Herstelgericht werken en LSCI
1.LSCI
Life Space Crisis Intervention LSCI = is een therapeutische techniek die volwassenen leert omgaan
met crisissen van kinderen/jongeren.
- Crisis positief concept:
o Crisis: schade zowel aan zichzelf als aan de ander
o LSCI: beide partijen die schade hebben ervaren → samen tot herstel komen
- Hoe kunnen wij als opvoeder ervoor zorgen dat jongeren positieve herinneringen hebben?
o Opzoek gaan naar waarden, om tot herstel te komen
- Plezier maken, lachen,… dit doe je als opvoeder met cliënt.
1.Conflictcyclus
Conflictcyclus = manier om naar crisis te kijken, door analyse van interacties van gevoelens en gedrag
jongere en reacties van de omgeving. (vb. ‘Je ziet er niet uit’)
- Conflictcyclus → basis LSCI, basis van conflictcyclus:
Zelfconcept → irrationele gedachten (vb. ik haat te laat komen)
Stress. gebeur Gedachten Bus te laat
Reacties andere Gevoelens Stel u niet aan Triest
Waarneembaar gedrag Zitten in bushokje
- Conflict tussen twee tegengestelde: noden in jongere → verwachtingen anderen
- Cyclus doorbreken → jongere zijn gedrag doen reguleren
- Crisis = reeks conflictcyclussen, elke cyclus 4 interventiepunten/aanpak:
o Stress aanpassen
o Angstgevoelens jongere verlichten
o Gedrag jongere veranderen (defensiemechanisme = verdedigen tegen angst.)
▪ Ontkenning = jongere ontkent verantwoordelijkheid voor probleem.
• Ontkenning (vb. Er is niks gebeurd)
• Repressie/onderdrukking (vb. Ik heb me niet kwaad gemaakt)
• Rationalisatie (vb. Ik dacht dat de test morgen was, dus ik maakte
een afspraak bij de tandarts voor vandaag)
• Projectie (vb. Ik zit in de les, zij niet)
▪ Vlucht = jongere ontsnapt aan probleem door zich terug te trekken.
• Reactievorming (vb. Ik ben gevallen, maar eigenlijk ben ik geduwd)
• Terugtrekking (vb. Weggaan als het je niet bevalt)
• Intellectualisatie (vb.
• Regressie (vb. Zin niet krijgen, woedeaanval krijgen)
▪ Substitutie = jongere past probleem aan, zodat het beheersbaar wordt.
• Verschuiving (vb. lln boos op lkr, verscheurt opstel)
• Compensatie (vb. lln zonder vrienden, neemt snoep mee)
• Sublimatie (vb. jongere kwaad, naar boksclub gaan)
• Identificatie (vb. jongere imiteert een BV)
o Gedrag andere veranderen
1
, 2.Gesprekstechniek
1.Terugkerende stadia gesprek (gespreksvoering)
1. Ontladen emoties/afkoelen
o Erken gevoelens jongere
o Gebruik niet-beoordelende uitdrukkingen
o Geef kind nodige ruimte/voldoende tijd
2. Tijdslijn → BELANGRIJK!!!
o Gebruik bevestiging
o Probeer verhaal jongere te begrijpen (vb. door actief luisteren)
o Neem functie van verteller aan
o Teruggaan naar ver voor crisis
3. Centraal thema
o Begrijp/identificeer belangen jongere die schuilgaan achter gestelde gedrag
o Help jongere belangen te erkennen/begrijpen
o Kies nieuwe-kansen-interventie
4. Inzicht
o Gebruik nieuwe-kansen-interventie
o Help jonge zijn rol in crisis begrijpen (vb. Verkreeg ik het gewenste resultaat?)
5. Nieuwe vaardigheden
o Leer alternatieven aan die leiden tot verantwoord gedrag
o Gebruik bronnen en oefen met jongere
6. Transfer/training naar het geleerde
o Jongere voorbereiden op terugkeer naar groep
o Groep voorbereiden op terugkeer jongere
o Werk samen met collega’s om jongere weer op te nemen
o Zet eerste stappen in werken aan herstel
2.6 types gesprek/nieuwe-kansen-interventie
1. Red Flag/rode vlag
2. Reality Rub/verdraaiing
3. New tools/nieuwe vaardigheden
4. Massaging numb values/waardeversterking
5. Sympom Estrangement/antisociale vervreemding
6. Manipulation of Body Boundaries/manipulatie van lichaamsgrenzen
Stoelmethode = situatie naspelen vanuit verschillende perspectieven.
- Vragen: Heb je gezien wat de ander deed? Wat voelde je? Wat dacht je? Wat deed je?
‘Circle of courage/mastery’:
- Belonging = ergens toe behoren. (vb. groep orthopedagogie)
- Mastery = beheersing. (vb. leerstof beheersen)
- Independence = onafhankelijkheid. (vb. stelen, iemand in elkaar slaan)
- Generosity = verlangen met uw naasten delen. (vb. zorgen voor kinderen)
2
1.LSCI
Life Space Crisis Intervention LSCI = is een therapeutische techniek die volwassenen leert omgaan
met crisissen van kinderen/jongeren.
