Hierbij de oefentoets medische actualiteiten en vwo-basiskennis gemaakt door tweedejaars
geneeskunde studenten aan de UVA. We hebben een kleine disclaimer: de vragen in deze
toets zijn een indicatie en zouden eventuele toets vragen kunnen zijn. Het is eigenlijk niet
mogelijk om voor deze toets te leren en daarom wilden we jullie een toets aanbieden waarin
je kan testen hoe het staat met je kennis over de medische actualiteit. Verder raden we jullie
aan je vwo-biologie, natuurkunde en scheikunde kennis wat op te frissen. Dat kan je helpen
tijdens de tweede toets.
Naast deze oefentoets, plaatsen wij waarschijnlijk het weekend van 28 januari een
oefentoets over de opgegeven leerstof. Ook deze kan je kopen op dit stuvia account!
Heel veel succes met leren en met de selectie natuurlijk!!
,Vwo-basiskennis selectie 2023
1.
Een aantal processen van het afweersysteem zijn:
1. Activatie van cytotoxische T-cellen
2. Sensibilisatie van mestcellen
3. Afgifte van mediatoren zoals histamine
Welke van deze factoren kan of welke kunnen betrokken zijn bij het ontstaan van een
allergische reactie?
a. Alleen 1
b. Alleen 2
c. Alleen 3
d. Alleen 1 en 2
e. Alleen 2 en 3
f. Zowel 1,2 als 3
2.
Waar in de cel vindt translatie plaats? En waar transcriptie?
a. Zowel translatie als transcriptie in de celkern
b. Zowel translatie als transcriptie in ribosomen in het cytoplasma
c. Translatie in de celkern en transcriptie in ribosomen in het cytoplasma
d. Translatie in ribosomen in het cytoplasma en transcriptie in de celkern
3.
Welk hormoon wordt of welke hormonen worden geproduceerd door de eilandjes van
Langerhans?
a. Insuline
b. Cortisol
c. Glucagon
d. Prolactine
4.
Wat zal niet optreden bij een patiënt met een tekort aan thyroxine?
a. De patiënt komt aan in gewicht
b. De patiënt heeft het koud
c. Het hart van de patiënt klopt sneller dan normaal
d. Het haar van patiënt valt uit
5.
Waar bevinden zich de meeste centra van het autonome zenuwstelsel?
a. In de kleine hersenen
b. In het ruggenmerg
c. In de hersenstam
d. In de grote hersenen
, 6.
De vorming van voorurine vindt plaats in:
a. 1 en 2
b. Alleen 1
c. 3 en 4
d. Alleen 4
e. Alleen 3
7.
Bij de ventilatiebewegingen kunnen spieren in het middenrif, verschillende tussenribspieren
en de buikspieren een rol spelen.
Welke van deze spieren trekken samen tijdens uithoesten?
a. Alleen de spieren van het middenrif
b. Bepaalde tussenribspieren en de buikspieren
c. Alleen de tussenribspieren
8.
Welke van onderstaande soorten straling heeft het hoogste ioniserend vermogen?
a. Alfa straling
b. Bèta straling
c. Gammastraling
9.
Van welke eigenschap van röntgenstraling wordt gebruik gemaakt bij het maken van een
CT-scan?
a. De dracht van röntgenstraling
b. Het doordringend vermogen van röntgenstraling
c. De snelheid van röntgenstraling
d. De lading van röntgenstraling