Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Teksten bij Hoorcolleges Filosofie voor Pedagogen

Vendu
29
Pages
39
Publié le
19-10-2021
Écrit en
2021/2022

Deze samenvatting bevat de teksten waar de hoorcolleges van het vak filosofie voor pedagogen op gebaseerd zijn en die we moeten kennen voor het tentamen. Deels aangevuld met de hoorcolleges (in rood aangegeven). Ik heb dit in eerste instantie gebruikt voor mijn eigen begrip en de ZSO's, maar hoop dat jullie er wat aan hebben :)

Montrer plus Lire moins
Établissement
Cours











Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
19 octobre 2021
Nombre de pages
39
Écrit en
2021/2022
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

HC1
Tien vragen over filosofie – P. Wouters
Filosofie = breed begrip. Het is niet altijd opgeschreven (e.g. Socrates), het heeft
geen standaard onderwerp. Wel altijd uitgedrukt in (beeld)taal. Vragen stellen,
veel voorlopige antwoorden, kijken naar onderliggend kader  resultaat :
‘redelijk’ verworven inzicht en begrip.
Plato / Aristoteles: filosofie is de radicalisering van de verwondering  niet
verklaren, maar schouwen / uitpluizen. Verwondering treed op als vertrouwen
wegvalt.
Kant: filosofie als kritische houding. “Durf te denken”  motto v.d. verlichting.
Maakt onderscheid tussen verstand en rede.
 Verstand: ordent wat via de zintuigen binnenkomt. Het is een middel, het
‘denkt’ niet echt
 Rede: denkvermogen, het begrijpt wat door de zintuigen is gegeven. Het
zoekt naar inzicht en begrip.
Wittgenstein: filosofie is een strijd tegen de beheksing van ons verstand door de
middelen van de taal. We gebruiken taal op een bepaalde manier en dit stuurt
ons enorm in wat we denken en doen. Filosofie is het analyseren van de taal om
verborgen aannames te ontmaskeren.
 Tafelpoten (hoeven niet bedekt) – tafelbenen (moeten wel bedekt), de
term beslist je doel
 Rebellen versus vrijheidsstrijders, kan dezelfde groep beschrijven maar
geeft ons andere ideeën

 Ontstaan in oude Griekenland rond 6de eeuw v.Chr.
o Tijd van politieke en wereldbeschouwelijke veranderingen  mythen
raakten geloofwaardigheid kwijt, dit riep veel vragen op
o Filosofie ontstaat uit de behoefte om met behulp van eigen verstand
inzichten te krijgen in zichzelf en de wereld – hoe en waarom iets is,
hoe het zou moeten zijn
 Er is geen filosofische methoden  de vragen waarvoor geen betrouwbare
benadering beschikbaar is blijven juist over in de filosofie
o Er wordt gezocht naar grotere verbanden, in kaart brengen van
begrippenkader, helder analyseren, diverse perspectieven zien,
opsporen van vooronderstellingen.
 Filosofie is een broedplaats voor de wetenschap, veel oude filosofische
kwesties zijn in middels opgelost
o Filosofie heeft ook een kritische functie, door onjuiste redeneringen
te ontmaskeren
 In de ruime zin van het woord filosofeert ieder weleens  nadenken over
hoe iets beter zou kunnen, e.g. politiek, etc.
 Filosofie maakt kritisch
Vijf domeinen van filosofische vraagstukken
1. Kwesties die zo breed zijn dat ze hun specialisme overstijgen (is er een
principieel verschil tussen levende en levenloze natuur?)

, 2. Levensbeschouwelijke problemen die niet helder gearticuleerd zijn (wat is
de zin van het leven?)
3. Kennisvragen die een fundamenteel karakter hebben (wat is kennis? Wat
is een goede redenering?)
4. Morele vragen (hoe behoor je je te gedragen?)
5. Politieke vragen, morele vragen opgetild naar collectief niveau (hoe zou de
samenleving ingericht moeten worden?)
Oudheid en Middeleeuwen (‘ware werkelijkheid in stabiele, universele en kenbare
principes’)
 Griekse filosofen: Socrates, Plato, Aristoteles (een ware, rationeel
inzichtelijke orde)
 Middeleeuwse filosofen: Augustinus, Thomas van Aquino (een absolute,
bovennatuurlijke orde)
Moderne Tijd (‘waarheid ligt binnen het denken van de mens’)
 Filosofen: Descartes, Hume, Rousseau, Kant (het subject staat centraal,
mogen we vertalen naar ‘de mens’)
Hedendaagse Tijd (‘waarheid ...? Hangt altijd af van het perspectief en wordt voor
belangrijk deel bepaald door niet te beheersen krachten en machten’) 
decentrering van het subject
 Sartre en Foucault – vrijheid en dwang
 Freud en Lacan – autonomie?
 Levinas – de A/ander
 Ricoeur – verantwoordelijkheid
Meesterschap – M. Simons
Huidige beeld leerkracht: held, groots, volmaakt, “deskundige leerkracht van de
grootse toekomst en de nieuwe samenleving” = eigentijdse leerkracht
 Relatie tot de wereld
o Heeft kennis verworven over (een deel van) de wereld en wil deze
kennis overdragen en de kinderen deze kennis laten ontwikkelen
 Relatie tot de ander
o Beschikt over vakdidactische en pedagogische kennis  ontwikkelt
relatie met leerlingen a.d.h.v. klassenmanagement, leerstijlen,
eindtermen, etc.
 Relatie tot het zelf
o Hoog belang zelfkennis. Deze leraar is bang dat eigen emoties en
gedachten mogelijk het professionele oordelen kunnen ondermijnen
 maakt bijvoorbeeld sterk onderscheid tussen privé en werk
Beeld leerkracht in tekst: “meesterlijke leerkracht van het kleine moment en de
gewone situatie” = oneigentijdse leerkracht
 Meesterschap en aanvaarding staan hierin centraal, dit duidt op een
filosofische houding
 ‘bezig zijn met zichzelf en het vak’  door te zorgen voor jezelf en bezig te
zijn met je vak ontstaat er een situatie waarin de iemand ‘leerling’ wordt
en interesse krijgt voor het vak, op dezelfde manier waarop een kind

, geïnteresseerd is wanneer een ouder ergens mee bezig is waarin zij
meesterschap tonen.
Relatie tot de wereld
 Wereld is niet iets dat ‘gekend’ wordt, maar waar je voor zorgt / dat je lief
hebt  liefde en passie voor het vak, de meester staat in dienst van het
vak
 Reflexiviteit
o Herinnering: verleden is de drager van de waarheid, maar dit moet
opgehaald worden door de herinnering  is ook de basis voor veel
religies
o Methode: zoeken van een vastliggend criterium op basis waarvan
waarheden vastgesteld kunnen worden als objectieve kennis
o Meditatie: nagaan of wat men denkt en wat men doet nog op een
lijn zitten
Relatie tot zelf
 Meester al doel voorop, focus op meditatie (overeenstemming tussen
denken en doen).
 Tegenwoordig en aanwezig zijn, gaat op in waar hij / zij mee bezig is
 Oefening en voorbereiding, vanuit respect voor zaak waar hij / zij mee
bezig is i.p.v. angst om niet te weten hoe te handelen
 Perfectie als juiste woorden en juiste daden

, HC2
Ontstaan van de wijsbegeerte – handboek wijsbegeerte
Cultuur van oude Grieken ontdekt de ‘logos’, ‘de rede’, en het geloof in de mythe
vervalt.
 De mythen werden veelal mondeling doorgegeven, en er is bij een mythe
al wel de drang om het onverklaarbare te verklaren
 Mythe is niet volledig zonder logica (mythologie)
 Door de uitbereiding van het Griekse rijk en het overnemen van volkeren
worden mythen niet per se geloofd, maar geïnterpreteerd (ze zijn overal
anders)  men is op zoek naar een betrouwbaarder manier om hun vragen
te kunnen beantwoorden  ratio
 Doelstelling van mythen en ratio is hetzelfde  onverklaarbare verklaren
 De nieuwe houding wordt theoria genoemd, afstandelijke en
onafhankelijke beschrijving van de werkelijkheid (waar mythe betrokken is
tot praktische werkelijkheid).
 Rationaliteit binnen de filosofie: een methodische aanpak van de
verklaring van de wereld, die aanspraak maakt op universele geldigheid
(geldt niet alleen voor één object) en die objectief inzichtelijk (voor
iedereen te begrijpen) en systematisch geordend (samenhang tussen
verschillende onderdelen) wil zijn.
Natuurfilosofen: Myleziërs. Eerste filosofen houden zich bezig met de ordening en
de verandering in de natuur. Ze ontdekken dat deze op een rationele manier uit
te leggen is. Natuurlijke krachten. Volgens Aristoteles ontstond de filosofie hier,
eerste physici  eerste die geen goden betrekken in hun verklaringen, enkel
natuurlijke oorzaken en beginselen.
 Ze gaan op zoek naar de ‘oerstof’, hetgeen waaruit de hele werkelijkheid
bestaat en onderbouwen hun bevindingen, vertrouwen op de ratio,
intellectuele orde (kenmerken filosofie).
o Thales: water
o Anaximenes: lucht
 Gaan uit van parallel tussen hoe wij de wereld waarnemen en hoe deze
werkelijk is  als ik kleur zie, mag ik er zeker van zijn dat kleur ook in de
realiteit bestaat. Ratio essendi (de manier van zijn) is hetzelfde als de
ratio cognoscendi (de manier van kennen). Ze zijn op zoek naar de
onveranderlijke wereld die achter de onze zit  abstraheren van de
concrete werkelijkheid
o Dit idee wordt pas in de moderne filosofie aan de kaak gesteld (is de
wereld wel echt gelijk aan hoe we deze waarnemen? Kunnen we die
veronderstelling wel aannemen?)
Plato: Socrates’ persoonlijkheid – G. Koolschijn
Voorbeelden van Socrates in gesprek met anderen, leuk om te scannen / lezen,
niet echt samen te vatten.
Het socratisch gesprek – uit document van de faculteit der wijsbegeerte
Socrates: zoekt intern naar wat waarheid is in het leven, en wat goed is in het
leven. Dit doet hij d.m.v. gesprekken waarin hij kritische vragen blijft stellen (de
€9,78
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Reviews from verified buyers

Affichage de tous les 2 avis
4 année de cela

4 année de cela

4,5

2 revues

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0
Avis fiables sur Stuvia

Tous les avis sont réalisés par de vrais utilisateurs de Stuvia après des achats vérifiés.

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
EGPsychologyVU Vrije Universiteit Amsterdam
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
40
Membre depuis
4 année
Nombre de followers
32
Documents
7
Dernière vente
8 mois de cela

4,5

2 revues

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions