Hoofdstuk 1 Chemisch rekenen
§1.1 Atoombouw en periodiek systeem
We gebruiken voor de atoombouw het atoommodel van Bohr. Een atoom bestaat hierbij uit
een kern en elektronenschillen. De schillen gaan als volgt:
Schil K → 2 elektronen
Schil L → 8 elektronen
Schil M → 18 elektronen
In een atoom zitten negatief geladen elektronen (e-), positief geladen protonen (p+) en
neutrale neutronen (no).
Atoomnummer = protonen = elektronen
Massagetal = protonen + neutronen
Isotopen = stoffen met hetzelfde atoomnummer maar een ander massagetal
Aantal elektronen buitenste schil → valentie-elektronen. De verdeling van de elektronen over
de schillen noemen we de elektronenconfiguratie.
Groep 1 → alkalimetalen
Groep 2 → aardalkalimetalen
Groep 17 → halogenen
Groep 18 → edelgassen
In groep 18 zitten 2 of 8 elektronen in de buitenste schil. Deze elektronenconfiguratie,
edelgasconfiguratie, zorgt voor veel stabiliteit.
De elementen niet-metalen zijn vaak gasvormig bij kamertemperatuur. De elementen met
een atoomnummer groter dan uranium (92) zijn synthetische elementen (geen natuurlijke
elementen).
§1.2 De hoeveelheid stof
In binas 8 t/m 12 staan de dichtheden van veel gebruikte stoffen bij kamertemperatuur.
n = kg : g/mol = kmol n = mg : g/mol = mmol
Tabel 99: relatieve atoommassa’s
Tabel 3A: mol massa’s
Tabel 66B: naamgeving chemische stoffen
§1.1 Atoombouw en periodiek systeem
We gebruiken voor de atoombouw het atoommodel van Bohr. Een atoom bestaat hierbij uit
een kern en elektronenschillen. De schillen gaan als volgt:
Schil K → 2 elektronen
Schil L → 8 elektronen
Schil M → 18 elektronen
In een atoom zitten negatief geladen elektronen (e-), positief geladen protonen (p+) en
neutrale neutronen (no).
Atoomnummer = protonen = elektronen
Massagetal = protonen + neutronen
Isotopen = stoffen met hetzelfde atoomnummer maar een ander massagetal
Aantal elektronen buitenste schil → valentie-elektronen. De verdeling van de elektronen over
de schillen noemen we de elektronenconfiguratie.
Groep 1 → alkalimetalen
Groep 2 → aardalkalimetalen
Groep 17 → halogenen
Groep 18 → edelgassen
In groep 18 zitten 2 of 8 elektronen in de buitenste schil. Deze elektronenconfiguratie,
edelgasconfiguratie, zorgt voor veel stabiliteit.
De elementen niet-metalen zijn vaak gasvormig bij kamertemperatuur. De elementen met
een atoomnummer groter dan uranium (92) zijn synthetische elementen (geen natuurlijke
elementen).
§1.2 De hoeveelheid stof
In binas 8 t/m 12 staan de dichtheden van veel gebruikte stoffen bij kamertemperatuur.
n = kg : g/mol = kmol n = mg : g/mol = mmol
Tabel 99: relatieve atoommassa’s
Tabel 3A: mol massa’s
Tabel 66B: naamgeving chemische stoffen