Samenvatting Burgerlijk Recht
DEEL I: Inleiding tot het recht
Hoofdstuk 1: Inleiding
1. Definitie
Immanuel Kant: “Noch suchen die Juristen eine Definition zu ihrem Begriffe vom Recht”
zo ziet men beter in dan vroeger dat er niet één universele difinitie v recht is
Recht: geheel der regels die op een bepaald tijdstip, gemeenschap gelden en op haar
gezag zijn vastgesteld
2. Kenmerken van het recht
1. Het recht is een geheel van regels, regelingen en instellingen
2.1 Het recht wordt gevormd door gedragsregels
2.1.1 Gebodsbepalingen
vb aangifte v geboorte, kiesplicht, (vroeger) dienstplicht
2.1.2 Verbodsbepalingen
vb bigamie, oneerlijke handelspraktijken, strafrecht
2.2.3 Verlofbepalingen
Verlofbepalingen: regels die niet moeten nageleefd worden, maar waar de “mogelijkheid”
bestaat om al dan niet gebruik te maken v/d rechtsregel
vb indexering van woninghuur
2.2.4 Louter technische regels
Technische regels: houden geen gebod of verbod in, ze dienen om het rechtsapparaat te
laten draaien
2.2 Het recht omvat het geheeld van regelingen en instellingen
Het recht bestaat niet alleen uit abstracte normen die een algemen draagwijdte hebben en
die op iedereen toepasbaar zijn
Recht bestaat ook uit regelingen die geen regels of normen zijn vb rechspraak,
naamswijziging en bevat ook een aantal regels die betrekking hebben op de instellingen
v/h land zoals:
Staatsstructuur: samenstelling, werking en bevoegdheid v/d wetgevende,
uitvoerende en rechterlijke macht
1
, Gerechtelijke organisatie: samenstelling, werking en bevoegdheden v/d
rechtbanken
2. Het doel van het recht is het ordenen van de samenleving
2.3 Het recht is een instrument om het samenleven in groep mogelijk te maken
Recht is een middel om bepaalde beleidsopties te realiseren
Recht is noodzakelijk tijdgebonden: een afspiegeling v/d overheersende
maatschappelijke tendensen
Ons recht/maatschappij bijzonder beïnvloed door:
Joods-christelijke godsdiensten
Principes v/d Franse Revolutie
Licht gecorrigeerd kapitalisme, nationalisme en individualisme
2.4 Er is in de samenleving een toenemende “juridisering” merkbaar
Door de toenemende complexiteit v/d samenleving wordt het recht ook complexer en
steeds meer gediversifieerd
3. Er bestaat een binding tussen gezag en recht
Het recht wordt gemaakt door erkend gezag dit is nodig om de naleving v/d rechtsregel
af te kunnen dwingen
Onze maatschappij: parlementaire democratie met een koning aan het hoofd: de
soevereine volkswil wordt vertolkt door de verkozen vertegenwoordigers in het parlement,
die samen met de (niet verkozen) vorst het hoogste orgaan uitmaken
4. Het recht heeft een dwingend karakter
Afgedwongen via strafbepalingen
Doel v rechtsdwang: meer rechtzekerheid verschaffen
Rechterlijke macht: staat in vr sanctionering v/d overtreding v/d rechtsregel
Publiek recht: overheid neemt initiatief om te sanctioneren
Privaat recht: burger moet zelf initiatief nemen
3. Belangrijke begrippen
3.1 Objectief en subjectief recht
Objectief recht: = de geldende rechtsregels, rechtsregel op zich
Subjectief recht: de aanspraak die een persoon tegenover een ander kan laten gelden op
basis v/h objectief recht
3.2 Rechtssubject en rechtsobject
Rechtssubject: alle natuurlijke personen en rechtspersonen
Rechtsobject: datgene wat het rechtssubject dient
2
,3.3 Rechtsfeit & rechtshandeling
Rechtsfeit: een voorval waardoor een rechtsregel in werking wordt gesteld, men had niet
de intentie om rechtsgevolgen te veroorzaken
Rechtshandeling: handeling die bewust wordt gesteld om rechtsgevolgen die aan
objectieve rechtsregel gebonden zijn te bekomen
Eenzijdige rechtshandeling: wilsuiting van 1 persoon
Meerzijdige rechtshandeling: wilsovereenstemming van 2+ personen
3.4 Dwingend recht en wilsaanvullende rechtsregels
Een rechtsregel is dwingend/imperatief wanneer rechtssubjecten niet mogen afwijken
Wilsaanvullende / suppletieve rechtsregels: wanneer partijen vrij mogen kiezen om
deze rechtsregel te volgen
Hoofdstuk 2: Inleiding van het recht
1. Privaat recht – Publiek recht
Privaat recht: regelt de verhouding tussen rechtssubjecten
Dwingende rechtsregels:
Regels over staat van de persoon
Regels over fundamentele instellingen voor onze samenleving
Regels rond belangen van individuen die bijzondere bescherming behoeven
Publiek recht: regelt de verhouding tussen burgers en overheid
Gekenmerkt door ongelijkheid
= dwingend recht
2. Nationaal - Internationaal
Nationaal recht: wetten gelden enkel binnen de grenzen v/d staat/Belgisch grondgebied
Internationaal recht = grensoverschrijdend recht:
Verdragen tussen België en 1+ andere staten
Verdragen tot stand gebracht door supranationale politieke instanties
3. Bespreking van de verschillende rechtstakken
1. Het nationaal recht
3.1 Het privaatrecht omvat volgende rechtstakken
3.1.1 Burgerlijk recht
Burgerlijk recht: = gemeen recht, regelt de algemene verhoudingen tussen de burgers
Het omvat:
Personen- en familierecht
Zakenrecht
Verbintenissenrecht
3
,3.1.2 Handelsrecht
Handelsrecht: de regels die betrekking hebben op de daden v koophandel en het statuut
v/d handelaar, ook reglementering betreffende handelsvennootschappen en
faillissementen
3.1.3 Sociaal recht
Sociaal recht bevindt zich op de grens v privaat en publiek recht
Sociaal recht kan worden ingedeeld in:
Arbeidsrecht
o Individueel arbeidsrecht
o Collectief arbeidsrecht
Sociaal zekerheidsrecht
De sociale bijstand geeft aanleiding tot deze sociale uitkeringen:
Leefloon
Inkomensgarantie vr ouderen
Gewaarborgde gezinsbijslag
Uitkering aan gehandicapte personen
3.1.4 Gerechtelijk privaatrecht, privaatrechtelijk procesrecht of burgerlijk procesrecht
Gerechtelijk privaatrecht: regelt de inrichting en bevoegdheid v/d privaatrechtelijke
rechtcolleges (vregerecht, rechtbank v eerste aanleg/koophandel, arbeidsrechtbank, …)
3.1.5 Internationaal privaatrecht
Internationaal privaatrecht: rechtsregels die bepalen welk recht vr een Belgische
rechtbank v toepassing is bij een conflict tussen onderdanen v verschillende staten of
wanneer zich een conflict voordoet waarin een buitenlands element aanwezig is
Geeft geen oplossing, maar aangeven welke rechtsregel v welk land v toepassing is
3.2 Het publiek recht omvat volgende rechtstakken
3.2.1 Grondwettelijk recht
Twee grote principes:
Regelt inrichting v/d staat: bepalen v/d organisatie v/d wetgevende, uitvoerende
en rechterlijke macht
Omvat de fundamentele recht en vrijheden v/d burgers
Nu ook Grondwettelijk Hof: waakt over respect v/d Grondwet en mensenrechten
3.2.2 Administratief recht
Administratief recht: geheel v/d wetgeving die de praktische werking v/d
staatsadministratie, bestuur en openbare diensten v/d samenleving ordelijk laat verlopen
Raad van State: belangrijkste rechtbank die hierover waakt
4
, 3.2.3 Fiscaal recht en begrotingsrecht
Fiscaal recht: reglementeert de inkomsten v/d staat die via belastingen worden
ontvangen
Begrotingsrecht: regelt uitgaven v/d staat
3.2.4 Strafrecht en strafprocesrecht
Strafrecht: bepaalt welke handelingen strafbaar zijn en welke straffen daarop v
toepassing zijn
Strafrechtelijk legaliteitsbeginsel: handelingen zijn slechts strafbaar indien op het
ogenblik v/d feiten een wet bestond die deze handeling strafbaar stelde en slecht tot het
beloop v/d maximumstraf die de wet voorziet
Algemeen legaliteitsbeginsel: gemeenschap kan enkel doen wat haar hoogste norm, de
Grondwet, haar toelaat te doen
Strafproces recht: regelt de inrichting en bevoegdheid v/d strafrechtcolleges en de
procedure vr de strafrechtbanken
Strafrechtcolleges: politierechtbank, correctionele rechtbank, Hof v beroep zetelend in
strafzaken, Hof v assisen en Hof v cassatie in strafzaken
2. Grensoverschrijdend of internationaal recht
3.2.5 Volkenrecht of internationaal publiekrecht
Volkenrecht:
Regelt de wijze waarop staten onderling betrekkingen hebben met elkaar
Hoe zij hun afspraken in verdragen vastleggen
De werking v/d internationale organisaties
3.2.6 Europees Recht
Meer en meer beheerst de regelgeving v/d Europese Unie ook de maatschappelijke
realiteit vandaar afzonderlijke rechtstak
Hoofdstuk 3: De bronnen van het recht
1. Inleiding
1. Het verdrag
2. Wetgeving
2.1 Grondwet
2.2 Wet/Decreet/Ordonnatie
2.3 Koninklijk Besluit (K.B.)/Besluit v gewest- of gemeenschapsregering
2.4 Ministerieel Besluit (M.B.)/Besluit v/e lid v gewest- of gemeenschapsregering
2.5 Provinciaal reglement
2.6 Gemeentelijk reglement
5
DEEL I: Inleiding tot het recht
Hoofdstuk 1: Inleiding
1. Definitie
Immanuel Kant: “Noch suchen die Juristen eine Definition zu ihrem Begriffe vom Recht”
zo ziet men beter in dan vroeger dat er niet één universele difinitie v recht is
Recht: geheel der regels die op een bepaald tijdstip, gemeenschap gelden en op haar
gezag zijn vastgesteld
2. Kenmerken van het recht
1. Het recht is een geheel van regels, regelingen en instellingen
2.1 Het recht wordt gevormd door gedragsregels
2.1.1 Gebodsbepalingen
vb aangifte v geboorte, kiesplicht, (vroeger) dienstplicht
2.1.2 Verbodsbepalingen
vb bigamie, oneerlijke handelspraktijken, strafrecht
2.2.3 Verlofbepalingen
Verlofbepalingen: regels die niet moeten nageleefd worden, maar waar de “mogelijkheid”
bestaat om al dan niet gebruik te maken v/d rechtsregel
vb indexering van woninghuur
2.2.4 Louter technische regels
Technische regels: houden geen gebod of verbod in, ze dienen om het rechtsapparaat te
laten draaien
2.2 Het recht omvat het geheeld van regelingen en instellingen
Het recht bestaat niet alleen uit abstracte normen die een algemen draagwijdte hebben en
die op iedereen toepasbaar zijn
Recht bestaat ook uit regelingen die geen regels of normen zijn vb rechspraak,
naamswijziging en bevat ook een aantal regels die betrekking hebben op de instellingen
v/h land zoals:
Staatsstructuur: samenstelling, werking en bevoegdheid v/d wetgevende,
uitvoerende en rechterlijke macht
1
, Gerechtelijke organisatie: samenstelling, werking en bevoegdheden v/d
rechtbanken
2. Het doel van het recht is het ordenen van de samenleving
2.3 Het recht is een instrument om het samenleven in groep mogelijk te maken
