Inkoop is alles wat de organistatie niet zelf kan doen of maken. Wat dus wordt ingekocht. Alles waar een
factuur van derden tegenover staat.
De 5 J’s
- Juiste kwaliteit
- Juiste totaalprijs
- Juiste leverdatum
- Juiste hoeveelheden
- Juiste plaats
Lijn organisatie = een kleine organisatie. Alles loopt via 1 lijn. Managers moeten van veel markten thuis
zijn.
Lijn staf organistatie = een grote organisatie met staffuncties. Zijn adviserende rollen.
Centrale inkoop = alle inkoop activiteiten op 1 afdeling.
Voordelen:
-orders kunnen worden samengevoegd tot 1 grote order
-standaardisatie. Niet allemaal een ander schroefje
-Nadeel: Samenwerking tussen verafgelegen vestiging is moeilijk.
Decentrale inkoop = grote organisatie met meerdere vestigingen. Elke vestiging heeft eigen inkoop.
voordelen:
Grote flexibiliteit
Directe contacten met leveranciers
Manager heeft meer grip op inkoop activiteiten
, ’
voorbeeld van een organisatieschema bij centrale inkoop
, Je ziet in deze afbeelding een lijn-staforganisatie met bovenin de directie, daaronder twee staffuncties
(boekhouding en bedrijfsjurist) en weer daaronder drie afdelingen in de lijn (inkoop, productie en
verkoop).
wat is de inkoopquote?
De inkoopquote is een getal dat aangeeft hoeveel procent van de totale omzet bij leveranciers wordt
ingekocht.
wat zijn functionele bevoegdheden?
bepaalt de beste manier om een taak uit te voeren < Expert
Raamcontract:
Een raamcontract is een afspraak tussen een leverancier en een afnemer om bepaalde producten of
diensten voor een vaste looptijd te leveren. Vooraf zijn de prijs en andere voorwaarden afgesproken
De penvoerdersconstructie
sommige producten of diensten zijn zo belangrijk, dat die wél centraal worden ingekocht. Dat is een
Voor die belangrijke producten en diensten wordt een penvoerder aangesteld.
Het primaire proces
Primair betekent eerste, belangrijkste
Het ondersteunende proces
Daarnaast worden er in elke organisatie activiteiten uitgevoerd die niet direct met het primaire proces
te maken hebben
Recht: Geheel van regels dat door de overheid is vast gesteld dat wordt gehandhaafd ter vreedzame
regeling voor de samenleving.
Burgerlijk recht
regelt de verhoudingen tussen burgers onderling. Er zijn natuurlijke personen (mensen) en
rechtspersonen (bedrijven).
De rechtsregels van het burgerlijk recht kun je vinden in de wet, in internationale voorschriften en in
jurisprudentie.
Jurisprudentie
Wetten geven niet op alle vragen antwoord. Daarom kijken rechters ook naar de uitspraken van andere
rechters. Wat hebben die over vergelijkbare zaken gezegd? De uitspraken van rechters vormen samen
het ‘rechtersrecht’. Dit is de jurisprudentie.
Dwingend recht Een dwingende rechtsregel is een wettelijke regeling waarvan niet mag worden
afgeweken, zelfs niet als twee partijen het met elkaar eens zijn dat ze er wél van willen afwijken
Aanvullend recht
Geld alleen als er niets anders is afgesproken
wat is een aanbesteding
het doen van een inkoop) volgens de wettelijk voorgeschreven aanbestedingsprocedures.