- Crisis positief concept:
o Crisis: schade zowel aan zichzelf als aan de ander
o LSCI: beide partijen die schade hebben ervaren → samen tot herstel komen
- Hoe kunnen wij als opvoeder ervoor zorgen dat jongeren positieve herinneringen hebben?
o Opzoek gaan naar waarden, om tot herstel te komen
- Plezier maken, lachen,… dit doe je als opvoeder met cliënt.
1.Conflictcyclus
Conflictcyclus = manier om naar crisis te kijken, door analyse van interacties van gevoelens en gedrag
jongere en reacties van de omgeving. (vb. ‘Je ziet er niet uit’)
- Conflictcyclus → basis LSCI, basis van conflictcyclus:
Zelfconcept → irrationele gedachten (vb. ik haat te laat komen)
Stress. gebeur Gedachten Bus te laat
Reacties andere Gevoelens Stel u niet aan Triest
Waarneembaar gedrag Zitten in bushokje
- Conflict tussen twee tegengestelde: noden in jongere → verwachtingen anderen
- Cyclus doorbreken → jongere zijn gedrag doen reguleren
- Crisis = reeks conflictcyclussen, elke cyclus 4 interventiepunten/aanpak:
o Stress aanpassen
o Angstgevoelens jongere verlichten
o Gedrag jongere veranderen (defensiemechanisme = verdedigen tegen angst.)
▪ Ontkenning = jongere ontkent verantwoordelijkheid voor probleem.
• Ontkenning (vb. Er is niks gebeurd)
• Repressie/onderdrukking (vb. Ik heb me niet kwaad gemaakt)
• Rationalisatie (vb. Ik dacht dat de test morgen was, dus ik maakte
een afspraak bij de tandarts voor vandaag)
• Projectie (vb. Ik zit in de les, zij niet)
▪ Vlucht = jongere ontsnapt aan probleem door zich terug te trekken.
• Reactievorming (vb. Ik ben gevallen, maar eigenlijk ben ik geduwd)
• Terugtrekking (vb. Weggaan als het je niet bevalt)
• Intellectualisatie (vb.
• Regressie (vb. Zin niet krijgen, woedeaanval krijgen)
▪ Substitutie = jongere past probleem aan, zodat het beheersbaar wordt.
• Verschuiving (vb. lln boos op lkr, verscheurt opstel)
• Compensatie (vb. lln zonder vrienden, neemt snoep mee)
• Sublimatie (vb. jongere kwaad, naar boksclub gaan)
• Identificatie (vb. jongere imiteert een BV)
o Gedrag andere veranderen
1
, 2.Gesprekstechniek
1.Terugkerende stadia gesprek (gespreksvoering)
1. Ontladen emoties/afkoelen
o Erken gevoelens jongere
o Gebruik niet-beoordelende uitdrukkingen
o Geef kind nodige ruimte/voldoende tijd
2. Tijdslijn → BELANGRIJK!!!
o Gebruik bevestiging
o Probeer verhaal jongere te begrijpen (vb. door actief luisteren)
o Neem functie van verteller aan
o Teruggaan naar ver voor crisis
3. Centraal thema
o Begrijp/identificeer belangen jongere die schuilgaan achter gestelde gedrag
o Help jongere belangen te erkennen/begrijpen
o Kies nieuwe-kansen-interventie
4. Inzicht
o Gebruik nieuwe-kansen-interventie
o Help jonge zijn rol in crisis begrijpen (vb. Verkreeg ik het gewenste resultaat?)
5. Nieuwe vaardigheden
o Leer alternatieven aan die leiden tot verantwoord gedrag
o Gebruik bronnen en oefen met jongere
6. Transfer/training naar het geleerde
o Jongere voorbereiden op terugkeer naar groep
o Groep voorbereiden op terugkeer jongere
o Werk samen met collega’s om jongere weer op te nemen
o Zet eerste stappen in werken aan herstel
2.6 types gesprek/nieuwe-kansen-interventie
1. Red Flag/rode vlag
2. Reality Rub/verdraaiing
3. New tools/nieuwe vaardigheden
4. Massaging numb values/waardeversterking
5. Sympom Estrangement/antisociale vervreemding
6. Manipulation of Body Boundaries/manipulatie van lichaamsgrenzen
Stoelmethode = situatie naspelen vanuit verschillende perspectieven.
- Vragen: Heb je gezien wat de ander deed? Wat voelde je? Wat dacht je? Wat deed je?
‘Circle of courage/mastery’:
- Belonging = ergens toe behoren. (vb. groep orthopedagogie)
- Mastery = beheersing. (vb. leerstof beheersen)
- Independence = onafhankelijkheid. (vb. stelen, iemand in elkaar slaan)
- Generosity = verlangen met uw naasten delen. (vb. zorgen voor kinderen)
2