Paragraaf 1
Afwerken polypeptideketen
In de bronnen wordt het duidelijk uitgelegd….
Elke cel in je lichaam kan duizenden eiwitten vormen met allemaal
eigen plaats (grondplasma, organel etc.) Ze krijgen adreslabel mee om
naar juiste plek te komen.
• Code eiwit ligt in DNA
1. Eerst gevormde polypeptideketen → adreslabel.
2. Dit bindt aan signaalherkenningsmolecuul (SHM) uit grondplasma
3. SHM hecht aan SHM-receptor van ER
4. Ribosoom koppelt aan ribosoomreceptor van ER en komt boven eiwitpoort ER die opent.
5. GTP (energierijk molecuul) hecht aan SHM-receptor
6. GTP → GDP + Pi en SHM komt los van receptor
7. Enzym verwijdert adreslabel polypeptideketen
8. Als stopcodon is bereikt bindt ontkoppelingseiwit aan mRNA
9. Eiwitpoort sluit
10. In ER begint omzetting naar eiwit waardoor polypeptideketen ruimtelijke eiwitstructuur en
toevoegingen als koolhydraten krijgen.
11. Stukjes membraan glad ER vormen transportblaasjes die eiwit naar Golgi-systeem brengen.
, Samenvatting
In het (ruw en glad) ER vinden de eerste stappen van de vorming van het eiwit plaats (A). Via
transportblaasjes gaat het eiwit van het glad ER naar het Golgi-systeem (B). Hier vindt de definitieve
afwerking plaats (C). Daarna zijn er drie mogelijkheden: een transportblaasje brengt via exocytose het
product (hormoon, enzym) de cel uit (D), de eiwitten gaan deel uitmaken van het celmembraan,
bijvoorbeeld als receptor (E) of de eiwitten zijn de enzymen van het lysosoom (F)
Bewerking in Golgi-systeem
→ ontstaan van definitieve eiwitvorm, enzymen voegen fosfaatgroepen toe, wijzigen suikers en of
koppelen meerdere polypeptideketens tot een eiwit.
Golgi-systeem sorteert gevormde eiwitten in blaasjes aan hand van adreslabel naar eindbestemming.
Sommige blaasjes kunnen inhoud door exocytose buiten cel afgeven, als lysosomen(breken
afvalstoffen in cel af) in grondplasma dienen etc.
Ruimtelijke structuur
Eiwitten hebben specifieke ruimtelijke structuur: bolachtig of vezelachtig.
• Plaques: Neerslag eiwitten tussen hersencellen bij alzheimer
• Tangles: Eiwitkluwen in hersencellen bij alzheimer
• Primaire structuur: aantal en volgorde aminozuren in keten
• a-helix (spiraalvormig) en B-plaat (heen en weer gevouwen keten) vormen samen secundaire
structuur: resultaat van waterstofbruggen tussen NH en C=O groepen
• Tertiaire structuur: driedimensionale structuur, bindingen restgroepen aminozuren, H-
bruggen, S-bruggen en vanderwaalsbruggen
• Quaternaire structuur: verschillende polypeptiden vormen samen een groot eiwit
1