Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting De bestuurlijke kaart van de Europese Unie / Politiek 3.1

Note
-
Vendu
4
Pages
30
Publié le
13-09-2018
Écrit en
2018/2019

De samenvatting gaat over het boek 'De bestuurlijke kaart van de Europese Unie' druk 4. Het bevat hoofdstuk 1, 2, 3, 4, 5, 10, 11, 12, 14 en 16. Dit zijn de hoofdstukken die gevraagd worden op het tentamen politiek van periode 3.1 op de opleiding journalistiek (in Zwolle).

Montrer plus Lire moins
Établissement
Cours










Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
H1, h2, h3, h4, h5, h10, h11, h12, h14, h16
Publié le
13 septembre 2018
Nombre de pages
30
Écrit en
2018/2019
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Milou Ros JN2B


SAMENVATTING POLITIEK I


Hoofdstuk 1: Van slagveld tot onderhandelingstafel: de geschiedenis van de Europese samenwerking

1.1 Strijden tegen de machinatee an het machtee enwicht

De politek van het machtsevenwicht is een politek stelsel waarbij staten wilden voorkomen dat één
enkele staat zo machtg werd dat hij zijn hegemonie vestgde en alle andere staten zou overheersen.
Staten hadden een veiligheidsdilemma: ze wilden hun eigen veiligheid versterken door het
versterken van hun leger etc., waardoor andere staten zich bedreigd voelden.

Na WOII kwam Monnet met de conclusie dat het machtsevenwicht en de logica van het
veiligheidsdilemma een ander fundament moest krijgen. De Europese staten moesten op Europees
gebied gaan samenwerkingen in de vorm van een supranatonale insttute. Hierbij heef een hogere
macht de controle over besluiten in handen. Duurzame samenwerking door toenemende
sectorintegrate dus.

Na WOII werd Duitsland opgedeeld in bezetngszones. De oostelijke zone groeide snel van de
westelijke af. Churchill wilde supranatonale West-Europese samenwerking in de vorm van een
Verenigde Staten van Europa.

In 1947 zete de VS het Marshallplan op, een omvangrijk hulpprogramma voor de wederopbouw in
heel Europa. Stalin werkte hier niet aan mee. In 1949 vormden de westelijke delen de BRD en de SU
vormde de DDR. De bezetngszones dreven uit elkaar en zo begon de Koude Oorlog.



1.2 Re olute in de Europeee betrekkingen (1950 – 1954)

Het idee voor een supranatonale samenwerking met Amerika en West-Europa kwam moeizaam tot
stand. De Europese landen besloten eerst tot de Pact van Brussel te komen: een
intergouvernementele vorm van samenwerken op gebied van collecteve verdediging. Een ander
voorbeeld is de Raad van Europa. Voor een dubbele veiligheidsgarante tegen Oost-Duitsland en de
SU werd de NAVO opgericht in 1950. Dit werd een meer supranatonale samenwerking.

De Franse Schuman kwam met het Schumanplan: een plan waarbij de West-Europese
statenbevoegdheden op het gebied van de kolen- en staalproducte moeten overdragen aan een
Europees orgaan ‘boven’ de deelnemende staten: een supranatonale instelling. Dit vormde het
begin voor een nieuw samenwerkingsverband op supranatonaal niveau waarmee Oost-Duitsland en
de SU in het geding werden gebracht.

West-Duitsland wilde Westbindung en economisch, politek en militair aan West-Europa gebonden
zijn. Italië, België, Nederland, Luxemburg, Frankrijk en West-Duitsland waren economisch en
maatschappelijk nauw verbonden en positef over het initatef. In 1951 tekenden zij het Verdrag van
Parijs, waarbij de EGKS werd gevormd. Het supranatonale bestuurlijke centrum van de EGKS werd
gevormd door een negenkoppige Hoge Autoriteit. De beslissende en rechtsprekende macht werden
anders toegewezen.

Monnet wilde in deze periode een Europese Defensie Gemeenschap oprichten met een
(West-)Europees leger onder supranatonaal bevel. Frankrijk weigerde, omdat dit bewapening van
West-Duitsland zou betekenen en het plan ging in tegen het Franse buitenlandse beleid.

, Milou Ros JN2B


In 1955 kwamen de Akkoorden van Parijs tot stand, waarbij het NAVO-lidmaatschap en de
herbewapening van de BRD geregeld werden op puur intergouvernementele manier. West-Duitsland
trad hierna toe tot de West-Europese Unie.



1.3 De oprichtng an de EEG en Euratom (1955 – 1968)

Na het fasco van de EDG wilde Europa een relance européenne: een wedergeboorte van het
integrateproces.

Monnet kwam met het plan voor samenwerking op het gebied van atoomenergie. Dit vormde de
Euratom. Dit kwam voort uit sectorintegrate. De Nederlandse minister wilde samenwerking op het
gebied van een Europese gemeenschappelijke markt. Protectonistsche natonale beleidsvormen
zouden worden teruggedrongen. Via de Resolute van Messina werd besloten dat hoe ingewikkeld de
materie ook was, de vraag was hóe het er zou komen en niet wanneer.

In het Spaak-rapport van 1956 werden Euratom en de gemeenschappelijke markt onlosmakelijk met
elkaar verbonden. Hierbij zou een Europese Commissie aangewezen worden die verantwoordelijk
zou moeten worden voor de stapsgewijze invoering van de gemeenschappelijke markt. De
bevoegdheden van het Hof van Justte en de Algemene Vergadering van de EGKS zouden moeten
worden uitgebreid om te kunnen functoneren.

De vergaderingen leken te mislukken toen de BRD weigerde te werken aan de Franse sociale
harmonisate. Frankrijk vroeg hierbij dat de landen zich moesten aanpassen aan het Franse sociale
beleid. De Conferente van Parijs mislukte.

Kort hierna braken er grote internatonale spanningen uit die de Europese onderhandelingen in een
stroomversnelling brachten. Het bezoek van Adenauer aan Parijs zorgde uiteindelijk voor de
ondertekening van de Verdragen van Rome in maart 1957 en de oprichtng van de EEG en Euratom.

In 1958 kwam in Frankrijk de Gaulle aan de macht. Hij wilde van Europa een intergouvernementele
organisate maken om een derde wereldmacht te vormen waarbij de VS via het Britse lidmaatschap
niet paste, omdat dit te schadelijk zou zijn voor Europa. De Gaulle was tegen supranatonale
samenwerking en wilde zo in 1965 niet meewerken aan het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid
dat de Europese Commissie meer macht zou geven. Dit leidde tot de legestoelcrisis, waarbij Frankrijk
niet op zijn zetel van de Commissie wilde ziten.

Het Compromis verzwakte de strijd over Europese integrateprocessen, maar de strijdpunten bleven
de methode van integrate, de snelheid en omvang van integrate en de verhoudingen tussen grote
en kleine lidstaten. Er ontstonden Grand Bargains (deals). Landen moesten compromissen sluiten,
omdat ze het niet over alles eens werden.



1.4 Verdieping, erbreding en oltooiing an de markt (1969 – 1992)

In 1968 vertrok de Gaulle en kon de verdieping en uitbreiding van de Europese integrate verdergaan.
Er kwam een idee voor het Europese Monetaire Stelsel en in 1973 breidde de EEG zich uit met het
VK, Denemarken en Ierland.

Op de achtergrond bloeide de verzorgingsstaat op, maar al snel kwam er druk op te staan door
werkloosheid, lage economische groei, hoge infate en groeiende staatsschulden. Er kwam

, Milou Ros JN2B


technologische achterstand op Japan en de VS. Het VK was voorstander van een interne markt en
wilde de supranatonale verdieping tegengaan door verbreding van de volledig vrije markt.

In de jaren ’80 kwam het beroemde Witboek over de voltooiing van de interne markt. Hierbij werden
regels opgesteld voor de vorming van de interne markt in 1992. Daarnaast kwam het Dooge-comité
met hervormingen van de EEG. De Intergouvernementele Conferente kwam bijeen voor deze
onderhandelingen. In 1986 werden de onderhandelingen afgesloten met de Europese Akte. Dit was
een uitbreiding van het EEG-Verdrag.

De uitbreiding van de EEG zorgde voor verdergaande harmonisering en vrije markt regelementen
voor de Europese gemeenschappelijke markt, maar de sterke Duitse economie maakte dit moeilijk. In
1988 kwam er het voorstel voor een Economische en Monetaire Unie waarbij er sprake kwam van
natonale banken en presidenten uit de lidstaten. Het monetaire beleid werd zo Europees geregeld.

Met het rapport-Delors werd de totstandkoming van de EMU geregeld. Er kwam een Europees
monetair beleid door de ECB. Deze zou onafankelijk van regeringen werken met als enige taak het
bewaken van de prijsstabiliteit. De Europese economieën groeiden verder naar elkaar.

Na de val van het IJzeren Gordijn in 1989 wilde Duitsland een Duitse hereniging. Duitsland zou op
deze manier weer een dreigement kúnnen vormen, waardoor de Duitse hereniging alleen samen
mocht gaan met de verdere verdieping van de Europese integrate. De onderhandelingen over de
EMU werden versneld. De onderhandelingen hierover waren succesvol.

In 1991 werd het Verdrag van Maastricht getekend, waarbij de besluitvorming efectever en
democratscher zou verlopen. De organisate vormde nu de Europese Unie. De EU streefde naar een
gezamenlijke Europese munt.



1.5 Kaneen en bedreigingen an een andere orde (1993 – 2014)

Europa leek aan het begin positef en wilde volgens de Lissabon-strategie (opgesteld in 2000) op
sociaaleconomisch en politek gebied de sterkste worden en snel daadkrachtg zijn.

In 1993 werd het EU-15 gevormd, waarnaar Oost-Europese landen ook kandidaat-lidstaten zouden
worden. Deze nieuwe lidstaten moesten voldoen aan de Criteria van Kopenhagen. De EU zou
aangepast moeten worden om 25 lidstaten aan te kunnen. Het Verdrag van Amsterdam in 1997
vormde een akkoord over de besluitvorming in de Raad, het aantal leden in de Commissie etc.
openstaande insttutonele discussiepunten werden naar de achtergrond geschoven.

In 1999 traden ten Midden- en Oost-Europese landen en Cyprus en Malta toe, waardoor de
discussiepunten opnieuw op tafel kwamen. De discussiepunten gingen over supranatonale krachten
tegenover intergouvernementele krachten, grote lidstaten tegenover kleine lidstaten en
voorstanders van verdere verdieping en federalisering tegenover voorstanders van verbreding en
tegenstanders van deze processen. Uiteindelijk kwam er het Verdrag van Nice, bestaande uit
nauwelijks te volgen compromissen.

In 2001 werd de Convente gevormd: een brede vergadering van de staatshoofden en
regeringsleiders, vertegenwoordigers van de natonale parlementen van de vijfien lidstaten van de
EU en de twaalf kandidaat-lidstaten, alsmede leden van het Europees Parlement en
vertegenwoordigers van de Commissie. De Convente zou voorstellen voor een Europese Grondwet
moeten maken.
€5,99
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
milouros Hogeschool Windesheim
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
26
Membre depuis
7 année
Nombre de followers
25
Documents
24
Dernière vente
1 année de cela

3,6

5 revues

5
1
4
3
3
0
2
0
1
1

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions