DEONTOLO
GIE
EEN KWESTIE VAN VERTROUWEN
Privacy, discretie en beroepsgeheim in sociaal-
agogische beroepen
1
,Lector: Dieter Gyrp 2022-2023
Deontologie
PROLOOG: HET GOEDE DOEN............................................................................................................3
1. INLEIDING....................................................................................................................................3
2. MORAAL EN ETHIEK..........................................................................................................................3
1. DE RECHTVAARDIGHEIDSTHEORIEN.......................................................................................................5
4. EXTRA: POWERPOINT........................................................................................................................6
PRIVACY: ALOM BEKEND, WEINIG BEMIND?.....................................................................................7
0. INLEIDING.......................................................................................................................................7
1. ‘THE RIGHT TO BE LET ALONE”.............................................................................................................7
2. PRIVACY: MUCH ADO ABOUT NOTHING?................................................................................................9
3. JURIDISCH KADER ROND GEGEVENS-VERWERKING...................................................................................11
4. HET TOEZICHTSKAPITALISME ALS BEDREIGING VOOR PRIVACY....................................................................21
5. TAKING BACK CONTROL....................................................................................................................21
DEEL 2: DISCRETIEPLICHT, AMBTSGEHEIM EN BEROEPSGEHEIM: SPREKEN IS ZILVER, ZWIJGEN IS
GOUD..............................................................................................................................................23
1. DISCRETIEPLICHT EN AMBTSGEHEIM....................................................................................................23
2. DISCRETIE ALS DEUGD VOOR SOCIAAL AGOGISCH WERKERS.......................................................................25
3. BEROEPSGEHEIM ARTIKEL 458 SW.....................................................................................................26
4. WETTELJKE UITZONDERIGEN OP HET BEROEPSGEHEIM.............................................................................34
5. NAAST “WETTELJKE UITZONDERIGEN” OOK FUNCTIONELE UITZONDERINGEN (‘OM SAMENWERKEN MOGELIJK TE
MAKEN’)..........................................................................................................................................42
EPILOOG: HET BELANG VAN EEN BEROEPSETHIEK...........................................................................45
1. SOCIAAL-AGOGISCH WERKERS ALS TECHNISCHE EN NORMATIEVE PROFESSIONALS...........................................45
2. COMMUNICATIEVE RATIONALITEIT ALS BASIS VOOR EEN BEROEPSETHISCHE DIALOOG......................................45
2
, DEONTOLOGIE
PROLOOG: HET GOEDE DOEN
1. INLEIDING
Deontologie of plichtenleer.
‘Het goede’ bestaat niet
- Niet absoluut, maar context gebonden
- Niet relatief (= iedereen zijn eigen waarheid): vanuit beroep gericht op het
zorg ethische!
De letter van de wet moeten we kennen, we moeten begrijpen waaruit
beroepsgeheim bestaat, wat de voorwaarden zijn, juist omgaan met de wet,
maar vooral ingaan met de geest van de wet, waarom is de wet er, is die goed, is
die correct voor u? …
HET NORMATIEVE
Normatieve gaat over het waarom ‘waar ik op deze manier verantwoord” —> een
soort verantwoording, niet praktisch maar ethische verantwoording.
Normatieve ethiek = de ethiek die zich de vraag stelt “kunnen we een model
ontwikkelen waarin we kunne overeenkomen of dit al dan niet een goede
handeling is? —> 2 GROTE STREKKINGEN
Het normatieve —> Niet met het vingertje wijzen maar je moet soms de client
bewust maken van het “goede” het normatieve gaat over ethiek, niet iets
opleggen, de ethische lading van uw beroep. Wij moeten zeker aandacht hebben
voordat normatieve. Het is altijd een technische en een normatieve professional.
Deontologie is slechts 1 perspectief in het normatieve. Hij focust alleen op
vertrouwen, hij biedt een focus, thema en een inzicht maar tegen het einde gaat
hij verder dan beroepsgeheim.
Deontologisch perspectief (letter en geest van de wet) als onderdeel van een
beroepsethische positionering (het volgen van een code maakt een handeling
niet automatisch goed)
2. MORAAL EN ETHIEK
We moeten een onderscheid maken tussen moraal en ethiek. Moraal moet in dit
opzicht begrepen worden als het geheel van waarden en normen die richting
geven aan ons handelen. Moraal gaat over normen en waarden en als mens doen
we voortdurend waarderende of normatieve uitspraken. Moreel handelen is
overweldigend intuïtief.
3
, Ethiek is de theoretische studie van moraal, ook genaamd moraaltheorie.
Wanneer we geconfronteerd worden met tegenstrijdige gedragsvoorschriften
zien we ons gedwongen om ons doen en laten te bevragen of om onze
waardeoordelen te rechtvaardigden en belanden we op het domein van ethiek.
