Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting psychiatrie

Note
-
Vendu
-
Pages
40
Publié le
08-11-2022
Écrit en
2021/2022

Samenvatting van psychiatrie in het jaar 2021-22 voor het vak verpleegkundig redeneren en handelen 2 (nu verpleegkundige zorg en communicatie 2)

Aperçu du contenu

PSYCHIATRIE

H1: INTRODUCTIE IN DE GGZ

 Onszelf afvragen wat er met deze mensen aan de hand is en waarom ze zo doen = bezig met
psychiatrie en klinische psychologie
Psychopathologie:
 Studiegebied: beschrijvingen van diverse vormen van afwijkende emoties en gedachten en afwijkend
gedrag
Psychische of psychiatrische stoornis:
 Afwijkende emoties of gedachten of een afwijkend gedragspatroon dat wordt gekenmerkt door een
storing in het dagelijks sociaal functioneren van een persoon
VERPLEEGKUNDE IN DE GGZ is verdiepen in:
 Afwijkende emoties, denkbeelden en gedragingen
 Oorzaken
 Behandelmogelijkheden


1.1 HOE DEFINIËREN WE ‘AFWIJKEND’?

1.1.1 CRITERIA ABNORMALITEIT?
1. Uitzonderlijk:
 Dingen zien en horen
 Zeldzaam gedrag ≠ afwijkend (bijvoorbeeld maar 1 iemand kan een record halen)
2. Sociaal afwijkend:
 Vormen van gedrag die acceptabel zijn in bepaalde context = normen
 Rekening houden met culturele verschillen
 Rekening houden met verschillen tussen generaties
3. Foute perceptie/ interpretatie realiteit:
 Hallucinatie of onderliggende psychische stoornis
4. Aanzienlijk emotioneel lijden:
 Problematische emoties (angst, depressie)
 Soms is afwezigheid van emotionele reactie afwijkend gedrag
 Heftige emoties zijn niet afwijkend, tenzij ze lang aanhouden nadat de aanleiding verdwenen
is
5. Ongepast/ contraproductief gedrag:
 Onprettige gevoelens oproepen, beperkt vermogen tot vervullen bepaalde rollen
6. Gevaar:
 Sociale context is belangrijk
 Gevaar voor de betrokkene zelf of voor anderen (bijvoorbeeld zelfdoding)




1

,1.2 ZIEKTE VASTSTELLEN
 Dunne lijn abnormaal – normaal
 Zorgvuldig zijn in onze observaties
 Vrijhouden van waardeoordelen.
 Symptomen en diagnostische criteria
 Gebruik maken van wetenschappelijke criteria.


H2: VISIE OP AFWIJKEND GEDRAG, DENKMODELLEN OVER VERPLEEGKUNDE EN
BEHANDELMETHODEN


2.1 BIOLOGISCH PERSPECTIEF
 Genen
 Neuronen => Biologische factoren
 Hersenen

2.1.1 EVALUATIE VAN DE BIOLOGISCHE PERSPECTIEVEN OP AFWIJKEND GEDRAG

Bij vele stoornissen is er verband:
 Verband verstoring neurotransmitters
 Onderliggende afwijkingen
 Defecten hersenen


2.2 BIOPSYCHOSOCIALE PERSPECTIEF
 Betere kijk op het afwijkend gedrag
 Kijkt naar het samenspel van factoren in de ontwikkeling van abnormale gedragspatronen:
 Biologisch perspectief (DNA, medicatie effect)
 Sociaal perspectief (familie, vrienden)
 Psychologisch perspectief (trauma, draagkracht)

2.2.1 DIATHESE-STRESSMODEL
 Meeste psychologische stoornissen ontstaan door combinatie van of interactie tussen een diathese
en stress
 Ook psychologische diathese.




2

,2.2.2. EVALUATIE VAN BIOPSYCHOSOCIALE PERSPECTIEF
 Model gaat ervan uit dat psychologische stoornissen in alle gevallen complexe fenomenen zijn met
verschillende oorzaken

o Niet mogelijk om 1 enkele oorzaak aan te duiden


2.3 PSYCHOTHERAPIE
Gestructureerde vorm van behandeling die berust op een psychologisch kader, waarbij 1 of meerdere
verbale interacties plaatsvinden.

2.3.1 PSYCHOANALYSE EN PSYCHODYNAMISCHE THERAPIE
 Helpt inzicht te krijgen in, en een oplossing te vinden voor onbewuste conflicten uit de jeugd.
hedendaagse therapie = meer naar huidige relaties gericht
 De conflicten activeren afweersystemen/symptomen.
 Overdracht = reacties van cliënten op behandelaar zijn een weerspiegeling van hun gevoelens en
attitudes tegenover andere belangrijke mensen in hun leven
 Tegenoverdracht = door de therapeut op de cliënt geprojecteerde gevoelens

2.3.2 HUMANISTISCHE THERAPIE
 Persoonsgerichte therapie (subjectieve en bewuste ervaringen)
o Non-directief (cliënt bepaalt verloop)
o Reflecties (actief luisteren)
o Onvoorwaardelijke acceptatie, empathie, oprechtheid, echtheid

2.3.3 GEDRAGSTHERAPIE
 Focus op gedragsverandering
 Niet in verleden graven/ geen verandering persoonlijkheid
 Relatief korte therapie
 Systematische desensitisatie: blootstelling aan steeds angstwekkende stimuli
 Geleidelijke blootstelling (in vivo): confrontatie met de fobie
 Modeling (leren door gedrag anderen)
 Token economy (cliënten worden bijvoorbeeld beloond door fiches en kunnen dan ingeruild
worden voor de gewenste beloning)


3

, 2.3.4 COGNITIEVE THERAPIE
 Rationeel-emotieve (gedrag)therapie:
 Contraproductief gedrag veranderen door effectievere interpersoonlijk gedrag
 Cognitieve therapie van Beck (cognitieve vervormingen):
 Denkfouten onder ogen zien en corrigeren
 Relatie tussen wat de pt voelt, denkt en doet in actuele situaties

2.3.5 COGNITIEVE GEDRAGSTHERAPIE (DEPRESSIE, ANGST- EN PANIEKSTOORNIS)
 Uiterlijk gedrag en onderliggende gedachten, opvattingen en attitudes veranderen
 Relatie leggen tussen wat de pt in actuele situaties doet, voelt en denkt
 Goed voor emotionele stoornissen (depressie, angst- en paniekstoornis)
 Eclectische therapie!! (Integrale psychotherapie, bewust gebruik maken van verschillende principes
en technieken uit verschillende therapeutische scholen
 Third wave – therapieën  ACT (acceptance and commitment therapy) en MBCT (mindfulness-based
cognitive therapy)
o Doel: bewust worden van ongewenste gevoelens, gedachten en lichamelijke sensaties =>
mindful leren mee omgaan

2.3.6 GROEPS-, GEZINS-EN RELATIETHERAPIE
 Effectief voor mensen met dezelfde aandoening

2.4 BIOLOGISCH GEORIËNTEERDE THERAPIEËN
 Speelt rol in behandeling psychische en psychiatrische stoornissen
 Medicatie
 Licht therapie en elektroconvulsietherapie

2.4.1 MEDICATIE
 Angstremmers
 Antipsychotica (typische en atypische)
 Antidepressiva (tricyclische, MAO-remmers, SSRI.)
 Stemmingsstabilisatoren (lithium)

2.4.2 ANDERE BIOLOGISCHE INTERVENTIES
 Lichttherapie (slaap-waakritmes te synchroniseren)
 Elektroconvulsietherapie (elektrische shock toedienen om convulsies op te wekken dat bij mensen
met epilepsie voorkomt)  voor mensen met een depressie waar antidepressiva niet aanslaat
 Transcraniële magnetische stimulatie: hersenschors wordt gestimuleerd met magneet (depressie)
 Psychochirurgie (zelden toegepast) (operatieve behandeling van ondraagelijke pijn/psychische
aandoeningen)




4

Infos sur le Document

Publié le
8 novembre 2022
Nombre de pages
40
Écrit en
2021/2022
Type
RESUME

Sujets

€7,39
Accéder à l'intégralité du document:

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
sofiecoutteau

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
sofiecoutteau Hogeschool Gent
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
2
Membre depuis
4 année
Nombre de followers
2
Documents
18
Dernière vente
3 année de cela

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions