BEGRIPPEN
1. Veroudering ≠ ouder worden
Veroudering = het geheel van spontane en onomkeerbare verandering die veroorzaakt worden door het
functieverlies van cellen, weefsels en organen, waardoor een typische onvermijdelijke aftakeling van
functies optreedt, leiden tot falen van het organisme en uiteindelijk de dood
Tussen 18-25j: piek van lichamelijke capaciteiten en functies (biologische) veroudering: alles
wat gebeurt nadat deze piek gepasseerd is
Biologische veroudering is een puur endogeen proces en is niet tegen te houden
Ouder worden = leeftijd die stijgt we zijn ALTIJD bezig met ouder worden (we zijn vandaag alweer een
dag ouder dan gisteren)
Pathologische veroudering = het verslechteren van de conditie door ziekten en kwalen
Zowel door exogene als endogene oorzaken
Exogeen: vb. UV-licht sneller rimpels (verlies van collageen en elasticiteit).
Iedereen krijgt op een gegeven moment wel rimpel, maar mensen die veel aan UV-licht
blootgesteld worden, zullen sneller rimpels krijgen
Verschil biologische en pathologische veroudering
Verschillende oorsprong / oorzaak maar in praktijk heel moeilijk om een onderscheid te
maken tussen beiden
2. Ouderen
Wanneer behoort iemand tot ouderen?
Arbitrair meestal uitgegaan van de pensioenleeftijd
= 65 jaar
Wanneer spreken we van een geriatrisch patiënt?
Een oudere die een complex ziektebeeld toont als gevolg van (1) een veelvoud aan
stoornissen i/d lichamelijke en geestelijke functies, (2) uiteenlopende ziekten en/of (3) een
ontregelede sociale situatie
Zowel fysiek, psychologisch als sociaal “ziek”
CONCLUSIE: niet elke (zieke) oudere is een geriatrische patiënt
3. Gerontologie
Ger = oud /// logie = wetenschap
= Multidisciplinaire wetenschap die zich bezig houdt met alle facetten van veroudering
Kalender leeftijd vs. biologische leeftijd
Kalender leeftijd = wat op je identiteitskaart staat
Biologische leeftijd = leeftijd van je cellen
Vb. longen van een 30 jarige roker kunnen er uitzien als die van een 60 jarige niet-roker
(die dertig jarige roker heeft dus een oudere biologische leeftijd dan 30)
Ouderen zijn een zeer HETEROGENE groep met grote interindividuele verschillen
2 mensen van 75 kunnen er totaal anders uitzien (kalender leeftijd is gelijk, maar hun
biologische leeftijd niet)
Men kijkt dus best niet enkel naar de kalenderleeftijd de biologische leeftijd zegt ons dikwijls
veel meer!