H4: morfologie
A) morfologie en anatomie
- morfologie = de vorm en structuur van organismen bestuderen
→ ook de relatie tot elkaar en tot het ganse organisme
- anatomie/ ontleedkunde: studie van de opbouw van een organisme
→ onderdeel morfologie
- macroscopische anatomie = bestudeert structuren die nog met oog zichtbaar zijn
- microscopische anatomie = maakt gebruik van optische hulpmiddelen
- beschrijvende/ descriptieve anatomie = systematische benadering van de opbouw
van verschillende stelsels, systemen en structuren
- vergelijkende/ comparatieve anatomie = zoeken van gelijkenissen en verschillen
tussen homologe structuren
- functionele anatomie = onderzoek naar de functie van bepaalde structuren
- topografische anatomie = studie van de exacte locatie en onderlinge relatie van
structuren
- toegepaste/ klinische anatomie = benadert anatomisch toepassingsgericht
B) anatomische terminologie en
nomenclatuur
- anatomische nomenclatuur wordt beheerd door The International
Commission on Veterinary Anatomical Nomenclature en zijn
subcommissies
→ onder vleugels van World Association of Veterinary Anatomists
(WAVA)
- terminologie is gebundeld in de Nomina Anatomica Veterinaria (NAV)
1) algemene principes
a) taal
- latijn
- geen officieel goedgekeurde lijst met engelstalige terminologie
b) 1 enkele term
- vele medische disciplines hanteren een Griekse terminologie of ,combinatie van
beiden (eerder oud)
- sommige termen wel nog:
lever hepar
strottenhoofd larynx
, keelholte fraynx
alvleesklier pancreas
zwezerik thymus
bijbal epididymis
…
c) zo eenvoudig en descriptief mogelijk
- iedere term dient zo eenvoudig en descriptief mogelijk te zijn
→ korte allesomvattende term die direct interpreteerbaar is
d) topografisch verwante structuren dragen dezelfde naam
- structuren die met elkaar verwant zijn, samen lopen, of naar dezelfde regio of
structuur vernoemd zijn, horen dezelfde naam te dragen
e) eponiemen zijn uit den boze
- vroeger werden structuren genoemd naar de persoon die ze voor het eerst
beschreven had
- nu niet meer
f) adjectieven ter onderscheiding dienen elkaars tegengestelde te
zijn
- geven een richting/ oriëntatie aan tov de belangrijkste snedevlakken
opklimmend ascendens
neerdalend descendens
gemeenschappelijk communis
eigen proprius
uitwendig externus
inwendig internus
in lengterichting longitudinalis
dwars transversus
lang longus
kort brevis
dichtbij proximaal
veraf distaal
A) morfologie en anatomie
- morfologie = de vorm en structuur van organismen bestuderen
→ ook de relatie tot elkaar en tot het ganse organisme
- anatomie/ ontleedkunde: studie van de opbouw van een organisme
→ onderdeel morfologie
- macroscopische anatomie = bestudeert structuren die nog met oog zichtbaar zijn
- microscopische anatomie = maakt gebruik van optische hulpmiddelen
- beschrijvende/ descriptieve anatomie = systematische benadering van de opbouw
van verschillende stelsels, systemen en structuren
- vergelijkende/ comparatieve anatomie = zoeken van gelijkenissen en verschillen
tussen homologe structuren
- functionele anatomie = onderzoek naar de functie van bepaalde structuren
- topografische anatomie = studie van de exacte locatie en onderlinge relatie van
structuren
- toegepaste/ klinische anatomie = benadert anatomisch toepassingsgericht
B) anatomische terminologie en
nomenclatuur
- anatomische nomenclatuur wordt beheerd door The International
Commission on Veterinary Anatomical Nomenclature en zijn
subcommissies
→ onder vleugels van World Association of Veterinary Anatomists
(WAVA)
- terminologie is gebundeld in de Nomina Anatomica Veterinaria (NAV)
1) algemene principes
a) taal
- latijn
- geen officieel goedgekeurde lijst met engelstalige terminologie
b) 1 enkele term
- vele medische disciplines hanteren een Griekse terminologie of ,combinatie van
beiden (eerder oud)
- sommige termen wel nog:
lever hepar
strottenhoofd larynx
, keelholte fraynx
alvleesklier pancreas
zwezerik thymus
bijbal epididymis
…
c) zo eenvoudig en descriptief mogelijk
- iedere term dient zo eenvoudig en descriptief mogelijk te zijn
→ korte allesomvattende term die direct interpreteerbaar is
d) topografisch verwante structuren dragen dezelfde naam
- structuren die met elkaar verwant zijn, samen lopen, of naar dezelfde regio of
structuur vernoemd zijn, horen dezelfde naam te dragen
e) eponiemen zijn uit den boze
- vroeger werden structuren genoemd naar de persoon die ze voor het eerst
beschreven had
- nu niet meer
f) adjectieven ter onderscheiding dienen elkaars tegengestelde te
zijn
- geven een richting/ oriëntatie aan tov de belangrijkste snedevlakken
opklimmend ascendens
neerdalend descendens
gemeenschappelijk communis
eigen proprius
uitwendig externus
inwendig internus
in lengterichting longitudinalis
dwars transversus
lang longus
kort brevis
dichtbij proximaal
veraf distaal