Selectiecriterium kan endogeen of exogeen bepaald zijn. Exogeen (bottom-up) is op grond
van sensoriële kenmerken die automatisch de aandacht trekken. Endogeen (top-down) is op
basis van relevantie van de stimulus voor het subject (mnemonic attentional template,
attentional set).
1. Selectieve aandacht voor ruimtelijke positie
Recht is het prentje van wat de proefpersoon ziet, en
links zijn de oogbewegingen van de proefpersoon. Er is
dus een verplaatsing van aandacht (attentional shift).
Michael Posner met het Posner paradigma, of het spatiale cueing paradigma. Dit wordt
gebruikt om ruimtelijke aandacht te testen, door de visuele input constant te houden en de
aandacht te manipuleren. Als je aandacht onderzoekt wanneer de persoon vrij mag
rondkijken, dan zullen er veel storende variabelen zijn, en dan gaat het niet meer puur over
aandacht als cognitief proces. Bij Posner gaat het dus om converted attention, aandacht
waarbij de proefpersoon de ogen niet mag bewegen. Eerst komt er een fixatiepunt op het
scherm, dan verschijnt er een stimulus, nl. de cue of sample in de periferie. Daarna is er een
delay (interval). En als laatste
komt er een targetstimuli die
de proefpersoon zo snel
mogelijk moet detecteren. Bij
een niet-valide cue, wordt de
plaats van de targetstimuli fout
voorspelt door de cue waardoor de reactietijd langer is dan bij een valide cue. Hoe verschilt
nu een endogeen opzet (vrijwillig-gedreven) met een exogeen opzet (stimulus-gedreven)?
(1) De stimulus oneset asynchrony (SOA) is het interval tussen de cue en het target. Bij
exogeen is het interval relatief kort, transiënt, snel en automatisch, nl. 150-250ms. Bij
endogeen is dit rond de 300-400ms.
(2) Bij exogeen is de cue op de positie van het target. De aandacht wordt naar de plaats
getrokken door de cue die op de plaats staat waar het target gaat verschijnen. De positie van
de aandacht wordt gestuurd. De cue bestaat uit plotselinge luminantieverandering op een
perifere positie, gevolgd door een interval (vb. 150ms) en tenslotte door een teststimulus op
dezelfde of contralaterale positie. Bij endogeen gebruikt men symbolische cues, vb. een pijl
die wijst in een bepaalde richting.
1|Pagina