Recht is een middel om bepaalde beleidsopties te realiseren
Recht is noodzakelijk tijdgebonden: een afspiegeling v/d overheersende
maatschappelijke tendensen
Ons recht/maatschappij bijzonder beïnvloed door:
Joods-christelijke godsdiensten
Principes v/d Franse Revolutie
Licht gecorrigeerd kapitalisme, nationalisme en individualisme
2.4 Er is in de samenleving een toenemende “juridisering” merkbaar
Door de toenemende complexiteit v/d samenleving wordt het recht ook complexer en
steeds meer gediversifieerd
3. Er bestaat een binding tussen gezag en recht
Het recht wordt gemaakt door erkend gezag dit is nodig om de naleving v/d rechtsregel
af te kunnen dwingen
Onze maatschappij: parlementaire democratie met een koning aan het hoofd: de
soevereine volkswil wordt vertolkt door de verkozen vertegenwoordigers in het parlement,
die samen met de (niet verkozen) vorst het hoogste orgaan uitmaken
4. Het recht heeft een dwingend karakter
Afgedwongen via strafbepalingen
Doel v rechtsdwang: meer rechtzekerheid verschaffen
Rechterlijke macht: staat in vr sanctionering v/d overtreding v/d rechtsregel
Publiek recht: overheid neemt initiatief om te sanctioneren
Privaat recht: burger moet zelf initiatief nemen
3. Belangrijke begrippen
3.1 Objectief en subjectief recht
Objectief recht: = de geldende rechtsregels, rechtsregel op zich
Subjectief recht: de aanspraak die een persoon tegenover een ander kan laten gelden op
basis v/h objectief recht
3.2 Rechtssubject en rechtsobject
Rechtssubject: alle natuurlijke personen en rechtspersonen
Rechtsobject: datgene wat het rechtssubject dient
2
,3.3 Rechtsfeit & rechtshandeling
Rechtsfeit: een voorval waardoor een rechtsregel in werking wordt gesteld, men had niet
de intentie om rechtsgevolgen te veroorzaken
Rechtshandeling: handeling die bewust wordt gesteld om rechtsgevolgen die aan
objectieve rechtsregel gebonden zijn te bekomen
Eenzijdige rechtshandeling: wilsuiting van 1 persoon
Meerzijdige rechtshandeling: wilsovereenstemming van 2+ personen
3.4 Dwingend recht en wilsaanvullende rechtsregels
Een rechtsregel is dwingend/imperatief wanneer rechtssubjecten niet mogen afwijken
Wilsaanvullende / suppletieve rechtsregels: wanneer partijen vrij mogen kiezen om
deze rechtsregel te volgen
Hoofdstuk 2: Inleiding van het recht
1. Privaat recht – Publiek recht
Privaat recht: regelt de verhouding tussen rechtssubjecten
Dwingende rechtsregels:
Regels over staat van de persoon
Regels over fundamentele instellingen voor onze samenleving
Regels rond belangen van individuen die bijzondere bescherming behoeven
Publiek recht: regelt de verhouding tussen burgers en overheid
Gekenmerkt door ongelijkheid
= dwingend recht
2. Nationaal - Internationaal
Nationaal recht: wetten gelden enkel binnen de grenzen v/d staat/Belgisch grondgebied
Internationaal recht = grensoverschrijdend recht:
Verdragen tussen België en 1+ andere staten
Verdragen tot stand gebracht door supranationale politieke instanties
3. Bespreking van de verschillende rechtstakken
1. Het nationaal recht
3.1 Het privaatrecht omvat volgende rechtstakken
3.1.1 Burgerlijk recht
Burgerlijk recht: = gemeen recht, regelt de algemene verhoudingen tussen de burgers
Het omvat:
Personen- en familierecht
Zakenrecht
Verbintenissenrecht
3
,3.1.2 Handelsrecht
Handelsrecht: de regels die betrekking hebben op de daden v koophandel en het statuut
