Klas(sen): 6 GW Basisleerstof: spermatogenese-
Vak: BIO en oögenese.
Leerkracht(en): Leerkracht(en) Nieuwe leerstof: cursus p 72-
Datum: 77
TOETS
taak
Naam leerling: Klas: Nr:
Deze toets telt 3 bladzijde(n) en 0 bladzijde(n) bijlagen.
Toegelaten hulpmiddelen: cursus BIO p 72-77
Taak: Hormonale regeling bij man en vrouw
Hormonale regeling van de zaadcelvorming (spermatogenese)
1. Lees p 72.
2. Noem de twee hypofysehormonen bij de man:
Gonadotrofine A follikelstimulerend hormoon (FSH)
Gonadotrofine B luteïniserend hormoon (LH)
3. Geslachtshormoon bij de man.
a) Wat is het geslachtshormoon bij de man? testosteron
b) In welk orgaan en door welke cellen wordt het geproduceerd?
in de teelballen door de cellen van leydig
c) Geef de twee functies van dit hormoon (in een volle zin):
Functie 1: Hierdoor komen de secundaire mannelijke geslachtskenmerken tot ontwikkeling: de
jongen wordt een man.
Functie 2: Ze zorgen ervoor dat spermatozoïden gevormd worden.
d) Eén van deze functies kan dit hormoon niet uitvoeren, zonder tussenkomst van een
bepaalde molecule. Leg goed uit: Testosteron kan zich zonder hulp va speciale
bindingseiwitten niet vasthechten aan de cellen van de zaadbuisjes waardoor er geen
spermatozoïden wordt gevormd.
4. Bestudeer het schema op https://www.bioplek.org/animaties/voortplanting/testisx.html en leg het
in je eigen woorden en met correcte termen uit. Geef de naam die wij in de cursus gebruiken voor
interstitiële cellen: cellen van leydig
5. Maak volgende oefening (13, 14, 15 en 16) en controleer (nadat je ze voor
de vrouw straks maakt):
https://biologiepagina.nl/Oefeningen/Hormonen/hormoonplusenmin.htm
Bladzijde 1 van 4
Vak: BIO en oögenese.
Leerkracht(en): Leerkracht(en) Nieuwe leerstof: cursus p 72-
Datum: 77
TOETS
taak
Naam leerling: Klas: Nr:
Deze toets telt 3 bladzijde(n) en 0 bladzijde(n) bijlagen.
Toegelaten hulpmiddelen: cursus BIO p 72-77
Taak: Hormonale regeling bij man en vrouw
Hormonale regeling van de zaadcelvorming (spermatogenese)
1. Lees p 72.
2. Noem de twee hypofysehormonen bij de man:
Gonadotrofine A follikelstimulerend hormoon (FSH)
Gonadotrofine B luteïniserend hormoon (LH)
3. Geslachtshormoon bij de man.
a) Wat is het geslachtshormoon bij de man? testosteron
b) In welk orgaan en door welke cellen wordt het geproduceerd?
in de teelballen door de cellen van leydig
c) Geef de twee functies van dit hormoon (in een volle zin):
Functie 1: Hierdoor komen de secundaire mannelijke geslachtskenmerken tot ontwikkeling: de
jongen wordt een man.
Functie 2: Ze zorgen ervoor dat spermatozoïden gevormd worden.
d) Eén van deze functies kan dit hormoon niet uitvoeren, zonder tussenkomst van een
bepaalde molecule. Leg goed uit: Testosteron kan zich zonder hulp va speciale
bindingseiwitten niet vasthechten aan de cellen van de zaadbuisjes waardoor er geen
spermatozoïden wordt gevormd.
4. Bestudeer het schema op https://www.bioplek.org/animaties/voortplanting/testisx.html en leg het
in je eigen woorden en met correcte termen uit. Geef de naam die wij in de cursus gebruiken voor
interstitiële cellen: cellen van leydig
5. Maak volgende oefening (13, 14, 15 en 16) en controleer (nadat je ze voor
de vrouw straks maakt):
https://biologiepagina.nl/Oefeningen/Hormonen/hormoonplusenmin.htm
Bladzijde 1 van 4