Direct and indirect questions
direct question (= gewone vraag) vb. Will she come too ?
indirectie vraag (= vraag met een omweg) begint met
ik zou willen weten of ... I would like to know ...
kan je mij vertellen of ... Could you tell me ...
ik vroeg me af of .... I was wondering ...
kan je ons laten weten of .... Please let us know ...
enz...
& werkwoord en onderwerp steeds van volgorde wisselen
When is he leaving ? I wonder when he is leaving ?
1) Geen "do" als hulpwerkwoord gebruiken
vb. Where does he work ? Could you tell me where he works ?
2) Bij "how" of "wh..." -> woord teruggebruiken
vb. How much does it cost ? Can you tell me how much it costs ?
vb. When is it going to rain ? Can you tell me when it is going to rain ?
3) Bij "who" of "what" -> volgorde werkwoord behouden
vb. Who left his message ? Do you have any idea who left this message?
4) Bij een ja/nee vraag -> gebruik "if" & "whether" schrijfwijze !!
vb. Is it going to rain ? Do you know whether it is going to rain ? LET OP ! het weer = "the weather"
Negative questions
1) klacht
vb. Haven't you finished the report yet ?
2) suggestie
vb. Why don't you join us ?
3) check
vb. Isn't this yours ?
4) verzoek
vb. Can't you join the meeting?
direct question (= gewone vraag) vb. Will she come too ?
indirectie vraag (= vraag met een omweg) begint met
ik zou willen weten of ... I would like to know ...
kan je mij vertellen of ... Could you tell me ...
ik vroeg me af of .... I was wondering ...
kan je ons laten weten of .... Please let us know ...
enz...
& werkwoord en onderwerp steeds van volgorde wisselen
When is he leaving ? I wonder when he is leaving ?
1) Geen "do" als hulpwerkwoord gebruiken
vb. Where does he work ? Could you tell me where he works ?
2) Bij "how" of "wh..." -> woord teruggebruiken
vb. How much does it cost ? Can you tell me how much it costs ?
vb. When is it going to rain ? Can you tell me when it is going to rain ?
3) Bij "who" of "what" -> volgorde werkwoord behouden
vb. Who left his message ? Do you have any idea who left this message?
4) Bij een ja/nee vraag -> gebruik "if" & "whether" schrijfwijze !!
vb. Is it going to rain ? Do you know whether it is going to rain ? LET OP ! het weer = "the weather"
Negative questions
1) klacht
vb. Haven't you finished the report yet ?
2) suggestie
vb. Why don't you join us ?
3) check
vb. Isn't this yours ?
4) verzoek
vb. Can't you join the meeting?