Nederlands – Spijker je spelling bij
H1: Werkwoorden
1.1. TEGENWOORDIGE TIJD
- In 2e & 3e persoon enkelvoud + t bij stam (vraag: werk je?)
Ik studeer Ik vind Ik juich
Jij studeert Jij vindt Jij juicht
Hij studeert Hij vindt Hij juicht
1.2. VERLEDEN TIJD & VOLTOOID DEELWOORD VAN ZWARTE WERKWOORDEN
- ’t kofschip
- Stam + te verleden tijd
- ‘ge’ + stam voltooid deelwoord
- Laatste klank die je hoort in infinitief voor ‘-en’ is medeklinker van ’t kofschip of
sj-klank:
Missen Miste Gemist
Lokken Lokte Gelokt
Onderstrepen Onderstreepte Onderstreept
Wachten Wachtte Gewacht
- Stam + de verleden tijd
- ‘ge’ + stam + d voltooid deelwoord
- Laatste klank die je hoort in infinitief voor ‘-en’ is geen medeklinker van ’t
kofschip of klinker:
Branden Brandde Gebrand
Huilen Huilde Gehuild
Leren Leerde Geleerd
Skiën Skiede Geskied
1.3. HET VOLTOOID DEELWOORD ALS ADJECTIEF
- Eindigt voltooid deelwoord op -t of -d + ‘e’ als je het als adjectief gebruikt
Het schip dat gisteren gestrand is. Het gestrande schip.
1.4. IMPERATIEF
- Drukt gebod of verbod uit
- Altijd enkelvoud
Kom hier!
H1: Werkwoorden
1.1. TEGENWOORDIGE TIJD
- In 2e & 3e persoon enkelvoud + t bij stam (vraag: werk je?)
Ik studeer Ik vind Ik juich
Jij studeert Jij vindt Jij juicht
Hij studeert Hij vindt Hij juicht
1.2. VERLEDEN TIJD & VOLTOOID DEELWOORD VAN ZWARTE WERKWOORDEN
- ’t kofschip
- Stam + te verleden tijd
- ‘ge’ + stam voltooid deelwoord
- Laatste klank die je hoort in infinitief voor ‘-en’ is medeklinker van ’t kofschip of
sj-klank:
Missen Miste Gemist
Lokken Lokte Gelokt
Onderstrepen Onderstreepte Onderstreept
Wachten Wachtte Gewacht
- Stam + de verleden tijd
- ‘ge’ + stam + d voltooid deelwoord
- Laatste klank die je hoort in infinitief voor ‘-en’ is geen medeklinker van ’t
kofschip of klinker:
Branden Brandde Gebrand
Huilen Huilde Gehuild
Leren Leerde Geleerd
Skiën Skiede Geskied
1.3. HET VOLTOOID DEELWOORD ALS ADJECTIEF
- Eindigt voltooid deelwoord op -t of -d + ‘e’ als je het als adjectief gebruikt
Het schip dat gisteren gestrand is. Het gestrande schip.
1.4. IMPERATIEF
- Drukt gebod of verbod uit
- Altijd enkelvoud
Kom hier!