v/d handelaar, ook reglementering betreffende handelsvennootschappen en
faillissementen
3.1.3 Sociaal recht
Sociaal recht bevindt zich op de grens v privaat en publiek recht
Sociaal recht kan worden ingedeeld in:
Arbeidsrecht
o Individueel arbeidsrecht
o Collectief arbeidsrecht
Sociaal zekerheidsrecht
De sociale bijstand geeft aanleiding tot deze sociale uitkeringen:
Leefloon
Inkomensgarantie vr ouderen
Gewaarborgde gezinsbijslag
Uitkering aan gehandicapte personen
3.1.4 Gerechtelijk privaatrecht, privaatrechtelijk procesrecht of burgerlijk procesrecht
Gerechtelijk privaatrecht: regelt de inrichting en bevoegdheid v/d privaatrechtelijke
rechtcolleges (vregerecht, rechtbank v eerste aanleg/koophandel, arbeidsrechtbank, …)
3.1.5 Internationaal privaatrecht
Internationaal privaatrecht: rechtsregels die bepalen welk recht vr een Belgische
rechtbank v toepassing is bij een conflict tussen onderdanen v verschillende staten of
wanneer zich een conflict voordoet waarin een buitenlands element aanwezig is
Geeft geen oplossing, maar aangeven welke rechtsregel v welk land v toepassing is
3.2 Het publiek recht omvat volgende rechtstakken
3.2.1 Grondwettelijk recht
Twee grote principes:
Regelt inrichting v/d staat: bepalen v/d organisatie v/d wetgevende, uitvoerende
en rechterlijke macht
Omvat de fundamentele recht en vrijheden v/d burgers
Nu ook Grondwettelijk Hof: waakt over respect v/d Grondwet en mensenrechten
3.2.2 Administratief recht
Administratief recht: geheel v/d wetgeving die de praktische werking v/d
staatsadministratie, bestuur en openbare diensten v/d samenleving ordelijk laat verlopen
Raad van State: belangrijkste rechtbank die hierover waakt
4
, 3.2.3 Fiscaal recht en begrotingsrecht
Fiscaal recht: reglementeert de inkomsten v/d staat die via belastingen worden
ontvangen
Begrotingsrecht: regelt uitgaven v/d staat
3.2.4 Strafrecht en strafprocesrecht
Strafrecht: bepaalt welke handelingen strafbaar zijn en welke straffen daarop v
toepassing zijn
Strafrechtelijk legaliteitsbeginsel: handelingen zijn slechts strafbaar indien op het
ogenblik v/d feiten een wet bestond die deze handeling strafbaar stelde en slecht tot het
beloop v/d maximumstraf die de wet voorziet
Algemeen legaliteitsbeginsel: gemeenschap kan enkel doen wat haar hoogste norm, de
Grondwet, haar toelaat te doen
Strafproces recht: regelt de inrichting en bevoegdheid v/d strafrechtcolleges en de
procedure vr de strafrechtbanken
Strafrechtcolleges: politierechtbank, correctionele rechtbank, Hof v beroep zetelend in
strafzaken, Hof v assisen en Hof v cassatie in strafzaken
2. Grensoverschrijdend of internationaal recht
3.2.5 Volkenrecht of internationaal publiekrecht
Volkenrecht:
Regelt de wijze waarop staten onderling betrekkingen hebben met elkaar
Hoe zij hun afspraken in verdragen vastleggen
De werking v/d internationale organisaties
3.2.6 Europees Recht
Meer en meer beheerst de regelgeving v/d Europese Unie ook de maatschappelijke
realiteit vandaar afzonderlijke rechtstak
Hoofdstuk 3: De bronnen van het recht
1. Inleiding
1. Het verdrag
2. Wetgeving
2.1 Grondwet
2.2 Wet/Decreet/Ordonnatie
2.3 Koninklijk Besluit (K.B.)/Besluit v gewest- of gemeenschapsregering
2.4 Ministerieel Besluit (M.B.)/Besluit v/e lid v gewest- of gemeenschapsregering
2.5 Provinciaal reglement
2.6 Gemeentelijk reglement
5