Proces om te komen tot een (geotechnisch)ontwerp
Waarom is een grondonderzoek belangrijk:
• Voor ontwerpers belangrijk om te rekenen/berekenen
• Informatie over bodemopbouw en eigenschappen
• Is verplicht bij de aanvang van een projectfasen
• om fouten/onzekerheden te voorkomen
Wat?
• Globale opbouw van de ondergrond onderzoeken
• Eigenschappen van verschillende lagen bepalen
• Overige aspecten: vooronderzoek
Holoceen: Lagen waar het meeste van onze constructies op gefundeerd zijn. Holoceen vrij nieuw (meestal
zachte lagen in het westen)
Pleistoceen: (meestal hardere lagen in het oosten)
Welke informatie haal je uit sondeergegevens: Wrijving/waterspanning/weerstand -> vervolgens typeren
grondsoorten en eigenschappen tbv berekeningen en globaal inschatten funderen op staal of palen.
Geotechniek is de abstracte relatie tussen mens en grond, waarbij de beginselen van de geologie en
Kabel naar de computer
grondmechanica worden toegepast op de civieltechnische bouw.Elektrische
Het omvat alles wat van grond
sondeerconus of in de
Met 60
grond wordt gebouwd, zoals (paal)funderingen, dijken, kades, tunnels en wegophogingen.
d = 36 mm (10 cm ) of
2
d = 44 mm (15 cm2)
GRONDONDERZOEK, SONDERINGEN
Via conusweerstand: goed beeld van draagkrachtige lagen
Via wrijvingsgetal: redelijk inzicht in grondsoorten
• Conusweerstand qc (MPa of MN/m2) f s = wrijvingsweerstand
• Wrijvingsweerstand fs in (MPa of MN/m2)
• Wrijvingsgetal Rf (%) = fs/qc * 100% ub = waterspanning
fs
ub
qc = conusweerstand qc
Indicatieve waarden:
1
,GRONDONDERZOEK, BORINGEN
NAP: Normaal Amsterdams Peil.
MV: het maaiveld is het aardoppervlak inclusief bestrating
en aardwerken zoals een talud of dijk maar zonder
vegetatie en bouwwerken zoals huizen en viaducten.
GRONDONDERZOEK, LABORATORIUM
Bepaling eigenschappen van de grond:
• Dichtheid;
• Consistentie;
• Grond,- korrel,- en waterspanning;
• Waterdoorlatendheid;
• Samendrukbaarheid (stijfheid);
• Wrijvingseigenschappen (sterkte).
2
, OVERIGE BODEMASPECTEN
Aardbevingen
• Tektonische bevingen in Limburg
• Geïnduceerde bevingen in Groningen
• Eurocode 8
Afbeelding: Eurocode 8
ontwerp
EIGENSCHAPPEN VAN GROND
aardbevingsbestendige
Samenstelling: korrels, water & lucht constructies.
Bepaling eigenschappen van de grond:
• Dichtheid;
• Consistentie;
• Grond,- korrel,- en waterspanning;
• Waterdoorlatendheid;
• Samendrukbaarheid (stijfheid);
• Wrijvingseigenschappen (sterkte).
• Verschil massa en gewicht: gewicht = de kracht
die een massa uitoefent op een voorwerp.
De soortelijke massa van grond heeft betrekking op de dichtheid van de individuele korrels. De soortelijke massa wordt
aangeduid met het symbool rho s. Omdat in Nederland de aanwezige zand- en kleilagen dezelfde oorsprong hebben, wordt
voor de zand- en kleideeltjes aangehouden rho s = 2650 kg/m3. Veen bestaat uit organisch materiaal. Voor veen worden
dan ook lagere waarden voor rho s gevonden; rho s = 1400 kg/m3 of lager afhankelijk van de verweringsgraad van het
bewuste veen.
Voor het bepalen van de spanningen in de ondergrond
dient een overstap te worden gemaakt van massa naar
gewicht. Het gewicht volgt uit het product van de massa,
m en de zwaarte-krachtsversnelling g. Het symbool voor
het soortelijk gewicht van de gronddeeltjes is gamma s.
Met g = 9.81 m/s2 volgt gamma s = 26 kN/m3 voor klei
en zand. Voor veen volgt gamma s = 13,7 kN/m3.
Met de soortelijke massa’s van water en de korrels en
de verhouding van beide bestanddelen kan de volumieke
massa rho, en het volumiek gewicht gamma, van de
grond worden bepaald.
3