Florennce Lamberts 4Vd 13/10/2022
Postgraduaat Cardiologie-Pathofysiologie
van ritmestoornissen
Pathofysiologie
Ritmestoornissen
Prikkelvorming
- Prikkelvorming bij normale membraanpotentiaal
• Cellen met spontane generatie van actiepotentiaal
▪ Sinusknoop
▪ Cellen in de AV-junctie
▪ His-purkinje
- Normale cardiale ritme
• Trage spontane diastolische depolarisatie in de
sinusknoopcellen
• Lekstroom tijdens diastole
• Actiepotentiaal bij bereiken van drempelpotentiaal
- Spontane diastolische depolarisatie
• Ca++ dependent
• Andere zones dan sinusknoop zijn trager
▪ ‘latente’ pacemakers
▪ Sinusknoop is dominant en legt ritme op aan hart
• Andere zones nemen over
▪ Vertragen van sinusknoop (sinsbradycardie)
▪ AV-blok
• Pacemakerstroom of diastolische depolarisatie word sterk beïnvloed door
▪ Autonoom zenuwstelsel
Slaap
Waak
Vasovagaal
▪ Circulerende catecholamines (Bv: dopamine)
Inspanning
Angst
Stress
- Overdrive supressie zorgt voor sinusale dominantie = de hoge frequentie van de SA-knoop onderdrukt
andere ‘latente’ pacemakers
• OS van His-Purkinje-systeem
▪ Wanneer His-Purkinje cellen geprikkeld worden aan een hogere frequentie dan hun intrinsieke
frequentie ontstaat bij plots wegvallen van de hogere frequentie een pauze vooraleer de eigen
frequentie terug op peil komt
▪ Hogere stimulatiefrequentie
Tragere diastolische repolarisatie
Negatieve diastolische rustpotentiaal
▪ Acuut AV-blok
Plots wegvallen van His-purkinje activiteit met pauze tot deze cellen overnemen
pag. 1
, Florennce Lamberts 4Vd 13/10/2022
Afwijking prikkelvorming
1. Tragere sinusknoop --> andere (latente) pacemaker neemt over
2. Verhoogde normale automaciteit
• Sneller verlopen van diastolische depolarisatie in latente pacemaker --> stijgen van intrinsieke
frequentie/hartfrequentie
• ‘werk’-myocard --> nromaal geen pacemaker-stroom
➔ Orthosympatische prikkeling kunnen stroom versnellen met verstoren van ritme
3. Abnormale automaciteit = prikkelvorming in gedepolariseerde cellen
• Spontane activiteit in partieel gedepolariseerde cellen
▪ Vooral in het (His)Purkinje systeem
▪ Tijdens ischemie
▪ Celpotentiaal minder laag
▪ Alternerende ionenstroom van voltage-gereguleerde ionenkanalen
L-type Ca++ kanalen
Verhoogde beta-adrenerge stimulatie
= tijdens acuut myocardinfarct
4. Getriggerde activiteit = gerelateerd aan voorafgaande actiepotentiaal/depolarisatie --> depolarisaties die vallen
tijdens of net na de repolarisatie van de voorgaande actiepotentiaal, ze veroorzaken extrasystolen en die kunnen
op hun beurt tachy-aritmie veroorzaken (gevaarlijk!)
• Ontstaan steeds na een actiepotentiaal = na-depolarisaties
• 2 vormen
Vroegtijdige na-depolarisatie = EAD’s
Laattijdige na-depolarisatie = DAD’s
EAD DAD
- AD tijdens plateau-fase of vroeger - AD na volledige repolarisatie
repolarisatie-fase - Ontstaan op basis van een verhoogde
- Veroorzaakt door disbalans in de in-en diastolische calciumconcentratie in de cel
uitstroom van ionen - Bij calcium overbelasting --> spontane lozing
- Deel van de calciumcellen zijn hersteld en van Ca++ (niet gekoppeld aan instroom van
kunnen al terug reactiveren depolariserende Ca++ stroom) = instroom maakt
• Oscillaties in membraanpotentiaal de snel meer positief en veroorzaakt zo
- Komt vooral voor bij tragere hartritmes en depolarisatie
hypokaliëmie - Geeft oscillaties in membraanpotentiaal (ionen
- Verdwijnen bij versnellen van het hartritme wisselaars geactiveerd)
(verkorten AP/repolarisatie) - Bij bereiken drempelpotentiaal ontstaat AP
- Bij LQT-syndroom, medicatie-geïnduceerde Tdp - Kan ontstaan bij
(medicatie die repolalariserende • Tachycardie (inspannings gebonden VT)
kaliumstromen onderdrukken) • Beta-adrenerge stimulatie
• R/isuprel, (temporaire) pacing • Digitalis/Hypokaliëmie (onderdrukken
- Zeldzaam bij plotse versnelling van hartritme Na/K pomp)
door vrijzetten van calcium uit • Cellulaire stretch
sarcoplasmatisch reticulum
pag. 2
Postgraduaat Cardiologie-Pathofysiologie
van ritmestoornissen
Pathofysiologie
Ritmestoornissen
Prikkelvorming
- Prikkelvorming bij normale membraanpotentiaal
• Cellen met spontane generatie van actiepotentiaal
▪ Sinusknoop
▪ Cellen in de AV-junctie
▪ His-purkinje
- Normale cardiale ritme
• Trage spontane diastolische depolarisatie in de
sinusknoopcellen
• Lekstroom tijdens diastole
• Actiepotentiaal bij bereiken van drempelpotentiaal
- Spontane diastolische depolarisatie
• Ca++ dependent
• Andere zones dan sinusknoop zijn trager
▪ ‘latente’ pacemakers
▪ Sinusknoop is dominant en legt ritme op aan hart
• Andere zones nemen over
▪ Vertragen van sinusknoop (sinsbradycardie)
▪ AV-blok
• Pacemakerstroom of diastolische depolarisatie word sterk beïnvloed door
▪ Autonoom zenuwstelsel
Slaap
Waak
Vasovagaal
▪ Circulerende catecholamines (Bv: dopamine)
Inspanning
Angst
Stress
- Overdrive supressie zorgt voor sinusale dominantie = de hoge frequentie van de SA-knoop onderdrukt
andere ‘latente’ pacemakers
• OS van His-Purkinje-systeem
▪ Wanneer His-Purkinje cellen geprikkeld worden aan een hogere frequentie dan hun intrinsieke
frequentie ontstaat bij plots wegvallen van de hogere frequentie een pauze vooraleer de eigen
frequentie terug op peil komt
▪ Hogere stimulatiefrequentie
Tragere diastolische repolarisatie
Negatieve diastolische rustpotentiaal
▪ Acuut AV-blok
Plots wegvallen van His-purkinje activiteit met pauze tot deze cellen overnemen
pag. 1
, Florennce Lamberts 4Vd 13/10/2022
Afwijking prikkelvorming
1. Tragere sinusknoop --> andere (latente) pacemaker neemt over
2. Verhoogde normale automaciteit
• Sneller verlopen van diastolische depolarisatie in latente pacemaker --> stijgen van intrinsieke
frequentie/hartfrequentie
• ‘werk’-myocard --> nromaal geen pacemaker-stroom
➔ Orthosympatische prikkeling kunnen stroom versnellen met verstoren van ritme
3. Abnormale automaciteit = prikkelvorming in gedepolariseerde cellen
• Spontane activiteit in partieel gedepolariseerde cellen
▪ Vooral in het (His)Purkinje systeem
▪ Tijdens ischemie
▪ Celpotentiaal minder laag
▪ Alternerende ionenstroom van voltage-gereguleerde ionenkanalen
L-type Ca++ kanalen
Verhoogde beta-adrenerge stimulatie
= tijdens acuut myocardinfarct
4. Getriggerde activiteit = gerelateerd aan voorafgaande actiepotentiaal/depolarisatie --> depolarisaties die vallen
tijdens of net na de repolarisatie van de voorgaande actiepotentiaal, ze veroorzaken extrasystolen en die kunnen
op hun beurt tachy-aritmie veroorzaken (gevaarlijk!)
• Ontstaan steeds na een actiepotentiaal = na-depolarisaties
• 2 vormen
Vroegtijdige na-depolarisatie = EAD’s
Laattijdige na-depolarisatie = DAD’s
EAD DAD
- AD tijdens plateau-fase of vroeger - AD na volledige repolarisatie
repolarisatie-fase - Ontstaan op basis van een verhoogde
- Veroorzaakt door disbalans in de in-en diastolische calciumconcentratie in de cel
uitstroom van ionen - Bij calcium overbelasting --> spontane lozing
- Deel van de calciumcellen zijn hersteld en van Ca++ (niet gekoppeld aan instroom van
kunnen al terug reactiveren depolariserende Ca++ stroom) = instroom maakt
• Oscillaties in membraanpotentiaal de snel meer positief en veroorzaakt zo
- Komt vooral voor bij tragere hartritmes en depolarisatie
hypokaliëmie - Geeft oscillaties in membraanpotentiaal (ionen
- Verdwijnen bij versnellen van het hartritme wisselaars geactiveerd)
(verkorten AP/repolarisatie) - Bij bereiken drempelpotentiaal ontstaat AP
- Bij LQT-syndroom, medicatie-geïnduceerde Tdp - Kan ontstaan bij
(medicatie die repolalariserende • Tachycardie (inspannings gebonden VT)
kaliumstromen onderdrukken) • Beta-adrenerge stimulatie
• R/isuprel, (temporaire) pacing • Digitalis/Hypokaliëmie (onderdrukken
- Zeldzaam bij plotse versnelling van hartritme Na/K pomp)
door vrijzetten van calcium uit • Cellulaire stretch
sarcoplasmatisch reticulum
pag. 2