Oefening 1
Op de markt voor telecom zijn slechts 2 spelers actief. De vraag naar telecomproducten
bedraagt Qd = 2000 – 10p. De totale kosten functie is gelijk aan TC = 20q + 120.
a) Stel dat beide spelers een kartel vormen, hoeveel bedraagt de winstmaximaliserende
prijs en hoeveelheid van het kartel?
b) Hoeveel bedraagt het consumentensurplus wanneer beide spelers een kartel vormen en
de opbrengsten worden gemaximaliseerd?
c) Beide spelers kunnen kiezen tussen 450 en 650 eenheden aanbieden. Hoeveel bedraagt
de opbrengst van elke producent in elk van de gevallen? Maak hiervoor een pay-off
matrix.
d) Welke uitkomst is pareto-efficiënt?
e) Indien er verondersteld wordt dat telecom producten homogene goederen zijn waarvan
veel aanbieders zijn, hoeveel bedraagt dan de opbrengst bij winstmaximalisatie?
Vraagfunctie: Qd = 2000 – 10p
Inverse vraagfunctie: Qd – 2000 = -10p
Qd – 2000 = p
-10
-1/10 Qd + 200 = p
p = -1/10 Qd + 200
a) Marktvorm: kartel = monopolie
→ Voorwaarde winstmaximalisatie: MR = MC
MR MC
MR = (TR)’ MC = (TC)’
= (p . q)’ → p vervangen door inverse = (20q + 120)’
= (-1/10 q + 200) . q)’ = 20
= (-1/10 q² + 200 q)’
= -2/10 q + 200
= -1/5 q + 200
Op de markt voor telecom zijn slechts 2 spelers actief. De vraag naar telecomproducten
bedraagt Qd = 2000 – 10p. De totale kosten functie is gelijk aan TC = 20q + 120.
a) Stel dat beide spelers een kartel vormen, hoeveel bedraagt de winstmaximaliserende
prijs en hoeveelheid van het kartel?
b) Hoeveel bedraagt het consumentensurplus wanneer beide spelers een kartel vormen en
de opbrengsten worden gemaximaliseerd?
c) Beide spelers kunnen kiezen tussen 450 en 650 eenheden aanbieden. Hoeveel bedraagt
de opbrengst van elke producent in elk van de gevallen? Maak hiervoor een pay-off
matrix.
d) Welke uitkomst is pareto-efficiënt?
e) Indien er verondersteld wordt dat telecom producten homogene goederen zijn waarvan
veel aanbieders zijn, hoeveel bedraagt dan de opbrengst bij winstmaximalisatie?
Vraagfunctie: Qd = 2000 – 10p
Inverse vraagfunctie: Qd – 2000 = -10p
Qd – 2000 = p
-10
-1/10 Qd + 200 = p
p = -1/10 Qd + 200
a) Marktvorm: kartel = monopolie
→ Voorwaarde winstmaximalisatie: MR = MC
MR MC
MR = (TR)’ MC = (TC)’
= (p . q)’ → p vervangen door inverse = (20q + 120)’
= (-1/10 q + 200) . q)’ = 20
= (-1/10 q² + 200 q)’
= -2/10 q + 200
= -1/5 q + 200