Krijgen casus ‘wat is nu het juiste antwoord”, eigen aan ethiek is er dat er geen
juist antwoord is. Ethiek is een attitude van nieuwsgierigheid, reflecteren en
vragen durven stellen. Authentieke beslissing maken!
Disciplines binnen de moderne ethiek
De moderne ethiek kunnen we indelen in verschillende disciplines
1. Theoretische ethiek
a. Meta-ethiek (zoekt naar fundamenten van de ethiek)
b. Normatieve ethiek (zoekt naar theoretische kaders waarbinnen
morele problemen behandeld kunnen worden)
2. Toegepaste ethiek (morele problemen binnen specifiek domeinen
bekijken)
3. Empirische ethiek (moraalpsychologie.)
Deontologie theoretische ethiek << normatieve ethiek
Powerpint:
Wat we zouden “moeten” doen is ethiek en de basis zijn principes.
Ethiek = intuïtie onder woorden brengen. Kritisch niveau = ‘verantwoorden
handelen’ – accountability) Ethische argumenten: ‘post conventioneel’ – balans ik
en de ander. Praktische argumenten: vaak ‘secondbest’-oplossing. Nood aan
reflectie en dialoog
De letter van de wet: Juist omgaan met vertrouwelijke informatie. De letter van
de wet moeten we kennen, we moeten begrijpen waaruit beroepsgeheim bestaat,
wat de voorwaarden zijn, JUIST om gaan met de wet, maar vooral ingaan met de
geest van de wet, waarom is de wet er, is die goed, is die correct voor u?…
De geest van de wet: Ethische aspecten (h)erkennen
Recht zoekt naar het juiste antwoord (maar is niet altijd het goede):
- Cf. wetswijzigingen/wet uitbereiding
- Belang van interpretatie
- Wetten/decreten = tijdelijke ‘morele consensus’ in de maatschappij
- Rechtvaardige wetten veroorzaken onrechtvaardigheden
Normatieve gaat over het waarom ‘waar ik op deze manier verantwoord” —> een
soort verantwoording, niet praktisch maar ethische verantwoording.
Normatieve professionalisering: Niet met het vingertje wijzen maar je moet soms
de client bewust maken van het “goede” . Het normatieve gaat over ethiek, niet
iets opleggen. Wij moeten zeker aandacht hebben voordat normatieve. Het is
altijd een technische en een normatieve professional.
4
GIE
EEN KWESTIE VAN VERTROUWEN
Privacy, discretie en beroepsgeheim in sociaal-
agogische beroepen
1
,Lector: Dieter Gyrp 2022-2023
Deontologie
PROLOOG: HET GOEDE DOEN............................................................................................................3
1. INLEIDING....................................................................................................................................3
2. MORAAL EN ETHIEK..........................................................................................................................3
1. DE RECHTVAARDIGHEIDSTHEORIEN.......................................................................................................5
4. EXTRA: POWERPOINT........................................................................................................................6
PRIVACY: ALOM BEKEND, WEINIG BEMIND?.....................................................................................7
0. INLEIDING.......................................................................................................................................7
1. ‘THE RIGHT TO BE LET ALONE”.............................................................................................................7
2. PRIVACY: MUCH ADO ABOUT NOTHING?................................................................................................9
3. JURIDISCH KADER ROND GEGEVENS-VERWERKING...................................................................................11
4. HET TOEZICHTSKAPITALISME ALS BEDREIGING VOOR PRIVACY....................................................................21
5. TAKING BACK CONTROL....................................................................................................................21
DEEL 2: DISCRETIEPLICHT, AMBTSGEHEIM EN BEROEPSGEHEIM: SPREKEN IS ZILVER, ZWIJGEN IS
GOUD..............................................................................................................................................23
1. DISCRETIEPLICHT EN AMBTSGEHEIM....................................................................................................23
2. DISCRETIE ALS DEUGD VOOR SOCIAAL AGOGISCH WERKERS.......................................................................25
3. BEROEPSGEHEIM ARTIKEL 458 SW.....................................................................................................26
4. WETTELJKE UITZONDERIGEN OP HET BEROEPSGEHEIM.............................................................................34
5. NAAST “WETTELJKE UITZONDERIGEN” OOK FUNCTIONELE UITZONDERINGEN (‘OM SAMENWERKEN MOGELIJK TE
MAKEN’)..........................................................................................................................................42
EPILOOG: HET BELANG VAN EEN BEROEPSETHIEK...........................................................................45
1. SOCIAAL-AGOGISCH WERKERS ALS TECHNISCHE EN NORMATIEVE PROFESSIONALS...........................................45
2. COMMUNICATIEVE RATIONALITEIT ALS BASIS VOOR EEN BEROEPSETHISCHE DIALOOG......................................45
2
, DEONTOLOGIE
PROLOOG: HET GOEDE DOEN
1. INLEIDING
Deontologie of plichtenleer.
‘Het goede’ bestaat niet
- Niet absoluut, maar context gebonden
- Niet relatief (= iedereen zijn eigen waarheid): vanuit beroep gericht op het
zorg ethische!
De letter van de wet moeten we kennen, we moeten begrijpen waaruit
beroepsgeheim bestaat, wat de voorwaarden zijn, juist omgaan met de wet,
maar vooral ingaan met de geest van de wet, waarom is de wet er, is die goed, is
die correct voor u? …
HET NORMATIEVE
Normatieve gaat over het waarom ‘waar ik op deze manier verantwoord” —> een
soort verantwoording, niet praktisch maar ethische verantwoording.
Normatieve ethiek = de ethiek die zich de vraag stelt “kunnen we een model
ontwikkelen waarin we kunne overeenkomen of dit al dan niet een goede
handeling is? —> 2 GROTE STREKKINGEN
Het normatieve —> Niet met het vingertje wijzen maar je moet soms de client
bewust maken van het “goede” het normatieve gaat over ethiek, niet iets
opleggen, de ethische lading van uw beroep. Wij moeten zeker aandacht hebben
voordat normatieve. Het is altijd een technische en een normatieve professional.
Deontologie is slechts 1 perspectief in het normatieve. Hij focust alleen op
vertrouwen, hij biedt een focus, thema en een inzicht maar tegen het einde gaat
hij verder dan beroepsgeheim.
Deontologisch perspectief (letter en geest van de wet) als onderdeel van een
beroepsethische positionering (het volgen van een code maakt een handeling
niet automatisch goed)
2. MORAAL EN ETHIEK
We moeten een onderscheid maken tussen moraal en ethiek. Moraal moet in dit
opzicht begrepen worden als het geheel van waarden en normen die richting
geven aan ons handelen. Moraal gaat over normen en waarden en als mens doen
we voortdurend waarderende of normatieve uitspraken. Moreel handelen is
overweldigend intuïtief.
3
, Ethiek is de theoretische studie van moraal, ook genaamd moraaltheorie.
Wanneer we geconfronteerd worden met tegenstrijdige gedragsvoorschriften
zien we ons gedwongen om ons doen en laten te bevragen of om onze
waardeoordelen te rechtvaardigden en belanden we op het domein van ethiek.
Krijgen casus ‘wat is nu het juiste antwoord”, eigen aan ethiek is er dat er geen
juist antwoord is. Ethiek is een attitude van nieuwsgierigheid, reflecteren en
vragen durven stellen. Authentieke beslissing maken!
Disciplines binnen de moderne ethiek
De moderne ethiek kunnen we indelen in verschillende disciplines
1. Theoretische ethiek
a. Meta-ethiek (zoekt naar fundamenten van de ethiek)
b. Normatieve ethiek (zoekt naar theoretische kaders waarbinnen
morele problemen behandeld kunnen worden)
2. Toegepaste ethiek (morele problemen binnen specifiek domeinen
bekijken)
3. Empirische ethiek (moraalpsychologie.)
Deontologie theoretische ethiek << normatieve ethiek
Powerpint:
Wat we zouden “moeten” doen is ethiek en de basis zijn principes.
Ethiek = intuïtie onder woorden brengen. Kritisch niveau = ‘verantwoorden
handelen’ – accountability) Ethische argumenten: ‘post conventioneel’ – balans ik
en de ander. Praktische argumenten: vaak ‘secondbest’-oplossing. Nood aan
reflectie en dialoog
De letter van de wet: Juist omgaan met vertrouwelijke informatie. De letter van
de wet moeten we kennen, we moeten begrijpen waaruit beroepsgeheim bestaat,
wat de voorwaarden zijn, JUIST om gaan met de wet, maar vooral ingaan met de
geest van de wet, waarom is de wet er, is die goed, is die correct voor u?…
De geest van de wet: Ethische aspecten (h)erkennen
Recht zoekt naar het juiste antwoord (maar is niet altijd het goede):
- Cf. wetswijzigingen/wet uitbereiding
- Belang van interpretatie
- Wetten/decreten = tijdelijke ‘morele consensus’ in de maatschappij
- Rechtvaardige wetten veroorzaken onrechtvaardigheden
Normatieve gaat over het waarom ‘waar ik op deze manier verantwoord” —> een
soort verantwoording, niet praktisch maar ethische verantwoording.
Normatieve professionalisering: Niet met het vingertje wijzen maar je moet soms
de client bewust maken van het “goede” . Het normatieve gaat over ethiek, niet
iets opleggen. Wij moeten zeker aandacht hebben voordat normatieve. Het is
altijd een technische en een normatieve professional.
4