghebbende is bij de goedkeuring van
een peilbesluit. LTO Noord is een land- en tuinbouworganisatie voor het noorden van
Nederland. LTO Noord is dus een collectieve belangenbehartiger, een bundeling van
individuele belangen. Deze organisatie is het niet eens met een peilbesluit, genomen door
waterschap en goedgekeurd door de provincie. In dit geval ging het om een verhoging van
het waterpeil in een polder in Zevenhoven wat een ingrijpend besluit is voor agrariërs

In deze uitspraak gaat het om rechtspersonen die opkomen voor collectieve belangen en de
vraag of zo’n rechtspersoon ook kan opkomen voor belangen van individuele aangesloten of
alleen maar voor het collectieve belang, zijnde de bundeling van alle aangesloten belangen
 In eerdere rechtspraak was LTO Noord geen belanghebbende, omdat het peilbesluit
slecht raakt aan een klein groepje agrariërs en LTO Noord op basis van de statuten de
belangen van een veel grotere groep behartigt
 Statuten LTO Noord  ‘met alle wettige middelen de belangen van haar leden te
behartigen en de maatschappelijke positieve van de land- en tuinbouwbedrijven in
het algemeen te bevorderen’
In deze zaak heeft de rechter besloten dat LTO Noord wel belanghebbende is, want je hoeft
niet op te komen voor de collectieve belangen van iedereen die onder de statutaire
omschrijving valt, het is genoeg dat de belangen worden gebundeld van alleen die agrariërs
in die ene polder
 Rechtsoverweging 2.1  anders dan ligt besloten in haar uitspraak […], is de Afdeling
thans van oordeel dat een belangenorganisatie die voor het belang van haar leden
opkomt, daarmee opkomt voor een collectief belang, tenzij het tegendeel blijkt
 Belangrijk is wel om te zien dat de voorwaarden die in artikel 1:2, derde lid, Awb
wordt gesteld voor wat betreft de statutaire doelstelling van de belangenorganisatie,
onverkort blijft gelden

Uitspraak Stichting Openbare Ruimte
Ook hier gaat het om het belanghebbende begrip, waar bij LTO Noord het ging om een
belangenorganisatie die collectieve belangen behartigt, gaat het bij Stichting Openbare
Ruimte om een belangenorganisatie die algemene belangen behartigt. De vraag is dan of de
Stichting Openbare Ruimte belanghebbende is bij een natuurbeschermingsvergunning voor
het exploiteren van een varkensbedrijf. Stichting Openbare Ruimte komt op voor een
algemeen belang (milieubelang) en procedeert tegen de vergunning

Hoe vult de bestuursrechter de vereisten van statutaire doelstellingen en feitelijke
werkzaamheden in voor een belangenorganisatie die een algemeen belang behartigt? 
rechtsoverweging 2.3
 Statutaire doelstelling  de statuten van Stichting Openbare Ruimte zijn zo
veelomvattend dat het onvoldoende onderscheidend is
 Feitelijke werkzaamheden  het louter in rechte opkomen tegen besluiten als regel
kan niet worden aangemerkt als feitelijke werkzaamheden
De Stichting kan dus niet worden aangemerkt als belanghebbende in de zin van artikel 1:2,
eerste en derde lid, Awb
Uitspraak Mestbassin Mechelen
€3,99
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
mwolfs

Document également disponible en groupe

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
mwolfs Universiteit Leiden
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
12
Membre depuis
8 année
Nombre de followers
7
Documents
7
Dernière vente
9 mois de cela

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions