Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Somatische zorg

Vendu
4
Pages
98
Publié le
29-05-2022
Écrit en
2021/2022

Samenvatting van 98 pagina's voor het vak Somatische zorg aan de UA












Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Infos sur le Document

Publié le
29 mai 2022
Nombre de pages
98
Écrit en
2021/2022
Type
Resume

Aperçu du contenu

1



Somatische zorg

LES 1: Prevalentie van somatische aandoeningen en risicofactoren
1. Het vak ‘somatische zorg’
Somatische zorg = zorg voor alle medische aandoeningen (behalve moeder en kind). De meest
frequentie doodsoorzaak bij de mens zijn hart- en vaatziekten. De tweede grootste doodsoorzaak zijn
kanker.
Grootste deel van de somatische aandoeningen = de focus op hart- en vaataandoeningen.

Inhoud van de cursus:
• Promotie van een gezonde levenswijze
• Preventie van cardiovasculaire aandoeningen
• Diagnose
• Behandeling

Opfrissen van cardiovasculaire anatomie & ECG!


2. Prevalentie van hart- en vaatziekten
In 1990 was hart- en vaatziekten doodsoorzaak nummer 1. Dit gevolgd door CVA. Nu is het niet
verbeterd. Weredlwijd is het nog steeds doodsoorzaak nummer 1. Bovendien is het nog 1/3 hoger op
wereldschaal dan 1990 (internationaal). Er is een nieuwkomer, namelijk diabetes. Het aantal diabetes
gerelateerde doden is in 20 jaar verdubbeld. Als diabetes stijgt, stijgen de atherosclerotische oorzaken
ook. De beste cijfers (laagste aantal doden) liggen in de landen rond de noordkant middelste zee. Dit is
een mediteriaan dieet & roken veel minder. De cardiovasculaire moritaliteit bevindt zich bij de laagsten.

In Europa werd er 10 jaar geleden 106 miljard euro uit per jaar aan de behandeling van hart- en
vaatziekten.
• Mannen: doodsoorzaak nummer 1 = kanker (meestal longkanker). Longkanker is bijna volledig
gerelateerd aan roken.
• Vrouwen: voor alle vrouwen samen blijkt cardio-vasculaire ziekten nummer 1.
o Piek in de baby-boom periode (de piek zit nu rond de 65). De voornaamste factoren
voor atherosclerose is de toenemende leeftijd. In de komende 20 jaar zal er een
tsunami zijn van atherosclerotische events want de baby-boom piek wordt een
bejaarde-boom piek.


3. Risiscofactoren
3.1 SCORE2(-OP)
De tabel vat de10 jaar kans kans op hart- en vaatziekten (ofwel hartinfacrt
ofwel CVA) en de kans dat je er gaat aan overlijden samen. Je kan de kans
dus inschatten. Wat heb je nodig om dit risico in te schatten?
• Geslacht
• Rookstatus
• Leeftijd waarop de screening wordt geadviseerd

, 2


• Bloeddruk
• Niet HDL-cholesterol

Deze tabel is gemaakt voor asymptomatische personen die geen hoogrisico-factor hebben. Dus niet
athelorslectorische cardiavasculaire ziekten, diabetes, familiale hypercholesterolemie en CNI. Er is in dit
geval altijd een verhoogd risico.


3.2 Hartleeftijd
Door het bereken van de hartleeftijd kan je jonge mensen overtuigen om hun levensstijl aan te passen.
De hartleeftijd is de leeftijd die je in de tabel terugvindt van een persoon zonder risicofactoren waarbij
het risico even groot is als een persoon voor u zit zonder risicofactoren.
Bijvoorbeeld: Een 47-jarige rokende man met een systolische bloeddruk van 150 mm Hg en een
non-HDL cholesterol van 230 mg/dl loopt een even hoog (8%) 10-jaar risico als een 72-jarige
man zonder risicofactoren. De hartleeftijd bedraagt dus 72 jaar.


3.3 Bijkomende risicofactoren
1. Sociale deprivatie (= weinig contacten)
2. (Centrale) obesitas
3. Sedentaire levenswijze (= weinig beweging)
4. Psychosociale factoren
5. Familiale voorgeschiedenis (1ste graads familielid die voor de man <55j & vrouw<60j een infarct
doet)
6. Chronische (auto-) immune ontsteking (vb RA, SLE …)
7. Majeure psychiatrische aandoening
8. HIV-behandeling (= verhoging van het cholesterol)
9. Voorkamerfibrillatie (VKF)
10. Linker ventrikelhypertrofie
11. Chronische nierinsufficiëntie
12. Obstructief slaap apnoe syndroom (OSAS)
13. Non-alcoholische leververvetting (NAFLD)

Het gaat niet zozeer over het hebben van 1 risicofactor, maar eerder over de combinatie van
verschillende risicofactoren.
• Mannen hebben een veel hoger risico dan vrouwen voor dezelfde leeftijd & rokers veel meer
dan niet-rokers

Roken (zie tabel PPT)
• Roken geeft een aanzienelijke hogere kans op verschillende andere aandoeningen
• Er is een dosis-response relatie tussen het aantal sigaretten en het verkrijgen van: COPD,
longkanker en hartziekten
• Een vrouw sterft 11 jaar sneller en een man 12 jaar
• Op jonge leeftijd wordt de prognose belangrijk beïnvloedt (35-44 jaar: wint u er 9)

, 3


WHO-rookstop algoritme
Vraag eerst aan de patiënt of hij rookt. Als dit niet wordt gevraagd door de gezondheidsmedewerkers,
gaat de patiënt er vanuit dat het niet belangrijk is. Wanneer dit zo is, ga je adviseren om te stoppen met
roken op een persoonlijk niveau. Daarna bekijk je of de patiënt bereid is om te stoppen:
• Indien ja, asssisteer de patiënt met stoppen met roken
o Spreek een dag
o Laat de patiënt familieleden informeren over de
rookstop
o Vraag voor hun ondersteuning
o Verwijder al het materiaal zoals sigaretten en
asbakken
o Afspreken met vrienden die niet-rokers zijn
o Zorgen voor een opvolgingsconsult (zo nee,
bekijken wat er is misgelopen)
▪ Medicatiementeuze ondersteuning
indien noodzakelijk

Medicamenteuze behandeling
Champix (= Varenicline) wordt het meest aangeraden (nu niet op de markt verkrijgbaar). Er bestaan ook
nicotine-vervangers.
• In ’98: kwart van de volwassen en een derde van de middelbare schoolkinderen
• Nu: 17% van de volwassenen en 6% van de middelbare schoolkinderen

Cholesterol
Er werd gekeken naar de (toaal)cholesterolwaarden en het overlijden op latere leeftijd door
cardiovasculaire problemen. Er was een correlatie waar te nemen.
• Arbitrair werd gezegd: 190 is goed, op dit moment geen absolute ondergrens. Hoe lager de
cholesterol hoe beter de cholesterol
• HDL = goede cholesterol, alle ‘slechte’ cholesterol is een belangrijke risicofactor!
o Hoe lagere uw slechte cholesterol fractie, hoe beter

Onderverdeling in groepen
Het is belangrijk om in te schatten wat het risico van iemand is, om de streefwaarden van de cholesterol
te bepalen.
• Laag risico = LDL (slechte) <116
• Gemiddelde risico = LDL <100
o
• Hoog risico = LDL <70
• Zeer hoog risico = LDL <55
o Voorgeschiedenis van een cardiovasculair event
o Alle patiënten boven de 7,5 in de hoge categorie
o CNI
o Diabetes met bijkomende orgaanschade
Bij een zeer hoog risico moet de LDL niet enkel onder de 55 zijn, maar ook met de helft dalen. Iemand
met 70 moet minstens 35 halen.

, 4


Behandeling
1. Levensstijlaanpassingen
2. Statine (= eigen aanmaak van cholesterol in de lever wordt geremd)
a. Indien niet gelukt: Ezetimide (= remt de opname van cholesterol uit de darmen) of
Bempedoïnezuur (= remt hetzelfde systeem bovenop de statines)
3. PCSK9 (= remt de afbraak van het eiwit dat de slechte cholesterol uit de bloedbaan haalt. Dit
eiwit kan gerecycleerd worden en dus opnieuw gebruikt worden en dus meer uit de bloedbaan
gehaald worden).

Pravastatine en simvastatine mag je vergeten. Die laten de LDL niet voldoende zakken (namelijk met de
helft). Atorvastatine en rosustatine zijn krachtig genoeg.
• Pravastatine en simvastatine zijn toch vaak de meest grijpbare
o Waarom nog geven? Geeft ook veel bijwerkingen!

Familiale hypercholesterolemie
• Atheroslerotische events op jonge leeftiijd (mannen <55j & vrouwen <60j, 1 ste graad)
• Peesxanthomen = cholesterol opstappeling ter hoogte van de pezen
• Arcus cornealis = witte ring rondom de ogen
• Zeer hoog LDL (>190 mg/dl)
• Komt relatief veel voor (1/200-250)! Meer dan type 1 diabetes, maar wordt zeer vaak gemist.
Wanneer dit familiaal is wordt er aangeraden op al te starten op de leeftijd van 12-15 jaar met
statines.
o Met het selecteren van de juiste embryo’s kan je de familiale hypercholesterolemie
uitschakelen (= goedgekeurde reden om aan embyro-selectie te doen)

BMI
Ondergewicht: <18, normaal: 18-25, overgewicht: 25-30, obesitas: 30-35, morbiede obesitas: >35
• Hoe hoger de BMI, hoe groter de kans op hart- en vaatziekten

Obesitas kan makkelijker leiden tot:
• Leververvetting & levercirrose
• Diabetes type 2 (leidt ook tot coronairlijden)
• Coronairlijden
• Slaapapneu
• Knie- en heuparthrose
• Slokdramreflux (leidt tot slokdarmonsteking en dat weer tot slokdarmkanker)
• Hogere bloeddrukken
• Slechte cholesterol

Buikomtrek
Naast de BMI is het ook belangrijk om te weten waar je het vet opslaagt! De buikomtrek bij mannen
moet <94 zijn en bij vrouwen <80.
• Als het vet op de billen en de poep zit (= een peer) is beter dan het appelfiguur

Reviews from verified buyers

Affichage de tous les 2 avis
3 jours de cela

2 année de cela

4,0

2 revues

5
0
4
2
3
0
2
0
1
0
Avis fiables sur Stuvia

Tous les avis sont réalisés par de vrais utilisateurs de Stuvia après des achats vérifiés.

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
Mollll Universiteit Antwerpen
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
49
Membre depuis
3 année
Nombre de followers
18
Documents
11
Dernière vente
1 mois de cela

4,2

22 revues

5
9
4
10
3
2
2
1
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions